Doe mij maar een samenleving met een rafelrandje

Een pleidooi voor de monarchie. Ook als die voor een rafelrandje zorgt. Draken bestaan niet, monsters bestaan niet, ridders dragen geen harnassen meer en kastelen zijn tegenwoordig party-centra. Maar prinsen bestaan wel. En over een paar dagen wordt er een prins gekroond tot koning. Dat is géén sprookje! Ik kan me geen fantasierijkere werkelijkheid voorstellen. Laten wij dat koesteren. Het zijn de kille rationalisten die voor een republiek zijn. Grijze figuren die vinden dat het niet klopt dat een kind op basis van zijn afkomst staatshoofd kan worden. En de wereld moet kloppen ja! En honden moeten aan de lijn. Systeemfetisjisten onderschatten het nut van de verhalen die bij een monarchie horen.

Foto: Gerard Stolk (cc)

Inhuldiging: wat vinden we ervan?

OPEN DRAAD - Het is zover! Het moment waar we sinds 28 januari naar toe leven: onze nieuwe koning wordt ingehuldigd! Inhuldiging, ja, geen kroning. Hij krijgt immers geen kroontje op zijn hoofd (hoewel, kroontje, het ding schijnt zo groot te zijn dat-ie over Wim-Lex’ oren zou zakken), maar wordt ingehuldigd in de Amsterdamse Nieuwe Kerk.

Het gaat eigenlijk al weken nergens anders over (van parlementariërs die de eed niet gaan afleggen tot talloze Oranje-gerelateerde reclames tot dat onderwerp waar we het niet meer over willen hebben) en Amsterdam ligt volkomen op zijn gat.

Daarom installeert de redactie zich lekker achter de teevee, kijkt ze daar naar het hele circus, en geeft ze de vloer aan u. Wat vinden we ervan? Een open draad voor al uw discussies over republiek versus monarchie, het hoedje van koningin prinses Beatrix, en Willem-Alexander’s onwil/onvermogen een baard te laten staan.

 

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: copyright ok. Gecheckt 21-09-2022

Terrorisme of industriële veiligheid? Terrorisme wint!

ELDERS - Vrijwel tegelijkertijd met de terroristische aanslag op de marathon van Boston, vond een grote explosie plaats in een kunstmestfabriek in het plaatsje West, Texas. Hoewel daarbij méér doden vielen dan in Boston, besteedden de Amerikaanse media maar weinig aandacht aan deze zaak. Was dat terecht of niet?

Het nieuws uit de VS werd de afgelopen tijd gedomineerd door de aanslag in Boston. Mede hierdoor werd relatief weinig aandacht besteed aan de explosie in een kunstmestfabriek in het plaatsje West in de staat Texas, waarbij vijftien doden vielen (vijf keer zo veel als in Boston), 160 mensen gewond raakten en meer dan 150 gebouwen werden verwoest.

Het verschil in media-aandacht is niet onbegrijpelijk: doelbewuste moord is natuurlijk een opvallender gegeven dan een ongeluk. Bovendien past een grootschalig industrieel ongeluk minder goed in een keurig, gemakkelijk te begrijpen verhaal: er zijn immers geen overduidelijke duidelijke schurken en helden. Tenslotte valt niet uit te sluiten dat ook klassenverschillen een rol speelden: zowel journalisten als (betalende) nieuwsconsumenten zullen zich sneller identificeren met middle class bezoekers van een sportwedstrijd dan met de hele of halve hilbillies die noodgedwongen direct naast een kunstmestfabriek moeten wonen.

De relatieve onzichtbaarheid van industriële en werkgerelateerde ongelukken in, met name, de Amerikaanse media is echter niet zonder gevolgen:

Foto: mystic_mabel (cc)

Uitkeringsfraude voorkomen beter dan bestraffen

ANALYSE - Met de invoering van de Fraudewet 2013 is begin dit jaar de bestrijding van uitkeringsfraude weer strenger geworden. Al dat bestrijden en straffen kost echter tijd en geld die beter besteed zouden kunnen worden aan intensiever contact met de klant.

In Nederland neemt de tolerantie ten opzichte van uitkeringsfraudeurs steeds verder af. In vergelijking met andere westerse landen zijn Nederlanders inmiddels zelfs het minst tolerant ten aanzien van uitkeringsfraude. In het publieke debat hanteert men een steeds hardere toon met als kernboodschap: ‘Fraude is diefstal en moet daarom ook zo hard mogelijk bestreden te worden.’ Als gevolg van deze overtuiging is het handhavingsbeleid steeds nadrukkelijker gericht op opsporing en bestraffing van overtreders. Repressieve middelen als huisbezoeken, camera-observaties en het controleren van sociale media zijn geaccepteerde praktijken geworden.

Fraude is een moedwillige misdaad en fraudeurs zijn criminelen

Politici en bestuurders kiezen nadrukkelijk voor een repressieve in plaats van een preventieve fraudeaanpak. Illustratief hiervoor is de toegenomen controle op zogenaamde ‘softe’ indicatoren. Naast de informatie die klanten moeten verschaffen over hun bankrekeningen of het bezit van een auto, is het ontvangen van een uitkering medeafhankelijk van de mate waarin een klant z’n best doet om een baan te bemachtigen. Zaken als ‘op tijd komen op het sollicitatiegesprek’ en ‘hygiëne- en kledingvoorschriften’ worden gecontroleerd. De rechtmatigheid van een uitkering wordt dus niet alleen bepaald door de inkomenssituatie of woonsituatie van een klant, maar ook door zijn bereidheid om zich te conformeren aan heersende hygiëne- en fatsoensnormen. Het beeld dat zo ontstaat is dat fraude een moedwillige misdaad is en dat fraudeurs criminelen zijn. Uit onze studie ‘Uitkeringsfraude in Perspectief’ blijkt dat nuancering van dit beeld op zijn plaats is. Dit leidt ook tot een ander perspectief op de handhavingsinstrumenten.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: Julio Costa (cc)

We worden genaaid

OPINIE - De consument wordt genaaid. Of het nou om dure iPads of iPhones, suiker, alcohol of medicatie gaat.

Toen ik in de jaren ’80 in San Diego als verkoper bij Stanley Dodge Superdealer werkte, hield de sales manager elke maandagochtend een peptalk. En elke week weer legde hij uit dat elke klant die de dealership binnen kwam ons volgende salaris in zijn zak droeg. Het was onze taak dat er uit te kloppen. We moesten de klant voorover buigen en hem vervolgens zo diep en hard mogelijk naaien. “But”, zo was zijn uitsmijter, “use plenty of vaseline.” Wij moesten daar dan om lachen. Dus dat deden we. Elke week weer.

De zakenmentaliteit die uit dit voorbeeld spreekt, lijkt erg ouderwets. Maar wie om zich heen kijkt, de kranten leest en wat kritische weblogs volgt, kan niet anders dan constateren dan dat er niks veranderd is. Wij, consumenten, worden door veel ondernemingen gezien als productiemiddel en financier, als arbeidskracht én leverancier van inkomen. Zij zijn op aard om ons zo veel mogelijk geld uit de zak te kloppen. Om ons zo diep en zo hard mogelijk te naaien. Al dan niet met vaseline.

Ingebouwde levensduurverkorting

Enerzijds is er het uitbuiten van individuele consumenten. Bedrijven ontwikkelen steeds nieuwe producten met een steeds kortere levensduur. Ik zag vandaag iemand een nieuw model Philips stofzuiger bij het grof vuil zetten en zelf gooi ik ook regelmatig spullen weg van maar een paar jaar oud. Ze houden er gewoon mee op. Iets breekt af of brandt door. Op. Neem nou die spaarlampen. Niet goedkoop, maar dank zij de vele tienduizenden branduren toch voordelig. Zeiden ze. Die dingen bestaan nog niet eens vijf jaar. Waarom heb ik er dan al zoveel moeten weggooien? Ik maak me sterk dat de producenten hun spullen wel beter kúnnen maken, maar het gewoon niet willen. Voor de gloeilampenindustrie zijn daar overigens gewoon bewijzen voor. En als Apple iPhones en iPods verkoopt waarvan de batterij zeer lastig te vervangen is of even duur is als een nieuw apparaat, is ook dat eenhufterige manier om je klanten te ‘verplichten’ een nieuwe versie te kopen. Overigens valt ook het elke acht maanden uitbrengen van een nieuwe en verbeterde versie onder de definitie van ‘planned obsolence’. Ze smeren de verbeteringen uit over een langere periode, zoals Sergej Boebka elk groot toernooi zijn wereldrecord polsstokspringen met 1cm verbeterde om de kampioensbonus op te strijken. Veel aantrekkelijker dan in één keer 10 cm hoger springen. En wat te denken van het steeds ‘verbeteren’ van besturingssystemen zodat je op een gegeven moment je computer wel móet vervangen? Ik heb een zeven jaar oude MacBook die het nog prima doet. Maar zodra je online gaat, weigert hij dienst met de mededeling (in vier talen) “Herstart uw computer”. OK, ik kan er nog DVD’tjes op kijken, maar als computer is hij waardeloos.

Foto: adesigna (cc)

Collectieve intelligentie ‘Boston’ faalde, maar bleef waardevol

ANALYSE - Na de aanslagen in Boston werd al snel gespeculeerd over mogelijke daders, onder andere op Reddit. De ware daders werden niet genoemd. Maar hoezeer de massa ook faalde, de collectieve intelligente blijft waardevol.

Wie gelooft in de wijsheid van de massa, zal het na ‘Boston’ niet eenvoudig hebben. Onterecht. Want Boston-zonder-aanhalingstekens bestaat natuurlijk niet. Er is niet zoiets als één moment in de geschiedenis; één eenduidige gebeurtenis waartegen we alles wat erna gebeurde, kunnen afzetten. De aanslag is een optelsom van fasen: het falend toezicht voorafgaand aan de ontploffingen, de ontploffingen zelf, de slachtoffers in doodstrijd, de hulpverlening, de zoektocht naar de daders, de schietpartijen en arrestatie, het verdriet dat bij velen nog naweet en de lessen die we moeten trekken. En een optelsom van rollen. Alleen het publiek heeft er al minimaal vier: preventieve ogen en oren, slachtoffer, hulpverlener en opsporingsapparaat.

Crowdsourcing in pre-internettijd

Kortom: ‘Boston’ is een complex aan gebeurtenissen en rollen en niemand weet waar we precies het falen van de hive mind, alias de collectieve intelligentie, alias de wisdom of crowds aan moeten toeschrijven. Ik ook niet. Maar het kind (de actieve inzet en betrokkenheid van een deel van het publiek) wegspoelen met het badwater (een foute uitkomst, namelijk de verkeerde verdachte) is volgens mij niet de oplossing. Sterker – in het verleden heeft het inschakelen van die collectieve intelligentie haar waarde meermalen bewezen, somt zelfs Evgeny Morozov op. De beroepscriticus van alles wat met internet te maken heeft, haalt in To Save Everything, Click Here (Allen Lane) drie voorbeelden van crowdsourcing in het pre-internettijdperk aan:

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Moyan Brenn (cc)

Geschiedenis van Nederland

Veertien jaar geleden publiceerde ik een – al zeg ik het zelf – erg leuk klein boekje over het Nederlandse consensusmodel, Hollands glorie. Onze hele ontstaanslegende zat erin verwerkt: polders, de waterschappen, Floris V, de hertogen van Bourgondië, Calvijn, de Tachtigjarige Oorlog, de Gouden Eeuw, Rembrandt van Rijn, de regenten, de Patriottenbeweging, Vincent van Gogh en uiteindelijk hoe de overlegcultuur vorm heeft gegeven aan overlegeconomie. Ironisch detail: het eindigde met de constatering dat het streven naar consensus betekende dat soms onderwerpen onbesproken bleven. De discussie over de islam, zo schreef ik, leek zich te beperken tot een debat over hoofddoekjes en vermeed echte problemen.

Toen die discussie er toch kwam, leek het verstandig het boekje opnieuw uit te geven. Iets minder lichtvoetig en met een iets duidelijkere politieke boodschap. De belangstelling viel echter toch tegen, misschien omdat het boekje, dat vrij herkenbaar was, een nieuwe titel had gekregen, Polderdenken.

Waarschijnlijk speelde ook een rol dat ik met de eigenlijk analyse geen vrienden maakte. Ik wees erop dat in de late twintigste eeuw een bestuursklasse is ontstaan die Angelsaksische modellen gebruikt en zodoende breekt met de Hollandse overlegcultuur. Dat de internationaal-georiënteerde bestuurders de burgers in de steek hebben gelaten is natuurlijk gewoon de analyse van Christopher Lasch (The Revolt of the Elites and the Betrayal of Democracy, 1994).

Foto: Riccardof (cc)

Liberté, burgerbloedbad en de Queen of Taarab

ELDERS - In deze Afrika-aflevering aandacht voor de Moulin-Fourniers, een behoorlijke geweldsoprisping in Noord-Nigeria en het overlijden van een vrouw die niet dood leek te kunnen.

Blij, opgelucht en bebaard. Zo bevestigde vader Moulin-Fournier afgelopen vrijdag zijn vrijlating (en die van zijn vrouw, kinderen en broer) aan de Franse president Hollande. Over het lot van de familie die sinds 19 februari door Boko Haram-rebellen werd vastgehouden in het noorden van Kameroen, werd sinds hun gevangenneming angstig gespeculeerd en de afgelopen weken in het geheim gediscussieerd. Het wachten is nu op nieuws rond het hoe en waarom van de sissende afloop.

Im Norden nichts neues voor Nigeria, want datzelfde Boko Haram richtte op de dag van de vrijlating een bloedbad aan in de vissersstad Baga. De bommen en granaten van de moslimextremisten kostten liefst 185 mensen het leven; burgers werden tijdens de aanval – die oorspronkelijk tegen het leger gericht was – gebruikt als menselijk schild. Wat kan ik er verder over zeggen? Niets. Dat het verschrikkelijk is, ja.

Ten slotte: natuurlijk kan ik het hebben over de aankomende(?) verkiezingen in Zimbabwe – en de dinosaurus die zijn onderdanen toespreekt – maar in die poppenkast heb ik nu even helemaal geen zin. Wat hier in Tanzania de afgelopen anderhalve week nu écht het nieuws heeft gedomineerd, is de dood van Bi Kidude. Wie? Bi Kidude, een zang- en paradijsvogel van Zanzibar die bij leven al een taarab-legende was, in de jaren twintig begon met optreden en alles bij elkaar meer dan een eeuw leefde. Easy listening vindt u taarab wellicht bepaald niet, maar bedenk dat deze gezongen Swahili-poëzie in Oost-Afrika mannen, vrouwen en misschien ook kinderen tot tranen toe roert. Ik was bij het laatste live-optreden van de oude Bi – over wie een prachtige documentaire gemaakt is – en voelde me volmaakt gelukkig toen die honderd miljoen rimpels even naar me leken te glimlachen.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Foto: United Nations Photo (cc)

Jodendom als fictie – een brug te ver

OPINIE - Bart Voorzanger legde in een eerdere blogpost uit waarom volkeren fictie zijn. ‘Het duurde even voor ik snapte waarom mijn lezers niet altijd meteen overtuigd waren. Inmiddels snap ik dat: de bewering “volken zijn een fictie” is gewoon onwaar.’

Volken bestaan, in elk geval in de zeer concrete zin dat je van de meeste mensen ondubbelzinnig kunt vaststellen of zij al dan niet tot een bepaald volk behoren. Een volk is een heel concrete verzameling van heel concrete individuen. En het is verwarrend zo’n verzameling als fictie aan te duiden. Ik zei dus overduidelijk iets anders dan ik bedoelde, en dat spijt me.

Maar wat ik bedoelde was geen onzin. Volken zijn verzamelingen van mensen die niet meer gemeen hebben dan dat ze elementen uit die verzameling zijn. Wat Nederlanders gemeen hebben is hun Nederlanderschap, maar daarmee weet je nog niets over hoe ze eruit zie, hoe ze zich gedragen, wat ze vinden, waar ze wonen, welke taal ze spreken, enzovoort, enzovoort. Nederlander-zijn is een uiterst oninteressante eigenschap: als je weet dat iemand Nederlander is, weet je, afgezien van zijn of haar nationaliteit, nog niets. O zeker, u zult, dat wetende, bepaalde verwachtingen hebben, en statistisch zijn daar zeker gronden voor. Maar welke van die statistisch verantwoorde verwachtingen u ook hebt, er zijn heel wat Nederlanders die er niet aan zullen beantwoorden.

Foto: Gerard Stolk (cc)

Kapotgeorganiseerd

OPINIE - We moeten het dan toch maar eens over Rotterdam hebben. Over Jan-met-de-Jatjes bijvoorbeeld, en de Pluk-je-kaal-straat. Kijk, dattu ‘t effe weet: Rotterdammers geven dus bijnamen aan straten en gebouwen. Gewoon, van die dingen die spontaan ontstaan, in de volksmond zoals dat dan heet. Jan-met-de-Jatjes, dat is het beeld De Verwoeste Stad van Ossip Zadkine ter nagedachtenis aan het bombardement van 1940. Een erg geliefd beeld in onze stad, en blijft ‘r goffedomme met je klauwe vanaf, maar toch is het Jan-met-de-Jatjes. En de Pluk-je-kaalstraat is de Puntegaalstraat, waar ooit het belastingkantoor stond. En zo ken ik nog wel effe doorgaan hoor!

Maar de lol is er al een tijdje vanaf. De gemeente Rotterdam heeft in haar wijsheid besloten dat we bijnamen voortaan gaan organiseren. Zo wordt alles mooi gladgestreken en van alle volkse humor ontdaan, en zo heet deErasmusbrug dus ook De Zwaan. Ik geloof dat dat het resultaat was van een prijsvraag. De stad vond dat vrolijker klinken dan De Erectie van Peper (oud-burgemeester Bram Peper) of De Wipkip. Want denk nou niet dat de gemeente kan voorkomen dat Rotterdammers tòch bijnamen bedenken die minder vleiend zijn.

Nederlandse bestuurders hebben de neiging om alle spontaneïteit de kop in te drukken, om het allemaal in ‘goede’ banen te leiden. Het zijn eigenlijk control freaks. We moeten koste wat kost zien te voorkomen dat er iets negatiefs boven komt drijven. Dat moeten we niet willen met z’n allen! Voor je het weet is er iemand beledigd en dat – weten we allemaal – gebeurt nogal snel in Nederland.

Foto: Sharon Drummond (cc)

Nederland best hoog op ranglijst ‘on-the-job training’

ACHTERGROND - In Nederland zijn voldoende mogelijkheden om bij te scholen, maar er wordt weinig in geïnvesteerd.

Met de invulling van levenlang leren gaat Nederland scoren op de ‘global competitiveness index’, stelde Rinnooy Kan deze week in de krant naar aanleiding van het sociaal akkoord. Nederland staat nu al vijfde, maar bij de indicator om- en bijscholing stond ‘jaar na jaar een rood licht’. ‘Hier schoolt maar 17% van de werknemers bij of om. Dat zou 35% moeten zijn. Nederland als kenniseconomie wens ik toe dat hier nu serieus werk van wordt gemaakt.’

Ik zocht even op hoe Nederland precies scoort op deze indicator. In de database van de global competitiveness index staat één indicator voor “on-the-job training”, die is samengesteld uit twee deelvragen.

Nederland scoort tweede als het gaat om het aanbod van trainingsmogelijkheden, maar een stukje lager als het gaat om investeringen door bedrijven in opleidingen (tussen 8 en 11 in de laatste jaren).

Ik weet niet of Rinnooy Kan precies verwijst naar deze cijfers, want er wordt niet gesproken over percentages, maar over een score op een waarderingsschaal van 1 tot 7.

Feit is dat het in Nederland relatief lastig is om op latere leeftijd bij te scholen; dat geldt eigenlijk voor alle niveaus. Op mbo-niveau staan de O&O-fondsen alleen open voor werknemers. Die hebben het door de hoge arbeidsproductiviteit in Nederland veel te druk om bij te scholen. En als je dan een tijdje een verplichte sabbatical hebt, omdat je tussen twee banen in zit, is het aanbod of te duur, of te inflexibel om deel te kunnen nemen.

Vorige Volgende