Jos van Dijk

843 Artikelen
516 Waanlinks
3.051 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Was tot 2012 docent in het HBO.
Schrijft over Europa en over het vrije verkeer van informatie.
Publiceerde in 2007 "Dit kan niet en dit mag niet; een kroniek van belemmering van de uitingsvrijheid in Nederland." Voortgezet op de website: http://freeflowofinformation.blogspot.com/
Publiceerde in 2016 "Ondanks hun dappere rol in het verzet. Het isolement van Nederlandse communisten in de Koude Oorlog" voortgezet op de website http://nederlandsecommunisten.nl/#site-header
Foto: Peter Tkac (cc)

Gerechtigheid in Slowakije

Marian Kocner, de vermoedelijke opdrachtgever van de moord op de Slowaakse journalist Ján Kuciak en zijn vriendin Martina Kušnírová moet opnieuw voor de rechtbank komen. Vorig jaar werd hij vrijgesproken van betrokkenheid. Maar deze week verwees het Hooggerechtshof tot grote tevredenheid van de familie de zaak terug naar een lagere rechtbank voor herbeoordeling omdat de bewijsvoering bij dit vonnis niet deugde.

Volgens het Hooggerechtshof heeft de strafrechter in Pezinok bij een deel van het bewijsmateriaal gefaald in het toepassen van “elementaire logica” en is een ander deel van het materiaal dat het Openbaar Ministerie heeft ingebracht ten onrechte helemaal niet meegenomen. Het gaat met name om het sms-verkeer van Kocer. Uit telefoontaps van zakenman Kocner – die momenteel een gevangenisstraf uitzit voor fraude – kwam bewijs naar voren dat hij de opdracht tot de moord zou hebben gegeven. Het gerechtshof veroordeelde vorig jaar wel de schutter, maar vond het bewijs tegen Kocner onvoldoende. 

Jan Kuciak en zijn vriendin werden in februari 2018 in hun eigen huis doodgeschoten door een huurmoordenaar. Kuciak had ontdekt dat zakenman Marian Kocner zich schuldig maakte aan illegale praktijken en belastingfraude en stond op het punt hierover te publiceren. Kuciak en vele andere journalisten zijn een tijd lang bespioneerd in opdracht van Kocner. De moord op Kuciak zorgde voor een grote beroering in het land, ook vanwege de verbindingen die de journalist wist te leggen met corrupte politici. Het kostte toenmalig premier Robert Fico van de sociaaldemocratische partij SMER de kop.

Foto: Herman (cc)

Politiek bedrijven met een *

Christoph Ploß is een Duitse politicus uit Hamburg die namens de CDU in de Bondsdag zit en daarvoor in september weer verkiesbaar is. Hij keert zich in zijn campagne tegen genderonderscheidingen in het taalgebruik . Het ‘gendern’ moet in officiële  instellingen worden verboden, vindt Ploß. We moeten gewoon weer schrijven en spreken over Ärzten in plaats van „Ärztinnen und Ärzten“ of „Ärzt*innen“, „Ärzt_innen“ of „Ärzt:innen“. Taal moet verenigen, niet splijten. Ploß verzet zich tegen een politiek die niet langer gaat over het algemeen belang, maar alleen nog over de bijzondere belangen van verschillende identiteitsgroepen in een verdeelde samenleving.

Het gaat Ploß niet zozeer om de praktische, esthetische of taalkundige kant van het genderspecifieke taalgebruik. Achter de gendertaal gaat volgens hem een identiteitspolitiek wereldbeeld schuil. ‘En dat wereldbeeld wordt ons via taalvoorschriften dwingend opgelegd.’ Op scholen wordt het een beoordelingscriterium. Op ambtelijke burelen een nieuwe plicht. Hij wijst er op dat het onderscheidende taalgebruik in Frankrijk al in de ban is gedaan. Enquêtes wijzen uit dat een meerderheid van de Duitsers de dwingend opgelegde gendertaal afwijst.  Volgens Ploß brengt ‘gendern’ op geen enkele manier het belangrijke doel van gelijkheid dichterbij. ‘Als dat zo zou zijn, zou discriminatie van minderheden volkomen onbekend moeten zijn in landen met niet onderscheidende talen zoals Hongarije of Turkije.’

Quote du Jour | De grenzen van tolerantie

Minister Sander Dekker heeft aanvullende maatregelen aangekondigd ter voorkoming van de ondermijning van de rechtsstaat die mogelijk wordt gemaakt door donaties uit niet-Europese landen aan maatschappelijke organisaties (lees: moskeeën).

Dekker motiveert deze maatregelen als volgt:

“Het propageren van haat tegen andersdenkenden, het aanzetten tot geweld en extremisme, of antidemocratisch gedachtengoed verspreiden. Daarvoor is geen plek in Nederland. Organisaties die zich hiermee bezighouden, moeten daarom stevig bestreden worden. In een rechtsstaat kunnen we niet onbeperkt tolerant zijn tegen intolerantie.”

Foto: Sergey Melkonov (cc)

Illiberaal Hongarije springplank voor China

De burgemeester van Boedapest, Gergely Karácsony, onthulde deze week vier nieuwe straatnaambordjes in zijn stad. Bijzondere straatnamen: de Oeigoerse martelarenweg, de Bevrijd Hongkongstraat, de Dalai Lamastraat en de Bisschop Xie Shiguangstraat. De nieuw benoemde straten liggen in dezelfde wijk waar de Hongaarse regering een nieuwe universiteit heeft gepland, een tak van de Chinese Fudan universiteit in Shanghai, die geliëerd is aan de communistische partij. De nieuwe straatnamen zijn een duidelijk politiek statement van de burgemeester van de hoofdstad tegen premier Viktor Orbán en zijn Fidesz partij, die enkele jaren geleden de liberale, westerse Central European University de stad uitjoegen.

Karácsony won in 2019 met ‘Dialoog voor Hongarije‘ de lokale verkiezingen in Boedapest. Het was voor het eerst dat de gehele oppositie met één kandidaat de strijd aanging tegen de Fidesz-hegemonie. Dat succes smaakt naar meer. Voor de presidentsverkiezingen van 2022 hebben de oppositiepartijen van links tot rechts opnieuw de handen ineen geslagen. Karácsony heeft zich kandidaat gesteld om de gezamenlijke lijst aan te voeren.

Beloning voor een derde kind

Daarmee is het einde van Orbán zeker nog niet getekend. In de peilingen houdt Fidesz voorlopig nog een voorsprong. Intussen werkt de Hongaarse premier na zijn afscheid van de christendemocratische Europese Volkspartij (EPP) gestaag verder aan een rechtser, conservatiever Europa. Afgelopen maand lanceerden de Visegradlanden (Hongarije, Polen, Tsjechië en Slowakije) een ‘pro-gezinscoalitie‘. Het doel van de nieuwe coalitie is het bevorderen van een gezinsbeleid op lokaal, nationaal en EU-niveau. De V4-ministers die belast zijn met sociale en gezinsaangelegenheden ondertekenden een gezamenlijke verklaring waarin ze hun “samenwerking om onderzoek te doen op het gebied van gezinsondersteuning en gezinsbehoeften, parallel in onze vier landen” uiteenzetten. Gegeven het lage geboortecijfer en de uitstroom van jongeren naar West-Europa geeft de Hongaarse regering al enige tijd een hoge prioriteit aan de ondersteuning van gezinnen. En dat lijkt succes te hebben. Met een flinke bonus op gezinsvorming is het aantal huwelijken in het land de afgelopen jaren fors gestegen. Gehuwde paren kunnen een lening van €30.000 krijgen die ze niet hoeven terug te betalen als ze een derde kind hebben gekregen. De stellen zijn volledig vrij om te beslissen hoe en wanneer ze de renteloze lening besteden. Ze moeten wel aan een aantal criteria voldoen: ze moeten getrouwd zijn, de vrouw moet tussen de 18 en 40 jaar oud zijn en het moet onder meer het eerste huwelijk zijn voor een van de twee.

Foto: Roel Wijnants (cc)

Luis in de pels

RECENSIE - Op Tweede Kerstdag 1986 wordt Assen rond 8 uur ’s morgens opgeschrikt  door een lichte aardbeving met een kracht van 2,8 op de schaal van Richter. Het KNMI meldt dat het de eerste aardschok is die in Drenthe wordt gemeten. Een link met de gaswinning wordt echter onmogelijk gehouden. Sociaal geograaf Meent van der Sluis gaat onmiddellijk op onderzoek uit, verzamelt getuigenissen en diept eerdere verhalen op over aardschokken in 1976, 1980 en 1984. Op 22 januari 1987 publiceert de NRC een artikel waarin Van der Sluis aan de hand van nogal technische beschouwingen zijn theorie uiteenzet over het verband tussen de aardschokken en de gaswinning. Hij acht de mogelijkheid van een ‘flinke klapper’ niet uitgesloten en waarschuwt voor de stabiliteit van de zoutkoepels die zijn aangewezen voor opslag van radioactief kernafval.

Bodemdaling en gaswinning

Die zoutkoepels hadden al eerder de aandacht van de Drentse activist Van der Sluis. Er was veel verzet in Drenthe tegen de plannen van de regering Den Uyl om de zoutkoepels te gebruiken voor atoomafval. In Gasselte vindt op 2 juni 1979 een demonstratie plaats van 25.000 mensen en er komen meer acties, zoals een ludieke ‘boortorenverbranding’. Meent van der Sluis onderbouwt de protesten met zijn kennis van de bodem in de noordelijke provincies. Hij neemt onvermoeibaar deel aan alle acties ter bescherming van het natuurlijk milieu in zijn omgeving en bereikt met zijn wetenschappelijk onderbouwde argumenten regelmatig de media. Als docent, eerste aan de Pedagogische Academie en later aan de Landbouwhogeschool neemt hij zijn studenten mee voor onderzoek naar de gevolgen van bodemdaling. In 1989 en 1990 publiceert hij twee rapporten over de bodembeweging in de noordelijke provincies in relatie tot de gaswinning. Van der Sluis is bijna twaalf jaar lid van de Provinciale Staten van Drenthe voor de PvdA. Daar zet hij zijn strijd tegen bodemdaling en de gaswinning voort. Het wordt hem niet in dank afgenomen. Hij wordt niet geloofd. Onder aanvoering van de afdeling PR van de NAM wordt hij weggezet als ondeskundige charlatan. In de PvdA blijft hij de onbehouwen, ondiplomatieke solist en dwarsligger die sommige van zijn collega’s liever zien gaan dan komen. Het is pijnlijk dat hij nooit heeft geweten dat zijn inzichten zoveel jaren na zijn vroegtijdige dood in 2000 nu gemeengoed zijn geworden.

Foto: Josar Photos (cc)

Zwitserland op ‘brexit’-koers

Zwitserland heeft de onderhandelingen met de EU over een raamakkoord afgebroken. Het land is geen EU-lid, maar neemt deel aan de Europese interne markt via meer dan honderd bilaterale akkoorden. De EU wil die vervangen door een raamakkoord dat de steeds terugkerende onderhandelingen over noodzakelijke aanpassingen van al die akkoorden overbodig maakt. Dat spaart aan beide zijden jaren ambtelijke werkzaamheden. In 2018 werd na vier jaar een principe-akkoord bereikt. Met afspraken over de manier waarop conflicten over de uitleg van de regels juridisch zouden worden beslecht. Maar nu zijn er aan Zwitserse kant toch nog een paar bezwaren gerezen. De EU wil hier niet aan tegemoet komen en dus valt Zwitserland nu terug op de oude verdragen. Punt is dat Brussel niet meer bereid is al die verdragen voortdurend te actualiseren. Deze week liepen bijvoorbeeld afspraken over medische technologie af, waardoor bepaalde Zwitserse apparatuur nu niet meer zomaar naar de EU kan worden uitgevoerd. Problemen worden verder voorzien op het gebied van de electriciteitsvoorziening, voedingswaren en de luchtvaart.

Bescherming van hogere lonen

Zwitserland noemt drie bezwaren die hebben geleid tot afwijzing van het raamakkoord. De Zwitserse vakbonden verzetten zich tegen verandering van de regel dat tijdelijke buitenlandse werknemers volgens Zwitserse lonen moeten worden betaald. EU-lidstaten willen zich koste wat koste niet conformeren aan de hogere Zwitserse lonen. Het tweede conflictpunt gaat over de sociale zekerheid. De Zwitsers willen EU-burgers niet garanderen dat ze, als ze in Zwitserland wonen, ook gebruik kunnen maken van de Zwitserse sociale voorzieningen. Een derde breekpunt voor Zwitserland is de eis van de EU om terwille van het gelijke speelveld voor de interne markt in alle gevallen af te zien van staatssubsidie.

Foto: International Federation of Red Cross and Red Crescent Societies (cc)

Buiten de poort houden

‘Fort Europa’. Ooit een spookbeeld in debatten over het migratiebeleid. Inmiddels harde werkelijkheid. Met man en macht wordt langs de grenzen van de Europese Unie getracht vluchtelingen en economische migranten (het onderscheid telt nauwelijks meer) buiten de poort te houden. Gisteren stond hier een artikel van Nora Stel die schreef: ‘Dubbelzinnige wetten, ondoorzichtige beleidskaders, vrijblijvende afspraken en vage mandaten vormen steeds meer de kern van het Europese vluchtelingenbeleid en worden bewust in stand gehouden om vluchtelingen te ontmoedigen.’ En wie geen andere opties heeft of zich niet laat ontmoedigen wordt illegaal uitgezet, door de Europese grensbewakingsorganisatie Frontex en, als je die weet te vermijden, door de Griekse politie. Of door Kroatische agenten. Of door Spaanse militairen.

De Britse krant The Guardian meldt dat het afgelopen jaar naar schatting 40.000 mensen zijn tegengehouden. Bij de illegale pushbacks kwamen tweeduizend mensen om het leven. De analyse van The Guardian is gebaseerd op rapporten van VN-agentschappen, gecombineerd met een database met incidenten verzameld door niet-gouvernementele organisaties. Volgens hulporganisaties is met het ontstaan van Covid-19 de regelmaat en wreedheid van pushback-praktijken toegenomen. De Kroaten schijnen het wreedst op te treden. Agenten beroven, misbruiken en slaan vluchtelingen. Ook verklaren vluchtelingen dat de politie een rood kruis op hun hoofd spoot, zogenaamd om hen “te genezen van corona”.

Gehaktdag

Vandaag komt de Algemene Rekenkamer met een reeks rapporten over de prestaties van de overheid in het afgelopen jaar. De derde woensdag van mei is Verantwoordingsdag, ook wel ‘Gehaktdag’ genoemd. Een niet onbelangrijke, maar helaas qua mediaaandacht nogal eens verwaarloosde dag voor onze volksvertegenwoordigers die de inkomsten en uitgaven overheid namens ons moeten controleren.

Enkele citaten uit de persberichten die vanmorgen op de Sargassoredactie binnen kwamen:

Het financieel beheer bij het Ministerie van VWS schoot dermate tekort, dat de Algemene Rekenkamer daartegen bezwaar heeft gemaakt [inmiddelsis het bezwaar ingetrokken].

Hiernaast is zowel bij de uitgaven als de verplichtingen de tolerantiegrens van maximaal 1% fouten en onzekerheden inzake de rechtmatigheid overschreden. Dit is sinds 2008 (kredietcrisis) niet meer voorgekomen. Van 2,48% van de verplichtingen (uitgaven in de toekomst, waarvoor een juridische verplichting is aangegaan) staat de rechtmatigheid niet vast. Daarmee is een bedrag van ruim € 9,1 miljard gemoeid. Twee derde hiervan hangt samen met de bestrijding van de coronacrisis. Daarnaast is van 1,52% van de uitgaven, € 4,3 miljard, de rechtmatigheid in het geding. Ruim de helft hiervan houdt verband met de strijd tegen het virus.

De Algemene Rekenkamer noemt deze uitkomsten van haar verantwoordingsonderzoek naar de rijksrekening 2020 zorgelijk en plaatst daarom een kritische kanttekening bij de goedkeuring van de rijksrekening 2020, net zoals zij dat ook bij die van 2019 deed.

Een belangrijke oorzaak van onrechtmatigheden is dat het parlement niet vooraf werd geïnformeerd. In het coronajaar 2020, waarin ministers met grote spoed maatregelen namen om de pandemie te bestrijden, zijn de Tweede en Eerste Kamer meermaals voor een voldongen feit gesteld.

Het financieel beheer bij het ministerie van VWS over de extra uitgaven en verplichtingen schoot ernstig tekort. Het gaat om € 5,1 miljard publiek geld, voor onder meer testmaterialen (bijna € 1 miljard), beschermingsmiddelen en beademingsapparatuur voor zorginstellingen (ruim € 1,2 miljard) en de zorgbonus (€ 2 miljard).

Zo ontbreken bijvoorbeeld ontvangstbewijzen voor rechtstreekse leveringen van goederen als beademingsapparatuur aan zorginstellingen. Evenmin is duidelijk of de aantallen afgenomen coronatesten op facturen die de minister van VWS betaalde, klopten.

Foto: FaceMePLS (cc)

Het taboe op Nederlands koloniale verleden

De Amsterdamse rechtbank wilde vorige week geen voorwaarden opleggen voor vertoning van de film De Oost over het Nederlandse militaire ingrijpen in Indonesië. De Federatie Indische Nederlanders (FIN) had in een kort geding geëist dat de film zou beginnen met een waarschuwende tekst dat het ging om een ‘fictieve verbeelding’ van het Nederlandse ingrijpen, en dat die een reactie was op de Bersiap – de chaotische, gewelddadige periode in Indonesië pal na de Tweede Wereldoorlog. De FIN achtte de voorstelling van zaken in de film niet in overeenstemming met de feiten. De bezwaren richtten zich ook tegen beelden die te veel associaties zouden oproepen met de SS. En het ergste was nog, zo verklaarde een vertegenwoordiger van de FIN op de radio, dat de film ook onderdeel gaat uitmaken van een lespakket op scholen.

Lou de Jong

Het is niet de eerste keer dat er vanuit de hoek van oud-strijders en Indische Nederlanders een poging wordt gedaan de geschiedenis van de oorlog tegen Indonesië te vervalsen. Lou de Jong kreeg er eind vorige eeuw mee te maken toen hij zijn Geschiedenis van het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog voltooide met de zogenaamde ‘politionele acties’ van het Nederlandse leger. De boze oud-strijders hadden er zelfs een apart comité voor opgericht: het Comité Geschiedkundig Eerherstel Nederlands Indië. Toen een concept van deel XIA uitlekte waarin een hoofdstuk voorkwam onder de titel ‘Oorlogsmisdrijven’ ontstond een enorme ophef, aangejaagd door De Telegraaf.  De Jong beloofde er nog eens naar te kijken en gaf het omstreden hoofdstuk de titel ‘Excessen’. Toen hij de oud-strijders niet verder tegemoet wilde komen voerde het Comité tevergeefs een gerechtelijke procedure om alsnog gelijk te krijgen over de wijze waarop de gebeurtenissen in Indonesië in zijn boek behoorden te worden beschreven.

Foto: Hans Splinter (cc)

Franse militairen waarschuwen voor een burgeroorlog

Dertig gepensioneerde Franse generaals luidden onlangs de noodklok, met een apocalyptisch getoonzette tekst over een land in ontbinding. Hun brief op de site van het conservatief-katholieke weekblad Valeurs Actuelles is inmiddels ondertekend door enkele duizenden militairen. Een marginale beweging, zoals sommigen opperen? Vorige week kregen ze steun van een aantal nog actieve collega’s. ‘Onze steden en dorpen vallen ten prooi aan geweld’, schrijven de anonieme auteurs van deze tweede brief. Ze moeten duidelijk niets hebben van alle aandacht voor diversiteit en racisme. ‘Haat tegen Frankrijk en zijn geschiedenis is de norm geworden in het publieke debat.’ Minister van Defensie Florence Parly die bij de eerste brief van de reactionaire militairen al maatregelen had aangekondigd reageerde hierop met nog meer ergernis: ‘Dat vocabulaire, de verwijzingen, dat is allemaal typisch extreemrechts’.

Extreemrechtse tendensen in het leger: het is niet alleen Duitsland dat daarmee te kampen heeft. En in Frankrijk is de politieke arm van deze beweging nog wel een stukje groter dan die bij de oosterburen. Marine Le Pen, voorzitter van Rassemblement National, de grootste uitdager van president Macron bij de verkiezingen volgend jaar, heeft zich onmiddellijk solidair verklaard met de verontruste militairen. Daarmee week zij af van de recent ingezette gematigde koers van RN waarmee Le Pen hoopt Macron te kunnen verslaan.

Foto: Jana Shnipelson (cc)

Honderd dagen opstand

RECENSIE - Ardy Beld heeft op Sargasso meerdere keren verslag gedaan van de demonstraties in Wit-Rusland tegen het dictatoriale regime van Loekashenko. Hij heeft nu een aantal interviews gecombineerd met een chronologie van de gebeurtenissen tot begin dit jaar met enige achtergrondinformatie gebundeld in ‘Een land om te leven; honderd dagen protest in Wit-Rusland‘. Het boek geeft een beeld van dappere demonstranten, die opkomen voor een in Nederland al zo lang vanzelfsprekende vrijheid en democratie, en hun getuigenis van de gewelddadige repressie waar zij als dissidente Wit-Russen onder te lijden hebben.

In Wit-Rusland is er sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie vaker tegen Loekashenko en voor meer vrijheid en democratie gedemonstreerd. Maar nooit zo lang en met zulke grote massa’s mensen als in het najaar van 2020 na de presidentensverkiezingen van 9 augustus. Even ter herinnering: Loekashenko had al ruim voor de verkiezingen twee van zijn tegenkandidaten, Sergej Tikhanovsky en Viktor Babarikov, gevangen gezet. De derde, Valeri Tsepkalo, nam voortijdig de wijk naar het buitenland. Daarop meldde de vrouw van Tikhanovsky, Svetlana, zich als presidentskandidaat. Volgens de kiescommissie kreeg ze bijna 10% van de stemmen en Loekashenko 80%. Dat geloofde geen enkele Wit-Rus. Massaal kwamen ze in het geweer voor nieuwe, eerlijke verkiezingen.

Volgende