De Israëlische mensenrechtenorganisatie B’Tselem is deze maandag gekomen met een nieuw rapport over de Westoever. Het “Eliminatie Project” heet het en het is gebaseerd op interviews met ongeveer 2.000 Palestijnen die zeggen dat een normaal leven niet meer mogelijk is op de Westoever.
We hadden dat natuurlijk ook wel kunnen gaan begrijpen als we het nieuws regelmatig zouden volgen. Als we zouden weten dat er al maandenlang iedere dag gemiddeld zeker zes aanvallen van settlers plaatsvinden waarbij meestal mensen gewond raken of gewoon gedood worden zonder dat er iemand wordt gepakt, verantwoordelijk wordt gehouden en gestraft. Waarbij het leger altijd achteraf paraat staat om tussenbeide te komen en de aangevallen Palestijnen ofwel in hechtenis te nemen, dan wel af te ranselen, of gewoon naar gelang neer te schieten.
Waarbij huizen worden ingepikt, schapen of geiten worden gestolen, olijfbomen worden omgehakt, stukken land worden afgepakt en omheind, nieuwe “wilde” nederzettingen worden gesticht, wegen worden aangelegd dwars door landerijen, auto’s of andere bezittingen als schuren of huizen in brand worden gestoken, soms met de bewoners er nog in, en verder iedereen steeds moet oppassen voor onverwachte nachtelijke bezoeken van de wakkere soldaten van het IDF, het zogenaamde Israëlische defensieleger, dat nog wat mensen kwam arresteren – of soms ook om ze dood te schieten, want daar zitten blijkbaar weinig verschillen tussen.