Soedan vreest een nieuw bloedbad
De Soedanese stad El Obeid staat volgens berichten van de VN onder grote druk van de Rapid Support Forces (RSF). Een humanitaire ramp dreigt, vergelijkbaar met het bloedbad dat de dissidente strijders van generaal Hemedti eind vorig jaar in de stad Al-Fashir hebben aangericht. Buitenlandse inmenging zorgt voor continuering van de oorlog, vredesinitiatieven blijven voorlopig beperkt tot bezorgde verklaringen en algemene oproepen.
De stad El-Obeid, met een bevolking van ongeveer 500.000 mensen, ligt op het kruispunt tussen centraal Soedan, Khartoem en de westelijke regio Darfur. Het is daarom een belangrijke toegangspoort voor troepenbewegingen en de aanvoer van militaire en humanitaire hulpgoederen. Er bevindt zich ook een grote militaire basis van de Soedanese strijdkrachten en een militair vliegveld. De stad wordt door de RSF bestookt met drones, Inmiddels zouden minstens 45 burgers zijn omgekomen bij vijftien verschillende aanvallen. Onder meer scholen, markten, waterinstallaties en infrastructuur worden geraakt. Onder de 500.000 inwoners van El Obeid bevinden zich ook meer dan 100.000 mensen die eerder op de vlucht sloegen voor geweld elders in het land. Wie is gevlucht uit gebieden onder RSF-controle, wordt beschuldigd van samenwerking met de vijand en loopt risico op willekeurige arrestaties.
Maandag heeft de VN-Mensenrechtenraad een resolutie aangenomen van het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Ierland, Nederland en Noorwegen. Daarin wordt het escalerende geweld door de RSF en haar bondgenoten in en rond El-Obeid veroordeeld. De resolutie roept op tot meer financiële en logistieke steun voor landen die Soedanese vluchtelingen opvangen. In de regio, mogen we aannemen, want Europa wil met steun van Libische krijgsheren met alle macht voorkomen dat ze de Middellandse Zee oversteken. Ook al zijn ze in de regio verre van veilig. Het VN-kinderfonds UNICEF meldde deze week dat er in de eerste helft van 2026 minstens 330 kinderen gedood of verwond. De regio’s Darfur en Kordofan kennen de hoogste aantallen kinderslachtoffers.