Jona Lendering

606 Artikelen
15 Waanlinks
319 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Studeerde geschiedenis en vertelt er graag over. Scepticus, recensent, fietser, webmaster (LiviusOrg), Don Quichot, blogger (Mainzer Beobachter) en beheerder van GrondslagenNet. Reist regelmatig in het Midden-Oosten, schreef een paar boeken, gruwt van de zelfmoord van de geesteswetenschappen en droomt van een eigen huis in Downtown Beiroet.
Foto: De Nebra-expositie in het Drents Museum in Assen (foto JL)

De Hemelschijf van Nebra

ACHTERGROND - Het is zomer en de scholen hebben vakantie, kortom, het is tijd voor dagjes uit. Dus waarom niet naar het Drents Museum in Assen, waar momenteel een tentoonstelling is gewijd aan het bijzondere voorwerp dat bekendstaat als de Hemelschijf van Nebra? Een van de meest bijzondere archeologische vondsten uit de afgelopen halve eeuw.

De Hemelschijf van Nebra (©Wikimedia Commons | Gebruiker Dbachmann)

Ik weet het: u gelooft me niet. Geverseerd in de media als u bent weet u dat als een archeoloog beweert dat ’ie iets bijzonders heeft ontdekt, hij overdrijft. Uw reserve is breed gedeeld. Ik word al een kwart eeuw wekelijks geconfronteerd met sceptici en moet ze vaak gelijk geven. Claims kloppen vaak niet. Maar de Nebraschijf, ja, die is echt bijzonder. Eerst iets over het voorwerp zelf. Daarna zal ik het bijzondere uitleggen.

Hemelkaart

De in 1999 bij het Duitse plaatsje Nebra gevonden bronzen schijf is zo groot als een grammofoonplaat, weegt twee kilo en toont een gouden zon, maan en sterren. Ook de Plejaden zijn aangegeven, eveneens van goud. Het is dus een hemelkaart. Links en rechts waren twee later aangebrachte bogen, waarvan de linkse nog later weer is verwijderd. Onderaan is een derde, iets krommere boog. Er zijn diverse redenen om aan te nemen dat het voorwerp rond 1600 v.Chr. is begraven en toen al enkele eeuwen oud was. Het voorwerp komt dus uit de Bronstijd.

Foto: Stuart Richards (cc)

Oncontroleerbare geschiedenis (voor mij dan)

COLUMN - De mooiste film van vorig jaar was, als je het mij vraagt, Summer of Soul. Als u die niet hebt gezien: het gaat over enkele concerten die in de zomer van 1969 zijn gegeven in Harlem, New York. Een soort Woodstock, maar grotendeels vergeten. Regisseur Questlove vond het materiaal terug en maakte er een documentaire van. En dus zien we Stevie Wonder (superjong), Mahalia Jackson, Sly & the Family Stone, B.B. King en Nina Simone. Allemaal “zwarte” muziek en dat is geen toeval, want burgemeester John Lindsay wilde, kort na de moord op Martin Luther King en Robert Kennedy, rassenrellen tot elke prijs vermijden. Daarom steunde hij het initiatief van een zwart muziekfestival.

Meer muziek

Nog zoiets: de documentaire They say I’m different, over de onlangs overleden Betty Davis. Terwijl de burgerrechtenbeweging een keurig imago wilde hebben om geen voeding te geven aan theorieën dat zwarten gelijke rechten niet aankonden, was hier een nogal libertijnse zangeres. De documentaire is vrijwel geheel in scène gezet, want er is nauwelijks beeldmateriaal. Wel een aanrader echter, want de muziek is fenomenaal. Hier is het nummer waaraan de documentaire haar naam ontleend.

They say I’m different en Summer of Soul veronderstellen de burgerrechtenbeweging maar gaan vooral over muziek. The United States versus Billie Holiday is veel scherper en toont de eigenlijke strijd. De film vertelt hoe de Amerikaanse autoriteiten de zangeres dwars zaten. Ik wist wel het een en ander over het (deels illegale) Counter Intelligence Program waarmee de FBI meende de openbare orde te beschermen, maar het schokte me toch.

Foto: Silvia Sala (cc)

Complimentenmeisjes en bloemengeisha’s

COLUMN - Oké, het is natuurlijk mogelijk dat het plan niet serieus was. Ik bedoel het plan van de ondernemingsvereniging Biz Leidsestraat/Koningsplein om Amsterdammers naar het stadscentrum terug te lokken door “complimentenmeisjes” en “bloemengeisha’s” te laten lopen door de Leidsestraat.

Het kan natuurlijk zijn dat dit plan, waarover ik in Het Parool las, helemaal niet serieus is, en alleen maar is bedoeld om zó veel verontwaardigde reacties uit te lokken dat en passant óók duidelijk wordt dat (a) de Leidsestraat nog bestaat en (b) men graag de Amsterdammers terug wil. Het zou niet voor het eerst zijn dat een slimme marketeer iets negatiefs doet om aandacht te genereren.

Seksisme

Want negatief is het natuurlijk. Het seksisme van de complimentenmeisjes en bloemengeisha’s doet denken aan de pizza-keten die klanten opriep “de lekkerste dozen” te nemen, het Rijksmuseum dat alleen “hertjes” in dienst wilde nemen en de bioscoop die het vrouwelijk personeel te strakke truitjes gaf. En ik denk niet dat ook maar één Amsterdammer zal zeggen “o, nu ze bloemengeisha’s hebben, nu verandert de zaak, nu ga ik weer naar het centrum!”

Maar goed, op het gevaar af dat ik de gek ben die, door zijn verbijstering te tonen, het middel vormt waarmee Biz Leidsestraat/Koningsplein de Amsterdammers wil teruglokken: je kunt ook wél positief iets doen om mensen terug te lokken. Als je Amsterdamse klanten wil in het centrum, zorg er dan eerst eens voor dat je personeel je bezoekers te woord staat in het Nederlands. Je jaagt er heus geen toeristen mee weg; kijk maar naar Frankrijk of Italië, waar ze je in de eigen taal begroeten en geen toerist minder ontvangen.

Foto: Kotomi_ (cc)

Searching for Utopia

Bij het kunstevenement ArtZuid plaatst men in het Amsterdamse stadsdeel Oud-Zuid allerlei contemporaine sculptuur. Die staat er dan een tijdje en gaat dan weer weg, waarna twee jaar later weer andere beelden worden geplaatst. Vaak is het  aanbod geslaagd, in 2017 was het onthutsend voorspelbaar en meestal is er een absolute publieksfavoriet. Geen enkel kunstwerk maakte meer en positievere reacties los dan “Searching for Utopia”, dat in 2011 stond aan de Apollolaan. Een gigantische schildpad, waarop een mannetje zat, langzaam zoekend naar een betere wereld.

De populariteit kwam misschien door de locatie. Het beeld stond meteen achter een oorlogsmonument. Een prachtige aanvulling die bij menigeen de associatie opriep met Bloems’ constatering “zo moeizaam triomfeert gerechtigheid”. Het kunstwerk was echter ook uit zichzelf geweldig en mocht wat langer blijven staan om ArtZuid de gelegenheid te geven de fondsen te verzamelen om het aan te schaffen. Dat is dus niet gelukt.

Ik fiets zes keer per week langs de plek waar “Searching for Utopia” heeft gestaan. Regelmatig denk ik eraan hoe Amsterdam een mooi kunstwerk misliep. Twee jaar geleden zag ik het onverwacht terug: het staat tegenwoordig in Namen, halverwege de heuvel waarop Menno van Coehoorn de citadel bouwde. U ziet het beeld hierboven. Ik gun de hoofdstad van Wallonië het allerbeste, maar het steekt. (Er schijnt een ander kopie van het beeld te staan in Nieuwpoort.)

Foto: Toerist aan zee © eigen foto Jona Lendering

Over nut en nadeel van toerisme voor het leven

COLUMN - Ach ja, het toerisme. We mogen klagen. Het centrum van Amsterdam is momenteel onleefbaar. Ik begrijp dat hetzelfde geldt voor Barcelona (waar ik nooit ben geweest) en voor Venetië (waar ik nooit meer terug wil). Maar mopperen over toerisme is ook een beetje flauw en voorspelbaar. Hypocriet ook, want we gaan allemaal op reis. En onze hypocrisie is ook al zó vaak becommentarieerd dat stukjes daarover al even flauw en voorspelbaar zijn.

Desondanks waag ik een stukje aan toerisme. Ik wil namelijk, hoewel ik de geldigheid van alle bezwaren ken en erken en bekend veronderstel, er toch een lans voor breken. De toerist leert namelijk, opzettelijk of onbedoeld, mensen kennen uit een ander land. En hoewel ik niet denk dat het buitenland uitsluitend bestaat als decor voor onze persoonlijke queestes, is het wel zo dat je, door de mensen daar te ontmoeten, ook jezelf een beetje leert kennen.

Kleine verschillen

Zoals de trouwe lezers van mijn blog weten, was ik onlangs in Libanon. Deels werk, deels om vrienden te ontmoeten. Als ik met ze praat, merk ik voortdurend kleine verschillen. Zo ontmoette ik iemand die al enkele maanden in zwart gekleed ging omdat haar vader was overleden. Het viel me op omdat ik zelf na de dood van mijn moeder nooit heb overwogen rouwkleding te dragen. Niet omdat het me niets deed, maar omdat Nederlanders een andere grens trekken tussen privé en openbaar, zodat rouw hier minder een openbaar verschijnsel is.

Foto: Straatprotest in Beiroet (2019) Eigen foto Jona Lendering

Verkiezingen in Libanon

Komend weekend zijn in Libanon verkiezingen. De situatie samengevat: er is een economische en een financiële crisis, de positie van vrouwen is slecht, er zijn milieuproblemen, er zijn sektarische conflicten, er is buitenlandse inmenging (IranSaoedi-Arabië…), er is een incompetente president met een niet-zo-ideale-schoonzoon en er zijn honderdduizenden Syrische en Palestijnse vluchtelingen. In elk land zou men zich tegen de overheid keren, en dat is in Libanon ook gebeurd: drie jaar geleden barstten de protesten in volle heftigheid los.

“The situation”

De protesten verenigden alle Libanezen. De sektarische tegenstellingen waren vergeten, rijk en arm keerden zich samen tegen de corrupte bestuurlijke klasse. Een klasse die alle hierboven genoemde problemen heeft veroorzaakt. De protesten waren fel en escaleerden. Ik was in Beiroet op de dag dat die protesten gewelddadig werden (zie boven). Een revolutie leek in de maak. Toen kwam de corona. En toen was er the blast. Alle reden om komend weekend te gaan stemmen op een partij die vernieuwing wil.

Zomaar een poster (eigen foto)

Daarvan zijn er meerdere. Begrijp ik het goed, dan is de oppositie verdeeld: in elk kiesdistrict, die hier langs religieuze lijnen zijn georganiseerd, is ze met diverse partijen vertegenwoordigd. Het gevaar bestaat nu dat de oppositie wel de meeste stemmen gaat krijgen, maar verdeeld over zoveel partijen dat toch een van de oude partijen als grootste eindigt. In de sji’itische districten nemen bijvoorbeeld de traditionele partijen, de nationalistische Amal en de pro-Iraanse Hezbollah, het op tegen een veelvoud aan alternatieven. In slechts één van de sji’itische districten heeft de oppositie zich geschaard achter één kandidaat, zodat het toch weer een race zal zijn tussen Amal en Hezbollah. Hoopvol is dan weer dat in Beiroet oppositiekandidaten zich hebben teruggetrokken om zo één kandidaat per district te hebben.

Foto: Max Sat (cc)

Illegale oudheden

Een week of drie geleden publiceerden de Vlaamse televisieomroep VRT en de krant De Tijd drie artikelen over de illegale handel in oudheden in België. Eén daarvan ging over de Benin-bronzen, het interessantste ging over een Egyptisch beeldje en het derde ging over de vraag waarom nu net België een draaischijf is geworden in de internationale zwarte handel. Het antwoord laat zich raden. De handel in illegale oudheden “heeft kunnen profiteren van de laksheid bij de overheden die moeten strijden tegen dit soort fraude”, aldus Sarah Durant, woordvoerster van het Brussels parket. De laatste specialist bij de Belgische federale overheid is begin dit jaar met pensioen gegaan en de centrale dienst kunstcriminaliteit is opgedoekt.

Als het over illegale oudheden gaat, kennen we uit Nederland soortgelijke journalistieke stukken. Theo Toebosch schrijft er regelmatig over in het Handelsblad het NRC: de grafgiften van Ny-Kau-Ptah, inbeslagnames op de kunstbeurs Tefaf, de Sapfo-papyri, illegaal keramiek in het Amsterdamse Allard Pierson-museum en nog vorige maand de arrestatie van de Italiaanse grafrover Raffaele Monticelli. Ik heb zelf een artikel in de pen gehad over de plundering van opgravingen, niet in verre buitenlanden maar hier in Nederland. Daarbij stuitte ik op zóveel voorbeelden dat het domweg geen krantenartikel meer zijn kon. Wie denkt een boek over illegale oudheden te kunnen schrijven dat geen eindeloze herhaling van steeds hetzelfde verdrietige verhaal is, kan zich melden en krijgt mijn documentatie cadeau.

Foto: Hatra: de schade valt mee (eigen foto)

De schade van ISIS

ACHTERGROND - Zoals u weet oefende de zogenaamd Islamitische Staat ofwel ISIS ofwel Daesh recentelijk een schrikbewind uit in het noorden van Irak en het westen van Syrië. De terreur vormde een opvallend wreed en sadistisch hoofdstuk in de sowieso gewelddadige geschiedenis van deze regio. Het gebied heeft sinds de ondergang van het Ottomaanse Rijk rust noch duur gekend. Het zou voor de westerse media makkelijk zijn geweest de gebruikelijke oriëntalistische stereotypen van stal te halen, en dat gebeurde ook wel, maar dit keer was er ook iets anders. Er waren tevens berichten over de door ISIS georganiseerde plunderingen en verwoestingen van cultureel erfgoed. Toen ik Irak in oktober bezocht, waren die niet te missen.

Plundering

Eerst een kanttekening. Er zijn inderdaad plunderingen geweest en er zijn inderdaad antiquiteiten verkocht. Het was makkelijk. Er bestond immers al een door de autoriteiten gedoogd handelsnetwerk voor illegaal verworven oudheden. De westerse landen waren niet alleen grootafnemers, ze faciliteerden de zwarte handel ook met enerzijds een financiële structuur om belasting te ontwijken en geld wit te wassen en anderzijds academici die heling goedpraatten (meer).

Hoewel ISIS van dit alles heeft geprofiteerd, is dat niet het hele verhaal. Van de best-gedocumenteerde plundering, Apamea in Syrië, staat vast dat het reguliere leger de plundering uitvoerde. Elders waren het arme Syriërs en Iraki’s die van het machtsvacuüm profiteerden om schatten te zoeken. Die hebben ze vermoedelijk niet gevonden. Ze zijn althans nog niet aangeboden. Tot zover plundering.

Foto: Hunebed D15 bij Loon

Kunst op Zondag | De hunebedden

ACHTERGROND - Een tijdje geleden fietste ik van Groningen naar Assen en passeerde ik een hunebed. Het stond daar gewoon in het landschap, stil en onverstoorbaar. Er ging iets sereens van uit. Dit was iets dat er al eeuwen, millennia was, even vanzelfsprekend als het opkomen van de zon of de wisseling van de seizoenen. Het monument was op een wonderlijke manier aantrekkelijk.

Ik besloot dat ik álle tweeënvijftig Drentse en twee Groningse hunebedden wilde bekijken en dat heb ik in de afgelopen maanden, als er geen lockdowns waren, ook gedaan. Voor wie meer wil weten zijn er ook musea, zoals het Drents Museum in Assen, het Muzeeaquarium in Delfzijl en het Hunebeddencentrum in Borger.

Hunebed D42 bij Emmen

Trechterbekercultuur

De hunebedden zijn gebouwd tussen pakweg 3350 en 2750 v.Chr. v.Chr. door mensen die behoren tot wat archeologen aanduiden als de Trechterbekercultuur. Die is genoemd naar het aardewerk, dat een vrij karakteristieke vorm heeft.

Twee trechterbekers (Muzeeaquarium Delfzijl)

De Trechterbekermensen waren geen jagers en verzamelaars meer maar landbouwers. Hieronder is een reconstructie van een boerderij.

Reconstructie van een trechterbekerboerderij met spijker (Hunebeddencentrum, Borger)

Hoewel op de Balkan al koper en goud werd bewerkt en in het Middellandse Zee-gebied de Bronstijd op het punt stond te beginnen, gebruikten de mensen in de Lage Landen nog stenen voorwerpen. Deze messen zijn opgegraven in Elp.

Foto: copyright ok. Gecheckt 10-03-2022

Het Gents Universiteitsmuseum

RECENSIE - Er zijn musea die hun deuren konden openen onder gunstiger omstandigheden dan het Gents Universiteitsmuseum. Het ontvangt zijn bezoekers namelijk sinds afgelopen oktober, het begin van de tweede coronagolf. Je gunt de instelling een gelukkiger debuut, want het is een droom van een museum.

Het uitleggen van wetenschap is óók een wetenschap. Het is bijvoorbeeld bekend dat een voorlichter niet volstaan mag met populariseren. Immers, juist degenen die belangstelling ontwikkelen, raken gefrustreerd als ze slechts wat conclusies toegeworpen krijgen en niet kunnen ontdekken hoe we weten wat we weten.

Achttiende-eeuwse uitleg over het plantenrijk, inclusief paddenstoelen (Gents Universiteitsmuseum)

Twijfel

Een oud advies luidt daarom om ook methoden uit te leggen en het wetenschappelijk proces te tonen. Concreter geformuleerd: laat mensen zien dat wetenschap twijfel is. Toon als wetenschapper in het publiek de onzekerheid waarmee je in het lab overlegt met je collega’s.

Dit is ook wat het Gents Universiteitsmuseum wil. Als “museum van de twijfel” stelt het zeven thema’s centraal: het ontdekken van patronen in chaos, het twijfelen, het meten, het modelleren, de verbeelding, het delen van kennis en het netwerk van geleerden. Heel sterk is daarbij dat de informatie op minstens vier niveaus wordt ontsloten: panelen die de thema’s introduceren, tafels waarin het wordt uitgewerkt, vitrines vol voorwerpen en uiteindelijk tablets met informatie per voorwerp. De bezoeker kan zo diep gaan als hij wil.

Foto: Straatprotest in Beiroet (2019) Eigen foto Jona Lendering

Beiroet, één jaar later

ACHTERGROND - Als we de twee atoombommen op Japan buiten beschouwing laten, was de grootste ontploffing die ooit in een stad heeft plaatsgevonden de explosie die vorig jaar op 4 augustus aan het einde van de middag plaatsvond in Beiroet. Ze kostte 214 of 218 mensen het leven, verwondde ruim 7500 mensen, maakte 300.000 mensen dakloos, beschadigde talloze huizen en was tot op Cyprus te voelen. Tot op heden is niemand veroordeeld, is niemand berecht, is niemand gearresteerd. Toen onderzoeksrechter Fadi Sawan enkele voormalige ministers opriep voor verhoor, werd hij prompt van zijn taak ontheven.

Geen enkele minister heeft excuus gemaakt voor het krankzinnige gegeven dat er midden in een stad honderden tonnen ammoniumnitraat kon liggen opgeslagen. Nou ja, eigenlijk is het uitblijven van excuus zo vreemd niet. Politici die de straat op zouden zijn gegaan, waren hun leven niet zeker, want elke Libanees weet wie verantwoordelijk is: een bestuurlijke klasse die het land al jaren in gijzeling houdt.

De bestuurlijke crisis

Toevallig was ik een kleine twee jaar geleden in Beiroet op de dag dat de protesten oncontroleerbaar werden. Brandende autobanden en andere versperringen op de weg naar het vliegveld. De Libanezen pikten het niet langer. Even leken de demonstranten, waarin alle Libanese bevolkingsgroepen verenigd waren, succes te hebben, maar de repressie was gewelddadig. Daarna kwam de corona.

Volgende