Joost

2.801 Artikelen
2.839 Waanlinks
25.607 Reacties
Achtergrond: Kordite (cc)
Technisch opperhoofd en voorzitter van Sargasso, wat in de praktijk betekent dat hij nog geen zak te zeggen heeft :).

Developt (?) zich in het dagelijks leven het ongans en heeft veel te veel ideeën om uit te voeren. Daarom helpt Chad (zie boven) hem tegenwoordig vaak een handje zodat er toch nog af en toe een stukje verschijnt.

Tata had de vinger niet aan de Pols

(Bewerk) Tata Steel dacht met Donald Pols een mooie groene laklaag binnen te halen: ex-Milieudefensie, en meteen directeur duurzaamheid én communicatie, zodat de giftige rookpluim voortaan netjes in een persbericht kon worden weggepoetst. Zijn eigen milieuclub nam per direct afstand van hem toen hij bij een van de grootste vervuilers van Nederland aanschoof, maar die groene geloofwaardigheid was natuurlijk het hele verkoopargument. De laklaag bladderde dus al vóór dag één. Een milieuactivist inhuren als luchtverfrisser voor de hoogovens, dat kan bijna niet goed gaan.

Foto: "Israel - Boycott, divest, sanction" by John Englart (Takver) is licensed under CC BY-SA 2.0

Israël: Sancties voor de figuranten

(Bewerk) Wanneer een staat zich schuldig maakt aan mensenrechtenschendingen, bezetting of annexatie, richten sancties en diplomatieke druk zich doorgaans op die staat. Op de regering. Op de instituties die het beleid uitvoeren. Op de organisaties die ervoor zorgen dat het beleid iedere dag opnieuw werkelijkheid wordt.

Behalve bij Israël, een land dat bezig is een genocide te plegen. Daar krijgen we sancties tegen een paar kolonisten op de Westelijke Jordaanoever. Af en toe tegen een individuele minister. Soms tegen een specifieke organisatie. Alsof de bezetting en genocide het resultaat zijn van een verzameling losse incidenten. Alsof er geen regering bestaat die al decennia hetzelfde beleid voert.

Neem de kolonisten. Die worden vaak gepresenteerd als extremisten die de situatie verder op scherp zetten. Dat beeld heeft één groot probleem: kolonisten kunnen alleen bestaan en doen wat ze doen dankzij actieve steun van de Israëlische staat. Nederzettingen verschijnen niet spontaan. Er zijn wegen nodig, militaire bescherming, vergunningen, subsidies, juridische constructies, landonteigeningen en politieke dekking. Het leger bewaakt de nederzettingen. De overheid financiert infrastructuur. Rechters en ambtenaren leveren de juridische legitimatie.

De kolonist is geen uitzondering op het systeem. De kolonist ís het systeem. Sancties tegen hen zijn zinloos zolang er een regime zit dat maar al te graag meewerkt om die zo min mogelijk impact te laten hebben.

Foto: "Trump" by Cowgirl111 is licensed under CC BY-NC-SA 2.0

Weet iemand nog waar de VS mee bezig zijn?

De Verenigde Staten lijken de afgelopen maanden buitenlandse politiek te bedrijven alsof iemand halverwege een potje Risk telkens het bord omgooit. Eerst onderhandelingen met Iran. Dan signalen dat een deal “nog steeds mogelijk” is. Vervolgens weer aanvallen. Daarna opnieuw diplomatieke taal. Ondertussen stijgen olie- en gasprijzen zodra Washington besluit ergens een raket op af te sturen.

Wie probeert hier eigenlijk nog een lijn in te ontdekken?

Het klassieke beeld van de VS was ooit dat van een cynische, imperialistische grootmacht met tenminste een strategische doctrine. Die doctrine kon verwerpelijk zijn, desastreus zelfs, denk aan Irak, Vietnam of talloze staatsgrepen, alleen er zat doorgaans een herkenbare logica achter. Bondgenoten werden beschermd, vijanden – echte of bedachte – geïsoleerd, markten bewaakt, invloedssferen afgebakend. De wereld wist ongeveer waar Washington stond, ook wanneer dat standpunt neerkwam op: wij bepalen de regels.

Dat beeld valt inmiddels hard uit elkaar. Onder Trump is buitenlandse politiek steeds meer gaan lijken op een reeks losse impulsen, gestuurd door verkiezingsdruk, mediacycli, persoonlijke profilering en de behoefte om voortdurend kracht uit te stralen. Onderhandelingen ogen als tijdelijke tussenstations. Diplomatie functioneert vooral als decor tussen escalaties door. Zelfs eigen ministers lijken geregeld pas via de televisie te ontdekken welke koers Trump die ochtend heeft gekozen. Bondgenoten inlichten lijkt optioneel geworden, ook wanneer besluiten hen direct raken of wanneer tegelijk verwacht wordt dat ze loyaal meebewegen.

Foto: NASA, publiek domein

Artemis II en de illusie dat uitleg nog helpt

Sommige mensen dachten dat de maanmissie Artemis II voor Flat Earthers een eyeopener zou worden. Vier astronauten vlogen rond de maan, verder van de aarde dan de mens ooit geweest is. De missie werd live gevolgd, onafhankelijk gemonitord en leverde een continue stroom aan beelden en data op. Toch veranderde het internet vrijwel direct in een realtime complotmachine.

Livestreams werden frame voor frame uitgeplozen op TikTok, Reddit, YouTube en X. Compressiefouten, reflecties en overlayproblemen veranderden binnen minuten in “bewijs” dat NASA alles in een studio had opgenomen. Een zwevend knuffelbeest in de Orion-capsule dat kort visuele artefacten vertoonde, groeide online uit tot vermeend greenscreenbewijs. Factcheckers moesten uitleggen dat het probleem ontstond in een tv-uitzending en niet in NASA’s originele beelden.  Ondertussen gingen AI-gegenereerde nepbeelden van Artemis II viraal, waarna dezelfde accounts die NASA beschuldigden die vervalsingen weer gebruikten als bewijs dat NASA met CGI werkt.

Dat maakt Flat Earth interessanter dan alleen een bizarre nichegemeenschap. De beweging functioneert steeds meer als een uitvergrote versie van bredere (internet)mechanismen: wantrouwen richting instituties, algoritmes die emotie belonen en online ecosystemen die complete alternatieve werkelijkheden bouwen rond identiteit en verontwaardiging.

Hetzelfde patroon zie je terug bij klimaatontkenning en radicale anti-immigratieprotesten. Niet een gebrek aan informatie vormt het probleem, maar een overdaad aan selectief gebruikte informatie. Voor vrijwel ieder onderwerp bestaat inmiddels een parallel circuit van influencers en complotters die uitleggen waarom officiële cijfers, wetenschappelijke conclusies of journalistieke verslaggeving verdacht zouden zijn.

Foto: WenPhotos on Pixabay

Polarisatie als probleem, onrecht als bijzaak

Er bestaat een heel genre aan schrijfsels waarin polarisatie wordt behandeld als een probleem van toon, empathie en sociale omgangsvormen. De conflicten zelf verdwijnen daarin naar de achtergrond. Deze column is daar een goed voorbeeld van. Het stuk presenteert zichzelf als een pleidooi voor nuance en het hervinden van ‘het echte gesprek’, maar schuift daardoor al snel van inhoud naar omgangsvormen, alsof maatschappelijke tegenstellingen vooral ontstaan doordat mensen niet aardig genoeg met elkaar praten.

Dat begint al in de openingsscène. De zoon die over Gaza begint wordt neergezet als emotioneel, absolutistisch en sociaal agressief: “Het zijn gewoon de feiten, en wie dat niet wil zien, die bestaat voor mij niet.” Opvallend genoeg is dat soort taal, en vooral dat dramatische “bestaat niet voor mij”, een positie die ik buiten columns als deze eigenlijk nooit tegenkom. Het voelt vooral toegevoegd om het standpunt radicaler en onredelijker te laten klinken. Daar tegenover staat een uitspraak die inmiddels juist overal te horen is: “Begin bij 7 oktober. Jullie laten je inpakken door Hamas-fakenieuws.” Toch behandelt de column beide reacties als equivalent bewijs van ontsporende polarisatie. Daarna positioneert de auteur zichzelf erboven, als degene die ziet hoe “beide kanten” ontsporen en reflecteert op zichzelf. Dat is een bekende journalistieke reflex: het redelijke midden claimen. Alleen is dat midden zelden neutraal.

Foto: Katie Moum on Unsplash

De ‘asielcrisis’ als electoraal businessmodel

De Nederlandse asielopvang functioneert inmiddels als een ellende-carrousel. Eerst wordt de structurele opvangcapaciteit afgebouwd, vertraagd of bewust krap gehouden. Vervolgens ontstaat er “plotseling” een crisis. Gemeenten raken overbelast, Ter Apel loopt vast, mensen slapen buiten, het COA moet in paniek noodopvang regelen, en de overheid betaalt vervolgens astronomische bedragen voor hotelkamers, cruiseschepen, sporthallen en commerciële tussenoplossingen. Daarna volgt politieke verontwaardiging over “de onbeheersbare instroom”.

Dat patroon is inmiddels zo consistent dat het moeilijk nog als falen alleen te zien valt. Het begint verdacht veel op een systeem te lijken.

Nederland weet namelijk vrij goed hoeveel opvangplekken er gemiddeld nodig zijn. Toch wordt opvangcapaciteit politiek en bestuurlijk nog steeds behandeld alsof ieder leeg bed een vorm van verspilling is die zo snel mogelijk moet verdwijnen. Iedere tijdelijke daling in bezetting leidt vrijwel onmiddellijk tot afschaling, sluiting of uitstel van investeringen. Asielmigratie fluctueert, alleen die fluctuaties zijn geen onbekend natuurverschijnsel. Toch wordt opvangcapaciteit keer op keer ingericht alsof iedere stijging uit de lucht komt vallen. Structurele locaties verdwijnen zodra de druk even afneemt, langetermijninvesteringen worden uitgesteld, gemeenten krijgen onvoldoende ondersteuning en spreidingsbeleid wordt politiek opgeblazen tot nationale crisis.

Het gevolg laat zich raden: zodra de aantallen weer stijgen, ontstaat er onmiddellijk schaarste. En schaarste kost geld. Heel veel geld.

Israël: De oorlog komt altijd thuis

Een samenleving die decennialang leeft met bezetting, permanente oorlog en het normaliseren van extreem geweld, houdt dat geweld zelden netjes binnen de grenzen van het slagveld. Dat geldt voor grootmachten, koloniale regimes en staten die zichzelf permanent in een existentiële oorlogstoestand plaatsen. Israël vormt daarop geen uitzondering.

Wie generaties lang leert dat geweld een legitiem antwoord is op politieke problemen, importeert uiteindelijk dat wereldbeeld in de eigen samenleving. De grens tussen “veiligheid” en militarisering vervaagt. De grens tussen burger en vijand eveneens. En zodra een staat burgers conditioneert om permanent in termen van dreiging, zuivering en vergelding te denken, blijft dat denken zelden beperkt tot Gaza, Libanon of de Westelijke Jordaanoever.

De Verenigde Staten zagen dat na Vietnam. Politiecorpsen werden in toenemende mate gevuld met veteranen die waren getraind voor oorlogssituaties, terwijl de bredere cultuur van “warfare policing” zich steeds verder ontwikkelde. De militarisering van de politie kreeg een enorme impuls. Protesten werden behandeld als opstanden. Wijken als vijandig gebied. Zelfs taal veranderde: agenten werden “warriors”, burgers “targets” of “threat environments”. Onderzoekers en historici beschrijven al jaren hoe militaire logica langzaam het civiele domein binnendrong.

Dat proces begon overigens al eerder, maar oorlogen als Vietnam versterkten het aanzienlijk. Amerikaanse politieadviseurs die actief waren geweest in Vietnam namen tactieken, denkwijzen en trainingsmodellen mee terug naar binnenlandse politiekorpsen. Sommige betrokkenen bij repressieve operaties in Vietnam doken later weer op binnen Amerikaanse veiligheidsstructuren.

The Late Show gestopt

De stekker is uit The Late Show, de show waar Stephen Colbert een niet aflatende stroom van in humor verpakte kritiek op de regering van Trump losliet. Officieel vanwege geld, dalende reclame-inkomsten en een veranderd medialandschap. Dat klinkt ook meteen een stuk netter dan: “de president werd er boos van”. CBS benadrukt uiteraard dat politiek er niets mee te maken heeft. Toevallig gebeurde het wel vlak nadat Colbert kritiek had op Paramounts schikking met Trump. Toevallig moest er ook nog een fusie langs toezichthouders, die in Trunmps zak zitten. Toevallig vierde Trump daarna publiekelijk feest. Heel veel toeval dus.

Foto: Jm Yan on Unsplash

Waanzin als beleid: de eeuwige herhaling van mislukt rechts beleid

“De definitie van waanzin is steeds hetzelfde doen en een ander resultaat verwachten.” Het citaat wordt vaak aan Einstein toegeschreven, ten onrechte. Maar de observatie blijft staan. Wie beleid analyseert dat al decennia wordt herhaald, ziet een patroon dat weinig met ratio te maken heeft en veel met ideologie.

Neem belastingverlaging voor bedrijven en vermogenden. Het verhaal is bekend: lagere lasten leiden tot meer investeringen, hogere lonen en uiteindelijk brede welvaart. De praktijk vertelt een ander verhaal. Sinds de jaren tachtig zijn in vrijwel alle westerse landen de hoogste tarieven structureel verlaagd. De investeringen bleven achter, de lonen vlakten af, de vermogensongelijkheid groeide. Trickle-down bleef wat het altijd was: een belofte.

Deregulering van financiële markten volgt dezelfde logica. Minder regels zouden innovatie en efficiëntie brengen. Wat volgde was een reeks crises, met 2008 als dieptepunt. Banken namen risico’s die uiteindelijk publiek werden afgewenteld. De reactie: tijdelijke aanscherping, gevolgd door versoepeling zodra de druk wegviel. De cyclus herhaalt zich, met dezelfde argumenten.

Hetzelfde geldt voor flexibilisering van de arbeidsmarkt, gepresenteerd als motor van dynamiek en werkgelegenheid. Wat ontstond is een groeiende groep werkenden zonder zekerheid, met lagere inkomens en zonder onderhandelingsmacht. De beloofde doorstroom naar vaste banen blijft uit. Het antwoord op deze uitkomst is opvallend genoeg: meer flexibilisering. Alsof de vorige ronde slechts half af was.

Foto: Amy Syiek on Unsplash

Piratenstaat Israël, en Nederland blijft stil

Israël enterde opnieuw schepen in internationale wateren. Ditmaal ging het om de Global Sumud Flotilla, een vloot met activisten en hulpgoederen op weg naar Gaza, waaronder ook Nederlandse opvarenden. De onderschepping gebeurde honderden kilometers van Gaza vandaan, nabij Cyprus en Kreta.

Dat laatste is juridisch relevant. Een staat mag namelijk niet willekeurig schepen op volle zee enteren. Israël beroept zich al jaren op de blokkade van Gaza. In het internationaal oorlogsrecht bestaat inderdaad een beperkte mogelijkheid om een maritieme blokkade af te dwingen buiten territoriale wateren. Alleen zit daar een cruciale voorwaarde aan: die blokkade moet zelf rechtmatig zijn.

Update: De extreem-rechtse minister Ben-Gevir heeft op social media beelden gedeeld van de behandeling (lees: mishandeling) van de activisten. Ondertussen geeft onze minister van Buitenlandse Zaken oorlogsmisdadiger Netanyahu een complimentje. Inmiddels is de Israëlische ambassadeur wel ontboden, maar pas nadat bleek dat de activisten werden mishandeld.

Tot een paar jaar geleden hield dat juridische en diplomatieke verhaal ook nog soort van stand. Alleen vooral omdat Israël voor het Westen nu eenmaal een bondgenoot is. Bondgenoten krijgen traditioneel meer ruimte binnen het internationale recht, zeker wanneer hun tegenstanders gemakkelijk als terroristen of schurkenstaten kunnen worden weggezet. Zolang de humanitaire gevolgen nog enigszins abstract bleven en westerse regeringen bereid waren weg te kijken, konden veel van Israëls acties nog worden verpakt als harde maar legitieme veiligheidspolitiek.

Foto: Frank Okay on Unsplash

De NPO moet juist uit botsende belangen bestaan

Volgens de commissie-Lenferink heeft de NPO te veel kapiteins, te veel deelbelangen en een te complexe structuur. Omroepen werken langs elkaar heen, bestuurders trekken aan hun eigen belang, sociale onveiligheid wordt onvoldoende aangepakt en de werkwijze van Ongehoord Nederland tast volgens de commissie de betrouwbaarheid van de publieke omroep aan.

En daar zit een interessante spanning. Want vrijwel alles wat het rapport beschrijft als bestuurlijk probleem, was ooit juist onderdeel van het ontwerp. De Nederlandse publieke omroep is historisch gebouwd als een gecontroleerde chaos van botsende belangen, stromingen, ideologieën en maatschappelijke zuilen. Katholieken, protestanten, socialisten, liberalen, jongerenomroepen, religieuze clubs, regionale geluiden en experimentele makers moesten allemaal een plek krijgen binnen hetzelfde publieke bestel. Juist omdat men wist dat media nooit neutraal zijn.

Dat systeem levert vanzelf frictie op. Omroepen concurreren met elkaar. Bestuurders trekken aan hun eigen belangen. Journalisten botsen over normen, toon en inhoud. Sommige clubs gedragen zich irritant, opportunistisch of activistisch. Dat hoort bijna onvermijdelijk bij een bestel dat pluriformiteit serieus neemt.

Het probleem is alleen dat pluriformiteit slecht past binnen modern rendementsdenken. De afgelopen jaren werd de NPO steeds sterker afgerekend op efficiency, bereik, bestuurbaarheid en meetbare “publieke waarde”. En precies daardoor leest het rapport ook minder als een neutrale analyse, en meer als de bestuurlijke opmaat voor een volgende centralisatieslag en bezuinigingsronde. Eerst wordt vastgesteld dat het bestel versnipperd, inefficiënt en vol conflicten is. Daarna volgt vanzelf de conclusie dat er meer centrale regie nodig is.

Foto: Markus Spiske on Unsplash

Haatzaaien en OM: Nog een uitzondering?

Eerder deze week schreven we al over het besluit van het OM om Geert Wilders niet te vervolgen vanwege een racistische campagneafbeelding. De kern daarvan was simpel: racisme lijkt in Nederland steeds minder strafbaar zodra het een politiek nut dient. Politieke context fungeert steeds vaker als beschermlaag waarachter uitspraken verdwijnen die buiten de Haagse arena grote problemen zouden opleveren.

De aangifte tegen PVV-Kamerlid Gidi Markuszower legt daar nu een veel ernstiger vraag naast. Markuszower stelde dat Palestijnen “misschien met nog meer geweld dan waar ze vandaan komen” tegengehouden moeten worden, en wat hem betreft in Gaza mogen “verpieteren”. Dat is geen abstract frame meer, geen “kritiek op immigratie”, geen debat over integratie of grenzen. Hier komt expliciet geweld in beeld. Niet als verspreking, maar als politiek taalgebruik richting een compleet volk.

En precies daarom zou niet-vervolgen hier een fundamenteel kantelpunt zijn.

Het Nederlandse recht kent bewust hoge drempels rond politieke uitingen. Alleen bestaat die bescherming uiteindelijk bij de gratie van één impliciete grens: dat politici geen vrijbrief krijgen om groepen structureel te ontmenselijken of geweld tegen hen te legitimeren. Als zelfs dit juridisch irrelevant blijkt zodra een Kamerlid het zegt, blijft er inhoudelijk nauwelijks nog een grens over.

Volgende