Interview met Rolf Strootman – Het Perzische Rijk als sociaal netwerk

Het Perzische Rijk (550-330 v. Chr.) was de eerste grootmacht die erin slaagde van het Midden-Oosten een politieke eenheid te maken. De Perzen verenigden tientallen volken onder hun gezag en zorgden zo voor een langdurige vrede. Onder het Perzische gezag bloeide de langeafstandshandel en kwamen verschillende culturen met elkaar in contact. De vraag hoe dit Perzische Rijk tot stand kwam en hoe het zich als politieke eenheid heeft weten te handhaven blijft tot op heden onbeantwoord. Deze week een interview Rolf Strootman, die onderzoek doet naar de rol van sociale netwerken en handelsroutes in het functioneren van het Perzische Rijk.

Door: Foto: Verloren Oudheid

De koning en de Gouden Koets

We gaan niet de geschiedenis herschrijven met restauratie dus hij is gewoon eheheh gerestaureerd ehe ehe dat ie weer in z’n oude glorie hersteld is. En er wordt een discussie gevoerd en ik vind het mooie van luisteren dat je niks hoeft te zeggen.

Koning Willem Alexander op het achtuurjournaal op prinsjesdag. De ehehe’s heb ik er niet bij verzonnen en ik vind ze in dit geval wel van gevoeligheid getuigen. Er wordt weleens gezegd dat de koning te ver van de bevolking af staat. En natuurlijk is dat zo, hij is tenslotte koning! Maar dat wil niet zeggen dat hij sentimenten onder de bevolking niet waarneemt. Uit zijn weifelende spreken blijkt ook dat hij hier zelf geen uitgesproken mening over heeft.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Verloren Oudheid

Verloren Oudheid | Het Mesopotamische koningsideaal

COLUMN - Wanneer de gerechtigheid opzij geschoven is, wat zijn koninkrijken anders dan grote roversbenden? En wat is een roversbende anders dan zo’n koninkrijk in het klein?

Augustinus, De Civitate Dei IV, 4

Dit citaat van Augustinus illustreert mooi de paradox van een geweldsmonopolie: om te voorkomen dat mensen elkaar geweld aandoen is een staatsapparaat nodig dat het recht heeft om – indien nodig – met geweld op te treden tegen geweldplegers. Dit roept echter de vraag op waar een staat dit recht op baseert. Een staat die naar willekeur handelt verschilt inderdaad weinig van een grote roversbende.

Priesterkoning (ensi) van Uruk. Pergamonmuseum, Berlijn.

Priesterkoning (ensi) van Uruk.
Pergamonmuseum, Berlijn.

Soemerische oorsprong van het koningschap
De oude Soemeriërs waren zich al bewust van dit probleem. In het vierde millennium voor Christus kwamen daar de eerste steden op. Nu tienduizenden mensen bij elkaar leefden – de stad Uruk had ruim 40.000 inwoners – was er behoefte aan één man die als een goede herder de boel bij elkaar kon houden. Deze herder vond men in de ensi (hogepriester), die bemiddelde tussen het volk en de beschermgod van de stad. Omdat hij een speciaal lijntje had met de goden, had hij het mandaat om belastingen te eisen en recht te spreken. Alleen het aanvoeren van de legers liet hij over aan een lugal (grote man).

Met de voortdurende dreiging van oorlog nam in het derde millennium voor Christus de macht van de lugals toe. Na verloop van tijd gingen zij ook de ceremoniële en gerechtelijke taken van de ensi overnemen. In het derde millennium was de stad Nippoer – een religieus centrum dat door alle Soemeriërs werd gerespecteerd – erg belangrijk. De lugal die over Nippoer heerste en de tempel van de god Enlil beschermde werd beschouwd als de enige ware afgezant van de goden, die ‘het koningschap’ bezat. ‘Het koningschap’ wordt in de Soemerische koningslijst omschreven als een geschenk van de goden dat uit de hemel was neergedaald en dat maar door één persoon tegelijk kon worden bezeten.

Foto: Domenico (cc)

Sint Mandela

COLUMN - 2013 loopt op zijn eind, en Oud Zeikwijf maakt de balans op.

Hoe ik ook mijn best doe om mij al het andere te herinneren, bij het noemen van 2013 verschijnt Mandela in neonlicht op mijn visuele cortex.

Weg knus Nederland-Ruslandjaar, over-the-top kroning – pardon, inhuldiging (we mogen geen kroning zeggen uit angst voor lelijke alliteraties, ‘de kroning van de Koning’) – van onze kersverse Koning, waarbij de kersverse Koningin er bewijs van gaf tenminste twee hoedanigheden van de Nederlander overgenomen te hebben: slechte kledingsmaak, door een jurk te dragen in het lelijkste KLM-blauw dat ze kon vinden; en ongevoeligheid voor waterkou, door uren op een boot te dobberen in de ijskoude noordenwind, slechts gekleed in een flinterdunne japon.

België werd acuut snertjaloers op de over-the-top kroning die we lekker wel konden betalen en moest per se ook een nieuwe Koning dus zo geschiedde, maar dan met een lelijke Koningin en een nog lelijkere Koning, en in low key (arme, arme Belgen). De wél mooie William en Kate kregen een even mooie liefdesbaby (arme, arme Belgen). De grond schudde erger dan ooit, niet in de Filipijnen maar in Groningen, en de verantwoordelijken deden gewoontegetrouw alsof hun neus bloedde. Flats in Bangladesh en omstreken stortten gewoontegetrouw in, een babyplaneet dacht dat de aarde zijn mammie was en spoedde naar huis maar miste op een haar na haar welkomstknuffel. Good old Chávez ging dood, good old Friso ging dood. De christelijke medemens kreeg eindelijk een toffe peer van een Paus die achter de paarse gordijnen kusjes gaf aan elke loser op wie hij de hand kon leggen, en die, toeval of niet, Argentijn bleek te zijn (de paus, niet de loser), net als onze kersverse Koningin (die, het moet gezegd, geen losers kust achter de gordijnen, voor zover we weten).

Bestel je boeken bij Bazarow

Bazarow is een verkopende boekensite, waar je ook recensies, nieuws, een agenda en een digitaal magazine kan vinden. Nog niet alles is af, maar veel boeken zijn al te vinden en er komt de komende maanden steeds meer bij.

Het doel van Bazarow is om een site te vormen die evenveel gemak biedt als de online giganten maar die wél teruggeeft aan de boekensector. Tegen roofkapitalisme, en voor teruggeefkapitalisme, bijvoorbeeld door te zorgen dat een flink deel van de opbrengst terug naar de sector gaat en door boekhandels te steunen.

Foto: Swiss Pavilion (cc)

De koning kan niet authentiek zijn

ANALYSE - Volgens Willem-Alexander is ‘de belangrijkste les’ voor zijn koningschap om ‘authentiek’ en ‘jezelf’ te zijn. Maar een authentieke koning is praktisch onmogelijk. Willem-Alexander kan wel stellen dat hij ‘geen nummer’ is, maar het is precies doordat hij wél een nummer is dat hij koning mag en kan zijn.

Het televisie-interview met Willem-Alexander en Máxima van 17 april is exemplarisch voor de manier waarop er in Nederland over het huidige koningschap wordt gesproken, ook door de koninklijke familie zelf. Op de vraag welke implicaties de troonswisseling heeft voor de te gebruiken toon als koning (‘afstandelijk’ of ‘volkser’), geeft Willem-Alexander een relativerend antwoord: de toon is contextafhankelijk. De toon gebruikt de toekomstige koning als aanleiding om het domein buiten de functie aan te kaarten: ‘Je bent een koning, maar ook een mens. Je hebt ook emoties en gevoelens. Soms moet je die ook uiten, anders dan kan je niet echt jezelf zijn. Het belangrijkste is dat je authentiek blijft. Als je niet authentiek bent, dan kan je het in zo een nieuwe functie niet goed volbrengen.’ Máxima beaamt de authenticiteit van haar echtgenoot door te wijzen op de continuïteit van zijn persoonlijkheid (‘hij is zoals hij altijd is geweest, dat zal niet veranderen’) en op zijn gewoonheid (‘staat dicht bij de mensen’).

Foto: Gerard Stolk (cc)

Inhuldiging: wat vinden we ervan?

OPEN DRAAD - Het is zover! Het moment waar we sinds 28 januari naar toe leven: onze nieuwe koning wordt ingehuldigd! Inhuldiging, ja, geen kroning. Hij krijgt immers geen kroontje op zijn hoofd (hoewel, kroontje, het ding schijnt zo groot te zijn dat-ie over Wim-Lex’ oren zou zakken), maar wordt ingehuldigd in de Amsterdamse Nieuwe Kerk.

Het gaat eigenlijk al weken nergens anders over (van parlementariërs die de eed niet gaan afleggen tot talloze Oranje-gerelateerde reclames tot dat onderwerp waar we het niet meer over willen hebben) en Amsterdam ligt volkomen op zijn gat.

Daarom installeert de redactie zich lekker achter de teevee, kijkt ze daar naar het hele circus, en geeft ze de vloer aan u. Wat vinden we ervan? Een open draad voor al uw discussies over republiek versus monarchie, het hoedje van koningin prinses Beatrix, en Willem-Alexander’s onwil/onvermogen een baard te laten staan.

 

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Foto: FaceMePLS (cc)

Het Koningslied is een populistisch lied

ANALYSE - Bent u al aan het oefenen op het nieuwe ‘Koningslied’ dat we op 30 april allemaal moeten gaan zingen? Er valt enorm veel uit te leren over wat het Nederlanderschap aan het begin van de 21ste eeuw betekent.

Muzikaal is het een allegaartje dat de laatste jaren steeds uit de kast wordt gehaald als de nationale eenheid benadrukt moet worden: een zoete melodie die doet herinneren aan musicals en dan wat rap erdoorheen, omdat dit iets moet zijn voor jongeren en multiculturaliteit. Al een jaar of twintig is rap de jongerenmuziek bij uitstek, bij sommige van de rappers die je hoort in het Koningslied zijn de eerste grijze haren al een paar jaar geleden weggespoeld.

Maar het gaat mij natuurlijk om de tekst. Die is een schatkamer van modern Nederlanderschap.
Populisme is een politieke stijl die claimt dat ‘het volk’ een eenheid is dat één belang heeft en één mening. Dat belang en die mening staan tegenover het gedrag van de elite, maar er is één leider die precies samenvalt met het volk. In die zin is het Koningslied een populistisch lied.

Er zijn verwijzingen naar allerlei eerdere liederen die de volksaard moesten uitdrukken, van het Wilhelmus (‘De W van welkom in ons midden / Tot welke God je ook moge bidden’) via de Zilverenvloot (‘En hoe klein we ook zijn / Onze daden zijn groot ‘), De Genestets Boutade, André Hazes’ Wij houden van Oranje (‘Heel Oranje staat zij aan zij‘) tot en met Vijftien miljoen mensen (‘Miljoenen coaches die beter weten’).

Foto: Kees de Vos (cc)

Willemstreepjealexander

COLUMN - Willem-Alexander. Hij was jong toen ik jong was. Hij studeerde in Leiden. Wij, zijn generatiegenoten uit de culturele onderbuik van Amsterdam, vonden hem zo’n typische corpsbal. Hij datete met Emily Bremers, ook zo’n kleurloze corpsbal, getver. Je praatte er niet over. Hij was te min. Hij was dommig en dikkig, met zo’n fletse aardappelgezicht. We schaamden ons voor hem. Beatrix, iedereen was hartstikke links dus tegen haar en wat ze voorstelde, maar ons schámen voor haar? Never. Ze was een dijk van een koningin. Daar kon je mee voor de dag komen. Hoe kon zo’n briljante persoonlijkheid zo’n debielig zoontje hebben geworpen? Lijken op zijn pa deed hij evenmin, die goeie ouwe Claus – God hebbe zijn ziel. Ook niet op zijn oma, die alomgeliefde Juul, of, Allah oeh ekber, zijn opa, die de boel aan alle kanten magistraal had weten te fletsen flessen.

Willem-Alexander sleet dus betrekkelijk onopgemerkt de dagen van zijn volwassenheid in wording. Tot hij op een mooie ochtend in de jaren nul terug kwam uit het verre buitenland met een vakantieliefde aan zijn arm. Die hij patsboem aan het volk presenteerde als zijn toekomstige vrouw. Onze monden vielen open van verbazing. Hoe. Kon. Dat. Een schoonheid! En slim! Gevat! Grappig! Zij was blind, en doof, dat kon niet anders. Maar out of the blue hoorde wij haar opmerken over iets wat haar aanstaande had gezegd: ‘Een beetje dom.’ Ze wíst dus dat W.A stupiede was! En toch trouwde ze met hem. Wij wisten niet meer of wij ons nog harder moesten schamen of dat wij eerbied moesten koesteren voor zijn meesterlijke schaken van de mooiste prinses van deze aardkloot.

Lezen: Mohammed, door Marcel Hulspas

Wie was Mohammed? Wat dreef hem? In deze vlot geschreven biografie beschrijft Marcel Hulspas de carrière van de de Profeet Mohammed. Hoe hij uitgroeide van een eenvoudige lokale ‘waarschuwer’ die de Mekkanen opriep om terug te keren tot het ware geloof, tot een man die zichzelf beschouwde als de nieuwste door God gezonden profeet, vergelijkbaar met Mozes, Jesaja en Jezus.

Mohammed moest Mekka verlaten maar slaagde erin een machtige stammencoalitie bijeen te brengen die, geïnspireerd door het geloof in de ene God (en zijn Profeet) westelijk Arabië veroverde. En na zijn dood stroomden de Arabische legers oost- en noordwaarts, en schiepen een nieuw wereldrijk.

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Foto: Audringje (cc)

Handig vlak voor troonswisseling: grondwetapp

Vlak voor de troonswisseling is er veel gedoe over het al dan niet afleggen van een eed of trouw zweren aan de nieuwe koning. Dan komt juist een handzame app voorbij waar in begrijpelijk Nederlands de grondwetsartikelen staan, met toelichting.

Als republikein interesseert met die troonswisseling weinig. Maar leuke bijkomstigheid is wel dat er een fundamentele discussie ontstaat over wie nou aan wie trouw zweert.
En dat is dan voor mij weer aanleiding om een van mijn oude hobbies op te pakken, grondwetten lezen.

Dan valt gelijk op dat in de grondwet wel staat dat de koning een eed moet afleggen aan de Staten-Generaal en de grondwet (artikel 32 in begrijpelijk Nederlands):

Als er een nieuwe koning is, moet er zo snel mogelijk een openbare vergadering van de Eerste en Tweede Kamer samenkomen. Deze vergadering is in de hoofdstad Amsterdam. In deze vergadering belooft of zweert de Koning dat hij zich aan de Grondwet zal houden. En hij belooft of zweert ook dat hij zijn werk goed zal doen. In de wet staat hoe hij dat moet doen.

Maar dat er niets in de grondwet staat over leden van de Staten-Generaal die bij een troonswisseling opnieuw trouw moeten zweren aan de koning.
Wel staat er iets in de wet (van lagere orde dus) over de exacte verklaringen van de koning en daarna de leden van de Staten-Generaal. En hier wordt het interessant.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Volgende