Het verband tussen suiker en politiek
Het onderscheid tussen links en rechts is ouderwets. Tenminste, dat is wat ik regelmatig hoor. Maar is dat wel zo? Politieke partijen zijn in het algemeen rechtser geworden, lijken meer op elkaar en er verschijnt wel eens een nieuwe speler in de politieke arena. Maar waarom zou het onderscheid tussen links en rechts nu niet meer toe doen? Vergelijk de politiek eens met suiker. Honderd jaar terug hadden we twee smaken: bruine en witte suiker. Daarna kwamen er steeds meer smaken, zoetjes en zoetstoffen en nu hebben we er een heleboel, die allemaal verrassend veel op elkaar lijken. De authentieke smaken bestaan nog wel, alleen produceert niemand die ouderwetse suiker meer. Die smaken vinden we tegenwoordig te overheersend. Te radicaal. Te puur.
Al zijn partijen verrechtst, zijn de verschillen tussen partijen kleiner geworden en komt er wel eens een partijtje bij, de begrippen links en rechts behouden hun bestaansrecht. Zelfs het feit dat er een rechtse beweging is, met een populistisch links standpuntje, doet daar niets aan af. Iedereen heeft wel een idee waar links of rechts ongeveer voor staat. Maar wat is nu de crux? Het cruciale verschil tussen links en rechts is voor mij het achterliggende mensbeeld. In welke mate heeft de mens een eigen vrije wil? In welke mate is iemand zelf verantwoordelijk, en in welke mate moet de overheid verantwoording nemen? Hoe voorkom je criminaliteit? Ligt de nadruk op preventie of juist op harde straffen? Wat is een rechtvaardig belastingstelsel? Rechts gelooft meer in de vrije wil dan links. En aangezien wetenschappers ook verschillend denken over de vrije wil, blijft politiek voorlopig vooral een kwestie van geloven. Geloven in het eigen gelijk en het ongelijk van de ander.
De laatste tijd lijkt politiek alleen nog te bestaan uit een aaneenschakeling van incidenten, personen en de waan van de dag. Dat is best triest.