Geobsedeerd door schoonheid

Mooi zijn heeft alleen maar voordelen. Mooie mensen halen hogere cijfers, zijn minder vaak ziek en worden sneller aangenomen bij sollicitaties. Ook is de spermakwaliteit van mooie mensen beter. Zij zorgen dan ook voor meer nageslacht. Daarnaast worden mooie mensen ook als betere mensen beoordeeld. Nienke Vulink, psychiater en hoofd van de afdeling Angststoornissen van het Academisch Medisch Centrum van de Universiteit van Amsterdam, spreekt in de lezing Geloof, hoop en liefde over uiterlijke schoonheid en body dysmorphic disorder.

Uit onderzoek blijkt dat schoonheid al vanaf jonge leeftijd herkend wordt. Zo kijken baby’s van drie maanden oud significant langer naar mooie gezichten dan naar lelijke. De waarneming van schoonheid is ook te meten in de hersenen door middel van een fMRI-scan. Deze scan maakt de hersenactiviteit zichtbaar door middel van een driedimensionaal beeld. Bij het zien van mooie gezichten is er sprake van hyperactiviteit in het beloningscentrum. Ditzelfde circuit wordt geactiveerd bij het nemen van drugs of het hebben van seks. Schoonheid zorgt dus voor genot. 

Schoonheid en de media

De media spelen een belangrijke rol in het creëren van het hedendaagse zelfbeeld. Schoonheid lijkt wel een obsessie te worden. Zo blijkt uit onderzoek dat drie kwart van de vrouwen na het lezen van een modeblad zichzelf lelijker voelt. Door het kijken naar fotomodellen krijgen zij een negatiever zelfbeeld. Bij blootstelling aan beelden van ‘normale’ modellen is de negatieve zelfwaardering kleiner. Het zou dus helpen als modebladen geen beelden van graatmagere modellen meer opnemen, maar in de plaats daarvan gebruik maken van ‘normale’ schoonheden.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Ongelijkheid doet roesten (3)

De ongelijkheid van kennis en informatie wordt door Google en Internet opgeheven, zo lijkt het op het eerste gezicht. Maar dat is niet zo. Google maakt een profiel, op basis van je zoekgedrag en levert op basis daarvan een persoonlijk antwoord op je vraag. Is dat een bezwaar? Ja, behoorlijk. Google is geen encyclopedie, met een voor iedereen op dezelfde wijze toegankelijke informatieschat. Daarmee worden mensen in hun (beperkte) kennis en opvattingen gesterkt en de confrontatie met afwijkende inzichten vermeden.De egalitaire samenleving, die de sociaal-democratie dichter bij wil brengen, wordt door Google misschien wel niet bevorderd. Google verkoopt geen informatie, geen resultaat op zoekvragen (want die is gelukkig gratis), maar Google verkoopt jouw aandacht, aan adverteerders.

De crisis in de PvdA geeft mijn greep naar hun slogan “spreiding van kennis, macht en inkomen”, een verrassende actualiteit. Wat mij interesseert is wat de geldigheid van die doelstelling nu is en wat de voortgang geweest is. Anders gezegd: hebben we het nog over de wenselijke verhoudingen in de samenleving?  Cohen gaf een impuls aan het “VanWaarde-project”  van de WBS, een poging om oude waarden te moderniseren. Bij uitblijvend resultaat is dit mijn variant daarop.

In mijn vorige post heb ik gepoogd de inkomensongelijkheid te bekijken. Het kabinet Den Uyl betoogde destijds dat de samenleving door nivellering beter af zou zijn. Onderzoek wijst uit dat daarvoor goede gronden zijn aan te voeren. “Het quotiënt van maximum-  en minimuminkomen moest zo klein mogelijk worden.” Deze elegante formulering is van Roel in ’t Veld. (Zeven jaar Paars, p.175) Inmiddels kijken we daar minder “Rijnlands” naar: het Aglo-Amerikaanse model ziet meer in inkomensverschil. Maar het resultaat lijkt niet goed.  In mijn stuk probeer ik, met moderne onderzoeken en inzichten (Wilkinson en Picket) te bezien of inkomensnivellering ook nu goed  zou kunnen werken. (minder zorg, minder criminaliteit, minder obesitas, hogere levensverwachting.)

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Diversiteit werkt op de werkvloer

Binnenkort betreden migranten van de derde generatie de arbeidsmarkt. Afgezien van de vraag tot in welke generatie je nog van migranten kan spreken, is er de kwestie van integratie. Werkt Achmed inmiddels in goede harmonie samen met Piet, Regillio en Cedric of weerspiegelt het ‘fiasco van de multiculturele samenleving’ zich ook in het bedrijfsleven? Een bijdrage van Sabine Otten, hoogleraar Intergroeprelaties en Sociale Integratie aan Rijks Universiteit Groningen.

Kunnen allochtonen en autochtonen zich dankzij twee decennia diversiteitsbeleid met elkaar verstaan op de werkvloer, of worden minderheden nog steeds geconfronteerd met sociale uitsluiting en achterstand?

Voor een antwoord op die vraag deed ik onderzoek onder meer dan tweeduizend zowel allochtone als autochtone werknemers; ongeveer 30 procent was migrant van de eerste of tweede generatie. Mijn aanname was dat de verwachting en feitelijke ervaring van uitsluiting en ongelijke behandeling samen zouden vallen met weinig arbeidsvreugde en dito sociaal vertrouwen. Die hypothese werd in het onderzoek bevestigd.

Een verrassende uitkomst van het onderzoek is dat er ten aanzien van uitsluiting en sociaal vertrouwen niet of nauwelijks verschillen zijn te onderscheiden tussen allochtone en autochtone werknemers. Beide groepen gaven aan dat zij weinig ervaring hebben met onheuse behandeling. Ook lieten beide groepen weten veel vertrouwen te hebben in de arbeidsorganisatie en in hun collega’s en leidinggevenden. Alleen met betrekking tot hun verwachtingen, zijn er verschillen. De allochtone werknemer is vergeleken met zijn autochtone collega minder optimistisch over een behoorlijke behandeling.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

De marsmannetjes komen ons redden

Ze waren kennelijk nog niet “gezond” genoeg, de Marsen. Nadat de fabrikant nog geen anderhalf jaar geleden de hoeveelheid verzadigd vet in het energierijke hapje spectaculair verminderde, is het nu alweer tijd voor de volgende stap in het charme-offensief: begrenzing op slechts 250 calorieën. Nou, daar heb je wat aan. U zegt?

Ah, hoeveel calorieën er dan voorheen in een Mars zaten? Nee, inderdaad, dat zeggen ze er weer niet bij. Daar mogen we zelf achteraan.

Welnu, een Mars woog tot nu toe 51 gram. Bij 448 kcal per 100 g kwam dat dus tot nog toe op… eh… 228,5 calorieën per stuk.

Kijk, dat rekent dan weer géén van die nieuwsmedia die dit persbericht zo gretig overnamen u voor. Dat wordt overgelaten aan die enkele eetschrijver die niet genegen is zaken voor zoete koek te slikken en zélf even de zakjapanner trekt.
De algemeen directeur van de GGD, Laurent de Vries, was in elk geval uit het meer goedgelovige hout gesneden. Hij twitterde op 16 februari enthousiast “Mars stopt met suikerbommen. Dat is toevallig: ik heb vanmiddag een gesprek met Mars: zeer actueel!”.

Zeer actueel en zeer opmerkelijk. Dezelfde De Vries sprak er kort voordien schande van dat Minister Schippers op de thee ging bij de tabakslobby, maar als directeur van de GGD op bezoek bij een snoepfabrikant van wie je de fabeltjes kritiekloos slikt, dat kan natuurlijk best.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Persoonsbewijzen en religie

De recent opgelaaide discussie of religie een reden is om van de wet af te wijken, in dit geval die van de identificatieplicht, is de verkeerde discussie. Het leidt namelijk af van de vraag of de wet in kwestie er überhaupt mag zijn.
Daar zijn verschillende redenen voor.
Allereerst, waarom is de wet er gekomen? Deze kwam er voor verbetering in de bestrijding van de criminaliteit en de rechtshandhaving. Op zich een nobel streven. Maar het enige effect is dat de “rechtshandhaving” is verbeterd omdat ze nu heel veel geld verdienen. Andere effecten zijn nog steeds niet aantoonbaar. Of het moet zijn dat de politie af is van die plagerige demonstranten die zich weigeren te identificeren.
Kortom, het resultaat van de wet is extra inkomsten voor de overheid, maar daar zijn andere manieren voor. Geen reden dus om zo grof in te grijpen in het publieke leven van burgers.

De tweede reden dat deze wet er niet zou mogen zijn, is dat het ongrondwettelijk is. Het gaat in tegen diverse grondwetsartikelen zoals 6, 9, 10 en 15. Een uitzondering op deze artikelen mag gemaakt worden zoals u kunt lezen, maar daar zijn wel zwaarwegende redenen voor nodig. En daar is in dit geval geen sprake van (het land valt niet uit elkaar als de wet ingetrokken wordt).
De Eerste Kamer zat te suffen (hun taak is het te toetsen aan de grondwet) en we kennen in Nederland nog steeds niet de mogelijkheid om via de rechter de grondwettelijkheid van een wet aan te vechten.

Nog een reden dat de wet er niet mag zijn, is het misbruik. Het hierboven genoemde geval maakt dat eigenlijk al duidelijk. De identificatieplicht gaat eigenlijk alleen op na overtreding van de wet of onder verdachte omstandigheden. Volgens de rechterlijke uitspraak was dit echter de situatie:
De verdachte werd op een vrijdagavond na zonsondergang gevraagd zijn identiteitsbewijs te tonen.
Niet meer, niet minder.
En zo worden dus regelmatig honderden Nederlanders lastig gevallen, om niets.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Tietje of flesje drinken: de grenzen van evidence based policy

Kan de wetenschap de controverse over borstvoeding en flesvoeding oplossen? Nee natuurlijk niet, constateert Antoinette Thijssen. Ze is Hoofd Communicatie bij het Rathenau Instituut.

Tot mijn grote genoegen zat ik laatst aan bij een dinerconference gehouden ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van het Rathenau Instituut. In de Ridderzaal spraken ruim 200 hoogwaardigheidsbekleders uit politiek, beleid, wetenschap, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties met elkaar over evidence based policy. Die term slaat op het wenkende perspectief dat beleid rechtstreeks wordt gebaseerd op wetenschappelijke inzichten. Een mooi streven dat in de praktijk nog wel eens lastig blijkt. Denk maar het klimaatdebat. En aan de mislukte vaccinatiecampagne tegen HPV dat baarmoederhalskanker veroorzaakt. Beide cases worden veelvuldig aangehaald in de discussies over evidence based policy.

Eén onderwerp wordt, gek genoeg, nooit in dit verband genoemd. En dat is borstvoeding. Jammer, vind ik dat, want als er één thema is waarbij bij uitstek te zien is hoe ingewikkeld de relatie tussen wetenschap en beleid is dan is het wel bij borstvoeding.

Op het eerste gezicht lijkt er weinig aan de hand te zijn. Er is een grote berg wetenschappelijk bewijs dat borstvoeding gezonder is dan kunstvoeding. Dat geldt niet alleen in ontwikkelingslanden, maar ook in de westerse wereld. Studies wijzen uit dat borstgevoede kinderen minder kans hebben op het ontwikkelen van overgewicht en allerhande allergieën, op chronische luchtweginfecties en astma, en op bepaalde aandoeningen zoals de ziekte van Crohn. Daar komt nog bij dat het geven van borstvoeding de hechting tussen moeder en kind zou bevorderen. Niet voor niets zegt de Wereldgezondheidsorganisatie dat baby’s minimaal zes maanden, maar liever nog twee jaar borstvoeding zouden moeten krijgen. Niet voor niets promoten overheden het geven van borstvoeding. Niet voor niets is er een verbod op reclame voor kunstvoeding voor baby’s onder de zes maanden.

Het politieke lied en de “Liedermacher”

Singer-songwriters zijn er tegenwoordig genoeg, maar eigenlijk zijn ze helemaal niet meer politiek. Het politieke lied wordt haast niet meer gezongen en dat is weleens anders geweest. Zo kende bijvoorbeeld Duitsland in de jaren ’60 tot ’80 van de vorige eeuw heel veel politieke singer-songwriters, of “Liedermacher” zoals zij zich noemden. De meest bekende Liedermacher in Nederland is geloof ik Reinhard Mey, die van het deuntje van Met het oog op morgen, maar hij was niet politiek, dat waren anderen.

Wolf Biermann bijvoorbeeld. Biermann volgde vermoedelijk het in die tijd frequent gehoorde advies “Als het je hier niet bevalt, donder toch op naar Oost-Duitsland” op, want hij ging uit idealistische motieven van West- naar Oost-Duitsland verhuizen. Toch had hij daar later ook kritiek op de politieke machthebbers en dat hebben ze hem niet in dank afgenomen. Toen hij 1976 voor een optreden in West-Duitsland was, kreeg hij te horen dat hij niet meer terug mocht komen naar Oost-Duitsland – “ausgebürgert”:

Later maakte hij in “Die Ballade von den verdorbenen Greisen” onmiskenbaar duidelijk hoe hij over de politieke machthebbers van Oost-Duitsland dacht nadat zijn aanvankelijke idealisme was verdwenen:

Hannes Wader was meer een hardliner. Tot 1991 was hij lid van de West-Duitse communistische partij DKP. In de tijd van generaal Jaruselski en Lech Walesa had hij het tijdens een concert over de hulp die nodig was voor de onderdrukte volkeren op aarde. Daarmee doelde hij natuurlijk vooral op landen in Zuid- en Midden-Amerika, maar een wijsneus uit het publiek riep: “En in Polen!” “Ja,” zei Hannes Wader, “ook in Polen heeft de partij nog veel te doen.” Hannes Wader heeft vele mooie liedjes gemaakt en op de gitaar kan hij best aardig tokkelen. De teksten zijn niet altijd politiek, soms zijn ze het gewoon helemaal niet, maar ik geloof dat bij Hannes Wader ook niet-politiek politiek is, tenminste is dat vroeger zo geweest. Een van zijn bekendste liedjes is het iets minder politiek lijkende “Heute hier, morgen dort”:

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Keuzestress

De marktprincipes in de zorg beginnen hun zegenende werking te doen. Of we daar blij mee moeten zijn, is nog maar de vraag, want de marktwerking levert inderdaad iets wat ze belooft: keuze. Maar het is een valse keuze waar haast niemand op zit te wachten. En er zit een venijnig addertje onder het gras.

Gisteren kopte NRC Handelsblad dat CZ zijn inkoopbeleid aanscherpt. De grootste verzekeraar van Nederland koopt sommige behandelingen simpelweg niet meer in bij zorgverleners als die te duur, kwalitatief onder de maat of onnodig zijn. Daardoor zouden er weer wachtlijsten kunnen ontstaan, omdat in sommige regio’s bijvoorbeeld nog maar weinig ziekenhuizen zijn die een bepaalde behandeling mogen geven – of anders gezegd, waarvan de behandeling door CZ vergoed wordt.

Zo’n wachtlijst is natuurlijk vervelend (oeps daar gaat hét argument van pro-marktwerking-types: sinds 2006 hebben we nauwelijks wachtlijsten meer), maar op zich past dit allemaal netjes in het plaatje van de marktwerking. Want we krijgen er keuze voor terug. Iedere zorgverzekeraar zal namelijk zijn eigen afwegingen maken. Het kan dus zijn dat je bij CZ voor behandeling A niet meer bij ziekenhuis Z terecht kan, maar dat je bij Achmea voor behandeling A wel naar ziekenhuis Z kan gaan. We hebben keuzevrijheid.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Stop met het integratiebeleid

De integratie van niet-westerse migranten is volledig mislukt. De overheid moet daarom stoppen met het huidige integratiebeleid. In plaats daarvan moet het beleid zijn gericht op de participatie van migranten aan de samenleving. Participatie is het hoogst haalbare. ‘De kloof is enorm, maar er is mee te leven.’

Dat stelt hoogleraar Interculturele Communicatie en Diversiteit David Pinto in zijn nieuwste boek ‘Canon voor Participatie en Diversiteit’ dat vorige week werd gepresenteerd in Amsterdam. Het eerste exemplaar werd aangeboden aan Minister voor Immigratie, Integratie en Asiel Gerd Leers. ‘Integreren is koste wat kost rokers en niet-rokers in dezelfde treincoupé onderbrengen. Het is veel beter ze gescheiden van elkaar toch naar hetzelfde eindstation te leiden.’

Kloof

Volgens de hoogleraar wordt er steeds gezegd dat Nederland een lange traditie heeft van het (gastvrij) ontvangen van migranten. Maar de zeventiende eeuw vergelijken met de tijd van nu is wat dat betreft onzinnig. ‘We hebben nu te maken met islamitische migranten die een volledig ander wereldbeeld hebben. Er is geen grotere cultuurkloof denkbaar dan met de autochtone Nederlander.’

Ook op de arbeidsmarkt is er volgens Pinto een duidelijke tweedeling te onderscheiden. ‘Het aantal autochtone werklozen neemt licht af, terwijl de werkloosheid onder migranten, en met name niet-westerse migranten, is gestegen. Momenteel is 23,4 procent van de jonge niet-westerse migranten werkloos, tegen 7,7 procent van de autochtone jongeren.’ De kloof is volgens Pinto enorm, maar er is mee te leven. Probeer dus vooral niet met bruggenbouwen en verbinden de boel bij elkaar te brengen.

Weense meisjes en likeurbonbons: over de Alkmaarse chocoladefabriek Ringers (1905-1970)

De beste chocolade van Nederland, dat wilde de jonge banketbakker Hendrik Ringers gaan maken en daarom reisde hij in 1901 naar Zwitserland om bij het beroemde chocoladehuis Cailler in de leer te gaan. Via Parijs kwam hij vier jaar later terug naar Nederland en begon hij een chocoladefabriek in Alkmaar. De bonbons die Hendrik Ringers maakte smaakten verrukkelijk, al lukte het hem niet direct om het bedrijf winstgevend te krijgen. Daar kwam verandering in toen zijn broer Theo in de zaak kwam werken en het cijfermatige werk overnam; vanaf dat moment ging de handel voor de wind. In de jaren twintig werd er een nieuwe fabriek neergezet, de Historische Vereniging Almaar vecht nu voor behoud van het gebouw. De fabriek van Ringers groeide snel, er kwam een tweede vestiging in Rotterdam, maar na de Tweede Wereldoorlog werd besloten om het productieproces in Alkmaar te concentreren.

De chocolade van Ringers werd wereldberoemd. Vooral de kersenbonbons en de likeurbonbons, maar ook hun sinaasappel-chococolades, zoals Orlacta en de Sina-schilletjes moeten heerlijk zijn geweest. In 1928 werd de Amsterdamse chocoladefabriek De Bont & Leijten uit Amsterdam overgenomen, vanaf dat moment kreeg Ringers ook koosjere chocolade in zijn assortiment. Een ander bekend product was de chocolade voor diabetici. De producten van Ringers waren duurder dan de chocolade van andere merken, daarom moesten de vertegenwoordigers van de fabriek veel kennis hebben over het productieproces.

De beste nudge: alleen chips op zaterdagavond

Gezond eten kun je aan mensen overlaten of je kunt hardhandig ingrijpen. Nudging is een redelijk alternatief, zeggen Denise de Ridder, Emely de Vet, Marijn Stok en Marieke Adriaanse. Voeding kent echter weinig succesvolle nudges; we worden weliswaar overladen met informatie wat en hoeveel we moeten eten, maar zelden horen we iets over wanneer en waar we zouden moeten eten.

De moderne voedselomgeving wordt ‘obesogeen’ (of dikmakend) genoemd omdat er op iedere plaats en op ieder moment van de dag ongezond en calorierijk eten te verkrijgen is – in flinke porties bovendien. Het gevolg is dat mensen meer eten dan goed voor ze is en dat inmiddels ruim de helft van de Nederlandse bevolking te dik is.

Voeding kent weinig succesvolle nudges
De roep om maatregelen om de effecten van de obesogene omgeving terug te dringen is groot. Een maatregel die op veel bijval kan rekenen is om mensen te stimuleren om gezondere keuzes te maken (zie bijvoorbeeld het artikel van Krispijn Faddegon op deze site), helaas in de meeste gevallen zonder concrete aanwijzingen hoe ze dat zouden moeten doen. Zo benadrukt minister Schippers bij herhaling dat de burger zelf verantwoordelijk is voor het consumeren van gezond voedsel, maar laat in het midden hoe ze dat voor elkaar moeten krijgen in een omgeving die vergeven is van ongezond voedsel.

Vorige Volgende