Eetschrijver

75 Artikelen
23 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Foto: Richy! (cc)

Sapjes en apekool

ACHTERGROND - Fijn nieuws van de NOS, en nog eens lekker woordspelig gebracht bovendien: “groentesap groeit als kool”, kopte de Nationale Omroepstichting. Om voort te varen: “Groente komt steeds vaker terecht in een glas in plaats van op een bord”.

De NOS schrijft zoiets niet zo maar. Dat doet ze op gezag van iemand die het weten kan: Paul van der Meer van de firma Really Good Juices. Deze ondernemer die van groentesap zijn verdienmodel heeft gemaakt, weet het wel: de mensen willen gemak. En “door de sapjes te drinken, neem je de minimaal aanbevolen dosis tot je”.

Iemand anders naar een mening vragen vond de NOS kennelijk niet zo nodig. Jammer, want de heer Van der Meer kletst – vermoedelijk met eurotekens in de ogen – uit zijn nek. Wie een glas groentesap drinkt, krijgt geen groente binnen, maar een groente-extract. Een deel van de waardevolle stoffen uit de groente, maar ook een heel groot deel niet. Wat erbij inschiet, zijn onder meer de vezels–en laten die nou juist een heel belangrijke reden zijn voor die dagelijks aanbevolen dosis.

Maar ja, de mensen willen een kroket bij de lunch. En als je daar dan een glas sap achteraan giet, heb je in elk geval de illusie dat je gezond eet. Niet zo extreem als die mevrouw die voor haar kind paprikachips kocht in plaats van gewone, want dan kreeg het alvast wat groente binnen–dat heb ik ooit iemand in een supermarkt serieus horen zeggen–maar nog steeds een illusie.

Foto: Claudia Wedell (cc)

Acht-R-lijk

COLUMN - Sinds 1 mei is is er geen oester meer te krijgen. Ja, er zijn nog heel wat mensen die dat klakkeloos aannemen. Sommige fabels zijn hardnekkig. Natuurlijk zijn er ook vandaag gewoon oesters. Het oesterseizoen loopt grofweg van half augustus tot eind juni. Dat geklets over die R in de maand was er toen uw eetschrijver nog een eetschrijvertje was ook al over levertraan. Ook al onzin.

Nog grotere onzin is dat het Franse woord voor oesters, huîtres, zou zijn afgeleid van “huit R” en een referentie zou zijn aan de acht maanden waarvan er een R in de naam zit. Liefst 2320 keer wordt dat fabeltje op internet verteld, en niet door de minsten. Ze worden in elk geval niet gehinderd door een al te ruime kennis van de Franse taal: “huîtres” heeft een accent circonflexe, zo’n dakje, en “huit” heeft dat niet. Omdat ik hier ooit voor heb doorgeleerd, weet ik dat die accent circonflexe er meestal op duidt dat er in het oud-Frans een s heeft gestaan achter de betreffende klinker. In de 15e eeuw was het woord dus huistres – en voilà: de etymologische gelijkenis met ons woord “oesters” is ineens zonneklaar.

Zo. Nu die kolder uit de wereld is kunnen we nog even lekker een maandje of twee doorgaan met oesters eten. In elk geval tot de Hollandse Nieuwe er weer is. Want daar moeten we, wat menige niet door veel eerlijkheid gehinderde visverkoper ook middels reclameborden mag beweren, echt nog tot 12 juni op wachten.

Foto: Caro Wallis (cc)

Charlatan?

COLUMN - ‘Charlatan!’ riep Midas Dekkers. ‘Oplichter! Hou nou toch eens op met je gezwets!’ De plaats van handeling: de studio van waaruit het programma Pauw & Witteman wordt uitgezonden. Het mikpunt van Dekkers’ tirade: Kris Verburgh, auteur van het boek De voedselzandloper. Aanleiding: Verburgh had het gehad over ‘de aard van de calorie’. Dat was niet naar de zin van Dekkers: ‘Een calorie is een calorie.’

Daarin heeft Dekkers natuurlijk gelijk: er bestaat maar één soort calorie, en dat is een eenheid van energie. Maar dat is gelijk naar de letter. Naar de geest moet ik Dekkers beslist ongelijk geven: voedsel is natuurlijk méér dan alleen maar de som van het aantal calorieën, en wie de voedingswaarde van voedsel uitsluitend in calorieën uitdrukt, bezondigt zich aan kortzichtigheid.

Je eet het best en het gezondst wanneer de inname van calorieën en die van andere nutriënten in evenwicht zijn. Wie een pondje kristalsuiker naar binnen lepelt, heeft zijn calorieën voor de dag binnen. Hij komt echter allerlei macronutriënten (in dit geval vetten en eiwitten), micronutriënten (vitaminen, mineralen, sporenelementen) en voedingsvezels tekort. Vermoedelijk bedoelde Kris Verburgh, wat er ook verder op hem en zijn voedselzandloper aan te merken is, dat. En daar had hij dan groot gelijk in. Ik schreef het allemaal al eens eerder.

Foto: janwillemsen (cc)

Gezond of niet? Debat brengt duidelijkheid!

OPINIE - Wetenschappelijke conclusies worden maar al te vaak tandeloos gemaakt door ‘stakeholders’ erover te laten debatteren.

Wetenschappelijk onderzoek moet betrouwbaar zijn. Alleen al daarom is het belangrijk dat er een algemeen aanvaarde methodiek wordt gehanteerd. Die komt er in kort bestek op neer dat hypothesen worden getoetst en dat daaruit conclusies worden getrokken. De resultaten van het onderzoek moeten eenduidig, herhaalbaar en verifieerbaar zijn, en worden gecontroleerd door andere wetenschappers.

Zo hoort het.

Maar dit is 2014 en kennelijk voldoen de oude regels niet meer. Nadat vorige week de WHO, op dezelfde dag dat het Voedingscentrum te keer ging tegen superfoods, een bericht de wereld in had gestuurd waarin werd aanbevolen de suikerinname te halveren, druppelen er nu berichten de media in die suggereren dat de suikersoep niet zo heet moet worden gegeten als ze wordt opgediend.

En waarom niet? Waren de wetenschappelijke gegevens niet eenduidig, niet herhaalbaar of niet verifieerbaar? Waren ze niet gecontroleerd door andere wetenschappers? Nee, niets van dat alles. Maar er was meer debat nodig. Debat met stakeholders – belanghebbenden in het Nederlands.

Kennelijk werkt het tegenwoordig zo. De WHO maakt zich zorgen over overmatige suikerconsumptie, en Coca-Cola maakt zich zorgen over de gevolgen van de zorgen die de WHO zich maakt. Want stel je voor dat mensen straks niet eens meer één blikje cola per dag kunnen drinken. Dat zou behoorlijk slecht zijn voor de gezondheid van Coca-Cola, nietwaar?

Foto: Jay Verspeelt (cc)

Aangesmeerde supplementen

COLUMN - Nou, dat was schrikken. Omega-3 is helemaal niet goed voor je. Het is zelfs slecht, want er zijn aanwijzingen dat het prostaatkanker zou kunnen veroorzaken. Martijn Katan, emeritus hoogleraar voedingswetenschappen, zegt het niet graag. Maar hij is wetenschapper, dus hij zegt het wel. Ik zeg het trouwens ook, maar anders. En niet pas sinds gisteren.

We slikken ons ongans aan supplementen. Niet alleen in pillenvorm trouwens, ook aan allerlei voedsel worden ze toegevoegd. Voedsel dat vervolgens door het Voedingscentrum wordt aanbevolen, omdat het zo boordevol gezonde stofjes zit. Een voor de hand liggend voorbeeld is Becel, dat achteraf toch niet al 50 jaar goed bleek voor hart en bloedvaten. Een smeerseltje dat al 52 jaar wordt samengesteld volgens de jongste–en nogal eens wisselende–inzichten in de voedingswetenschap. Zo kunstmatig als wat. Maar we moeten het eten, omdat we anders niet genoeg linolzuur (omega-6) binnenkrijgen. O ja, en alfa-linoleenzuur (omega-3), dat moest ook nog, ontdekten we later. Veel later.
Becel. Hele volksstammen eten het nog. Het is daarmee vermoedelijk het meest geslikte voedingssupplement in Nederland. Boordevol stofjes is het gestopt die de veronderstelde tekorten in ons lijf moeten aanvullen. De verschillende nieuwsberichten rond de jongste ontdekking reppen er niet over, maar er gaan in ons land aanzienlijk meer grammen omega-3 over de tong via Becel dan via lepels lijnzaadolie.

Foto: Moyan Brenn (cc)

De pravda van het Voedingscentrum

OPINIE - De waarheid, eindelijk. Ik weet niet hoe het met u is, maar zodra wie dan ook mij komt vertellen dat ik de waarheid te horen ga krijgen, flitsen er bij mij allerlei rode knipperlichten op. De waarheid, het is een mooi concept, maar in een debat is er weinig defensiever dan dat. Zoiets als een kind dat je komt vertellen dat het ‘echt eerlijk waar’ de koekjestrommel niet heeft leeggegeten. Dan weet je al hoe laat het is.

‘De waarheid op tafel,’ best een mooie woordspeling overigens, is de nieuwe campagne van het Voedingscentrum. Bart, Carla, Yvon, Joeri en nog een stel anderen mogen domme dingen denken en het Voedingscentrum zal ze wel even op het rechte spoor brengen.

Domme Bart veronderstelt bijvoorbeeld dat hij wel zonder brood kan. Nou, daar heeft hij het helemaal in mis. Zonder brood krijg je namelijk niet genoeg vezels en jodium binnen. Huh?
O, wacht even. De voorlichters van het Voedingscentrum bedoelen dat als je uit het door hen gepredikte eetpatroon gewoon het brood weglaat, je vezels en jodium te kort komt. Ja, dan klopt het wel. Zoals ik al eerder betoogde, is de basis voor de voorlichting van het Voedingscentrum namelijk een pragmatische mengelmoes van wetenschap en praktische helaasheden. Waarom moeten wij ons ongans eten aan brood? Omdat we het nou eenmaal vertikken om genoeg groenten te eten. En daarom mag Bart niet zonder brood. Omdat hij natuurlijk óók te dom is om voldoende groenten te eten.

Foto: Tom & Katrien (cc)

De zuurpruim en de zoetekauwtjes

OPINIE - Sommige ouders geven hun kinderen veel te vaak en veel te veel snoep, bij wijze van traktatie. Dat leidt tot traktatie-inflatie.

‘Je hebt zelf zeker geen kinderen?’ wordt je dan gevraagd. Ja, die heb ik wel, maar die zijn al veel te oud om tot de doelgroep te behoren. Aha, dan is het wel verklaarbaar dat ik zo’n ontzettende zuurpruim ben die kinderen een pleziertje op zijn tijd misgunt, bijvoorbeeld aan het eind van de Avondvierdaagse. Ik ben de enige niet.

Maar het is glad ijs, hoor, waarop je je begeeft. Niet alleen omdat, hoe je ook nuanceert, je toch meteen in de hoek van de azijnwateraars terecht komt. Maar ook omdat degenen die de discussie met je aangaan eigenlijk nooit degenen zijn die het betreft. In plaats daarvan zijn het mensen wier kinderen overwegend een gezond eetpatroon hebben en bij wie een extra verwennerijtje inderdaad precies dat is: extra, en met verkleinwoord.
Want natuurlijk mogen er kinderfeestjes zijn, en natuurlijk hoort bij kinderfeestjes iets lekkers. Probleem is dat er steeds meer traktatie-inflatie optreedt: steeds meer kinderfeestmomenten, waarbij steeds meer snoep de norm lijkt te worden. Als je alles van te voren wist, zou je een mooi fotoboek hebben kunnen maken, beginnend met de avondvierdaagsen in de jaren ’60 tot die anno nu, waarbij kinderen het snoep dat ze bij de intocht omgehangen krijgen nauwelijks kunnen torsen. En dat geldt niet voor een enkeling, maar voor een grote proportie, zo niet de overgrote meerderheid.

Foto: Peter Wassenaar (cc)

Stengelseizoen

COLUMN - Eten met de seizoenen, het valt niet mee. Van sommige gewassen hebben de telers bepaald dat het seizoen op een specifieke dag begint en eindigt. Eerder en later zijn ze er niet. Of mogen ze er in elk geval niet zijn. Asperges, bijvoorbeeld. Die zijn er vanaf de derde donderdag van april tot de voorlaatste vrijdag van juni.

Nu is er één ding vervelend: dat we elk jaar maar weer opnieuw vergeten de natuur een kalendertje te sturen. Die gooit dus ook met grote regelmaat roet in allerlei eten. In 2011 hadden we een uitzonderlijk zacht voorjaar en waren de asperges ruim een week te vroeg, hoewel dat halsstarrig werd ontkend door de aspergepropagandamachine (nee, niet zeggen dat dat een mooi Scrabblewoord is want het past niet op het bord). Nu, na een winter die uitzonderlijk lastig te verjagen viel, zijn ze er officieel alweer twee weken, maar geen boer heeft ze al van de koude grond. Alle asperges die nu verkrijgbaar zijn, komen uit kassen of van onder tunnels.
Die andere stengels, die zijn er al wel. Ik doel op de rabarber, ook altijd zo’n fijne lentebode al blijken er hele volksstammen te zijn die ervan gruwen. Mocht dat komen doordat je er ruwe tanden van krijgt (want dat is zo: rabarber bevat nog meer oxaalzuur dan spinazie die dat effect ook heeft), weet dan dat het helpt om wat zuivel en/of een eierdooier door de moes te roeren. Die gaat dat effect tegen en in het geval van een eierdooier krijg je ook nog een mooie binding. Wel heel goed roeren zodat je geen stukjes eigeel krijgt. Ziezo, toch nog iets praktisch in dit stukje.

Nieuw! Naast WC-eend nu ook WC-vink

OPINIE - Onderzoek wijst uit dat consumenten die consequent op het gezondere keuze-vinkje letten gezonder eten. Een schoolvoorbeeld van een WC-eend situatie.

Beste eetlezers, nu allemaal even zwijgen, want De Wetenschap is aan het woord. En als De Wetenschap iets te melden heeft, dan past ons slechts deemoedige stilte. En wat weet De Wetenschap dan wel vandaag? Dat het Vinkje de gezondere keuze gemakkelijk maakt. Ja, daar hoort u van op, wil ik wel wedden. Het Vinkje roept dat al jaren, maar nu zegt De Wetenschap het ook.

Interessant artikel. Het opent met de melding dat de Vrije Universiteit Amsterdam wetenschappelijk bewezen heeft dat consumenten die consequent op het Vinkje letten fors minder verzadigd vet, suiker en zout binnenkrijgen, maar daar mogen we verder niets over weten. Wel over een onderzoek uit Wageningen, dat veel verderop in de tekst even summier voorbij komt en waarin op prettig vrijblijvende wijze percentsgewijs de pluspunten van een “Vinkje-menu” worden bezongen, eraan voorbijgaand dat zo’n menu per definitie geen enkel vers, onbewerkt en onverpakt product bevat. Nou, op uw gezondheid!
Voor het overige komt de ene WC-eend na de andere iets over het Vinkje kwaken. Jaap Seidell wijst erop dat het Vinkje goed in elkaar steekt en dat bijna 90 procent van de consumenten het keurmerk herkent. Universitair hoofddocent Matthijs Dekker van WUR looft de innovatiekracht van het Vinkje. Felix Cohen van het Voedingscentrum meldt dat er daadwerkelijk behoefte is aan het Vinkje. Ik weet het niet, hoor, maar krijgt u daar nou ook zo’n marketinggevoel van?

Foto: Aaron Tyo-Dickerson (cc)

Bang voor boter

COLUMN - Margarine is niet bepaalt een prettig product, maar laten we elkaar geen zinloze angst aanpraten.

Kijk, ik ben zelf ook bepaald geen liefhebber van het product margarine. En wat margarine allemaal claimt ons voor goed te doen, dat neem ik met forse korrels zout. Zo is het zeker een feit dat Becel Pro-Activ de cholesterolspiegel in het bloed helpt verlagen, maar staat het bij lange na niet vast dat een lagere cholesterolspiegel in het bloed ook minder risico betekent op hart- en vaatziekten. En het allerbelangrijkste argument tegen margarine blijft wat mij betreft dat het gewoon niet te hachelen is. Voor mij dus alleen maar echte boter – met mate uiteraard.

Maar je kunt ook compleet doordraaien. Zo werd ik van diverse kanten gewezen op een stukje dat ons wel eens even zal vertellen wat voor vreselijke risico’s we nemen als we dat duivelse product margarine eten. Ondermijning van ons immuunsysteem! Verstopte kransslagaders! Kanker! Arteriosclerose! Dood en verderf! En het bevat 27 stoffen die ook in verf zitten.

Nou ja, dat laatste zou waar kunnen zijn. Boter bestaat trouwens ook voor een groot deel uit stoffen die ook in verf zitten, en hetzelfde geldt voor uw en mijn lichaam. We hebben het hier dan ook over het verderfelijke H2O. Ja, dat is schrikken.

Foto: Eric Heupel (cc)

Hoe het allemaal goed gaat komen

OPINIE - Het gaat helemaal niet goed met het consumentenvertrouwen. Ja, nee, niet alleen als het om het uitgeven van geld gaat: ook ons eten vertrouwen we niet meer.

Daar is in elk geval staatssecretaris Dijksma van overtuigd, die dan ook gisteren in gesprek ging met de voedselsector. Die vindt het namelijk begrijpelijkerwijs erg belangrijk dat u en ik gewoon onbekommerd zijn producten in ons karretje mikken om er thuis even onbezorgd de tanden in te zetten.

Daarom komt er dus een nieuwe werkgroep. Een werkgroep die gaat zorgen voor informatievoorziening tussen overheid, bedrijven en consumenten. Nee, niet alleen naar de consumenten toe. Die informatie is er al en die noemen we reclame, u weet wel, met Karin Bloemen en zo. Kennelijk wordt dit anders. Deze informatiestroom moet gaan leiden tot strengere controles op de voedselkwaliteit en stevige straffen voor wie de hand licht met de regels.
Dijksma vindt bovendien de weg van de boer naar de supermarkt te lang en hoopt dat de werkgroep daarvoor een oplossing aandraagt. Kijk, dat is mij nu uit het hart gegrepen, al lijkt me de oplossing meer voor de hand liggen als we eens niet zo automatisch uitgaan van de supermarkt als eindstation. Mogelijk komt de task force ook nog wel tot die overtuiging. Je moet altijd optimistisch blijven.

Foto: Karel Titeca (cc)

Verbod op kindermarketing onzin

OPINIE - Kindermarketing, het moet er maar eens mee afgelopen zijn, stelt Foodwatch in een persbericht dat vandaag nogal wat aandacht kreeg in de diverse media. Het haalde zelfs het journaal. Bepaald geen minne prestatie, denk ik dan. Meteen bijval ook.

Nee, niet bij mij. Hoe mooi het verhaal ook klinkt (en dat vind ik van dit verhaal overigens niet onverdeeld), ik wil in elk geval even de achtergronden kennen. Daar is makkelijk kennis van te nemen, want Foodwatch heeft op zijn site een omstandig en rijk geïllustreerd rapport geplaatst dat ons duidelijk moet maken hoe ernstig de situatie is.

Boeiend leesvoer. ‘In 2011 was bijna 13 procent van de Nederlandse jongeren te zwaar, een ruime verdubbeling sinds 1980. Daarvan valt 2,7 procent in de categorie ernstig overgewicht.’ Volgens nog een ander onderzoek van het VUmc is de situatie zelfs nog ernstiger en heeft 22 procent van de kinderen tussen 10 en 12 jaar overgewicht, terwijl bij 6 procent sprake is van ernstig overgewicht.
Dat klinkt schokkend. Wat mij betreft reden om eens naar het landelijk gemiddelde bij volwassenen te kijken. Daarover bericht het RIVM in een rapport uit 2011, ook recent dus. De eerste alinea komt meteen ter zake: van de mannen tussen 30 en 70 is 60 procent te zwaar en 13 procent obees. Bij de vrouwen in dezelfde leeftijdsgroep is 44 procent te zwaar en 14 procent obees.

Volgende