Peter
Tegen zijn gewoonte in zat hij daar ineens. In de kroeg. Aan het marktplein. Met een oude vriend die hij tegen het lijf was gelopen en hem had uitgenodigd een biertje te gaan drinken. Het was zaterdagmiddag en in de kroeg zat een gemêleerd publiek al roezemoezend te genieten van de vrije zaterdag.
‘Proost Peter’ zei Lodewijk, zijn biertje tegen de zijne klinkend. Een snelle teug deed het koele bier zijn keel in glijden. ‘Lang geleden’ mijmerde hij in gedachten, zittend aan een ietwat morsige tafel, nietsziend rond te kijken. Hij merkte ineens dat Lodewijk tegen hem zat te praten; hij was al 25 jaar getrouwd, maar de laatste vijf jaren waren zwaar voor hem geweest. Ziekenhuisbezoeken, dokters in witte jassen: zijn vrouw was ziek en moest soms twee weken worden opgenomen voor onderzoeken. Twee jaar geleden was hij bij het verlaten van het ziekenhuis tegen haar aangelopen. Een jonge blonde vrouw. Hij had nu al één jaar, 8 maanden en drie weken een affaire met haar. Zijn vrouw wist van niets.
’Het was leuk om Lodewijk weer eens te zien’ dacht hij, toen hij naar huis liep in de avondschemering. Kijkend in vreemde huiskamers waar inmiddels het licht al was ontstoken, liep hij met een licht melancholiek gevoel de straat in waar hij woonde, terugdenkend aan het gesprek in de kroeg. In de hal hing de jas van zijn zoon. ‘Verrek, ja, die zou dit weekend langskomen’ bedacht hij zich, terwijl hij zijn eigen jas er naast hing. Zijn vrouw stond in een dampige keuken te koken, haar haren wat slierterig langs haar wangen. Bijna automatisch ging hij met zijn hand langs haar wang, een sliert opzijhalend gaf hij haar een kus. ‘Je ruikt naar bier’ zei ze, hem verwonderd aankijkend. Hij beaamde het en zei dat hij Lodewijk was tegengekomen. ‘Jasper is er’ antwoordde ze terug. Hij knikte zwijgzaam.
Aan de eettafel klonk het geluid van bestek op porseleinen borden. ‘Kom je niet te laat thuis, schat’ zei zijn vrouw tegen zijn 17-jarige dochter. ‘Nee, mam’ antwoordde hun dochter met een lichtnorse ondertoon. Stilzwijgend nam hij het beeld van zijn etende dochter in zich op. ‘Wat een mooie meid is het eigenlijk geworden’ concludeerde hij.
Over tientallen jaren zullen ze erover praten, als ware het een vreemd sociologisch experiment: de anonimiteit op internet. Bij weblogs, in online kranten, in forums en chatboxen kun je woorden laten vloeien zonder dat iemand weet wie je bent. Een beetje techneut blijft zelfs de opsporingsinstanties mijlenver voor. Iedere psycholoog kan je uitleggen wat het gevolg is: alle reacties worden uitvergroot omdat je nu eenmaal het gezicht van de ander niet ziet en je de blikken van de anderen niet op je gericht voelt. Hoewel ik al jaren probeer te strijden voor de vrijheid van meningsuiting (onder andere via de
Zo, dat was een goed gevulde dag. Ik heb met moeite de selectie tot 11 stukken kunnen beperken.
Deel III: Beleid en werking van de Unie (vervolg)