Als u deze column leest heerst hoogstwaarschijnlijk in Nederland de eerste hittegolf van het jaar. Niemand zal dus een zwerm, laat staan één zwaluw, nodig hebben om te concluderen dat het zomer is. Niettemin is het interessant bij de symboliek van deze vogel stil te staan. Dit wordt een makkelijk te verteren zomerverhaal: na de inleiding surfen we naar wat feitjes over zwaluwenbijgeloof in Nederland, vervolgens naar de volksculturele betekenis van de zwaluw in Oost-Europa om uit te komen bij de Oost-Europese variant van het Walhalla: het Vyraj of Iriy, waar de zwaluw geacht werd te overwinteren.
Dat de zwaluw in een spreekwoord voorkomt zegt al iets over een symbolische functie van deze vogel. Er is overigens nog een weerspreuk waarin deze voorkomt: ‘Als de zwaluwen scheren over water en wegen, dan komt en dan blijft er wind en regen’. De zwaluw moet dus wel hoog vliegen wil hij een voorbode van de zomer zijn.
Zwaluwen zijn vogels die archetypisch met de zon, de lente en het begin van de zomer verbonden worden, doordat ze rond die tijd, tussen 1 en 15 april, uit hun overwinteringsgebied nabij de evenaar terugkeren. Het begin van de zomer heeft cultureel-historisch gezien niet alleen te maken met vruchtbaarheid en nieuw leven, maar ook met hoop, geluk, moed, voorspoed en een nieuw begin: een nieuw jaargetijde, nieuwe kansen.