Het leven een verdienvermogen

Waar je bij minister van onderwijs Ingrid van Engelshoven kon vermoeden dat ze zomaar in het wilde weg wat aan het hakken is in de universiteiten omdat iemand tegen haar gezegd heeft dat dit nu eenmaal moest, en haar collega Arie Slob vorige week de euvele moed had te suggereren dat hij de leraren meer geld ging geven zonder dat dit waar bleek te zijn, leverde hun collega-minister Eric Wiebes gisteren in het Financieel Dagblad het ideologisch fundament achter het beleid van dit kabinet: “Onderwijs is een van mijn favorieten”, meldde hij, maar dat betekent niet dat de leraren hogere lonen moeten krijgen “want dat leidt niet tot een hoger verdienvermogen van de samenleving”. Zoals hij het ook onzin vond om op scholen nog Frans en Grieks te doceren: “Gaan we daar binnen twintig jaar nog de Chinezen mee verslaan?” De Chinezen verslaan Dat is kennelijk het ultieme doel van ons bestaan op aarde: de Chinezen verslaan.

Door: Foto: Eric Wiebes Bron: Wikimedia
Foto: Mick Talbot (cc)

Een huis vol beestjes

RECENSIE - Een bioloog over onbekende medebewoners van ons huis

De Zoeloes hebben een bijzondere manier om vliegen te bestrijden. Ze halen spinnen in huis. Een grote bol spinrag, gemaakt door een sociale spinnensoort (de meeste spinnen kunnen elkaar niet luchten of zien) wordt hoog in de hut gehangen, met daaromheen wat takken waaraan ze hun webben kunnen weven. De Zuid-Afrikaanse bioloog J.J. Steyn vroeg zich af of deze methode ook in gebouwen toe te passen was, onder andere in het ziekenhuis waar hij werkte. En inderdaad. Naar eigen zeggen zorgden de spinnenkolonies ervoor dat de vliegenpopulatie in drie dagen tijd met 60 procent terugliep. Zijn conclusie luidde dat we kolonies van sociale spinnen zouden moeten ophangen in alle openbare ruimtes zoals markten, restaurants, cafés en hotelkeukens, en vooral in wc’s.

Is 60 procent genoeg? Zijn spinnen wel zo welkom op het toilet? Is het niet beter om ervoor te zorgen dat die vliegen geen voedsel meer vinden? Hoe dan ook, Steyns conclusie wordt van harte onderschreven door Rob Dunn, in zijn boek ‘Nooit allen thuis’. Dunn (hoogleraar aan North Carolina State) heeft nog wat aanvullende voorstelletjes. Bepaalde (heel kleine) wespensoorten leggen hun eitjes in kakkerlakkeneitjes en kunnen ons helpen de kakkerlakkenpopulatie in bedwang te houden. Ook die zouden we in onze huizen moeten verspreiden. En wat te denken van de zwam Beauveria bassiana? Eigenlijk zouden we in onze huizen de sporen van deze zwam moeten rondstrooien want ‘wanneer er een bedwants langskomt, hechten ze zich aan de vettige buitenlagen van diens exoskelet. Eenmaal vastgehecht groeit de zwam door het exoskelet van de wants naar binnen..’ (hierna volgen nog enige smerige details tot de dood van de wants erop volgt). Zo kunnen we volgens Dunn op natuurlijke wijze afkomen van een heleboel plaaginsecten.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Quote du Jour | Geen ruimte voor extra middelen

Zoals ik al vaker heb gezegd, is er momenteel geen ruimte om nog extra middelen beschikbaar te stellen.

In de beantwoording van de kamervragen van Paul van Meenen (D66) geeft minister Slob aan geen geld vrij te kunnen maken om de problemen in het onderwijs op te lossen. Er is namelijk wél ruimte voor extra middelen voor het onderwijs; 11 miljard euro om precies te zijn. Wat het kabinet bij monde van minister Slob eigenlijk bedoelt is dat het geen prioriteit wil geven aan het oplossen van het tekort aan leerkrachten in met name het basisonderwijs.

Foto: mkhmarketing (cc)

‘Dat is toch ook maar een mening’

RECENSIE - Experts verliezen steeds meer gezag bij eigengereide burgers die geen deskundig advies meer nodig denken te hebben.

Tom Nichols, hoogleraar Nationale Veiligheidsvraagstukken, maakt zich boos over zijn Amerikaanse medeburgers die lak hebben aan experts, mensen die ergens voor gestudeerd hebben en het beter kunnen weten. Hij is boos op Trump die altijd alles beter weet. Voor hem heeft hij zelfs zijn lidmaatschap van de Republikeinse partij opgezegd. Hij maakt zich ook druk over het klimaat op de Amerikaanse universiteiten, de inflatie van diploma’s, de verstikkende politieke cultuur en het gebrek aan respect bij studenten voor de expertise van de docent. In The Death of Expertise: the Campaign Against Established Knowledge and Why it Matters laat hij zien hoe het internet en de journalistiek bijdragen aan de aftakeling van het het gezag van experts en publieke intellectuelen en hoe steeds meer Amerikanen uitsluitend vertrouwen op hun eigen mening en standpunten die hen daarin bevestigen.

Wie discussies op Sargasso of vergelijkbare platforms regelmatig volgt zal de problematiek herkennen.

Of het hier ook zo erg is als Nichols beweert dat het in zijn land is betwijfel ik, maar de tendensen die hij beschrijft zijn wel degelijk herkenbaar.   ‘Deskundigheid – kennis van zaken, strategisch vernuft – heeft zijn publicitaire waarde vrijwel verloren,’ schrijft Binnnenhof-watcher Tom-Jan Meeus in de NRC. En, met verwijzing naar de tot amateurisme en entertainment vervallen Amerikaanse politiek: ‘…meestal duurt het geen vijf jaar voordat dit soort verschijnselen naar onze politiek overwaait.’

Foto: Christoph Scholz (cc)

5G heeft consequenties voor het milieu

ACHTERGROND - Waar denk jij aan als je ‘5G’ hoort? Misschien aan lekker snel internet, of Chinese spionage met Huawei-apparatuur. Maar er is één belangrijk onderwerp dat achterwege blijft: het milieu. Hoe zit het met de impact van 5G op het klimaat en waarom blijft dit onderbelicht?

Het is de nieuwste manier om data te versturen, het is vele malen sneller dan voorganger 4G en wordt in Nederland opgezet as we speak. 5G komt er in 2020 al aan en biedt veel mogelijkheden, van opereren op afstand tot het streamen van extreem zware games, of het creëren van een geautomatiseerd netwerk van zelfrijdende auto’s. Maar er zijn ook zorgen: 5G zal onze honger naar data alleen maar versterken en zo tot een toename in internetgebruik leiden. Dit gaat impact hebben op het milieu en daar lees je weinig over. Wat zegt dit over ons en onze drang naar vooruitgang?

Werking en voordelen

5G staat voor ‘5e generatie mobiele netwerk’. Na 3G en 4G is het de derde generatie van mobiele netwerken waarmee internetten mogelijk is. Door de veel hogere frequenties die 5G gebruikt is de verbinding echter een stuk sneller. Een nadeel van deze hoge frequenties is wel dat het signaal aanzienlijk minder ver komt dan 4G-straling, waardoor er door het hele land veel kleine, signaal-versterkende antennes moeten worden gemonteerd. Dat is een grote klus maar zodra het werkzaam is biedt het netwerk veel voordelen.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

“De verdeling van wetenschapsgeld is zo oneerlijk, laat een bingomolentje voortaan bepalen wie een beurs krijgt”

Hoogleraar Marleen Kamperman betoogt dat loten eerlijker is in het toekennen van onderzoeksbeurzen dan de huidige procedure met commissies.

Goed, dat was de intro. Dan komt nu mijn punt. De verdeling van wetenschapsgelden door middel van beurzen is een ondoorzichtige, oneerlijke, te veel door toeval gestuurde aangelegenheid.

Laat een commissie het kaf van het koren scheiden, al te gammele voorstellen ertussenuit filteren, en gooi de rest in een bingomolentje. Dat is arbitrair, zeker, maar eerlijker en duidelijker dan hoe het nu vaak gaat.

Foto: Gerd Leonhard (cc)

Hoe gevaarlijk zijn nanobots?

ACHTERGROND - Nanorobotica klinkt als scifi, maar in het laboratorium is het al werkelijkheid en overheden investeren er volop in. De mogelijkheden zijn mooi, maar kunnen ook vernietigend zijn in bijvoorbeeld oorlog.

In de Terminator-films zie je nanobots als ijzersterke, gedaanteverwisselende bepantsering. Ze herstellen direct en kunnen elk opgegeven wapen vormen dat ze willen. In de film Black Panther dienen nanobots als bescherming en kunnen ze klappen en kogels absorberen. Of dit soort toepassingen er ooit van komen is twijfelachtig, maar het gebruik van nanobots is wel degelijk realiteit. De mogelijkheden van deze technologie zijn volgens sommigen onuitputtelijk. Maar er zijn risico’s: een bestuurbaar ‘apparaatje’ dat niet te zien is met het blote oog kan in verkeerde of onbekwame handen veel schade aanrichten.

Nanobots?

In films zijn nanobots vaak zichtbare, kleine robotjes van mechanisch materiaal. Dat beeld klopt niet.

De bestaande nanobots zijn niet zichtbaar met het blote oog, en hebben een grootte variërend van 10 tot 10.000 nanometer: de kleinste zijn zo groot als een bacterie. In wetenschappelijke publicaties en media spreekt men ook van nanobots als het een microscopisch robotje betreft dat is opgebouwd uit nanotechnologisch geproduceerd materiaal. Een voorbeeld daarvan is de nanobot die is ontworpen om schadelijke stoffen uit de oceaan te verwijderen: deze heeft de breedte van een mensenhaar, maar wordt gemaakt van grafeen. Dat is een materiaal dat wordt geproduceerd met nanotechnologie.

Foto: UCL Mathematical & Physical Sciences (cc)

De schaduw van grafeen

ACHTERGROND - Het werd aangekondigd als het wondermateriaal van de 21e eeuw: grafeen. Sterker dan staal, harder dan diamant en superlicht. Maar er kleven ook risico’s aan grafeen. Lopen we te hard van stapel?

Plakband was het simpele middel dat in 2004 een kleine wetenschappelijke revolutie veroorzaakte. Natuurkundigen Andre Geim en Kostantin Novoselov vonden dat jaar per toeval uit hoe grafeen kon worden geïsoleerd. Door plakband op een potloodstreep te plakken, te verwijderen en dit voorzichtig te herhalen deden ze wat al sinds medio twintigste eeuw werd geprobeerd: het isoleren van grafeen. De twee wetenschappers wonnen hier een Nobelprijs voor. Het materiaal is namelijk 200 keer sterker dan staal, harder dan diamant, en ook nog eens superlicht, superdun en supergeleidend. Vandaar dat het wordt gezien als de opvolger van plastic: een wondermateriaal dat een tijdperk vormgeeft.

Grafeen zelf is niet nieuw, maar dat het geïsoleerd kan worden wel. En daar is de wetenschap nogal enthousiast over. Maar enthousiasme kan gepaard gaan met naïviteit. Langzamerhand wordt namelijk duidelijk dat grafeen niet alleen zonnige kanten heeft. Sommige onderzoekers voorspellen dat de kleine deeltjes afkomstig van de productie van grafeen schade aan de natuur en de menselijke gezondheid zullen veroorzaken als er van tevoren geen maatregelen worden genomen. Moeten we ons zorgen maken?

Quote du Jour | Kwik Kwek en Kwak

Een paar jaar geleden is van alle studenten de studiebeurs afgepakt met de expliciete belofte dat het vrijkomende geld geïnvesteerd zou worden in het onderwijs. Dat de studiefinanciering van de geschiedenisstudent wordt gebruikt om de opleiding van de werktuigbouwkundestudent te verbeteren was er niet bijgezegd. Sommige dingen lijken zo vanzelfsprekend dat je ze niet expliciet hoeft af te spreken maar met Haagse logica is alles mogelijk.

Uitstekende column in de Volkskrant, door hoogleraar statistiek Casper Albers. In Duckstadmetafoor, omdat dit (met dank aan Rob Jetten) zo hoort in deze discussie over de herverdeling van onderwijsmiddelen.

Foto: Sleutel met Scandinavische motieven (Museum Dorestad) copyright ok. Gecheckt 04-10-2022

Radbod. Koning tussen twee werelden

RECENSIE - Wie wat bewaart, die heeft wat: ik bezit een echt kaartje van de vorig jaar terecht geflopte speelfilm Redbad. Oké, ik heb die film dus ook werkelijk gezien, maar inmiddels hebben alweer twee musea laten weten dat ze dit zeldzame stuk graag in hun collectie willen hebben, dus mijn bioscooplijden legt mij geen windeieren. Dat is niet het enige voordeel dat Redbad achteraf oplevert.

Er zijn namelijk twee goede boeken verschenen over de vroegmiddeleeuwse heerser, die door Frankische monniken Radbodus wordt genoemd en door de Britse geleerde Beda Rathbedus. Dit moeten weergaven zijn van een naam die leek op het Oud-Friese Rêdbêd of het Oudengelse Ræthbed. In latere sagen heet de man Radboud of Radbold, terwijl de vorm Redbad een nog latere vorming is in het Fries. Het ene goede boek is Redbad van Sven Meeder en Erik Goosmann; het andere is Radbod. Koning in twee werelden van Luit van der Tuuk. Waar Meeder en Goosmann boeiende dingen hebben te melden vanuit Frankisch perspectief, benadrukt Van der Tuuk Radbods Noord-Nederlandse achtergrond. Radbod was een man van twee werelden en dat maakt twee visies mogelijk.

De eerste hoofdstukken van Radbod gaan over de vroege geschiedenis van (en de samenleving in) het gebied tussen de mondingen van de Zwin en de Wezer. Natuurlijke factoren maakten dat dit heel versnipperd was: enerzijds het gebied bewesten de Vlie (zeg maar het latere graafschap Holland), vervolgens het gebied van Westergo en Oostergo (ofwel de huidige provincie Friesland), tot slot het gebied ten oosten van de Lauwers, dus ruwweg de provincie Groningen en het Duitse Ostfriesland. Deze driedeling is herkenbaar in de vroegmiddeleeuwse optekening van het Friese recht, de Lex Frisionum, en is ook weer verder onder te verdelen. Het westelijke deel kende bijvoorbeeld bewoningskernen aan de monding van de Maas en de Rijn, langs de Vecht, in het Kennemerland, rond het huidige Medemblik en op Wieringen en Tessel. Iets dergelijks geldt voor de twee andere delen. Het moge duidelijk zijn dat in dit versnipperde gebied geen echt centraal gezag kon ontstaan en dat lokale heersers de dienst zouden blijven uitmaken. Dat Radbod desondanks toch enig supraregionaal gezag lijkt te hebben gevestigd, duidt erop dat de bewoners zich bedreigd hebben gevoeld.

Foto: © Bron www.commissievanrijn.nl Aanbieding rapport wissels om. Minister I. van Engelshoven (links), voorzitter drs. M Van Rijn (rechts). copyright ok. Gecheckt 08-09-2022

Geen zin in een leuk stukje

COLUMN - Ja, ik schrijf altijd van die leuke stukjes over interessant nieuw of minder nieuw neerlandistisch onderzoek, of met observaties over taal, of met milde grapjes over de managementcultuur.

Maar nu heb ik geen zin.

Sinds vrijdag ben ik heel bezorgd en heel boos. De idiote aanbevelingen uit het vreselijke rapport van de commissie Van Rijn lijken nu te worden overgenomen door de minister van wetenschappen, drs. I. van Engelshoven. In een tijd van ongekende welvaart, in een tijd van allerlei oververhitte maatschappelijke discussies waarvan we de aard en structuur nauwelijks begrijpen, in een tijd waarin Nederlandse wetenschappers wereldwijd geprezen worden om de doelmatige manier waarop ze met hun middelen omgaan, in een tijd dat menige collega zich volkomen over de kop werkt, besluit drs. I. van Engelshoven dat het wel genoeg is met die hele wetenschap.

Heidag

Al het geld moet naar beta/techniek, want alleen die brengen geld in het laatje. Dat veel rechtschapen onderzoekers in die sector helemaal niet zitten te wachten op geld dat moet komen uit de afbraak van de rest van het gebouw van de wetenschap, doet er niet toe. Dat sommigen onder hen zelfs waarschuwen dat met een dergelijke plotselinge ongeleide groei er allerlei problemen ontstaan in hun eigen discipline – de minister is er doof voor.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Vorige Volgende