Surveillance loont, of toch niet?
Surveillance loont. Minister Opstelten (Veiligheid & Justitie) lanceerde onlangs zijn voorstel om Automated Number Plate Recogntion (ANPR) aanzienlijk uit te breiden. Camera’s met ANPR-software scannen kentekens om die langs verschillende opsporingslijsten en zwarte lijsten te leggen. Het voorstel heeft hem vanavond terecht een Big Brother Award opgeleverd.
Maar ANPR levert ook de staatskas een leuk zakcentje op. Onze Steeph vond in de begroting van 2014 een bedrag van drie miljoen euro ingeboekt. Niet als kosten, maar als opbrengsten. Met ANPR kun je makkelijker controleren. Aangezien de plannen erin voorzien om het systeem landelijk uit te rollen en mogelijk ook camera’s van het ministerie van Infrastructuur in te zetten, wordt continu overal iedereen gecontroleerd.
In Engeland boekte de politie hiermee veel succes. Alleen al in 2008 haalde de Engelse politie 185.000 onverzekerde auto’s van de weg met behulp van ANPR. Dat is veel, maar nog niets vergeleken met de hoeveelheid reisbewegingen die dagelijks in een database worden gestopt (en worden bewaard), namelijk 10 tot 14 miljoen. Per dag.
Die gegevens staan in een centraal systeem, waar verschillende veiligheids- en opsporingsdiensten kunnen bijhouden. Ook, zo blijkt, kunnen inzittenden vaak ook geïdentificeerd worden. Dat was niet de bedoeling, maar is wel handig.
In een samenleving die geobsedeerd lijkt te zijn door het voorkomen van aanslagen en criminaliteit ligt discriminatie op de loer. Er zijn alternatieven: kijk naar het individuele gedrag in plaats van afkomst of laat een objectieve computer zoeken. Maar zo simpel is dat nog niet.’In onze samenleving is er de laatste jaren de sterke neiging om problemen van een etnisch label te voorzien’
Stel dat de overheid zou eisen dat u verplicht een armband zou dragen waarmee ze kon registreren waar u allemaal zoal kwam en deze gegevens dan een maand vasthouden. Dit alles omdat ze dan misschien achteraf een dief zouden kunnen vangen. Zou u dat acceptabel vinden? Waarschijnlijk niet.
In een digitaal onbegrensde wereld is identiteit eens temeer een kernopgave van staten, gemeenschappen, instituties en individuen. De ‘power of identity’ valt moeilijk te overschatten. Een saillant voorbeeld daarvan betreft een uitspraak van prinses Maxima in 2008 dat ze de Nederlandse identiteit had gezocht, maar niet had gevonden. Ze deed die bij de presentatie van een rapport dat, subtiel,