Waar de oppositie vergat door te bijten
Het spoeddebat van gisteren leverde een hoop vuurwerk op, maar de coalitie had een hele dag besteed aan het vakkundig schoonvegen van hun straatje, dus ging er niemand onderuit. Maar terugkijkend op het geheel knagen er toch twee dingen. Dingen waar de premier zich niet eens uit hoefde te draaien omdat niemand hem erop wees.
Allereerst was er de kanttekening van van Walsum. Dit vormt de kern van de verdediging van de premier dat het volkenrechtelijk allemaal misschien wat [i]shaky[/i] was, maar dat er ook nog politieke factoren kunnen meespelen. Inmiddels heeft hij er de frase ‘met de kennis van toen’ aan toegevoegd, maar het verandert niks aan het gegeven dat zonder die kanttekening hij geen poot had om op te staan. Maar wat staat er nu op die ene zalmroze bladzijde (.pdf, pag.270)?
Allereerst het punt waar de premier ons zo graag aan herinnert: er spelen ook nog andere factoren dan volkenrecht:
“Volgens hem [van Walsum] dient een verantwoordelijke regering zich niet alleen door de regels van het volkenrecht maar ook door de eisen van de internationale politiek te laten leiden. Als de twee met elkaar in botsing komen ontstaat een dilemma, maar geen regering zal accepteren dat haar vitale politieke doelstellingen onder alle omstandigheden voor het volkenrecht zullen moeten wijken.”





