Winst oliemaatschappijen afromen?
Het zijn gouden tijden voor de grote oliemajors nu olie record na record verbreekt. Ons eigen Shell boekte vorig jaar 19 miljard euro winst. In vergelijking met 2002 en de periode daarvoor is dat maar liefst een verdubbeling van de inkomstenstroom. We zien dit over de gehele linie voorkomen, de grootste oliemajor uit het westen, ExxonMobil, zag haar winst net als Shell verdubbelen van 20 naar 40 miljard dollar sinds 2003. Dat roept de vraag op of dergelijke gigantische inkomsten wel zinvol besteed worden? Oliemaatschappijen hebben meer verantwoordelijkheden dan alleen de winst van hun aandeelhouders. Zijn ze wel goed bezig voor de voorziening van (steeds schonere) energie voor de samenleving?
Het onderwerp is des te interessanter omdat het een van de hoofdpunten zal worden in de Presidentsverkiezingen van de VS in het najaar. In de Verenigde Staten hebben vooral de Democraten weinig vertrouwen in de wereld van big oil. Barack Obama en Hillary Clinton zien een ‘windfall profits tax’ wel zitten. Zo stelt Obama voor om alle inkomsten van in de Verenide Staten geproduceerde olie boven de 80 dollar per vat af te romen en te parkeren in een speciaal energieinvesteringsfonds. Na het doorploeteren van de financiën van ExxonMobil lijkt dat op het eerste gezicht een uitstekend idee. De oliemajor geeft het grootste deel van haar extra winst terug aan de aandeelhouders. Maar liefst 32 miljard dollar werd gespendeerd in 2007 aan het terugkopen van aandelen tegenover 6 miljard in 2003. Geld dat in de huidige tijd besteed zou moeten worden in de energievoorziening zelf. Zo waarschuwt de energiewaakhond van de OESO, het Internationaal Energie Agentschap al jaren voor het gebrek aan investeringen in de energiesector waardoor de ‘wielen onder ons energiesysteem mogelijk wegvallen’.
De anticorruptiewaakhond 



