Martha Nussbaum en levenskunst

Nut en rechtvaardigheid zijn de twee leidende principes van de moderne moraal. Martha Nussbaum, een van de belangrijkste hedendaagse Amerikaanse filosofen, onderzoekt hoe die moraal weer een bredere invulling kan krijgen. Daarvoor grijpt ze terug op de levenskunstfilosofen van de klassieke oudheid, in het bijzonder Aristoteles. De centrale vraag in haar ethiek is dan ook ‘Hoe te leven’? Ethiek, Bildung, maar ook politieke filosofie krijgen allemaal haar aandacht onder de centrale noemer van het ‘goede leven’. Het goede, zo laat Joep Dohmen in zijn lezing over Nussbaum zien, is niet singulier maar meervoudig. Wat is dan het goede?

Door: Foto: Sargasso achtergrond wereldbol
Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Intieme en intimiderende technologie

Sociale media hebben niets te maken met intimiteit, schrijft filosoof Jan Vorstenbosch. Een nieuwe aflevering in de serie Intieme Technologie van het Rathenau Instituut.

‘Intieme technologie’…een intrigerende paring van woorden. Het klinkt een beetje als ‘zwarte sneeuw‘. Dat ligt vooral aan de suggestieve betekenis van ‘intiem’. Bij intiem denk ik aan een etentje (gezelligheid, close, romantiek), een omhelzing (warmte, lichamelijkheid), aan vrienden (vertrouwelijkheid, nabijheid, gehechtheid). ‘Intiem’ drukt uit dat we gedurende een zekere episode op een bepaalde wijze een ervaring hebben, zoals ook ‘knus’, ‘plezierig’, ‘fijn’ en ‘heerlijk’ en ‘gezellig’ dat doen. De kern van het intieme als een dimensie van ervaring bij een situatie of handeling, is relationeel en intersubjectief. De ervaring wordt bijvoeglijk uitgedrukt en ze is in beginsel positief – de complicaties laat ik graag liggen voor schrijvers. Iemand die helemaal geen intieme relaties heeft, nooit eens een intiem etentje, geen omhelzingen, geen vrienden, vinden we ‘zielig’.

Zielig. Ook zo’n woord trouwens. Min of meer per abuis meldde ik me aan bij Facebook. Ik dacht een beter contact te organiseren met een vriend die verhuisd was. Na drie maanden heb ik, welbewust, nog altijd maar die ene vriend, die de reden van mijn aanmelding was. Ik weersta tot nu toe de verleiding om al die aardige, interessante, mij vaag bekende mensen die er blijk van gaven aan die ene willen worden toegevoegd, te bevrienden. Een verre vriend uit een ver verleden vond het maar zielig, één vriend! op Facebook!!!  Ik vind mensen die prat gaan op driehonderd vrienden op Facebook zielig.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

De aantrekkingskracht van extra dimensies

Natuurkundige Lawrence Krauss geeft een mooi praatje over de aantrekkingskracht van extra dimensies en loopt de geschiedenis door van Plato tot de Twilight Zone.Hij behandelt de culturele achtergrond van het denken over extra dimensies, maar ook de theorie. Mooie avondvulling, want Krauss is een boeiende verteller.

Je vindt de lezing door deze link te volgen.

Zijn wij ons brein (11)?

‘Net zoals een zin niet meer is dan een reeks inktstrepen, zo is ook een gedachte niet meer dan een verzameling hersenprocessen, maar je mist wel het essentiële van het verschijnsel als je een zin enkel beschouwt als een reeks inktstrepen en een gedachte enkel als een verzameling hersenprocessen.’ Dit was de les die dr. Menno Lievers ons meegaf in de kerstvakantie. Volgens Lievers is het bestaan van het begrip vrije wil niet afhankelijk van de mogelijkheid een kwabbetje in de hersenen te lokaliseren.

Vandaag is neurowetenschapper prof. dr. Marian Joëls aan het woord. Zij doet onderzoek naar de invloed van stress op de hersenen. Zoals veel mensen uit ervaring weten, kan stress zorgen voor behoorlijk wat lichamelijk ongemak en wordt het veroorzaakt door omgevingsfactoren. Hoe denkt Joëls over de verhouding tussen lichaam en geest?

Niet meer dan genen en omgeving

Als bioloog zie ik geen reden om te denken dat er meer is dan de genen en de omgeving die in interactie bepalen hoe onze hersenen worden aangelegd en hoe ze reageren op wat we meemaken. Ik denk wel dat er een inherente toevalsfactor kan zijn in hoe processen verlopen, waardoor het nog niet simpel is te voorspellen hoe alles precies wordt aangelegd en werkt. Maar naar mijn idee kunnen de hersenen en hun werking als een natuurwetenschappelijk proces begrepen worden, al kunnen we dat nu bij lange na nog niet.

Toekomstvoorspellingen uit 1900

John Elfreth Watkins was a civil engineer working for American railroads of the 19th century. After suffering a disabling accident in 1873, he became a clerk for the Pennsylvania Railroad, and in 1885 became a curator at the transport section of the Smithsonian. In 1900, he contributed an article to the Ladies’ Home Journal, entitled What May Happen in the Next Hundred Years.

It’s downright impressive how many of these predictions have actually come to pass in the 112 years since the column was written. It almost makes you wonder if the days of C, X, and Q being part of the English alphabet are numbered.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Zijn wetenschappers helden?

Wetenschappers kunnen niet vliegen zonder hulpmiddelen, beschikken enkel over superkrachten in het laboratorium, en dragen een bril omdat ze zonder nu eenmaal niets kunnen zien. Toch zijn er meer wetenschappelijke helden dan alleen fictieve wetenschappers als Indiana Jones, Lara Croft en Peter Parker, stelt Koen Beumer.

Einstein siert de t-shirts van jongeren die ook Che Guevera en Nelson Mandela in hun kledingkast hebben hangen. Newton en Darwin staan in steen vereeuwigd in parken over de hele wereld. En de heroïsche ontdekkingen van onderzoekers als Galileo en Feynman waren inspiratie voor velen om een carrière in de wetenschap te ambiëren.

De verering van wetenschappelijke helden bereikte het hoogtepunt aan het  eind van de negentiende eeuw in Frankrijk. Louis Pasteur, al tijdens zijn leven op handen gedragen door het Franse volk, weigerde zelfs in het Pantheon te worden bijgezet en kreeg zijn eigen graftombe in het onderzoeksinstituut dat zijn naam droeg.

Toen zijn lichaam van de Notre Dame naar de tombe reed moest de begrafenisstoet door een haag van vele duizenden Parijzenaars die hem een laatste eer kwamen bewijzen.

Natuurlijk had Pasteur zijn heldenstatus voor een belangrijk deel te danken aan zijn bijdrage aan onderzoek dat de levensverwachting van miljoenen mensen verhoogde. Maar dat betekent niet automatisch dat een hedendaagse wetenschapper eenzelfde eerbetoon kan verwachten. Neem Willem Kolff, uitvinder van de kunstnier, hart-longmachine en kunsthart. Deze apparaten hebben naar schatting meer dan twintig miljoen levens gered. Kolff heeft hier ruim wetenschappelijke erkenning voor gekregen, maar zijn publieke eerbetoon bleef beperkt tot de uitverkiezing van Overijsselaar van de Eeuw – net voor Epi Drost, een verdediger van FC Twente die bekend stond om zijn riskante terugspeelballen.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dit jaar veel vrijdagen de dertiende

DATA - Nieuwjaarsdag viel dit jaar op een zondag, dus vandaag is het vrijdag de dertiende. Dit jaar hebben we ook in april en juli een vrijdag de dertiende (en een zondag de eerste). Per jaar is het maximaal drie keer vrijdag de dertiende. Mensen die in het ongeluk van deze dag geloven, kunnen hun borst dit jaar nat maken.

Onze kalender heeft een cyclus van 400 jaar. Maar daarbinnen vallen weer cycli van 28 jaar die onderbroken wordt als er een eeuwwisseling plaatsvindt die deelbaar is door 400. Dat komt niet zo vaak voor, dus voor het gemak ga ik hier uit van een cyclus van 28 jaar.

Als je de cyclus telt vanaf 2001 (het jaar 2000 onderbrak de vorige cyclus van 28 jaar omdat dit jaar deelbaar is door 400) tot 2028 lees je in de tabel hieronder af in welke maanden van welk jaar het vrijdag de dertiende is. Dit jaar is dat drie keer het geval. Toch tamelijk uniek, want dat is slechts vier keer per cyclus het geval.

Overigens is de kans dat de dertiende op een vrijdag valt het grootst. Er is slechts een klein verschil met de andere dagen, maar toch het grootst. In 400 jaar passeren 4800 maanden de revue, 4800 keer is er dus een ‘dertiende’ van een maand. De verdeling van de ‘dertienden’ over de dagen van de week is als volgt:

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Is beter onderwijs met geld te koop?

Het SCP gooit met een nieuw rapport “de knuppel in het hoenderhok”, en dat levert vernietigende commentaren op.

Het SCP heeft zeven publieke diensten onderzocht: primair en voortgezet onderwijs, ziekenhuiszorg, extramurale en intramurale verpleging en verzorging, politie en rechtspraak. De kosten van deze diensten stegen in de periode 1995-2010 meestal veel sneller dan de hoeveelheid product, ook nadat rekening is gehouden met de invloed van de geldontwaarding. De kostprijs per eenheid product – een behandeling in het ziekenhuis, het onderwijs aan een leerling op de basisschool, enzovoort – nam dus voortdurend verder toe. Het SCP kijkt vervolgens of de hogere kostprijs te verklaren is door de verbetering van de kwaliteit en doeltreffendheid van de dienstverlening. Dat blijkt in het algemeen niet zo te zijn.

Het CBS constateert al jaren dat de kosten in het onderwijs stijgen, terwijl het aantal leerlingen in met name PO en VO nauwelijks toeneemt. 1 miljard erbij voor klasssenverkleining (zoals Ria Bronneman opmerkt, Netelenbos gebruikte daarvoor een “window of opportunity”) en 1 miljard erbij voor de leerkrachten zijn een deel van de verklaring. Dat klassenverkleining en méér geld voor leerkrachten op macroniveau geen rechtstreekse correlatie hebben met leerprestaties in enge zin is goed te begrijpen. Het geld is destijds ook niet alleen voor dat doel aangewend; aantrekkelijkheid van het beroep was ook een argument.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De Honderdjarige Oorlog , Jeanne d’Arc

600 jaar geleden werd Jeanne d’Arc geboren. De dag werd in Frankrijk groot herdacht. Ze speelde een cruciale en bijna onbegrijpelijke rol in de afloop van de honderdjarige oorlog. Een oorlog die we in Nederland bijna negeren – in ieder geval op de scholen – maar die het Europa zoals we het nu kennen sterk mede heeft gevormd. Het onderstaande stuk is een fragment uit “Niet naar Santiago en weer terug” van gastredacteur Hans Rottier. Waarheid is betrekkelijk. Zo ook in dit fragment.

De Honderdjarige Oorlog is ingewikkeld. Een van de meest inge­wikkelde periodes in de ontwikke­ling van Europa. Waar je begint is arbitrair. Ik kies voor Hugo Capet die in 987 het ko­ningschap krijgt van de feodale heersers in Frankrijk. De vor­ming van de Duitse eenheid is kinderspel verge­leken bij deze periode.

Als de Karolingers in 987 definitief hun macht afstaan aan Hugo Capet, is er nog al­lesbehalve een eenduidige staat. Hij is een gekozen koning tussen een hoeveelheid vazallen die meestal meer be­zit hebben dan hij. In een dispuut met Adelbert du Péri­gord wil hij dat die een beleg van Tours opheft. Adelbert wei­gert, waarop Hugo hem zegt dat de graven koninklijke die­naren zijn. Adelbert antwoordt dat het wel de her­togen en graven zijn die hem in het zadel hebben geholpen (Qui t’a fait comte?; Qui t’a fait roi?). De Capets moeten zeer rustig en voorzichtig te werk gaan willen ze iets van hun koningschap maken. Ze zijn zeer voorzichtig. Bijna onzichtbaar, stukje bij beetje ver­groten ze met behulp van de Kerk en slimme huwe­lijken hun invloed en gebied. Ze houden zich buiten de investi­tuurstrijd en hebben ook niets van doen met de inval in Enge­land van een van hun vazallen, Willem de Verove­raar.

Er bestonden al veel langer goede verbindingen tussen de En­gelse koningen, ex-Noormannen en de hertogen van Norman­dië en in 1002 trouwt de zuster van de hertog van Normandië – Emma – met Ethel­red II. Daarmee ontstaat een relatie tussen beide gebie­den en de zoon van Emma, Eduard de biechtvader, wordt in 1042 koning van Engeland. Hij belooft Engeland in 1051 aan zijn neef Willem van Normandië. Als Eduard dan in 1066 overlijdt wil Wil­lem zijn bezit claimen. Harold II, een zwa­ger van Eduard, en diens broer claimen echter ook het koning­schap van Enge­land. Willem neemt zeer snel actie, steekt het Kanaal over recht naar het noorden en komt bij Hastings Ha­rold II tegen in een veldslag die niet zo groot is geweest, maar die be­hoorlijke gevolgen voor Frankrijk, Enge­land en eigenlijk Europa als geheel zal heb­ben. Harold wordt verslagen en ge­dood. Willem is de Veroveraar, ko­ning van Enge­land én hertog van Normandië. Als we wat in­terne onaardigheden in het huis van Willem de Veroveraar ach­terwege laten, zien we in 1100 Henry I, zoon van Willem, op de troon van Engeland. Zijn dochter Mathilde is erf­genaam, want zijn zoon is om­gekomen bij een schipbreuk. Zij trouwt met Geoffrey Planta­genet en hun zoon is Henry II Planta­genet (1133–1189). Die naam moet je onthouden.

De Engelse koning heeft nog steeds bezittingen in Frankrijk en is nog steeds vazal van de Franse koning Lodewijk VI. Lodewijk VI heeft met succes het koningschap op een wat hoger plan gezet en kan geen insubordinatie gebruiken. Henry I bezet het fort van Gisors en weigert feodale eer te betonen aan de Franse koning. Daarop vol­gen de eerste schermutselingen die zullen ontaarden in de Honderdjarige Oorlog. De Guerre de Gisors. In 1120 moe­ten beide feodale heren van de paus vrede sluiten. De Kerk wil geen ‘christelijke oorlogen’ meer en de kruistochten zijn net begonnen. Het is het eerste verdrag in een lange reeks. Relaties, huwelijken, erfelijk bezit van land en bo­venal de wei­gering om de Franse ko­ning te aanvaarden als meerdere. Op dit mo­ment gaat het feite­lijk alleen nog om het hertogdom van Normandië.

Lodewijk VI sterft in 1137 en zijn zoon Lodewijk VII (1120–1180) neemt het over. Hij trouwt in 1137 met Aliénor[1], erfge­name van Aquitanië[2]. Zij is dan vijftien jaar. Dat gaat voorlo­pig goed en ze krijgen twee kinderen die verder geen rol van bete­kenis meer spelen. Het tweede kind is mis­schien niet van Lode­wijk. In 1146 moet Lodewijk VII op kruistocht. Het was mode, er wordt druk vanuit de Kerk uitgeoefend, het was zijn religieuze plicht: iets dergelijks moet het geweest zijn. Hij gaat en Aliénor gaat mee.

Maar Aliénor is gegroeid en is dan vierentwintig jaar. Vrijge­voch­ten? Geforceerd? Hoe het ook zij, in Antiochië is zij blijk­baar te intiem met haar oom Raymond de Poitiers. En er is ruzie over de te volgen strategie. Lodewijk is jaloers en niet blij. Hij laat het huwelijk ontbinden, waarschijnlijk op beider initiatief. Het for­mele ar­gument is dat ze familie zijn in de 4e graad (volgens het cano­niek recht). Dat is een grote fout van Lodewijk en ei­genlijk ook niet te begrijpen. Is het trots? Is het druk van de Kerk? Is Aliénor gewoon een kreng en ging ze te ver? Hoe dan ook, Aliénor neemt haar bruidsschat mee en vertrekt. Aquitanië, dat zo ele­gant deel van Frankrijk leek te worden, bungelt vrij in het feodale wereldje voor ieder dieAlié­nor kan en wil trou­wen. Dat laat Henry II Plan­tagenet zich geen twee keer zeggen. Het huwelijk met Lodewijk is in 1152 ont­bonden en in hetzelfde jaar trouwt zij met Henry II Plantage­net, de latere koning van En­geland en verbindt Aquitanië op deze wijze aan Engeland. Ze krijgen acht kinderen. Goed gere­geld. Berekend? Neemt ze wraak[3]?

Nu is een groot deel van Frankrijk in Engels koninklijk bezit.

De Honderdjarige Oorlog is nu niet meer te voorkomen met slimme huwelijken en een vazallen buiging.

De koning van Engeland buigt niet voor de koning van Frank­rijk.

De eerste Honderdjarige Oorlog begint kort na de troonsbestij­ging van Henry II in 1154. In 1159 be­gint een strijd tussen de ver­schillende koningen van Engeland en Frankrijk die in 1259 wordt be­slecht met het verdrag van Parijs. Lodewijk IX (Saint-Louis) liquideert het conflict en brengt over het geheel rust in het ko­ninkrijk. De op­lossing voor het moment is dat Aquitanië een En­gels graaf­schap wordt, waarvan de graaf vazal van de koning van Frankrijk is. Het geeft rust tot 1337. Deze eerste Hon­derd­jarige Oorlog is een conflict tussen koningen dat wordt uitgevoerd met legers. Het volk heeft er natuurlijk wel last van, maar het valt allemaal mee. De schaal is beperkt. Op last van de paus.

Alleen in 1294 gaat Philips de Schone Eduard I nog te lijf in drie campagnes en lijft Aquitanië in. Het zijn ruzies om visgronden tussen vissers uitNormandië en vissers uit Bayonne en uit La Ro­chelle. In 1299 wordt met het verdrag van Montreuil alles weer teruggegeven en de Engelse ko­ning Eduard bevestigt dat hij vazal van de Franse koning is. Alles is weer rustig.

Waarom blijft het zo relatief rustig na 1066 en vooral na 1152?

De Kerk had de kruistochten georganiseerd en een van de doe­len was om de interne ‘christelijke oorlogen’ te verhinderen en de ogen op de ongelovigen, de islam, te richten. Of omge­keerd: de ogen op de islam te richten om vrede in Europa te bren­gen. In 1272 is de laatste kruistocht afge­lopen en de ogen rich­ten zich weer he­lemaal naar binnen. In die periode tot 1300 zijn er nogal wat verdragen die door de Kerk worden afge­dwongen. De Kerk had macht. Macht gebaseerd op de preek­stoel, landbezit en bo­venal toch echt ook het geloof. Geloof in God en het hier­namaals. Dat je de Kerk te vriend moest hou­den, anders zou je branden in de hel.

Als in 1298 en 1303 de Tempeliers de laatste aanvallen op de islamitische gebieden in het Midden-Oosten hebben onderno­men komen ze met z’n allen terug naar Europa. Ze hebben een groot fort in Parijs. Daar waar de koning woont. Philips de Schone gaat de Tempeliers te lijf. De redenen zijn duister, maar ik sluit niet uit, dat hij zich gewoon bedreigd voelde door dat onafhan­kelijke leger van de paus ineens dicht bij zijn bed. Daarnaast was het duidelijk dat hij een krachtmeting met de paus uit te vechten had. Wie is de baas in Frankrijk? En, niet onbelangrijk, Philips had geld no­dig. Als de grootmeester van de Tempeliers Jacques de Molay terug is in Parijs, wordt op vrijdag 13 oktober 1307 een zeer ge­coördineerde inval gedaan bij alle tempelier­verblijven en bezittin­gen door heel Frankrijk. Alle Tempeliers worden gearres­teerd. Het proces duurt tot 1314. Op het conci­lie van 1311, voor de gele­genheid bij elkaar onder druk van Philips de Schone, wordt de orde ont­bon­den, maar niet veroordeeld zoals Philips wil. Zij die hun dwaalweg bekennen komen vrij. Zij die dat niet doen gaan op de brand­stapel. Jacques Molay als laatste in 1314. Het is een lange strijd tussen Kerk en staat. Tussen paus en koning eigenlijk. De koning wint deze keer. De Kerk heeft de kruis­tochten verloren en duidelijk minder macht. Het geloof heeft een deuk opgelo­pen. Er gaan geen koningen en andere adel meer naar het Midden-Oos­ten. Alle energie kan weer op oorlogen in het eigen gebied worden gericht. Engeland – Frankrijk dus.

De vlam gaat in de pan als Edward III in 1337 maar weer eens weigert de Franse koning te erken­nen. In 1338 verbinden de Vla­mingen zich met de Engelsen en in 1340 neemt Edward III de titel Koning van Frankrijk aan. De Franse vloot wordt bij Brugge ver­nietigd en in 1346 worden ze bijCrécy in de pan gehakt. Calais capituleert in 1347. Het gaat niet goed met Frankrijk. In 1347 wordt er dan vrede gesloten die wat uitloopt tot 1355 van­wege de pest. Ondanks die rampzalige ziekte, die ongeveer 30% van de bevolking neemt, gaat de oorlog daarna gewoon door. De Engel­sen plunderen het Franse land d.m.v. kortdurende roof­tochten. De zwarte ridder verhalen komen uit deze periode.

Het gaat verder. In 1356 worden de Fransen bij Poitiers in de pan gehakt en in 1358 wordt de dauphin vermoord. Du Gues­clin is een Frans militair die dan eindelijk wat terug weet te doen. Vechtend trekt hij 21 jaar, tot 1380, door Frankrijk en jaagt de Engelsen uit een groot deel vanZuidwest-Frankrijk in 1369/1370.

Richard II en Karel VI proberen het diplomatiek. Richard II krijgt zelfs in 1396 de dochter van Karel als vrouw. Ze is dan vijf jaar. Het mag niet baten en Henry IV gaat er weer vol in. In 1407 wordt de graaf van Orléans vermoord door de mannen van Jan Zonder Angst van Bourgondië. Er ontstaan twee par­tijen. De Ar­magnacs en de Bourgondiërs.

Als dan ook een burgeroorlog ontstaat tussen beiden is de chaos compleet. In 1419 wordt Jan Zonder Angst vermoord als hij toe­nadering met deArmagnacs zoekt. Di­rect daarna schui­ven de Bourgondiërs door naar het Engelse kamp. Samen met Isa­beau de Bavière, de vrouw van Karel VI en dus koningin van Frank­rijk. Dat is nogal wat.

Isabeau, dochter van de hertog van Beieren, was feitelijk re­gen­tes van Frankrijk met Karel VI (sinds ongeveer 1392 open­lijk) als gek aan haar zijde. Ze weet als Beierse in de krankzin­nige Franse situatie niet goed meer wat te doen binnen de open­lijke bur­ger­oorlog. Ze begaat twee doodzonden. Ten eer­ste kiest ze de kant van de Bour­gon­diërs en sluit ze het verdrag van Troyes geheel ten voordele van de Engelse ko­ning. Ten tweede onterft ze Karel VII, het enig overle­vende kind van haar en Ka­rel VI. Het wordt haar niet in dank afgenomen. Ze sterft in 1435 te­rugge­trokken in l’hôtel Saint-Pol. Veracht door ieder­een.

In 1420 wordt dan het verdrag van Troyes gesloten waarin de Koning van Engeland de titel Koning van Frankrijk krijgt. Karel VI en Henry V sterven alle twee in 1422 (toeval?). De kronen van Frank­rijk en En­geland zijn verenigd. Parijs is op de hand van de Engelsen en in 1432 wordt de Engelse koning Henry VI in Parijs in de Notre Dame gekroond. Van 1420 tot 1436 bezetten de Engel­sen Parijs. Ze lijken te hebben gewonnen en Karel VII weet eigen­lijk niet wat hij moet doen.

Ondertussen strijden de Armagnacs in de provincie door. Karel VII is dan wel Dauphin, maar het lijkt of niemand hem meer ziet staan. Ook de Duitse keizer Sigmund van Luxem­burg erkent Henry V en hij tekent een verdrag met de Engelsen te Canterbury in 1416. Het is alsof Engeland en Frank­rijk echt één ko­nink­rijk zijn. Maar dan blijkt dat de ogen van de eenen­twintig­ste eeuw vervormd kij­ken naar deze peri­ode, want niets is minder waar. Binnen een paar jaar is alles om­ge­keerd en gaat de Engelse ko­ning met de staart tussen de benen terug om nooit meer in Frankrijk te worden gezien. In elk geval niet om de troon te clai­men. De in­nerlijke werking van deze laatste jaren en de werke­lijke reden van het vertrek van Engeland zijn duister. Is het de uitputting van beide lan­den?

Plotseling is daar in 1429 een zeventienjarig boerenmeisje uit Domrémy aan de Maas, net buiten het feodale Frankrijk. Onge­letterd en gedreven door stemmen. Vermoede­lijk onderwezen door haar moeder en enkele mensen uit haar omgeving. Zij is er van overtuigd dat Karel VII de rechtmatige koning van Frankrijk is en dat de Engelsen verslagen kunnen worden. Maar eerst moet Karel VII in Reims gekroond en door de Kerk gewijd wor­den. Het gebeurt zoals zij heeft gezegd, maar bij Com­piègne gaat het fout. Ze wordt door een Fransman gevangen genomen, door een Fransman verkocht en door de Franse in­quisitie be­recht. De secu­liere rechtbank negeert haar en de vol­gende och­tend wordt het vuur aangestoken door een Engelse Beul. Het is een kort leven. Ze wordt nog geen twintig jaar.

1412 6 januari – Geboorte van Jeanne [of Jehanne] d’Arc in Domrémy [la Pucelle].

1429 Februari – Vertrek van Domrémy naar Vaucouleurs

1429 Eind februari – Vertrek naar Chinon

1429 8 Mei – Bevrijding van Orléans

1429 17 juli – Koningswijding van Karel VII te Reims

1430 april/mei – Veldtocht rond Compiègne

1430 23 mei – Jeanne wordt gevangen genomen op bevel van Jan van Luxemburg. Hij levert haar uit voor 10.000 Tour­naise ponden – enkele honderdduizenden euro’s zegt men – aan bis­schop Pierre Cauchon, die op de hand van de En­gel­sen is.

1430 mei/november – Jeanne wordt gevangen gehouden in Beaulieu en Beaurevoir

1430 november/december – Jeanne wordt overgebracht van Beaurevoir naar Rouen

1431 9 januari – Begin van het proces van de inquisitie.

1431 24 mei – Jeanne tekent de afzwering van dwalingen.

1431 28/29 mei – Jeanne wordt in mannenkleren aangetrof­fen en er wordt een te­rugval verklaard. Ze wordt over­gedra­gen aan de seculiere rechterlijke macht die haar direct doorgeeft aan de beul, zonder enige verdere rechtsgang.

1431 30 mei – Vroeg in de ochtend wordt Jeanne levend ver­brand op de oude markt van Rouen.

Ze is gebruikt en gemanipuleerd. Ze had erkend. Ze had gete­kend. Er was geen re­den meer om haar te executeren. Er is alle aanleiding om te vermoeden dat de enige kleren die ze had ge­kregen op 28 mei de bewuste mannenkleren waren en die trok ze dus aan. Ik betwijfel of ze zich gereali­seerd heeft dat het haar dood zou worden. Op weg naar het schavot en vastgebon­den op de brandstapel gaat ze geweldig tekeer in een sterk emotionele tirade die een enorme indruk op de massa maakt. Het vuur wordt aangestoken en ze is snel dood. Dan wordt de brandstapel openge­broken om de ver­branding te stoppen. Haar kleren zijn al bijna weg, de resten worden wegge­trok­ken en ze is zicht­baar in haar naaktheid. Het is aangetoond dat ze een vrouw is. Het vuur wordt weer op gang ge­bracht en blijft bran­den tot Jeanne volle­dig verast is[4].

Toch is er dan blijkbaar iets veranderd, want Philips de Goede van Bourgondië trekt zich terug uit de alliantie met de Engelsen die dan weer alleen staan. Wat er allemaal precies is gebeurd aan politiek gekonkel, is moeilijk te achterhalen. Hij krijgt daar­voor van Karel VII de graafschappenAuxerre, Mâcon en de ste­den aan de Somme. Met dit verdrag van Arras in 1435 is het einde van de oorlog nabij. In 1448 is er nog een offensief inNormandië en in 1450 is er een veldslag bij Formigny. De laat­ste schermutselingen vinden plaats bij Castillon in 1453. Alleen Ca­lais is dan nog in bezit van de Engelsen.

Direct na de inname van Rouen in 1450 wordt bevel gegeven door Karel VII voor een onderzoek naar het proces van Jeanne d’Arc. Het gaat moeizaam. De Kerk erkent dat er fouten zijn gemaakt, maar werkt het proces tegen. In 1456 wordt ze dan toch ge­reha­biliteerd. In Enge­land wordt ze nog lang als heks beschouwd. Daar komt pas ver­andering in met het verschijnen van de History of Great Britain van Speed (1611). Pas in 1909 wordt ze zalig verklaard. Op 16 mei 1920 wordt ze heilig ver­klaard[5].

Het zijn de ingrediënten van het feodale systeem die aan de wieg staan van de Hon­derdjarige Oorlog die feitelijk zal duren van 1066 tot 1435 met het verdrag van Ar­ras, of tot 1453 bij de overwin­ning van Castillon, of tot 1558 als de Fransen Calais ein­delijk terugveroveren op de Engel­sen. Toch geven de Engel­sen de claim op de Franse troon niet op en pas in 1801, als ze blijkbaar de overtui­ging hebben dat er echt geen koning meer in Frankrijk komt, geven ze die titel op. Of mis­schien ook wel om­dat het ze de kop kan kosten, of wellicht zijn ze bang voor Na­poleon, wie zal het zeggen. Waarom ze die titel wilden hou­den, maar nooit meer hebben willen effectu­eren, is een goede vraag. In zekere zin is het Europa op zijn smalst. En de Britten type­rend.

Het is voorbij. Het is ingewikkeld. De Franse en Engelse adel zijn gedecimeerd en in Engeland breekt als gevolg van het echec de war of the rosesuit. Het volk is het zat en heeft zwaar te lijden gehad. De Kerk heeft politiek grotendeels langs de zijlijn ge­staan, d.w.z. kon of wilde geen vuist maken om de partijen te laten stoppen. De pest en de oorlog laten de beide landen in een econo­mische crisis achter. Het feodale systeem bestaat niet meer en Frankrijk is nu een compleet land. De koning wordt erkend. Maar de feodale verhoudingen zijn nog niet verdwenen. Het heeft ruim 400 jaar geduurd sinds Hugo Capet. De feodale heersers geven uiteindelijk allemaal de strijd op en worden deel van Frankrijk. Ze worden veroverd zoals Bourgondië, of worden bezit door gemani­puleerde huwelijken zoals Bretagne. Het lijkt dat de konin­gen en adel wijzer uit de strijd komen. Dit soort oorlogen komt hierna niet meer voor. Men lijkt te weten dat je niet wint op deze ma­nier. De machts­strijden onderling en met de Kerk vinden vanaf nu vrijwel uit­sluitend op politieke wijze plaats. Geschil­len tussen landen zijn nog niet zo ver.

De macht van de Kerk wordt minder. Parallel aan de Honderd­ja­rige Oorlog vindt in 1414–1418 het concilie van Konstanz, plaats dat een einde maakt aan het Grote Schisma van het Westen waar pausen in Avignon, Rome en Pisa bestaan. Ofwel de grote ver­warring van de legitimiteit van de pausen…

Het is genoeg.

Wat blijft is de verbazing over het handelen van een zeventien­jarig meisje.

[1] Ik heb gekozen de naam Aliénor te gebruiken en niet Elia­nor, Eleanor, Leonore – en wat ik verder allemaal niet ben tegenge­ko­men. De naam komt van alia Aénor – een andere Aénor vol­gens Jean Flori. Ze is dus naar haar moeder ver­noemd. Daarbij vind ik Aliénor gewoon een mooie naam.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De Islam in China

Even vooraf: dit boek biedt meer dan de titel suggereert. De schrijfster (1936), reisbegeleidster sinds 1986, geeft ook een beeld van de islam op zich: inhoud, symbolen, rituelen, militaire expansie in Azië, kunst, handel, Zijderoute. Ze geeft ook een beknopt schematisch overzicht van de Chinese geschiedenis en parallel daarmee van de gebeurtenissen in andere culturen in de rest van de wereld.

Het boek zelf begint met het ontstaan van de islam in de zevende eeuw in Arabië. In minder dan een eeuw (651-751)stonden de Arabische legers in Spanje, aan de Indus en aan de grenzen van China. De schrijfster verklaart die snelle veroveringen door de efficiënte militaire kracht, de mobiliserende ideologie, de religieuze en culturele band, die ook vandaag nog altijd bestaat. Allicht speelde de zwakheid van de tegenstanders ook een rol. Vervolgens geeft ze een introductie in de islam, met verklaring van een aantal begrippen en symbolen.

Vanaf 650, 100 jaar dus voor de veldslag bij de Talas rivier, stuurden Arabische kaliefen gezanten naar China. Dat was blijkbaar al de wens van Mohammed. Vele Arabische kooplieden vestigden zich in Chinese steden, o.a. in Kanton/Guangzhou. De zijderoute, een naam die pas in 1870 gegeven werd door de Duitse geograaf Ferdinand von Richthofen, verbond Xi’an (“Westelijke Vrede”) met de Middellandse zee. De route was 11.265 km lang. De auteur zegt niet wanneer ze precies ontstond.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Ongelijke beloning tussen mannelijke en vrouwelijke docenten

DATA - In het boek “The Black Swan” beschrijft Nassim Nicholas Taleb de impact die één zeer onwaarschijnlijke gebeurtenis kan hebben op onze samenleving. Ik las het boek destijds in één adem uit en ik herinner me vooral dat de “zwarte zwaan” in die week wel erg dichtbij kwam, in de vorm van een zwarte Suzuki. Vandaag las ik in De Volkskrant een opmerkelijk bericht over ongelijke beloning in het onderwijs en ik vroeg me even af of het hier om een mogelijke “zwarte zwaan” voor de onderwijssector gaat.

De beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen zijn in Europa gemiddeld 17%. In Nederland zijn de verschillen nog groter: tussen de 20% en 25%. (Bron: The gender pay gap in the Member States of the European Union: quantitative and qualitative indicators. Belgian Presidency report 2010).

Het CBS schrijft in 2010 nog: “Loonverschillen hangen sterk samen met de bedrijfstak. Bij de financiële instellingen bedroegen de gemiddelde uurloonverschillen tussen mannen en vrouwen in 2008 meer dan 30 procent, terwijl deze in het onderwijs maar net boven de 15 procent uitkwamen”.

Eén docente van een middelbare school heeft daarover nu een klacht ingediend, en gelijk gekregen van de Commissie Gelijke Behandeling. Het CGB verwijst op haar website naar een rapport over beloningsverschillen in de zorg: ik zou heel graag willen weten hoe het in het onderwijs gesteld is. Gezien de algemene trends en het vele onderzoek dat ernaar gedaan is, kan ik me niet voorstellen dat deze docente de enige is. De diverse rapporten over de “versterking van de functiemix” in het onderwijs die ik vond, geven helaas geen uitsplitsing naar geslacht.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De professional vertrouwt op zijn ambachtelijkheid

Professionals in het sociaal werk laten zich steeds meer in een wetenschappelijk keurslijf stoppen. Dat ze dit laten gebeuren hangt samen met een gebrek aan professioneel zelfvertrouwen.  Sociale professionals vergeten dat ze als ambachtslieden ook moeten vertrouwen op hun gevoel, zegt gastredacteur en pedagogisch werkster Nathalie Grahame.

Om elk misverstand te voorkomen, ook ik vind dat de methodes en technieken van het sociaal werk wetenschappelijk onderbouwd moeten zijn. Alleen op die manier kan de professionaliteit van de beroepsuitoefening worden gewaarborgd en kan er zicht worden verkregen op het effect van gepleegde interventies. Waar het mij om gaat, is dat sociaal werk betrekking heeft op een wereld die niet of slechts ten dele maakbaar is.

Daarnaast wordt er aan het ‘verwetenschappelijkte’ sociaal werk regelmatig meer zekerheid toegeschreven dan gerechtvaardigd is. Te vaak wordt voorbijgegaan aan het feit dat hulpverlening uiteindelijk niet meer is dan een tussenkomst in een socialisatieproces. Een proces dat de hulpverlener, weliswaar zo goed en zo gefundeerd mogelijk, wil beïnvloeden, maar nooit volledig kan sturen. Deze sturing ligt per definitie buiten het bereik van de hulpverlener.

De angstige professional
Geregeld wordt aan de huidige professional gerefereerd als een angstige professional. Hij zou zich kritiekloos voegen naar de manager, de wetenschapper en de politicus en slechts doen wat hem gevraagd wordt.
Hij neemt geen initiatief en durft niet langer te vertrouwen op zijn inschattingsvermogen. Mijn ervaring is dat dit beeld vaak klopt. Ter illustratie wil ik mijn eigen beroepspraktijk aanhalen.

Vorige Volgende