Schuld aan de crisis: jazz voor schaduwbankiers
Dit is alweer aflevering 6 van de collegecyclus ,,Wie heeft de crisis veroorzaakt?’’ van econoom Ewald Engelen. In de vorige aflevering schetste hij in grote lijnen de geschiedenis van het bankiersvak, deze keer gaan we wat dieper in op de details: wat verkopen de banken eigenlijk en waarmee verdienen ze zoveel geld? Waarom is het zo vreselijk misgegaan? Het is deze keer misschien wat technisch, maar daarom volgens mij nog niet saai, er zit zelfs jazz in. En, hé, het is een college, we willen wat leren. Ik vermijd het jargon niet, maar leg het wel uit.
De crisis waar we het vandaag over hebben is nog steeds gaande en we beginnen daarom even met de actualiteit van de eurocrisis.
Het was weer een mooie dag vandaag [donderdagavond 3 november] voor crisiswatchers. De grote vraag is of de Grieken nu wel of geen referendum gaan houden over de financiering van hun schulden. Op dit moment kan niemand dat zeggen. [De volgende dag zal Papandreou het voorstel voor een referendum weer intrekken, Michel]. Papandreou wordt zwaar onder druk gezet door Merkel en Sarkozy, die dreigen de eerder toegezegde gelden niet uit te betalen. Als dat gebeurt kunnen de Grieken begin december hun ambtenaren niet meer betalen. Het is op dit moment volstrekt onduidelijk hoe dit verder zal gaan.
De eurocrisis is een gevolg van de crisis die begon in 2007. Deze crisis is een bankcrisis. Er zou geen enkel probleem zijn geweest als de banken voldoende reserves hadden gehad om de klap van de schuldreductie op te vangen. Maar in hogere buffers hadden de banken in het verleden geen zin, want grote hoeveelheden dood geld op je balans betekent dat je minder winst maakt. En als de banken minder verdienen, wordt geld lenen duurder en daar had de politiek weer geen zin in. Daarom werd in Europa te laat ingegrepen en hielden de banken hun te lage buffers aan.




“De Italiaanse premier Berlusconi en de Spaanse premier Zapatero beloofden – onder zware druk van hun collega’s – een serie aanvullende bezuinigingen. Die moeten voorkomen dat Italië en Spanje op dezelfde doodlopende weg belanden als Griekenland, met als eindbestemming een megalening uit het noodfonds.”