Wat de VVD niet wil liberaliseren aan de woningmarkt

Een radicaal idee voor liberalisering kan de woningmarkt op het goede spoor zetten. Al zit de VVD daar niet op te wachten. Niet omdat ze tegen liberaliseren is, maar omdat het ingaat tegen de belangen van haar kiezers. En de VVD is geen ideeënpartij, maar een belangenpartij. Dat wordt in de wooncrisis weer goed zichtbaar. Over de wooncrisis schreef ik eerder twee stukken, met zowel de VVD als de markt in prominente rollen. Over hoe Stef Blok er door het inviteren van grote beleggers voor zorgde dat mensen hun vrijheid op de woningmarkt verloren. En over hoe de toestroom van geld het wonen voor velen onbetaalbaar maakt. Hier wil ik een vorm van liberaliseren bespreken, die liberalen zal aanspreken, maar VVD-ers niet. Maar eerst iets meer achtergrond over de woningmarkt. De woningmarkt kent geen marktwerking Er is een misverstand dat een goed gesprek over de woningmarkt vaak in de weg zit. Het misverstand dat de woningmarkt een gewone markt is. Aan de oppervlakte lijkt dat het geval. Er is vraag naar woningen. Er is aanbod. Er vinden transacties plaats. Maar er bestaat op de woningmarkt niet zoiets als marktwerking. In een markt met marktwerking zijn prijzen signalen die sturend werken voor andere ondernemers. Bij te weinig aanbod stijgt de prijs. Dat brengt producenten ertoe de productie op te voeren, of lokt nieuwe aanbieders. Dat leidt tot een stijgend aanbod en een nieuw evenwicht tussen vraag en aanbod. Dat mechanisme - prijsveranderingen die als prikkels door het economisch zenuwstelsel bewegen en informatie overbrengen die marktpartijen aanzet tot handelen - dat is wat een markt laat werken. Dat mechanisme bestaat niet in het belangrijkste deel van de woningmarkt. Om dat te zien moeten we een onderscheid maken tussen de twee markten waar de woningmarkt uit bestaat, de grondmarkt en de bouwmarkt. Die bouwmarkt is een vrije markt, met veel grote en kleine aannemers en producenten. Prijzen zijn daar op dit moment hoog, door veel vraag en dure bouwmaterialen. Maar door de prikkels die daarvan uit gaan zal de markt dat zelf corrigeren. De grondmarkt is geen markt Het gebrek aan marktwerking in de woningmarkt komt door de grondmarkt. Grond genoeg, maar voor woningbouw heb je grond nodig met een woonbestemming. Die is schaars en dat stuwt de prijs omhoog. Maar geen marktpartij kan die prikkel beantwoorden. Want het is niet aan marktpartijen om grond een bestemming te geven. Dat doet de politiek. Dus die prikkel loopt dood. Niets marktwerking. De bestemming van grond wordt, meestal op gemeentelijk niveau, door de politiek bepaald. Hoeveel grond met een woonbestemming er beschikbaar komt is dus het resultaat van politieke besluitvorming in onze ca. 350 gemeenten. Dat bepaalt het aanbod en dus de huidige schaarste. En het is aan diezelfde politiek om die schaarste op te lossen. De vele rollen van de politiek Zoals andere markten functioneert ook de grondmarkt binnen een algemeen wettelijk kader. Maar anders dan bij andere wetten volgt uit de wet op de ruimtelijke ordening dat lokale overheden hele specifieke uitspraken moeten doen over de basisgrondstof voor de woningmarkt, namelijk de grond. Van elke vierkante meter grond leggen overheden in het bestemmingsplan de bestemming vast. Zo bepalen ze op detailniveau wat er op de grond- en woningmarkt gebeurt. En ze spelen nog meer actieve rollen op de woningmarkt. Overheden hebben veel grond in eigendom, hebben dus belang bij de waarde van grond. En bij schaarste want dan stijgt die waarde. Ze hebben ook ideeën over wat er met die grond moet gebeuren. Niet alleen met de eigen grond, maar met alle grond. Ze initiëren ook ontwikkelingen. En anders dan andere grondeigenaren kunnen ze zelf bijvoorbeeld een weg, park, of vaart aanleggen. Grondbezitter zijn monopolisten Ook de private kant van de grondmarkt is ongewoon. Dat heeft te maken met een andere eigenschap van grond. De grondmarkt is één van de weinige markten waar elke eigenaar een soort monopolist is. Want geen twee stukken grond zijn hetzelfde, elk stuk is uniek. Je koopt tenslotte een locatie (en geen grond). Grondspeculanten en projectontwikkelaars weten dat monopolie te gelde te maken. Ze kopen op strategische plekken goedkope, vaak agrarische grond op. Die verkopen of ontwikkelen ze op het moment dat de bestemming naar wonen verandert. Zo’n bestemmingswijziging betekent een verveelvoudiging van de prijs. Denk bij strategische gelegen aan grond waar een stad logischerwijs een volgende nieuwbouwwijk zou bouwen. Dan kan een gemeente niet om ze heen. Zoals de polder Rijnenburg bij Utrecht en de Gnephoek bij Alphen aan de Rijn. Beide reeds door grondspeculanten opgekocht. Grote kans dat daar straks duizenden mensen dikke hypotheken moeten afsluiten, om de grond onder hun nieuwe woning te kunnen betalen. Het bevoorrechten van mensen met bezit Er wordt beweerd dat de woningmarkt de laatste decennia geliberaliseerd is. Ogenschijnlijk klopt dat. Stef Blok vergrootte de vrijheid van buitenlandse beleggers om woningen op te kopen, die ze nu voor veel geld verhuren. Banken verdienen goed aan de in de afgelopen decennia toegenomen vrijheid om hoge hypotheken af te sluiten. Er is meer vrijheid om met tweede woningen te verdienen aan andermans eerste levensbehoefte. Kortom, de vrijheid om te verdienen aan woningen waar andere mensen in wonen is vergroot. Maar is het vrijheid als je vermogen moet hebben om er gebruik van te kunnen maken? Of heet dat privilege, of voorrecht? Het grondwettelijk woonrecht lijkt naar de achtergrond te zijn verdwenen door het voorrecht van vermogenden om te profiteren van de woningschaarste. Met liberalisme heeft dat weinig te maken. Maar er is een vorm van liberalisering denkbaar die de niet vermogende groepen meer vrijheid geeft. De liberalisering van de grondbestemming Voor elke vierkante meter grond met een woonbestemming heeft Nederland ongeveer tien vierkante meter grond met een agrarische bestemming. Wordt die grond met een zelfde dichtheid bebouwd als de grond waar nu 7,9 miljoen woningen staan, dat kunnen we daar 79 miljoen woningen kwijt. Dat zou het woningtekort wel oplossen. Dat kan nu niet, omdat politiek is afgesproken dat waar nu een koe graast geen woning mag worden gebouwd. Maar stel we liberaliseren het bestemmen van grond. We laten het onderscheid tussen grond met een woonbestemming en grond met een agrarische bestemming los. Dan kan in ieder weiland een huis gebouwd worden. Wat gebeurt er dan? Het effect zou desastreus zijn. De huizenprijzen zouden instorten. Dat zit zo. De prijs van de woning is de optelsom van de prijs van de grond en de prijs van het gebouw. De immense prijsstijgingen sinds de jaren tachtig, komen voornamelijk door de waardestijging van schaarse woningbouwgrond. Die is tientallen keren zo duur als de agrarische grond. Als dan opeens elk weiland ook voor woningbouw mag worden gebruikt, dan verdwijnt in één klap die schaarste. De grondwaarde keldert en daarmee de woningwaarde. Zo’n volledige liberalisering van het bestemmen van grond is dus niet zo’n goed idee, althans voor de woningbezitter. Maar dat ligt anders voor mensen zonder bezit - huurders en woningzoekenden die noodgedwongen bij hun ouders wonen. Want een lagere grondprijs brengt een koopwoning weer binnen bereik, of grond om er zelf één te bouwen. En zakt de woningwaarde dan zakt ook de huurpijs. De politieke bepaling van de grondprijs De systematiek van bestemmingsplannen creëert dus schaarste. Laat de overheid dat los, dan verdwijnt de schaarste en zakt de prijs in elkaar. Dat heet geen marktwerking, maar politieke besluitvorming. Grond heeft geen marktprijs, maar een politieke prijs. Het niet liberaliseren van de grondbestemming is een politieke keuze die begrijpelijk is voor zover ze de huizenbezitter tegen verlies beschermt. Maar het vasthouden aan schaarste waardoor prijzen stijgen is ook een politieke keuze. En welke minister legt eens uit waarom Den Haag de huizenbezitter blijft bevoordelen, door de woningprijzen zo uit de hand te laten lopen? Het is in ieder geval duidelijk wie er belang bij hebben. Woningbezitters, banken, beleggers, projectontwikkelaars, grondspeculanten. Gelijkenis met de achterban van de VVD berust niet op toeval. Los schaarste woningbouwgrond op Het volledig vrijgeven van de bestemmingen van grond is geen goed idee. Maar dat betekent niet dat de schaarste van woningbouwgrond in stand moeten blijven. Jesse Frederik betoogde in een stuk over de woningmarkt dat we zoveel moeten bouwen dat het aanbod de vraag overtreft en de prijs wel moet zakken. Dat is een goede strategie, maar voor het verkeerde onderdeel van de woning. De bouwcapaciteit kan helemaal niet zo snel worden opgevoerd. Dus met alleen bouwen blijf je achter de feiten aanlopen en duurt de schaarste van woningbouwgrond voort. Het is dus die schaarste aan grond die je moet aanpakken - de lucht in de woningprijzen zit in de grond. Een minister van VRO kan die schaarste oplossen door te zorgen voor veel meer grond met een woonbestemming. Als hij, bijvoorbeeld, bovenop de plancapaciteit van 1,2 miljoen woningen 0,5% van het agrarische land een woonbestemming geeft, dan biedt dat ruimte aan zo’n 400.000 woningen extra. Dat kan hij samen met provincies en gemeenten doen. Hij kan het indien nodig ook opleggen. Want met een inpassingsplan kan het ministerie een gemeentelijk bestemmingsplan aan de kant zetten. Dus gaat hij voortvarend te werk, dan zorgt hij voor een grote toename van woningbouwgrond en dan verdwijnt die schaarste als sneeuw voor de zon. Gemeenten en grondspeculanten Daarbij is het goed om oog te hebben voor die verschillende rollen van gemeenten. Ze verdienen aan de waardestijging van grond in hun bezit. Valt de schaarste weg en dalen de grondprijzen, dan betekent dat iets voor gemeentelijke begrotingen. Maar zolang ze dat op één of andere manier kunnen compenseren, zullen ze graag willen bijdragen aan een gezondere woningmarkt. Ze zien dat maatschappelijk belang. Verder moet voorkomen worden dat extra woningbouwgrond in handen komt van speculanten, die dan hun monopoliepositie tegenover gemeenten kunnen uitspelen. Een strategie gebaseerd op het toevoegen van veel, maar wel kleinschalige stukken woningbouwgrond ligt dan voor de hand. Wellicht gekoppeld aan verplichtingen voor zelfbewoning. VVD belangen zitten in de weg Kortom, een minister die de regie wil nemen om de wooncrisis op te lossen kan gelijk aan de slag. Prijzen gaan door het dak, omdat de overheid schaarste veroorzaakt. Dus maak prijsstabilisatie hoofddoel van het beleid. Zorg vervolgens voor een snelle toename van woningbouwgrond, zodat er binnen korte tijd een klein overschot ontstaat. Dat dempt de prijzen. Zo neem je het door de politiek veroorzaakte probleem serieus. En een markt waarin prijzen niet altijd maar stijgen verandert het hele speelveld, ten gunste van bewoners en ten koste van beleggers en speculanten. De vraag is wel hoe je dit buiten het zicht van de VVD doet. Want de VVD vereenzelvigt zich zozeer met de belangen van huizenbezitters, particuliere en institutionele beleggers dat ze ondertussen onderdeel van het probleem is. De VVD is een partij geworden die je moet uitleggen dat liberaliseren niet hetzelfde is als je eigen achterban de vrijheid geven om zoveel mogelijk te profiteren. Dus kijkt de VVD even de andere kant op, dan is dat het moment om de grondmarkt zodanig te liberaliseren dat de schaarste verdwijnt. Dat dient de belangen van al die mensen die nu buiten de boot vallen. Dat betekent uiteindelijk een woningmarkt met meer keuze en dus meer vrijheid. Vrijheid voor iedereen. Lees verder: Hoe Stef Blok de woningmarkt tegen het individu uitspeelde De twee oorzaken van de wooncrisis en over opsluiting in de vrije huurmarkt

Foto: Roel Wijnants (cc)

Gedoe in de coalitie hoeft geen probleem te zijn

ANALYSE - De coalitiepartijen VVD, D66, CDA en ChristenUnie hebben gedurende Rutte III meermaals en over diverse onderwerpen in de clinch gelegen. Menig keer werd dan gesproken over een potentiële kabinetscrisis. Terwijl deze incidenten juist ook bij kunnen dragen aan behoud van het electoraat van deze partijen, een analyse van bestuurskundige Aron van Balveren.

Na maanden van onderhandelen presenteerden VVD, D66, CDA en ChristenUnie op 15 december het nieuwe regeerakkoord: ‘omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst’. Sceptici stelden nog tijdens de formatie dat de kans groot is dat de regeringsperiode van kabinet Rutte IV niet zo lang gaat duren. Want zijn de tegenstellingen tussen de politieke partijen niet enorm groot, en scheerde het kabinet Rutte III niet al een aantal keer langs de rand van de afgrond voordat het uiteindelijk ten val kwam?

Discussie, onenigheid en perikelen rondom (het oplossen van) het stikstofprobleem, het kinderpardon en het klimaatakkoord. Een drietal voorbeelden van onderwerpen waarbij sprake was van een botsing tussen de coalitiepartijen in Rutte III. Deze voorbeelden zijn in de afgelopen jaren breed uitgemeten in de media. Gesuggereerd werd dat deze gebeurtenissen zo maar eens zouden kunnen leiden tot een kabinetscrisis. De termen ‘bijna-crisis’ en ‘de rand van de afgrond’ vielen. De vraag is of deze botsingen daadwerkelijk de potentie hadden om een val van het kabinet te kunnen veroorzaken, of dat dit juist onderdeel is van een gezamenlijke politieke strategie om electoraal te kunnen overleven als regeringspartijen?

Quote du Jour | Personeelsbeleid van anderen

Partijen moeten zich niet met personeelsbeleid van anderen bemoeien.

Deze geprikkelde reactie van Mark Rutte komt nadat Gert-Jan Segers van de Christen Unie heeft gezegd niet meer met hem, maar nog wel met zijn partij te willen samen werken. Dezelfde Mark Rutte dus die een paar dagen lang ontkende over een ‘functie elders‘ voor Pieter Omtzigt te hebben gesproken met de verkenners voor de formatie van een nieuwe regering. Hoeveel boter heb je dan op je hoofd? De hele boterberg van de jaren ’60 en ’70?

Foto: Ministerie van Buitenlandse Zaken (cc)

Wie was het meest succesvol aan de onderhandelingstafel?

ANALYSE - door Simon Otjes (eerder verschenen bij Stuk Rood Vlees)

Het regeerakkoord ligt er. Na een formatie van negen maanden zijn VVD, D66, CDA en ChristenUnie eruit. We hebben het eindresultaat van de onderhandelingen. Een cruciale vraag voor politicologen is wie daar de meeste invloed op heeft kunnen uitoefenen. Journalisten stellen al de vraag: heeft de VVD niet te veel weggegeven? Volgens de Telegraaf ademt het akkoord D66. Kunnen we een beeld krijgen van welke partij aan het langste eind getrokken heeft? En kunnen we een beeld krijgen van onder welke voorwaarden een partij succes boekt?

Het meten van onderhandelingssucces

Papier is geduldig. Vage formuleringen kunnen veel conflicten afdekken. Ook dit akkoord blinkt daarin uit: “We bezinnen ons op de positie van het lokale bestuur en de positie van de burgemeester daarbinnen om het toekomstbestendig te maken.” Tussen de partijen die de burgemeester in huidige vorm willen behouden en de partijen die een directer democratisch mandaat willen, is hier een wazig compromis gesloten. Bovendien worden sommige beslissingen uitgesteld in verband met de nieuwe bestuurscultuur.

De financiële paragraaf van het regeerakkoord is een stuk preciezer. De coalitiepartijen committeren zich aan bepaalde bedragen. Bovendien: partijen hebben ook bij de doorrekening hun programma in eenzelfde mal aangeboden. Die twee, de programma’s en het regeerakkoord, zijn zo direct te vergelijken. Deze financiële paragraaf bevat het overgrote deel van het akkoord: klimaat, economie, zorg, onderwijs veel van deze voornemens hebben financiële implicaties, maar zelfs de rol van de Tweede Kamer staat in de budgettaire bijlage.

Foto: Michał Koralewski (cc)

De twee oorzaken van de wooncrisis en over opsluiting in de vrije huurmarkt

ANALYSE - Dat de woningmarkt in crisis is weten we. Maar de analyses van het probleem en dus ook van de oplossingen lopen uiteen. Je kunt twee scholen onderscheiden. De ene school ziet vooral het tekort aan woningen als probleem en wil dat er gebouwd wordt. De andere school ziet vooral de financialisering van de woningmarkt als probleem. Beide zijn relevant, maar het is goed te ontrafelen waarom en hoe ze zich tot elkaar verhouden. Dan komen we vanzelf terecht bij de vraag of bouwen een oplossing is.

De school we moeten bouwen

Eerst iets over die twee scholen.

De VVD, de partij die op allerlei manieren heeft bijgedragen aan het probleem, is zonder twijfel onderdeel van de we moeten bouwen-school. Zoals te lezen in het verkiezingsprogramma: “belangrijk is […] dat er genoeg betaalbare huizen zijn. De laatste jaren is de krapte op de woningmarkt flink toegenomen. Door extra te investeren in nieuwbouw […] zijn de afgelopen jaren de eerste stappen gezet voor meer betaalbare woningen.” Ze stelt allerlei maatregelen voor die dat bouwen eenvoudiger moet maken. Maar de analyse van de problemen op de woningmarkt is flinterdun. De inhoudelijke bijdrage van woordvoerder Koerhuis beperkt zich tot het herhalen van het ene woord ‘bouwen’.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

VVD wil met een racistische partij regeren

VVD-lijsttrekker Mark Rutte heeft de voorkeur uitgesproken voor een coalitie van zijn partij, D66, CDA en nieuwkomer JA21, meldt het NRC. JA21 presenteert zichzelf graag als het redelijke alternatief voor PVV en FVD, maar laten we niet vergeten dat JA21 zich afsplitste van het FvD vanwege antisemitische uitspraken maar niet vanwege andere racistische standpunten, vooral haat jegens islam en moslims, wat natuurlijk niet verwonderlijk is gezien de racistische standpunten van Eerdmans’ vorige partij Leefbaar Rotterdam.

Foto: CorporatieNL (cc)

Scheefwonen of scheefhuren, er is geen verschil

COLUMN - We hadden de afbraak van de (sociale)woningmarkt wel aan kunnen zien komen. Want afbraak is het. Alleen huizenbezitters zijn volwaardige burgers in de ogen van de VVD en zij krijgen zeer lucratieve aftrekvoordelen. Het is zelfs nog schever, hoe rijker je bent hoe meer voordeel je geniet. Het nu zichtbare gevolg daarvan is een standenmaatschappij die de democratie aantast, meent Harry Bleeker.

Scheefhuren

De poging van de VVD om de sociale aspecten in de woningmarkt te framen met termen als “scheefhuurder” is niet alleen zorgelijk en betreurenswaardig, maar soms ook ronduit lachwekkend. Laat ik een poging wagen dit aan te tonen.

Scheefhuurders dat zijn vreselijke mensen die in een sociale huurwoning wonen terwijl ze best veel meer huur zouden kunnen betalen. Dit wordt met droge ogen gezegd, terwijl het in de huidige woningmarkt voor starters op de koopmarkt, maar ook voor huurders, onmogelijk is om een betaalbaar huis te vinden.

Er is een inkomensgrens waarboven je niet in aanmerking komt voor sociale huur of huurtoeslag. Ik bespreek hier de term scheefwonen en heb het niet over de huursubsidie. Wat het spiegelbeeld is en waarover nog geen onenigheid bestaat.

Soms ga je, tijdelijk of niet, meer verdienen dan die inkomensgrens en dan huur je volgens de VVD dus scheef (te weinig huur=positief scheef wonen).  Waarom een inkomensgrens? Omdat je geacht wordt een bepaald gedeelte van je inkomen aan huur te moeten besteden. Je doet de starters op de woningmarkt te kort door te blijven zitten in een voor jou te goedkope huurwoning. Is dat zo? Doe je starters niet veel meer te kort door de woningmarkt over te laten aan diegenen die, gefaciliteerd door Stef Blok, bakken geld hebben om te investeren en huurders slechts zien als de ultieme suffe melkkoeien. Op zijn minst merkwaardig in dit verband vind ik het volgende.

Foto: Ministerie van Buitenlandse Zaken (cc)

De VVD heeft een prima alternatief voor Rutte als premier

COLUMN - Nee, het is nu niet aan de orde. Maar na april, de maand van de tegenmacht, die er niet kwam. De radicale ideeën bij nieuwsuur, die er niet waren. De inhoud waarover het moest gaan, wat zonder inhoudelijke onderhandelingen niet gaat. Drie maanden stilstand levert zomaar weer een reden om te beginnen over de positie van Rutte. En dan hoop je dat hij klaar staat in de coulissen. Al zit hij er vermoedelijk niet op te wachten. Dat mag geen beletsel zijn. Het hoeft ook geen vier jaar te duren.

De VVD heeft dus een uitstekende opvolger voor Rutte in huis. Niet Edith Schippers, of Jeanine Hennis-Plasschaert. Maar iemand die als minister-president voldoende autoriteit zou hebben om zich boven de partijen op te houden. En één van de zeldzame VVD-ers met moreel gezag. Bovendien iemand die wel raad weet met de voormalige bestuurspartij, die begint met de c van corruptie.

Hij gaat zichzelf niet op de borst slaan, daarom moeten anderen dat doen.

Ervaring

Zo is het best handig als een premier iets weet en begrijpt van belangrijke dossiers. Denk bijvoorbeeld aan de woningbouw. Het is alweer even geleden, maar als staatssecretaris van VROM zat volkshuisvesting en stadsvernieuwing vier jaar lang in zijn portefeuille. Verder snapt hij als (voormalig) commissaris van twee woningbouwcorporaties waarschijnlijk ook hoe de sociale huursector is klemgereden. Dat helpt bij de herintroductie van een minister van Volkshuisvesting.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Foto: ALDE Party (cc)

De rechtsstaat: straffend of vol mededogen

COLUMN - Bijdrage van Joyce Hes.

Afgelopen donderdag zat ik aan de buis gekluisterd en volgde ik het debat in de Tweede Kamer over de beruchte notulen uit de ministerraad. Er waren een paar zaken die me opvielen. In het eerste gedeelte ging het er flink aan toe. De fractievoorzitters van de diverse coalitiepartijen werden zeer stevig aan de tand gevoeld en de verwijten waren niet van de lucht.

Het tweede gedeelte waarin het kabinet aan het woord kwam, was opvallend veel gematigder van toon. Het leek wel of de eerste ronde een afreageerronde was geweest zodat in de tweede ronde de grootste felheid eraf was. Was hiervoor gekozen? Was er een psycholoog ingeschakeld? Of was het feit dat de eerste helft integraal werd uitgezonden op NPO 1 leidend geweest?

Wat ook opviel was dat er uitgebreid werd gesproken over de kwestie of er nu wel of geen opzet (een politieke reden) was geweest bij het onvoldoende voorlichten en in zekere zin dus ‘kaltstellen’ van de Kamer, waarmee artikel 68 van de Grondwet zou zijn overtreden. Eigenlijk leek mij de uitleg van Hoekstra nog het betrouwbaarst: om staatssecretaris Snel, die de boel duidelijk niet meer in de hand had, te beschermen, had Hoekstra ervoor gekozen voor te stellen Omtzigt te sensibileren en de Kamer even ‘on hold’ te zetten (mijn term). Bewindslieden zoals ook Cora van Nieuwenhuizen en Rutte zelf hadden meer aandacht gehad voor de lastpakkerij uit de geledingen van de Tweede kamer, juist ook van coalitiegenoten dan voor de slachtoffers van de Toeslagenaffaire.

Foto: Quite Adept (cc)

Arrogantie van de macht

COLUMN - Het was niet zozeer het het gelieg, verpakt als ‘daar heb ik geen herinnering aan’; dat hadden we al eerder gezien van Mark Rutte. Wat me het meest stoorde aan Ruttes optreden was al een week eerder gebeurd. Nadat de aantekeningen van de verkenners waren uitgelekt, en de Kamer opheldering had geëist wie hun collega Pieter Omtzigt nu die ‘functie elders’ had toegedacht, vroeg een journalist van de NOS aan Rutte of iemand hier nog verantwoording over ging afleggen.

Nee, antwoordde Rutte, en loog nog maar eens dat de opmerking over Omtzigt niet van hem kwam. En nu, vroeg de journalist. Tsja, zei Rutte: de verkenners waren afgetreden, er zouden nieuwe komen, en dat was dat. De voormalige verkenners zouden niet toelichten waar die opmerking over Omtzigt vandaan kwam. En toen zei hij het: ‘Niemand gaat hier uitleg over geven.’

Het was geen constatering, maar een opdracht aan de verkenners, waarvan er eentje dient als (demissionair) minister in Ruttes regering en de ander prominent lid van zijn partij, de VVD. Kortom: mensen over wie Rutte macht heeft. ‘Niemand gaat hier uitleg over geven.’ Bek houden, jullie allebei. Rutte deed de zaak ter plekke af als een bedrijfsongevalletje. Zand erover, schouders ophalen en doorgaan. Niets aan de hand, niets te zien. Doorlopen, mensen.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: -JvL- (cc)

Listig stemgedrag

COLUMN - Gelukkig is stemmen in de stembureaus iets heel anders dan stemmen in de Tweede Kamer. Wel jammer dat veel kiezers hun stemgedrag niet laten afhangen van wat de partij van hun keuze aan stemgedrag in het parlement vertoont.

Daarom nog even ter herinnering….

Tijdens de plenaire vergadering van 16 april 2020 kwamen deze motie aan de orde:

Motie van het lid Beckerman c.s. over een tijdelijke huurstop en een huurverlaging voor de sociale en de vrije sector:
overwegende dat thuisblijven essentieel is in de strijd tegen corona; constaterende dat velen door de coronacrisis inkomen verliezen; verzoekt de regering, een tijdelijke huurstop alsmede een huurverlaging voor zowel de sociale als de vrije sector mogelijk te maken.”
De motie werd verworpen. Tegenstemmers waren VVD, CDA, D66, ChristenUnie en Van Haga.

Op dezelfde vergadering werd ook nog over deze moties gestemd:
Motie van het lid Nijboer c.s. over bevriezen van huren en compensatiemaatregelen voor woningcorporaties.
Motie verworpen Tegen: VVD, CDA, D66, ChristenUnie, SGP, FVD, Van Haga.

Motie van het lid Dik-Faber over een moreel beroep op woningcorporaties om de voorgenomen huurverhoging uit te stellen.
Aangenomen. Tegen waren VVD, D66, SGP, FVD, Van Haga.

Die moties waren allemaal ‘corona gerelateerd’. Maar ook een motie die een kleine bijdrage had kunnen betekenen in de woningcrisis sneuvelde in november 2020.

Foto: Fossielvrij NL (cc)

Klimaat: doorrekeningen verkiezingsprogramma’s door PBL

ANALYSE - Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) heeft ook dit keer de verkiezingsprogramma’s van verschillende politieke partijen doorgerekend. Dit keer hebben slechts zes partijen hun verkiezingsprogramma laten doorrekenen door PBL, terwijl er 10 meedoen aan de doorrekening van het Centraal Planbureau (CPB). Ter vergelijking in 2017 deden 7 politieke partijen mee. In 2017 haakte het CDA af, dit keer de VVD. Daarnaast doet de Vrijzinnige Partij dit keer niet mee aan de Tweede Kamerverkiezingen. Hierbij een poging tot duiding van het boekwerk dat PBL heeft afgeleverd, waarbij ik deze constatering van het CPB-directeur Pieter Hasekamp in het achterhoofd hou:

Vrijwel alle partijen vergroten de overheidsuitgaven en geven een impuls aan de economie. Daarnaast zien we dat alle partijen de lasten voor bedrijven verhogen en dat de meeste partijen financiële lasten verschuiven naar toekomstige generaties.”

Want als er één onderwerp is waarin Nederlandse politici al jaren de rekening doorschuiven naar toekomstige generaties dan is het klimaatbeleid, want Nederland is een trage starter op het gebied van klimaatbeleid. Als politieke partijen dan nu de financiële kosten van hun beleid naar de toekomst schuiven hoop je dat dat gepaard gaat met goed milieu- en klimaatbeleid, zodat dat deel van rekening voor toekomstige generaties lager wordt.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Vorige Volgende