Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.
Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.
Leraren bewijzen zichzelf en hun leerlingen een slechte dienst
Door het krampachtig vasthouden aan een rigide jaarindeling worden leraren, leerlingen en ouders onnodig beperkt in hun keuzevrijheid betoogt Hartger Wassink, universitair docent bij het Ruud de Moor Centrum van de Open Universiteit.
Minister Van Bijsterveldt lag laatst overhoop met de Tweede Kamer over haar plan om, zeer tegen de zin van de onderwijsvakbonden in, de schoolvakanties in te korten. Het is voor mij een achterhoedegevecht. Centrale schoolvakanties bestaan omdat ze er nu eenmaal zijn en dienen geen enkel doel. Er is geen enkel onderzoek dat bewijst dat kinderen die minder dan zes (of zeven) weken schoolvakantie hebben, tot lagere onderwijsprestaties komen. Eerder het tegendeel. Evenmin is er onderzoek dat laat zien dat de noodzaak van de lange schoolvakanties voor leraren duidelijk maakt. Het onderzoek dat er is, laat zien dat de werkdruk voor leraren vooral ontstaat door een rigide jaarrooster en de piekbelastingen vlak voor de vakanties.
Dat Van Bijsterveldt voor kortere vakanties pleit, is dus alleen maar logisch. Dat leraren als professionals tegen het leerlingbelang en zelfs tegen hun eigen belang ingaan, is op z’n minst verbazingwekkend. Hier wreekt zich dat we impliciet nog steeds uitgaan van het idee dat onderwijs voor alle leerlingen op dezelfde manier gegeven moet worden, dat dat voor iedereen ongeveer even snel gaat en dat de leraar de spil is van het leerproces. Dat idee vinden we absurd voor muziekles, zwemles en voetbal, maar waarom dan niet voor Frans en natuurkunde?
Onderwijsexpansie veroorzaakt nieuwe ongelijkheid
Ongelijkheid in het onderwijs blijft bestaan en wordt nog steeds doorgegeven aan de volgende generatie. Tegenwoordig is vooral de opleidingsrichting van ouders bepalend geworden voor de opleidingskeuze van hun kinderen. Gerbert Kraaykamp, Jochem Tolsma en Maarten Wolbers zijn sociologen van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zij betogen in deze gastbijdrage dat meer onderwijs niet meer gelijkheid brengt.
Steeds meer mensen zijn anno 2011 hoog opgeleid, ook de kinderen van laag opgeleide ouders. De opleidingskeuze van kinderen wordt steeds minder gestuurd door het opleidingsniveau van ouders. Maar de opleidingsrichting van de ouders is veel belangrijker geworden voor zowel de opleidingsrichting als het opleidingsniveau van hun kinderen. Zo is de kans dat kinderen van ouders met een juridische achtergrond ook een juridische opleiding kiezen twee keer zo groot dan een keuze voor een willekeurig andere opleiding. Bovendien volgen zonen van technisch opgeleide ouders tegenwoordig ruim anderhalf jaar meer scholing dan zonen van ouders in de zorg; voor dochters is dit verschil bijna een jaar.
Deze gegevens zijn afkomstig van de Familie-Enquête Nederlandse Bevolking, een grootschalig surveyonderzoek onder een representatieve groep Nederlanders dat elke vijf jaar wordt uitgevoerd door sociologen van de Radboud Universiteit. In dit onderzoek is gebruik gemaakt van gegevens over onderwijsloopbanen en het gevolgde onderwijs van ouders van bijna negenduizend personen.
Dat kan! Sargasso is een collectief van bloggers en we verwelkomen graag nieuw blogtalent. We plaatsen ook regelmatig gastbijdragen. Lees hier meer over bloggen voor Sargasso of over het inzenden van een gastbijdrage.
Proef met snipperuren voor leerlingen
Minder werkboeken in het onderwijs
Vorige week verscheen een nieuw rapport van Regioplan over de schoolboeken. De minister stuurde een evaluatie van de Wet gratis schoolboeken naar de Kamer, voorzien van een aanbiedingsbrief.
Het betreft mijns inziens een zeer belangrijk rapport, omdat deze wet tot nogal wat onbedoelde neveneffecten heeft geleid. PvdA-Kamerlid Dijsselbloem betoogde dat er geen van boven opgelegde grote veranderingen in het onderwijs meer mochten plaatsvinden. Het veranderen van de boekenmarkt leek wellicht een kleine ingreep. Maar scholen zijn óók logistieke bedrijven: als je in een complex logistiek systeem ingrijpt, heeft dat ook consequenties voor het primaire proces.
Dat bleek al snel, toen scholen ineens Europees moesten gaan aanbesteden; specialistisch werk waar ze geen verstand van hadden. Conrectoren/ sectordirecties die het boekenfonds in portefeuille hadden, kregen er een hoop werk bij. OCW moest een grote taskforce en projectgroep in het leven roepen, om alle scholen te ondersteunen.
Even terug naar de bedoeling van de Wet. Hoofddoel van de Wet gratis schoolboeken (WGS) uit 2008 is de schoolkosten voor ouders te verlagen. De wet verplicht scholen in het voortgezet onderwijs (inclusief praktijkonderwijs en groen vmbo) om lesmateriaal kosteloos aan ouders te verstrekken. Dit betreft uiteraard schoolboeken, maar ook bijvoorbeeld digitaal lesmateriaal en syllabi. Zaken als atlassen, woordenboeken en tekendozen moeten ouders nog zelf aanschaffen. Een met dit eerste hoofddoel samenhangend nevendoel is te voorkomen dat kinderen zonder boeken op school verschijnen omdat ouders de kosten niet (kunnen) betalen.
Princeton or Prison: wat is het duurste?
Dat de gevangenisindustrie in de VS compleet is doorgedraaid, is al langer bekend. Ook dat de kosten hiervoor hoog zijn, niet alleen het onderhoud van de gevangenen, maar ook in de maatschappelijke kosten.
Normaal gesproken hou ik niet zo van hele grote infographics, maar deze vind ik wel mooi. Een goede graphic zet helder een issue op de kaart en dat lukt met deze goed. Waar steek je je belastinggeld liever in? De graphic is afkomstig van Infochimps. Klik op het plaatje voor een grote versie.
Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.
Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.
In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.
Slechte leraren? Ton Elias weet raad.
Ton Elias, kamerlid voor de VVD, heeft een missie: alle slechte leraren moeten verdwijnen. Hij wordt daarin gesteund door de schoolleiders. Op zich een nobele missie, maar zijn hele betoog ademt de sfeer van repressie. Wordt het onderwijs daar beter van? Het is allerminst zeker of indringende functioneringsgesprekken of prestatiebeloning helpen.
Het eerste probleem doet zich al voor bij het bepalen wat een goede en wat een slechte leraar is. Is dat te meten aan de hand van de gegeven cijfers? Een leraar die lage cijfers geeft, is verdacht. Hij/zij kan natuurlijk niet goed uitleggen, heeft geen orde of heeft andere problemen. Dat deze leraar misschien hoge eisen stelt aan de leerlingen is natuurlijk geen valide argument. Maar ook hoge cijfer zijn verdacht, want de leraar geeft makkelijke proefwerken, kijkt slecht na of laat bewust fouten zitten. Dat het een leraar is die het vak echt in de vingers heeft, kan natuurlijk niet waar zijn. En dan heb ik het nog niet eens gehad over ‘subtiele’ verzoeken van sommige schoolleiders om cijfers op te waarderen.
Het tweede probleem doet zich voor bij de oplossingen. Functioneringsgesprekken die aanvoelen als een dag des oordeels en bonussen voor diegenen die het beste de regeltjes naar hun hand weten te zetten. Verder dan symptoombestrijding komt Elias dus niet. Hij wil goed gedrag belonen en slecht gedrag bestraffen. Wat de echte oorzaken zijn bij het ontstaan van slechte leraren, daar durft hij zich niet aan te wagen.
Dure buitenlandse studenten?
Noot van de redactie: hierbij een aanvulling op Steephs stuk.
Soms is beleid zó succesvol, dat de bedenkers ervan achteraf spijt hebben dat ze het ooit bedacht hebben. Daar moest ik aan denken bij het lezen van dit bericht:
“Voormalig OCW-topambtenaar Ferdinand Mertens noemt het “absurd” en “maatschappelijk onverantwoord” dat universiteiten en hogescholen studenten in Duitsland werven om op Nederlandse kosten te komen studeren. Als voorbeeld noemt hij de internationale campus van Fontys in Venlo, die negen Duitstalige opleidingen aanbiedt en die actief werft onder Duitse jongeren. Met internationalisering heeft dit niets te maken, stelt de voormalig inspecteur-generaal van het onderwijs in vakblad Transfer. Naar verwachting studeren er over drie jaar 40 duizend Duitsers in Nederland.”
Mertens is de bedenker van een slogan, waarmee voormalig minister Jo Ritzen ooit een beleidsnotitie over internationale mobiliteit liet verschijnen. De titel daarvan was “Internationalisering op de fiets”. Onderwijsinstellingen in de grensregio’s zouden zich meer kunnen richten op uitwisseling met naburige scholen. Inmiddels wordt Maastricht de grootste Duitste universiteit buiten Duitsland genoemd, dus Ritzen brengt het ook daadwerkelijk in praktijk. Mertens vindt dat het nu veel te ver doorschiet.
Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.
Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.
KSTn | Buitenlandse studenten en het betablok
ANALYSE – Na eerder geschreven te hebben over het teruglopende aandeel in afstudeerders uit het betablok, leidt een recent kamerstuk naar gegevens over het toenemende aandeel buitenlandse studenten. Het wordt er niet mooier op.
Afgelopen weekend schreef ik een column over de mogelijke gevolgen van de afname van het aandeel mensen dat nog in de technische en/of betahoek zit. In de discussie kwam de vraag op in hoeverre het toenemende aantal studenten van buiten Nederland dit beeld nog zou veranderen. Mede een linkje naar een NOS artikel maakte dit aannemelijk. Het bleek echter lastig te zijn om de juiste gegevens boven tafel te halen. Tot er vandaag tussen de kamerstukken een document, opgesteld door Nuffic, zat die hielp bij de speurtocht.
Eerst even over dit document zelf.
Meest interessante grafiek vond ik onderstaande:

In het WO en HBO is het aandeel buitenlandse studenten dus in 5 jaar tijd van 6,2 naar 8% gestegen. Als je alleen naar het WO zou kijken, is de stijging nog sterker. Daar gaat het van 6,8 naar 10,1%.
Uiteraard moet je hierbij ook kijken naar het aantal Nederlanders dat in het buitenland studeert. Maar dat is in die periode stabiel gebleven met ongeveer 25.000 studenten, waarvan ongeveer 60% in HBO en WO.
Fins onderwijssucces
Finland wordt al jaren gezien als het grote voorbeeld in onderwijs. De hoge scores op PISA die vanaf 2000 bekend werden en die ook de Finnen zelf hebben verrast, heeft gezorgd voor een stroom aan publicaties over dit fenomeen. Via Twitter las ik een mooi artikel erover in Smithsonian, en in oktober komt er een nieuw en uitgebreid boek uit over het Finse systeem.
Ik geloof niet dat er een simpele verklaring is voor het succes en de overheid is zelf ook voorzichtig met conclusies. De scholen hebben veel autonomie; dat is in Nederland ook het geval (de schooldirecteuren in het primair onderwijs hebben veel meer autonomie dan in andere landen). In Finland ligt de autonomie nog dichter bij de professional.
Maar het zijn dan ook alleen de toppers die leerkracht mogen worden (van de 6000 kandidaten worden er 600 toegelaten). Hoe hoger het afwijzingspercentage, hoe groter de kwaliteit; dat weet men in Nederland bij de kunstopleidingen al lang. Méér autonomie bij de professional kan mogelijk alleen als het samengaat met betere opleidingen.
De vele grafieken die er zijn over PISA prestaties van Finland vond ik niet zo interessant. Wat ik wel intrigerend vind, is de geringe variantie tussen scholen zoals in onderstaande grafiek blijkt.
De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.
Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.
Islamitisch onderwijs – hoe verder?
GeenCommentaar heeft ruimte voor gastloggers. Vandaag is dat Bart Voorzanger, met een stuk dat eerder op zijn eigen weblog verscheen.
Het islamitisch onderwijs is weer in opspraak. Nu vanwege vermeende fraude. Er gingen (en gaan) daar dingen niet goed. Zoveel is wel duidelijk. ’t Zal sommige Nederlanders verheugen daar verontwaardigd over te kunnen doen. Maar heel veel verder komen we daarmee niet. Ik ga ervan uit dat het islamitisch onderwijs bestaansrecht heeft – ik zal zo uitleggen waarom – en dat betekent dat de problemen daar moeten worden opgelost. Maar dan moet je ze wel eerst kennen. Een schets daarom van wat naar mijn idee de belangrijkste problemen zijn.
Vooraf: het bestaansrecht van islamitisch onderwijs
Onderwijs aan kinderen betekent altijd ook het opvoeden van kinderen. Je kunt onderwijs en opvoeding niet scheiden. In ons land is opvoeding een zaak van de ouders. Er zijn landen waar dat anders ligt, waar de overheid de opvoeding dicteert, maar in elk geval ik zou daar niet willen wonen.
Je kunt niet opvoeden zonder uit te gaan van een duidelijk stelsel van normen en waarden. Dat stelsel heeft per definitie een bepaalde levensbeschouwelijke kleur. Neutraal opvoeden is een contradictie. Ons openbare onderwijs is niet neutraal, hoe hardnekkig voorstanders ervan ook doen alsof. Het biedt onderwijs en opvoeding in de geest van de min of meer seculiere, min of meer liberale, min of meer ‘verlichte’ meerderheid van het Nederlandse volk. Die meerderheid is zo groot dat het kan lijken alsof hij de norm is, de standaard, waar de minderheid van katholieke, gereformeerde, antroposofische, montessori-, dalton-, … en nu dus ook islamitische scholen, als ‘bijzonder’ bij afsteekt. Maar dat is onzin. Ons onderwijs is noodzakelijk verzuild – noodzakelijk omdat het om opvoedende instellingen gaat – en het openbaar onderwijs is daarbinnen gewoon de grootste zuil.
Tegen die achtergrond is het onvermijdelijk dat we ook islamitische ouders de mogelijkheid gunnen en geven hun kinderen naar scholen te sturen waarvan het pedagogisch klimaat aansluit bij de opvoeding thuis. En voor een orthodoxe minderheid binnen het islamitische volksdeel betekent dat een behoorlijk traditionele school. Dat vindt niet iedereen leuk. Dat is voor velen even slikken. Maar draai ’t even om: stel je voor dat je als vrijdenker woont in een land waar de meerderheid rechtleers een veeleisende religie aanhangt. Ken je jezelf in zo’n situatie het morele recht toe zelf te bepalen hoe je kinderen worden opgevoed (los van de vraag of je land zo’n recht feitelijk erkent)? Zo ja, dan zul je ook moeten accepteren dat moslimouders hier recht hebben op een school die aansluit bij hun levensbeschouwing. Zo nee, dan verspeel je daarmee het recht te klagen over landen waar het regiem de opvoeding dicteert. ’t Is een keuze …
