De docent als wegwijzer

De puberteit is eigenlijk de ontgroeningsperiode van je verdere leven. Gedurende een aantal jaren ben je als jongvolwassene veroordeeld tot een minder stabiele levensfase. Niet alleen maakt het lichaam een transformatie door, maar vooral het brein krijgt het in deze periode zwaar te verduren. Er worden stofjes aangemaakt die ervoor zorgen dat er impulsieve en risicovolle acties worden ondernomen. Bijkomende gevolgen hiervan zijn onder meer dat pubers het moeilijk vinden in te schatten wat de mogelijke gevolgen zijn van hun acties. Neem daarbij nog eens de verlammend werkende groepsdruk en het plaatje is compleet. Als docent heb je, naast de ouders, de taak om deze pre-volwassenen op het juiste pad te houden of te krijgen. Dat is een uitdaging die bij succes veel voldoening kan opleveren. Het is voor een docent dan ook een oprechte beloning wanneer een (oud)-leerling je alsnog bedankt voor die ‘wegwijzer’ die je hem of haar in het verleden hebt aangeboden. Soms heeft deze wegwijzer eerst jarenlang in de schaduw gestaan voordat deze op een bepaald moment alsnog werd gezien en erkend.

Foto: Donna Sutton (cc)

Vrijmoedigheid gevraagd

OPINIE - Ongericht afgeven op managers in het onderwijs is weinig constructief. Laat leerkrachten in plaats daarvan hun leidinggevenden vrijmoediger en dapperder tegemoet treden, meent Hartger Wassink in reactie op René Kneyber.

In het gesprek over hoe het verder moet met het onderwijs komt voortdurend de hardnekkige tegenstelling tussen leidinggevenden en leraren terug. Het is misschien wel begonnen met de beroemde Raiffeisenlezing van Geert Mak uit 2004. Daarin werden de beunhazen onder de managers afgeschilderd als een kaste gericht op zelfverrijking en eigenbelang, een ‘groeiende korst van gewichtigdoenerige figuren’. In NRC Handelsblad krijgt Leo Prick al jarenlang ruimte voor vergelijkbare, maar minder eloquent geformuleerde praatjes. Maar wat is daar nou erg aan, zullen sommigen zich afvragen? Leiders zijn toch ook slecht, door de bank genomen? En docenten hebben het toch ook moeilijk? Dat moet toch gezegd kunnen worden?

Dat ‘gezegd kunnen worden’ heeft ook een naam: parrèsia, ofwel het vrijmoedig spreken. Hester IJsseling brak daar een lans voor, in de twitterdiscussie die ontstond na dit betoog van René Kneyber. Maar het zat me dwars, en in dit stukje wil ik onderzoeken waarom.

Het is niet zo moeilijk om een stukje te schrijven over hoe slecht managers en bestuurders in het onderwijs zijn. Hoe zeer gericht op hun salaris of status en hoe ze het leven van docenten zuur maken. De voorbeelden liggen voor het oprapen en het haakt aan bij een sjabloon dat in de afgelopen jaren steeds scherper is uitgesneden.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Richard Rhee (cc)

Het manager-syndroom

OPINIE - (Onderwijs)bestuurders ontvangen, gezien hun positie in de organisatie, onvoldoende feedback en lijden daardoor aan stelselmatige zelfoverschatting, meent René Kneyber.

Enige tijd geleden was ik uitgenodigd voor een lunch over onderwijs bij een politieke partij. Tegenover me zat een bestuurder, in pak – want dat zijn ze meestal – en voerde het hoogste woord – ook meestal zo. Dat klinkt wellicht wat generaliserend, maar ik schat zo in dat assertiviteit een belangrijke voorwaarde is om bestuurder te worden en te kunnen zijn. Het pak komt daar, zo neem ik ook aan, vanzelf bij.

Hij vertelde tegen een overdreven nadruk op cijfers te zijn, ‘voor mijn middelbare scholen is het advies van de basisschool het meest zwaarwegend’. En zo had hij nog meer verhalen over hoe fantastisch hij en zijn scholen het deden, vooral die school ‘met kansarme kinderen waar leraren kei- en keihard moeten werken.’ Naast hem zat een schoolleider geduldig te wachten tot hij kon interrumperen – en eerlijk is eerlijk het duurde wel enige tijd voordat de bestuurder met zweet op zijn voorhoofd na zijn oratie een slok water nam.

‘Ik wilde even terugkomen op je eerdere punt, over die adviezen.’ Begon hij, ‘Ik heb een van jouw scholen vorig jaar bijna voor de rechter gesleept omdat ze weigerden ons advies serieus mee te nemen. Het was Cito-score, hup, niet welkom op de havo.’

Foto: Kristian Niemi (cc)

Meer differentiatie in kwaliteitsoordelen NVAO

DATA - Zou een steeds fijnmaziger observatiesysteem uiteindelijk leiden tot kleinere verschillen in kwaliteit? Als je de minieme verschillen tussen schaatsers ziet, en de uitgebreide camera- en tijdwaarnemingssystemen die we hebben, dan zou je bijna een oorzaak-gevolg relatie vermoeden. Dat ook in trainingen geavanceerde feedback systemen worden gebruikt, zal zeker een rol spelen. Het is de Lean Six Sigma filosofie toegepast op sport.

Ik moest er even aan denken bij het lezen van het jaarbericht van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO). De verschillen in 2013 in de beoordeling van de kwaliteit van het Nederlandse hoger onderwijs zijn toegenomen, schrijft het persbericht. In vergelijking met 2012 steeg het aantal oordelen “excellent” en “goed” respectievelijk van 5 naar 7 en van 16 naar 69 en ook het aantal toegekende herstelperiodes en beoordelingen onder voorwaarden nam toe van 29 naar 45.

Pas na doorklikken naar de getallen, wordt duidelijk dat er in 2013 twee keer zoveel oordelen zijn gegeven als in de jaren ervoor. Dat is uit de grafiek niet direct duidelijk. Vandaar dat ik de grafiek even opnieuw heb gemaakt, met het aantal waarnemingen erbij.
Met name het aantal “voldoende”-beoordelingen is gedaald ten gunste van het aantal “goed”-beoordelingen. Overigens interessant om te zien dat onvoldoendes nu vooral worden gegeven op het onderdeel toetsing en gerealiseerde eindkwalificaties. Excellentie zit vooral op het programma en op het personeel.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: Desiree Catani (cc)

Van de werkvloer – onderwijs | Heldenstatus door dood vogeltje

COLUMN - Woensdag 5 februari, eerste lesuur. Een hele horde leerlingen van een brugklas HAVO/VWO komt enthousiast en bijna struikelend over elkaar én elkaars woorden het tekenlokaal binnen. Met hun smartphones in de aanslag staan ze voor me. Er wordt opgewonden door elkaar heen geschreeuwd. Voor mij is er geen touw aan vast te knopen. Enkele kreten die ik tijdens deze onverwachte overval kan ontcijferen, zijn ‘fleppie’, ‘record’, ‘spelen’ en ‘kent u..?’ Langzaam krijg ik het vermoeden van een nieuwe hype, een digitale rage. Terwijl ik de druktemakers enigszins probeer te kalmeren, vraag ik of er één iemand mij rustig kan uitleggen wat er aan de hand is.

De leerling met het record van de klas in zijn bezit, inmiddels een status van jewelste, laat mij uiteindelijk zien waar het allemaal om gaat. Op het schermpje van zijn smartphone zie ik een soort van geel bolletje voor een blauwe achtergrond bewegen. Het blijkt een vogeltje te moeten voorstellen. Het vogeltje moet tussen buizen door vliegen, iets wat enkel lukt door als een dolle op het schermpje te tikken. Vliegt het vogeltje tegen een buis aan, dan ben je af. Niet meer en niet minder. Het spelletje blijkt Flappy Bird te heten. De enige Flappie die ik tot voor het begin van deze les ken, is die van Youp van ’t Hek en mijn eigen Flappie. Het konijn dat ik kreeg toen ik naar groep 3 ging.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Als het onderwijs zo slecht is, waarom weet jij het dan zo goed?

OPINIE - Jan en alleman staat te popelen om het onderwijs radicaal te veranderen. Paul Kirschner verbaast zich over de onkunde en ongefundeerde uitspraken.

Ik ben verbaasd als ik al die onderwijsgoeroes, -vernieuwers en -hervormers (lees de apostelen van het nieuwe leren, de iPadscholen, de digitale autochtonen, enzovoorts) hoor praten over wat er mis is met het onderwijs: het onderwijs is ouderwets en afstompend, het leren van feiten en concepten is overbodig omdat het zo houdbaar is als verse vis en is zelfs belemmerend voor het creatief oplossen van problemen en het divergent leren denken.

Daarnaast roepen deze verlichte mensen dat het onderwijs niet voldoet aan de eisen van vandaag en dat zulk ouderwets onderwijs ervoor zorgt dat leerlingen de broodnodige vaardigheden voor de 21e eeuw niet verwerven. Volgens hen moet het onderwijs veranderen, anders krijgen wij burgers die:

  • niet leren samenwerken,
  • niet creatief zijn,
  • ict ongeletterd zijn (vreemd – volgens Marc Prensky c.s. zijn kinderen juist digitale autochtonen),
  • moeilijk / niet kunnen communiceren (…en die digitale autochtonen en homos zappiëns dan die overal met sociale media zo vaardig met elkaar communiceren?),
  • problemen niet kunnen oplossen noch kritisch kunnen denken en
  • de nodige sociale en culturele vaardigheden missen.
  • Doe het veilig met NordVPN

    Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

    Foto: eelke dekker (cc)

    Waarom lukt onderwijsverandering niet?

    OPINIE - Waarom lukt het het onderwijs niet te veranderen? Jan Fasen, voorzitter centrale directie van het Limburgse scholengemeenschap Connect College kijkt naar drie verschillen met de zorgtransitie.

    Onlangs mocht ik aanschuiven bij het zoveelste gesprek over veranderingen in het onderwijs. Een groep ‘kantelaars’ – geestdriftige visionairs die op hun school belangwekkende veranderingen doorvoeren – was in Rotterdam bijeen onder leiding van veranderprofessor Jan Rotmans. Hij was onder de indruk van de visie en passie waarmee we de zaal al snel wisten te vullen. Hij vroeg zich hardop af hoe het kon dat hij, die van veranderen en dwarsdenken leeft, nog nooit iets gehoord of gelezen had over die kantelende scholen. En dat maakte dit zoveelste gesprek tot een bijzonder gesprek. Want Rotmans trok parallellen met transities in de zorg en de energiesector, waar nieuwe ideeën het bestaande systeem laten kapseizen. Waarom lukt ons dat niet? bleef Rotmans maar vragen. Die vraag liet me niet meer los. Vooral de vergelijking met de zorg intrigeerde me.

    Voordat ik besloot les te gaan geven werkte ik tien jaar in de geestelijke gezondheidszorg. Er is geen sector zo ingewikkeld en bureaucratisch als de zorgsector. Minutieus beschreven zorgprocedures werden boven het belang van inhoudelijk goede zorg gesteld, althans dat vonden wij, de professionals aan het bed. Die ervaring leert me dat de vergelijking tussen de zorg en het onderwijs, in het punt dat Rotmans aansnijdt, op drie met elkaar verweven punten mank gaat.

    Foto: Voedingscentrum (cc)

    Gezonde schoolkantine

    Sinds Jamie Oliver een nationale campagne begon in de UK om schoolkantines gezonder voedsel te laten serveren, lijkt het onderwerp in Nederland ook aan populariteit te winnen. Vooral het beeld van ouders die door het hek “fish and chips” aan hun kinderen gaven, omdat ze het gezonde menu van Oliver zo zielig vonden voor hun kroost, is een klassieker. Het geeft ook direct aan dat scholen en ouders een gedeelde verantwoordelijkheid hebben.

    Het Voedingscentrum liet onderzoek doen onder ruim 1.300 ouders. Ruim tweederde van de ouders van mbo- en vo-leerlingen vindt dat scholen en ouders samen moeten werken aan een gezond aanbod in de kantine en automaten. Een op de twee ouders wil zelf meehelpen.
    65% van de ouders geeft aan dat ze graag meedenken met de school over het gezonder maken van het aanbod. Vaders geven net iets vaker aan dat ze willen praten met de schoolleiding; over het schoolbeleid of door overleg met de ouderraad. Op dit moment heeft nog maar 26% van de ouders het idee dat ze invloed hebben op het aanbod op school. Het ziet er dus naar uit dat scholen veel meer hulp van ouders kunnen krijgen dan ze tot nu toe vragen, zo stelt het Voedingscentrum.

    Doneer!

    Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

    In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

    Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

    Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

    Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

    CPB-rapport over Kwaliteitsaanpak Basisonderwijs doorgelicht

    ANALYSE - In een voorbeeldige analyse test het CPB of het kwaliteitsprogramma voor zwakke basisscholen in de gemeente Amsterdam tot de gewenste verbetering in de Cito-scores van die scholen heeft geleid.[i] Het antwoord is erg duidelijk. Het lijkt er op dat de Cito-score van de zwakke Amsterdamse scholen die dit kwaliteitsprogramma volgden relatief achterblijven bij die van zwakke scholen in de drie andere grote steden, maar ook die in 38 grote en middelgrote steden en zelfs bij de landelijke trend. Onderstaande figuur illustreert de uitkomsten. Terwijl alle Cito-scores van de zwakke scholen tussen 2008 en 2012 stijgen, blijven die van de Amsterdamse zwakke scholen relatief achter. Het rapport doet via allerlei additionele analyses zijn best te testen of dit Amsterdamse achterblijven voor specifieke groepen leerlingen of scholen niet opgaat, maar dat blijkt niet het geval te zijn.

    citoamsterdam

    Bron: CPB-rapport, blz. 12. 

    Ik heb echter twijfels bij de aannames van het quasi-experimentele onderzoeksdesign. Ik probeer in deze bijdrage deze aannames te toetsen. Mijn conclusie is dat in dit geval de voorwaarden voor een quasi-experimentele aanpak niet vervuld zijn.

    Regionale ongelijkheid in de definitie van zwakke scholen

    De eerste aanname is dat de inspectie een nationale maatstaf heeft voor het vaststellen van zwakke scholen waarin geen regionale verschillen optreden. Het CPB-rapport stelt op blz. 10 dat de 614 zwakke scholen, die de kern van de analyse vormen, vergelijkbaar zijn in onderwijskwaliteit op grond van nationale maatstaven van de onderwijsinspectie. Het beslissingschema op grond waarvan de inspectie besluit dat een basisschool zwak is, kent een groot aantal stappen en subjectieve criteria. Bovendien speelt ook de regionale inspecteur in de uiteindelijke weging van de vele soms tegenstrijdige factoren een eigen rol, waardoor er regionale verschillen in de percentage zwakke scholen zijn.[ii]

    Foto: Reinier Sierag (cc)

    Onderwijsongelijkheid in Europese regio’s

    ACHTERGROND - In een fascinerend artikel tekent Colin Woodard een nieuwe kaart van Amerika, en schrijft hij dat de cultuur van de eerste kolonisten nog steeds bepalend is voor de hedendaagse opvattingen. Dat gaat dan over de relatie overheid-burgers, maar ook over bijvoorbeeld onderwijs. Over “New Netherlands” schrijft hij:

    NEW NETHERLAND. Established by the Dutch at a time when the Netherlands was the most sophisticated society in the Western world, New Netherland has always been a global commercial culture—materialistic, with a profound tolerance for ethnic and religious diversity and an unflinching commitment to the freedom of inquiry and conscience. Like seventeenth-century Amsterdam, it emerged as a center of publishing, trade, and finance, a magnet for immigrants, and a refuge for those persecuted by other regional cultures, from Sephardim in the seventeenth century to gays, feminists, and bohemians in the early twentieth.

    Dagblad Trouw schreef er deze week over, en noemt daarin ook de aanwezigheid van topuniversiteiten in bepaalde regio’s; de oorsprong daarvan ligt al bij de eerste “settlers”. Een mooi inzicht, dat ongetwijfeld ook op Europa toe te passen is. 
    Zo vind je in de landen in Centraal Europa (alle landen die ooit onder het Habsburgse rijk vielen), veel lagere percentages voortijdig schoolverlaters. Eén van de mogelijke verklaringen is dat onderwijs daar gezien wordt als het (enige) middel om verder te komen in het leven. In landen die vroeg geïndustrialiseerd werden, kon je ook zonder een diploma een goede boterham verdienen. Ongetwijfeld zijn er meer culturele en historische verschillen, die nog steeds doorwerken in allerlei regionale verschillen.

    Foto: jean-louis Zimmermann (cc)

    Meer vakmanschap in mbo is impuls onderwijs

    ANALYSE - Het Sociaal Cultureel Planbureau bracht een rapport uit over vakmanschap in het mbo. Eerder schreef ik al eens over SOS Vakmanschap, dat aandacht vraagt voor opleidingen die dreigen te verdwijnen. De club is blij met de aandacht van het SCP voor het kleinschalig vakmanschap.

    Drie onderwijssectoren stonden centraal in het SCP-rapport: techniek, zorg en de kleine specialistische en creatieve beroepsopleidingen waaronder bijvoorbeeld antiekrestaurateurs, uurwerkmakers en orthopedische technici vallen. Onderwaardering van het (v)mbo en de mede daaruit voortvloeiende tekorten in sommige beroepsgroepen, vormen de aanleiding voor deze verkenning. Uiteindelijk doel van de verkenning was om na te gaan of door meer focus op vakmanschap de aantrekkelijkheid van het mbo zal toenemen. 
    De tekorten in de sectoren techniek en zorg zijn onder andere af te leiden uit een tabel met gegevens van ROA, die in het SCP-rapport is opgenomen (hier omgezet in grafiek). Voor de kleine en specialistische beroepen heeft SOS Vakmanschap zelf diverse onderzoeken gedaan. Daaruit ontstaat een veel gedifferentieerder beeld: voor sommige beroepen dreigt een tekort omdat opleidingen ophouden te bestaan (te weinig instroom), bij anderen is de populariteit van de studie veel groter dan de verwachte vraag (bijvoorbeeld make-up artiesten).

    Belangrijkste conclusies van het SCP-rapport zijn:

    Foto: Johnk85 (cc)

    Leraaraffaire legt benauwde situatie Israëlisch onderwijs bloot

    NIEUWS - Israël heeft dezer dagen te maken met een affaire, waarbij de vraag aan de orde is of het een leraar (aan een middelbare school) is toegestaan kritische geluiden te laten horen over het Israëlische leger en de politiek van de staat. Hoofdpersoon in het verhaal is een leraar maatschappijleer, Adam Verete, in het plaatsje Kiryat Tivon in Noord-Israël. Een leerlinge heeft over hem geklaagd in een brief aan de minister van Onderwijs, die uitlekte, omdat Michael Ben Ari, voormalig aanhanger van de racistische Kach-partij en parlementslid van de ultra-rechtse Nationale Unie, hem op zijn Facebookpagina zette:

     Adam brengt zijn politieke opvattingen met nadruk in iedere les. Hij legde uit dat hij extreem links is, dat … onze staat niet eens de staat van de Joden is maar van de Palestijnen en dat wij (Joden) hier niet horen te zijn. Hij onderstreepte ook dat de IDF (het leger, AbuP) abnormaal wreed en gewelddadig is, in tegenstelling tot andere legers. .. de IDF is volstrekt immoreel en hij schaamt zich voor zijn staat. Adam zei ook dat hij tijdens een conferentie in het buitenland “Viva Palestine” had geroepen. Toen ik mijn mening naar voren bracht en zei dat ik het met die dingen niet eens was, lachte hij en zei: “Jij wil gewoon alle Arabieren doden, dat is wat jij wilt.” Natuurlijk is dat niet wat ik wil en ik vertelde hem dat, maar hij negeerde me en ging door met me te vernederen en te beledigen ten overstaan van de hele klas. Toen ik me hierover tot de schoolleiding wendde, hielden ze verschillende gesprekken met hem, waar Adam toegaf dat hij me uit had gelachen om wat ik had gezegd en hij heeft zelfs excuses aangeboden. Het belangrijkste is niet dat hij me belachelijk maakte tegenover de klas, maar het feit dat hij deel uitmaakt van het onderwijs-systeem, en dat hij zijn positie gebruikt om deze verkeerde gedachten over onze staat en ons leger over te brengen aan de leerlingen.
    Vorige Volgende