De overheid, de bijstand en de banaliteit van het kwaad

Of het nu om de zorgtoeslagenaffaire of de keihard falende participatiewet gaat, de klucht die 'overheid helpt mensen de vernieling in' heet keeps on giving. Ook de afgelopen weken stapelden de verhalen zich op. Mensen die naar de klote worden geholpen omdat ze voor een paar tientjes per week boodschappen krijgen van een familielid, terwijl hetzelfde krijgen via de voedselbank wél mag. Mensen waarvan de ex de gezamenlijke kinderen wat zakgeld geeft, dat teruggevorderd wordt omdat het extra inkomen zou zijn. En wat we horen is waarschijnlijk het topje van de ijsberg. Het is makkelijk om dit af te doen als excessen, maar dat zijn het niet. Het is geen overijverige ambtenaar die de regeltjes wat te streng interpreteerde. Nee, het is het beleid. Het zijn de regels. Er zijn zelfs systemen ontwikkeld die dit soort 'fraude' moeten ontdekken en afstraffen. Het ís onze overheid. Een overheid die er het afgelopen decennium onder het mom van 'werken moet lonen' voor koos om niet het werken lonend te maken, maar ons sociale stelsel af te breken zodat de bedragen waar je van moet rondkomen 'niet meer van deze tijd zijn'. Een overheid die een wirwar van regeltjes optuigde die alleen nog maar met een universitaire graad zijn te ontwarren zodat velen niet eens krijgen waar ze recht op hebben. Een overheid die als je een misstap maakt dat per definitie fraude noemt en zo veel geld terugvordert dat je direct de schuldsanering in moet, ware het niet dat je daar als fraudeur niet voor in aanmerking komt en het dus letterlijk game over is. Diezelfde overheid trekt zich steeds verder terug en verwacht dat we meer en meer voor elkaar zorgen - de participatiesamenleving, weet u nog -, maar straft mensen die dat doen tegelijkertijd af. Bijvoorbeeld door te korten op een uitkering als iemand te veel tijd doorbrengt bij de persoon voor wie iemand mantelzorgt, omdat diezelfde overheid de thuiszorg heeft kapotbezuinigd. Of door mensen te straffen omdat ze dat doen waar je ze toe dwingt: het bedrag dat te laag is om van rond te komen aanvullen. Je moet en zal in de bijstand ónder het bestaansminimum moeten leven. Je gaat je bijna afvragen of dit ook is wat Hannah Arendt bedoelde met 'de banaliteit van het kwaad'.

Door: Foto: Tim Green (cc)
Foto: Ryohei Noda (cc)

Overheidsbeleid uitvoeren naar de menselijke maat

RECENSIE - Hannah Arendt als inspiratiebron voor een meer geloofwaardige uitvoering van het overheidsbeleid

De ergernis over het werk van uitvoerende overheidsdiensten, zoals de Belastingdienst, het UWV, de IND of de politie groeit nog steeds. Kan het anders? Ellen Boleij pleit in haar boek Een draad in het weefsel; overheidsbeleid maken met Hannah Arendt voor het beter integreren van sociale en morele dimensies in het werk van al degenen die overheidsbeleid moeten uitvoeren. Dat zal de kloof tussen burger en overheid kleiner maken en helpen het vertrouwen in de overheid te herstellen.

Boleij heeft als jurist in diverse leidinggevende functies ervaring met de uitvoeringspraktijk bij de gemeentelijke en landelijke overheid. Ze promoveerde bij de Radbouduniversiteit op een proefschrift over besluitvorming bij uitvoerende overheidsinstanties in de geest van Hannah Arendt. Met dit boek wil ze overheidsdienaren inspireren vanuit haar bevindingen over de toepasbaarheid van de filosofie van Arendt. Ze doet dat heel direct door in haar boek de mensen die in hun dagelijks werk overheidsbeleid uitvoeren rechtstreeks toe te spreken. Met zinnen als: ‘Misschien weet je wat het allerbelangrijkste is in het leven’. Of  ‘Je bent als medewerker die overheidsbeleid uitvoert gemotiveerd om bij te dragen aan het verwezenlijken van de doelstellingen van de organisatie. Je zet jouw kwaliteiten en talenten, je kennen en kunnen in. Je weet wat je doet zinvol is.’ Enzovoort. Ik vraag mij af of je met dit taalgebruik de doelgroep van het boek wel kunt bereiken. Verder zit de poging om de boodschap zo simpel mogelijk over te brengen de weergave van Arendt’s diepergaande gedachten naar mijn idee nogal eens in de weg.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Foto: MANYBITS (cc)

Kunst op Zondag | La condition humaine

‘La condition humaine’, Frans voor ‘the human condition’, Engels voor ‘Het menselijk tekort’, het lot der mensheid, de toestand der mensen.

Te vinden in een roman, een filosofisch boek, een filmserie, een paar schilderijen en nog zo wat kunstuitingen. Meestal wordt er de (al dan niet innerlijke) worsteling van de mensen met hun goed en kwaad mee bedoeld.

De een meent dat goed en kwaad zo vanzelfsprekend tot de menselijke natuur behoren dat er geen leven zonder kwaad denkbaar is. Een ander beweert dat zelfs als een mens tot louter goed in staat is, anderen (of omstandigheden waar hij/zij in terecht kan komen) hem/haar dwingen tot moord en doodslag. Kortom: de mens als dader én slachtoffer, als beul én gevangene, als wolf en schaap. Het is van een noodlottigheid waar een mens niet vrolijker van wordt. Helpt kunst een beetje?

Bij de surrealist René Magritte is alles niet wat het lijkt en dat is dan ook precies wat het werkelijk is.

Een schildersezel met daarop een schilderij dat zo te zien af is, belemmert het uitzicht naar buiten. We schuiven de ezel opzij, want we willen wel wat meer van de wereld zien. En wat zien we?

Foto: tanakawho (cc)

Rafelrandjes

COLUMN - Respectvol zijn, vooral in gesprek blijven, openingen zoeken en die benutten – het zijn prachtige voornemens en gloedvolle woorden, maar tamelijk nutteloze uitgangspunten wanneer het over het bestrijden van extreemrechtse politiek gaat. ‘Gut, vertel ons eens wat u eigenlijk tegen migratie, homoseksualiteit, vluchtelingen, niet-christelijke religies, vrouwenrechten en internationale verdragen heeft? Misschien dat we dan tot een beter onderling begrip kunnen komen.’

Een kind begrijpt dat dat contraproductief is. Maar wat dan wel?

Afgelopen week las ik Will Storrs The Unpersuadables; de titel laat zich het beste vertalen als De onovertuigbaren. Het boek bestaat uit essays waarin hij de werking van het brein verkent, met name hoe we omgaan met informatie die ons niet uitkomt, en reportages waarin hij vrij genoeglijk optrekt met mensen die allerlei extreme opvattingen aanhangen. Hij ontmoet een creationist die zeker weet dat de aarde 7000 jaar geleden is geschapen, een wetenschapper die zich radikaal verzet tegen de notie van klimaatverandering, een veroordeelde Holocaust-ontkenner die een Stormfront-babe als pr-medewerkster in dienst heeft, en extreem sceptische mensen die elkaar meer napraten dan Storr lief is.

Mensen verwerken informatie makkelijker wanneer die past bij wat ze toch al vonden, constateert Storr. We zijn ongelooflijk goed in selectief luisteren, onszelf achteraf goedpraten, onze instincten en ingevingen na afloop van klinkende theoretische rechtvaardigingen voorzien, kortom: in het recht praten wat krom was. En ergens maakte Storr ineens een opmerking die me diep trof: voor sommige mensen zijn hun opvattingen hun identiteit dusdanig sterk gaan bepalen, dat ze zich niet langer afstand kunnen permitteren tussen zichzelf en hun ideeën. Dat maakt alles waarmee ze het niet eens zijn, meteen tot een bedreiging. In debat gaan betekent voor hen dat ze zich verharden, zich sterker terugtrekken in een ijzeren gelijk.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Foto: Ryohei Noda (cc)

De noodzaak tot vrijdenken

RECENSIE - ‘Vrijdenken is niet slechts een waarde in zichzelf, maar een voorwaarde voor een moreel rechtschapener wereld’

In Over politieke correctheid manen Gerben Bakker en Gert Jan Geling ons in het maatschappelijk debat toch vooral zelf te blijven nadenken en te waken voor onmondigheid. ‘Elk zwijgen, verbloemen of verdraaien van wat men werkelijk denkt, ten gunste van de welgevallige opvatting, is uit den boze wanneer dit een opschorting inhoudt van het zelf denken,’ schrijven ze met verwijzing naar de beroemde filosoof Immanuel Kant. ‘Wat werkelijk telt is dat we oprecht proberen ons gedrag te laten aansluiten bij onze rede. Politiek correcte motieven staan in dit opzicht nadenkendheid in de weg….We mogen, kortom, nooit politiek correct zijn omdat we te laf zijn om zelf te denken’(p.181-182, 186).

Hannah Arendt

Naast Kant kunnen we in dit opzicht veel leren van Hannah Arendt, schrijven Bakker en Geling. Het grootste gevaar voor ‘politieke ontaarding’ zoals in het nazisme is intellectuele luiheid, omdat ‘niet de denkbeelden als zodanig gevaarlijk zijn, maar het gebrekkig kritisch-intellectuele vermogen van mensen waardoor ze te weinig weerstand bieden tegen deze denkbeelden.’ Arendt ontleende daarvoor aan Kant het idee van een enlarged mentality, het ‘vermogen van mensen om hun persoonlijke meningen te spiegelen aan maatschappelijk pluriforme gezichtspunten (…) We moeten volgens Arendt ons vermogen benutten om feiten die voor onszelf vaststaan te spiegelen aan hoe anderen, vanuit andere posities, daarover zouden kunnen denken’ (p.156). Want we moeten er voor waken dat als waar ervaren denkbeelden zonder toetsing blijven en uitgroeien tot voldongen feiten. ‘Eeuwige en onveranderlijke waarheden’ schrijft Arendt, ‘zijn misschien leuk als onderwerp van een eenzame denker, maar hebben weinig te zoeken in het publieke domein, waar we een open discussie kunnen voeren’(p.153). Het is voor een individu of voor een bepaalde groep misschien wel aantrekkelijk om vast te houden aan een denkbeeld, maar we moeten voorkomen dat persoonlijke of sociaal-psychologische motieven de doorslag gaan geven in het maatschappelijk debat.

Foto: United Nations Photo (cc)

Mensenrechten spreken niet voor zich, ook niet in Nederland

Wereldwijd staan de mensenrechten onder druk. Door overheden, maar ook door toenemende digitalisering. Daar moeten we niet te lichtzinnig over doen, waarschuwt filosoof Maxim Februari.

Ons leven speelt zich voor een steeds groter deel online af. In de digitale wereld laten we sporen na – data, die aan andere data wordt gekoppeld, of wordt verhandeld. Niet alleen bedrijven als Facebook doen eraan mee, óók de Nederlandse overheid maakt in toenemende mate gebruik van digitale systemen. Een schimmige wereld waar onze vrijheden en rechten niet wettelijk vastliggen. Maxim Februari vraagt zich af hoe we de mensenrechten ook daar kunnen waarborgen. Maar om die vraag te kunnen beantwoorden, moeten we eerst onderzoeken wat het nut van mensenrechten nu eigenlijk is. “Laten we het onszelf niet te gemakkelijk maken.”

Wat zijn de tekortkomingen van mensenrechten?

Om te zorgen dat er “nooit meer oorlog” zou zijn, kwam na de Tweede Wereldoorlog in razend tempo de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens tot stand. Men werd het snel eens over welke rechten erin moesten staan, zolang de vraag van het waarom van die rechten maar niet gesteld werd. En die waarom-vraag werd destijds vanwege de grote urgentie ook niet gesteld.

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Kort - illustratie Sargasso

KORT | Banaliteit van het kwaad

OPINIE - Ik zag onlangs de film Hannah Arendt, over de Duits-joodse filosofe die in 1961 voor de krant The New Yorker het proces tegen Adolf Eichman versloeg. Haar conclusies beschrijft ze in het boek ‘De banaliteit van het kwaad’, dat gaat over de ordinaire eigenschap van de mens om gedachteloos voorbij te gaan aan de consequenties van zijn daden, hoe onmenselijk die ook kunnen zijn.

Bij het kijken naar de uitzending van Pauw & Witteman op 15 mei, waarin Fred Teeven aan de tand werd gevoeld over de illegalenkwestie, moest ik onwillekeurig terugdenken aan die film. Ons asielbeleid vertoont namelijk dezelfde griezelige trekken van persoonlijke ongrijpbaarheid, met betrekking tot de bedenkers en uitvoerders daarvan, waar Arendt op doelt. Griezelig ongrijpbaar omdat het asielbeleid deel is van het breed gedragen regeerakkoord, waar alle bewindslieden stuk voor stuk gerant voor staan. Zo ook Teeven, bleek in de uitzending.

Maar daarmee slaat hij door en verliest hij zichzelf, doordat hij zich vereenzelvigt met het regeerakkoord. In feite laat hij daarmee zijn ware gezicht zien. De ambitieuze pion in het spel om de partijpolitieke macht, zoals dat wordt gespeeld door de hele regeringsploeg onder leiding van Rutte en Samsom. Een machtsspel met als doel het door beide heren in elkaar getimmerde regeerakkoord, koste wat kost in tact te houden. In de P&W-uitzending is Teeven daarin cum laude geslaagd.