Wetenschapsdans

Ik heb even moeten nadenken over de bundel ‘wetenschapspoëzie’ En dat was kennis, zeg je dan die is samengesteld door de Vereniging voor Wetenschapscommunicatie en -journalistiek Nederland (VWN). Dat komt niet zozeer door de relatie tussen wetenschap en poëzie, want ik ben ervan overtuigd dat poëzie overal over kan gaan, en omgekeerd dat wetenschappelijk inzicht op allerlei manieren kan worden uitgedrukt. Het raadsel betrof de relatie tussen (wetenschaps)communicatie en (wetenschaps)poëzie. Ik begrijp natuurlijk dat de vereniging helemaal niet per se bedoelde om poëzie ineens tot het domein van de wetenschapscommunicatie te rekenen, ze noemen het genre zelf immers alleen maar wetenschapspoëzie. Maar de vraag is dan: hadden ze dat dan wel kunnen doen? Briljante winnaar Wetenschapscommunicatie gaat altijd over de inhoud. Je zorgt ervoor dat bepaalde inzichten of feiten of vragen worden overgedragen. Het is niet waar dat de vorm er niet toe doet, maar die vorm staat altijd ten dienste van het overdragen van de inhoud. Wetenschapscommunicatie die nadrukkelijk aandacht vraagt voor de eigen vorm, voor de virtuositeit van de maker, lijkt mij geen geschikte wetenschapscommunicatie. Bij poëzie gaat het altijd minstens óók om de vorm, of dat nu rijm, ritme is of regelafbreking. Dingen worden anders gezegd dan in het dagelijks leven en dat leidt dusdanig af van de inhoud dat je je kunt afvragen of het wel een functie heeft. In het verleden is er natuurlijk didactische poëzie geschreven, maar toen had het rijm ook een functie, bijvoorbeeld om de inhoud makkelijker onthoudbaar te maken. Daar komt bij dat poëzie niet communiceert op de gebruikelijke manier. Een dichter verwacht normaliter geen weerwoord op zijn gedicht. Je kunt bijvoorbeeld niet zeggen ‘daar ben ik het niet mee eens!’ of ‘dat klopt niet!’ Een bekende karakteristiek van poëzie is dat de dichter zich richt tot iemand die helemaal geen potentiële lezer is (‘oh, oude eik!’, de apostrofe). Er bestaat een wedstrijd Dance Your PhD, waar (Amerikaanse) net-gepromoveerden een dans maken die gebaseerd zijn op hun proefschrift. Dans is de poëzie van het lichaam. Ik zou die eigenlijk niet rekenen tot de wetenschapscommunicatie. Zeker de briljante winnaar van dit jaar niet: https://www.youtube.com/watch?v=dq5uYGNeOS0 De winnaar van 2019 komt meer in de buurt, maar daar dient de dans toch vooral als een illustratie bij de teksten: https://www.youtube.com/watch?v=nUQvJOSCoi4 De poëziewedstrijd die de VWN uitschreef, had twee winnaars. Van die twee vind ik dit gedicht het beste, en het is dan ook meteen echt een mooi gedicht: Overview-effect neem een denkbare ruimte in je hoofd vul deze met een ervaring aan gewichtloosheid bijvoorbeeld de lucht uit je longen na vijfentwintig meter onder water schoolslag toen je boven kwam blaas een denkbeeldige dampkring om deze ruimte zodat het een bolletje wordt in je hoofd, een bolletje gevuld met lucht uit je longen na vijfentwintig meter onder water schoolslag toen je boven kwam bij iedere zucht beweegt het bolletje door je hoofd en vult zich met een ervaring aan gewichtloosheid toen je boven kwam met je handen op de rand van het universum steunde, jij jezelf omhoogtilde aan het meest kwetsbare in je hoofd: de gedachte dat je een bewoner bent van de aarde. Gerda Posthumus Dit is een mooi gedicht, met een mooi ritme en een interessant beeld van iets dat niet eens zichtbaar is: een bolletje in je hoofd. Maar wetenschapscommunicatie is het niet: ik heb wel iets geleerd, namelijk wat het overview effect is, maar dat heb ik geleerd door op Wikipedia te kijken en het lijkt me ook eigenlijk nauwelijks een wetenschappelijke term van belang (al wordt het kennelijk wel in bijvoorbeeld antropologisch werk gebruikt). Bolletjes gevuld met lucht Ik moet er onmiddellijk bijzeggen dat de VWN natuurlijk ook niet pretendeert dat En dat was kennis, zeg je dan zelf bijdraagt aan de wetenschapscommunicatie, al klinkt dat wel door in het voorwoord dat Govert Schilling schreef: Wetenschapspoëzie vormt misschien ook wel de ideale brug tussen enerzijds de ivoren torens van hypotheses, experimenten en peer review en anderzijds het grote publiek, dat vaak alleen maar klokken hoort luiden en niet eens wat dat er überhaupt klepels in het spel zijn, laat staan waar die dan hangen. In sonnetten of ollekebollekes is geen ruimte voor afschrikwekkend jargon, ondoorgrondelijke formules en discussies over statistische significantie. De poëzieliefhebber leest hier met verheugde verbazing dat poëzie kennelijk iets zo populairs is dat het kan dienen om iets anders dichterbij het ‘grote publiek’ te brengen, maar ik kan me toch eigenlijk nauwelijks voorstellen dat iemand een sonnettenkrans gebruikt om zich nader te informeren over de nieuwste ontwikkelingen in de astronomie. (Dat je geen sonnet kunt schrijven met bijvoorbeeld afschrikwekkend jargon of ondoorgrondelijke formules, lijkt me ook geen houdbare stelling.) Wetenschapspoëzie lijkt me in de eerste plaats poëzie. Het is misschien dichtkunst die een beeld, of een term, of een gedachte, ontleend aan de wetenschap, maar dat kan eigenlijk altijd alleen maar bij toeval zo zijn. Gedichten zijn bolletjes in je hoofd, bolletjes gevuld met lucht, en iets communiceren doen ze niet. -o-o-o- Toevoeging redactie: Op 27 oktober verleden jaar, stond er een oproep op Sargasso: Schrijf een gedicht dat de wetenschap als thema heeft. De Vereniging voor Wetenschapsjournalistiek en -communicatie bestaat 35 jaar, en ter gelegenheid van dat feit werd er een gedichtenwedstrijd uitgeschreven. Een van onze Kunst op Zondag-redacteuren leverde deze bijdrage.

Foto: Maria Willems (cc)

Kunst op Zondag | Mijn wetenschapsgedicht

Mijn moeder somt als ze in de file staat, of de slaap
niet vatten kan, de cijfers van Pi op, die achter de komma.
Dan kijkt ze tot hoever ze dit keer komen zal.
Pi heeft geen eind, dus dan gaat ze: 3,14159 2653…

Van mijn broer krijg ik een mail waarin hij wenst
dat iedereen in goede gezondheid verkeerd.
Ik heb hem nog niet discreet kunnen zeggen
dat dat verkeert is, als hij begrijpt wat ik bedoel.

Bij handvaardigheid op school wilde mijn zus
van houten balkjes de oneindige, onmogelijke
Driehoek van Escher namaken. Het boek met de
tekening had zij voor zich op de werkbank gezet.

En mijn vriend Erik, stak zijn hand op in de klas
toen de basen en de zuren werden behandeld.
‘De zuurgraad wordt gemeten op de zuurgraadmeter,
okay, maar waarop meet men dan de basen?’

Maar mijn liefje die weet echt niets van wetenschap.
Gister zei ze nog: ‘Michiel, jij kunt naar de maan lopen.’


Op 27 oktober verleden jaar, stond er een oproep op Sargasso: Schrijf een gedicht dat de wetenschap als thema heeft. De Vereniging voor Wetenschapsjournalistiek en -communicatie bestaat 35 jaar, en ter gelegenheid van dat feit werd er een gedichtenwedstrijd uitgeschreven.
Het aantal inzendingen was hoog: 700 gedichten werden beoordeeld door de jury. Mijn gedicht kreeg niet de eerste of de tweede prijs, maar belandde wel in de dichtbundel met nog honderd anderen. Ik sta op bladzijde 101 van de (leuke en gevarieerde) bundel ‘En dat was kennis, zeg je dan.’  Joepie!

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Lezen: Mohammed, door Marcel Hulspas

Wie was Mohammed? Wat dreef hem? In deze vlot geschreven biografie beschrijft Marcel Hulspas de carrière van de de Profeet Mohammed. Hoe hij uitgroeide van een eenvoudige lokale ‘waarschuwer’ die de Mekkanen opriep om terug te keren tot het ware geloof, tot een man die zichzelf beschouwde als de nieuwste door God gezonden profeet, vergelijkbaar met Mozes, Jesaja en Jezus.

Mohammed moest Mekka verlaten maar slaagde erin een machtige stammencoalitie bijeen te brengen die, geïnspireerd door het geloof in de ene God (en zijn Profeet) westelijk Arabië veroverde. En na zijn dood stroomden de Arabische legers oost- en noordwaarts, en schiepen een nieuw wereldrijk.

Foto: Maria Willems (cc)

Kunst op Zondag | Als je

Als je op het veld staat en de bal vraagt, dan moet je al wel weten
wat je ermee wilt gaan doen. Je bent ingeschakeld om nieuwe
kansen te scheppen. Dit is het begin van het echte leven. Je wilde
toch van betekenis zijn? Je had zelfs afgezegd voor een feest,
dat werd je niet in dank afgenomen, maar redelijkheid wordt als
niet als een extreem standpunt gezien. Je wilde blijkbaar niet
sociaal acceptabel overkomen. Het ontbrak je aan een
afwikkelbaar scenario en aan inzicht. Maar zeg dat maar ‘ns.
De gebeurtenissen spelen zich nu overal af. Je kon er zo geen
verslag van doen, want je zag ineens twee keer zoveel als normaal.
De structuur was zoek, reclames leken ineens het echte nieuws
te hebben vervangen. Er was een maalstroom van waarheden,
het bleek: men wist niets uit het eigen verleden. Er was behoefte
aan geschiedenis. Er was een belofte die je moest inlossen.
er lag een stapel onbeantwoorde e-mails op je te wachten.
Maar eerst moet de hond er nog uit.

Collage met votieflampje

Collages: Maria Willems

                                                                                                    *****

Dit gedicht, deze tekst, deze woorden zijn niet van mij. Nou kan een wijsneus natuurlijk opmerken dat woorden nooit van iemand kunnen zijn, woorden zijn van iedereen, en dat klopt. Je kunt hoogstens geestelijk  eigenaar zijn van de specifieke volgorde waarin je de woorden hebt gezet.

Foto: Maria Willems (cc)

Kunst op Zondag | Lente, het eerste ijsje

Wil je ook een ijsje?
Ja, lekker
Welke smaak wil je?
Welke hebben ze?

Aardbei, Banaan, Bosvruchten, Citroen, After Eight, Amarena Variegato, Caramel, Chocolade, Cookies, Fior Pana, Hazelnoot, Kaneel, Kokos, Malaga Mokka, Panna Cotta Brownies, Limoncello, wat was die ene nou? Limoncello? Nee, daarvoor. Panna Cotta Brownies. Nee, toch niet. Maracuja, Tequilla Sunrise, Framboos, Mango, Bloedsinaasappel, Honing Meloen, Panna Crema, Pistache, Pralinone, Smurf, Stracchiatella, Strawberry Cheese Cake, Torta al Limone, Vanille, Witte Chocolade, Yoghurt, Yoghurt Framboos, Zabayone met chocolade, Watermeloen en Suikervrij.

Doe maar aardbei.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: Maria Willems (cc)

Kunst op Zondag | Doel, België

Doel, Belgie

Ik heb hier niet gewoond, ik heb hier geen verbintenis.
Ik ben hier slecht als doorgangsreiziger, als toerist op de fiets.
Maar ik ken uw dorp. Uit de media, het voelt gelijk vertrouwd;
“daar bij die molen”of is dat al te afgezaagd?
Is het eerder nu:”Daar bij die koeltorens”?
Ik fiets hier door uw straten, ik verken de boel.
Ik slalom langs het glas dat uit de sponningen
geslagen is. Ik kan niet om de graffiti heen:
elk huis is hier een palet of een ezel geweest.
Het klopt wat ze over u schrijven, die dichtgetimmerde
vensters en deuren, alsof er een Tsunami
werd verwacht, of een overval. Dat er slecht volk
op pad hier naar toe was. En dat klopte ook wel.

De dijk bood uitzicht als altijd, de bankjes
stonden klaar. De kroeg bij de molen: Stella Artois.
De dijk doet wat tie moet doen: het water buiten
houden, en de mensen en het land droog.
Dit is immers het land waar ze land maken van water,
maar waar ze water willen maken van huizen,
van leven, van bewoond historisch gebied,
niets ontziend – want dat kan ook niet.
Het land waar een dijk geen onoverkomelijk
obstakel is, en protest of argument evenmin.
Doel, daar bij die molen. En die kerncentrale.

Ik fiets door Pastorijstraat, Parkstraat,
Havenweg en Camermanstraat. Systematisch,
links, rechts, links, het dambord af, maar
het hart is weg, er klopt hier iets niet.
Ik denk: er zullen ooit vissen zwemmen
door deze straten. In deze huizen zal wier wuiven.
En de kerkklokken zullen onder water luiden.

Foto: Maria Willems (cc)

Kunst op Zondag | Ballade van het déjà vu

Ballade van het déjà vu

Je was hier al een keer geweest.
Je hebt dit al ‘ns eerder gezien.
Je weet al wat ze zullen zeggen.
Je weet al wat er komen gaat.

Wie of wat trekt er hier aan welke touwtjes?
Je knikt na weer iets wat je al wist.
Je knikt: dat had je al verwacht.
En dat je dit al wist, dat brengt je uit balans.

Je hebt een gesprek, maar het is
alsof je midden in een echo zit.
Je ziet het nu ineens ook niet zo scherp.
Wat was ook alweer de vraag?
Want het antwoord dat wist je immers al.

Je voelde je licht, de tijd ging tergend traag.
Je houdt je adem in om dit niet te verstoren.
Het is alsof een afgesproken script wordt uitgevoerd.
De tijd, je wist het, die komt je tegemoet.
Je was moe, je kon gerust je ogen sluiten.

déjà vu

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Foto: Maria Willems (cc)

Kunst op Zondag | Uitgaan na de lockdown

Uitgaan na de Lockdown

Weet je, als we straks weer uit mogen,
als we straks weer feest mogen vieren,
naar de kroegen, de stad in, tot laat,
tot erg laat, de straat over, flesje bier
in de hand, zingend hier, pissend daar,
in mekaars armen hangend, beetje
schreeuwen weetjewel, beetje lallen,
zo blij als een kistkalf in de wei,
geen avondklok, wel bier en nog eens bier,
boel plezier, buren boos maar boeien,
wij zijn los, wij vieren feest, mag iedereen
weten, kots in het portiek, fietsen omgooien,
gewoon geintjes weetjewel, huissleutel kwijt,
aankloppen, bellen, bonzen, roepen, buren boos,
muziek nog in de kop, die kroeg, man, man, man,
hossen, struikelen, meisje gemist, wel gezien,
volgende keer misschien. Ochtendgloren,
grauwe kop, helemaal brak, bonzend hoofd,
ogen dik, trage wereld, droge mond, sigaret.
Gordijnen dicht, luxaflex gesloten, mobiel uit,
nee, toch aan, dit wil je niet missen, laatste
berichtjes, hoe ist? En jij denkt: dit was het dus,
zo was het dus, zo gaat het worden. Je denkt:
Ik weet eigenlijk niet of ik het allemaal wel
weer net zo leuk ga vinden als vroeger.

UItgaan na de lockdown

Drie bier

Foto: Maria Willems (cc)

Kunst op Zondag | Niet-Bestaand Gedicht IV

Voormalig, (zo noemt hij zichzelf) dichter, schrijver en Tirade redacteur Daan Doesborgh, had voor Tirade het lumineuze idee bedacht om over niet-bestaande gedichten te schrijven. Dat idee had hij dan weer van Seymour, an introduction, een boek van J. D. Salinger. En in dat boek leeft de familie Glass. Buddy, de broer van Seymour Glass, vertelt over de gedichten die Seymour heeft nagelaten. Gedichten waar we dus geen woord over te lezen krijgen.

Ik weet niet of het kleine, maar piekfijne oeuvre van J. D. Salinger bekend is, maar hij schetst en creëert daarin de leden van de familie Glass. En zoals een vriendin van mij eens verzuchtte: ‘god, wat hield ik van die familie’. En dat kan ik mij wel voorstellen, want alles was vanzelfsprekend en bijzonder bij hen. De zeven (!) kinderen figureerden allemaal in de (fictieve) radioquiz ‘It’s a wise Child’. De Glass kinderen waren allemaal bovenmatig intelligent, leek wel. Wijsneusjes. Weliswaar overleed Seymour door suïcide, maar toch bleef het een gezin met een jaloersmakende aantrekkelijkheid.

Daan Doesborgh, dat is de dichter die voordraagt met de stem van Tom Waits, (‘Ik ben de man van rabarber’) je vergeet hem niet gauw wil ik maar zeggen, raakte kennelijk gefascineerd door die niet bestaande gedichten. Hoe zagen ze eruit? Hoe zouden ze geklonken hebben? Wat zou je erover kunnen zeggen? En dus schreef Daan Doesborgh voor het blog Tirade enkele beschrijvingen, recensies over gedichten die er niet waren, die nooit bestaan hebben. Hij schreef deel 1, deel 2, deel 3 en deel 5. Maar hij schreef niet deel 4. Waar was dat? Over welk gedicht ging dat? Er ontbrak een deel. Een ontbrekende aflevering over een ontbrekend gedicht.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Maria Willems (cc)

Kunst op Zondag | Pech Onderweg

Pech Onderweg

Het was weer ‘ns zo’n dag: het zat je weer ‘ns tegen,
alles, leek het wel – en dat was zacht gezegd.
Je ging op reis, je nieuwe fiets, je oude was gestolen,
paste niet op de Twinny Load. Domper, je ging nu
met een brik de bergen op en af.
Zo’n begin kon je wel gebruiken. Je ziet prompt
een dode poes in de berm, leeg blikje cola ernaast.
Je kijkt weg, en daar ligt een dode vogel, plat,
z’n ene oog ligt een eindje verderop.
De omgeving deed er nog een schepje bovenop:
leegstaande winkels, gesloten restaurants,
lege, afgesloten parkeerterreinen en illegale stort.

De man van J.C. Decaux hing affiches in de abri.
Je zag in het voorbijgaan dat hij een pink miste.
Voor de bakker klom je ’s ochtends tegen die
12 procent helling op. Bleek hij dinsdags gesloten,
stond op een briefje, maar je leesbril lag thuis.

Bij het zweefvliegveld zag je die man
met een loep de vleugel van zijn vliegtuig
inspecteren. De andere vleugel lag
geknakt ernaast. In de wei ernaast
besteeg een koe een andere koe.

’s Avonds aten jullie op een terras. De visboer
van om de hoek rook je al. De levende jukebox
speelde Space Oddity. Je voelde, voor het eerst,
mee met de eenzaamheid van Major Tom
in z’n blikje in de ruimte.
Gottegot, wat een streek was dit ook, kijk daar dan,
staat er een wasmachine in de voortuin. En in de achtertuin
liep een Cocker Spaniël met kooigedrag, achtjes.
Keer op keer, met een stuk touw in z’n bek. Hij zag niks
behalve zijn ingesleten oneindigheidslus.

Foto: Maria Willems (cc)

Kunst op Zondag | Maaltijdkoerier

Maaltijdkoerier

Fietste er ooit al een maaltijdbezorger in een gedicht?
Daar fietst er een. Zo’n jonge jongen, mager, hoodie,
met een bult op zijn rug, schouderbanden, helm,
gebogen over het stuur. Ik zie hem nu, oortjes in,
blikje Red Bull in z’n hand, op de hoek bij het plein,
leunend op zijn stuur, wachtend op berichten, op routes.
Wat verdient hij, wat zal het zijn, vijf euro en tachtig cent,
of zeven euro en negentig cent? In de regen, wachtend,
kijkend naar de algoritmes op de app.
Fietsend in de schemering, en dan weer wachten
op de plaats tussen flexibiliteit en geen perspectief.

Laatst kwam er een aan de deur
met een kinderzitje achterop.

maaltijdbezorger

maaltijdbezorger

maaltijdbezorger

Foto’s: Maria Willems (c.c.) Met dank aan maaltijdbezorger Leo van restaurant New Bangkok.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Volgende