Het proces en de getuige-deskundige

Dat gekke proces tegen die man met dat vreemde haar die van die nare dingen zegt over andere mensen, dat had er natuurlijk nooit moeten komen, roept weldenkend Nederland al weken in koor. Hij zegt dan wel nare dingen, maar dat moet kunnen, want we leven in een vrije wereld. De ondertoon verschilt van spreker tot spreker. Bij sommigen krijg je het idee dat ze vinden dat er ergens ook nog wel een kern van waarheid in al die nare verhalen zit ook, bij anderen lijkt het erop dat ze vooral bezwaar hebben tegen alle (media-)aandacht voor De Man Met Het Vreemde Haar en Zijn Abjecte-en-Infame Gedachtegoed. Slechts een enkeling haalt het in zijn hoofd om iets te mompelen over ‘niet per se een slechte zaak’ – want impliceren dat het wellicht niet alleen maar onverstandig zou kunnen zijn om deze zaak te voeren wordt – voor je er erg in hebt – gelijkgesteld aan het steunen van een veroordeling van die Rare Blonde Man.
Voor alle duidelijkheid: het zou een zware klap voor de Nederlandse democratie zijn als Wilders ook maar de minste, symbolische veroordeling zou krijgen – hoe infaam en abject ik zijn ideeën op sociaal-cultureel vlak ook vind – maar ik ben niet overtuigd van de onzinnigheid van dit proces. Er is in Nederland grote maatschappelijke onduidelijkheid over wat onze wet nu wel en niet verbiedt, en over wat nu wel en niet gezegd mag en moet mogen worden. Die onduidelijkheid betreft niet alleen die Wilders, al speelt hij er wel een hoofdrol in. Er zijn meer dan enkele ongelukkigen die vinden dat die Wilders veroordeeld zou moeten worden. Het is tijd dat daar duidelijkheid in komt, en dat de controlerende – en indien nodig de wetgevende – machten zich vierkant scharen achter de vrijheid van meningsuiting. In Nederland voeren wij een vrij maatschappelijk debat, en de overheid is er óók om in geval van onduidelijkheid die vrijheid te bevestigen en te verdedigen. Het is lullig voor Geert, maar belangrijk voor Nederland.




