Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.
In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.
Enkele nationaliteit, dubbele loyaliteit?
Door alle commotie van de laatste tijd weten we inmiddels dat Nederlandse politici het goed zouden vinden dat allochtone bewindslieden en kamerleden hun dubbele paspoort zouden opgeven om hun loyaliteit te bewijzen. Maar zijn mensen met een enkele nationaliteit in, bijvoorbeeld, ons parlement wel 100% loyaal aan Nederland? Daarover mogen we twijfelen.
Zo is er een kamerlid dat een wel heel innige band heeft met Israël. Hij gaat daarbij vaak zover dat hij onze bewindslieden oproept beleid te veranderen of uitspraken in het openbaar te doen ten faveure van Israël. Niet zelden gaat het hier om gevoelige onderwerpen, en de standpunten die hij de bewindslieden oproept in te nemen zouden Nederland politiek gezien schade toebrengen.
Zo riep hij onze regering vorig jaar op zich solidair te verklaren met Israël en zo partij te kiezen in het conflict tussen Libanon en Israël, hoewel er in Europa overeenstemming was dit niet te doen en riep hij op de Nederlandse ambassade in weerwil van VN-resolutie 478 weer te verplaatsen naar Jeruzalem. Twee oproepen die de Nederlandse buitenlandse politiek in de wereld geen goed zouden doen. Daarnaast riep hij op geen hulp aan de Palestijnse bevolking meer te geven en ijverde hij voor de in Israël en de VS gebruikelijke “administratieve detentie”, waarbij mensen zonder vorm van proces kunnen worden vastgehouden.
Voorstellen Nationale Conventie – 14
Hierbij het veertiende deel van de behandeling van de voorstellen van de Nationale Conventie. (Zie toelichting bij deel 1).
14. Regel de bevoegdheid van de Minister-president om ministers en staatssecretarissen voor te dragen voor benoeming en ontslag.
Toelichting Nationale Conventie:
De positie van de Minister-president brengt met zich dat hij de eindverantwoordelijkheid moet dragen voor de samenstelling van het kabinet en de taakverdeling tussen de leden van het kabinet. Dit zou in de Grondwet tot uitdrukking moeten worden gebracht door vast te leggen dat benoeming en ontslag van ministers en staats secretarissen geschiedt op voordracht van de Minister-president.
Deze bevoegdheid, die als vanzelfsprekend gepaard gaat met een beslissingsbevoegdheid over de taakverdeling, bepaalt in niet onbelangrijke mate de leidinggevende positie van de Minister-president. Een wijziging van de Grondwet in deze zin versterkt de formele positie van de Minister-president. Het past bovendien in de lijn van de voorstellen voor wijziging van de formatieprocedure.
Of de Minister-president in de praktijk in staat is daadwerkelijk te beslissen over de samenstelling en de taakverdeling van het kabinet, zal moeten blijken. Het is onwaarschijnlijk dat coalitiefracties hun zeggenschap over de samenstelling van de regering helemaal zullen willen prijsgeven. Maar het is zeker denkbaar dat bij de besluitvorming over de samenstelling van een kabinet een nieuw evenwicht wordt bereikt, waarin het oordeel van de Minister-president een zwaarder gewicht heeft dan nu het geval is.
Het past bovendien in de voorstellen voor wijziging van de formatieprocedure dat de formateur meer invloed heeft op de samenstelling van het kabinet.
De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.
Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.
It´s the bewegwijzering, stupid!

?We hebben Schiphol de zaak voorgelegd. Zoals we al dachten hebben ze daar niet enthousiast gereageerd. Maar het gaat toch om publieke ruimte. De staat zou daar een rol moeten spelen. Het gaat misschien om meer plaatsen, maar laten we met onze nationale luchthaven beginnen. De staat is grootaandeelhouder van Schiphol, daarom hebben we de vragen gericht aan de minister van Financiën.?
CDA-kamerlid Haverkamp, in het bezit van een mooie authentieke Nederlandse naam, kaart het grote maatschappelijke probleem aan dat op het Nederlandse gedeelte van de luchthaven Schiphol veel borden alleen in het Engels zijn gesteld.
Dus als u ooit nog eens denkt dat kamerleden niet weten wat er leeft in de Nederlandse samenleving, denkt u dan nog even aan kamerlid Haverkamp! Volgens de luchthaven zijn de klanten overigens tevreden over de bewegwijzering, maar een kniesoor die daar op let (om maar even een mooi Nederlands woord te gebruiken). Deze onhoudbare situatie kan natuurlijk niet getolereerd worden.
Tweede Kamerleden zijn watjes
Het begrip watjes is gekozen omdat de titel anders veel te lang zou worden. De echte titel zou moeten zijn:
Tweede Kamerleden zijn slachtoffer van de media die ze zelf vervolgens ook weer krampachtig gebruiken. Ze zijn slachtoffer van de fractiediscipline omdat ze bang zijn voor hun baantje in de toekomst. Ze zijn nauwelijks in staat in de breedte onafhankelijk hun controlerende taak uit te voeren, ondanks de instrumenten en de tijd die ze daarvoor hebben. Ze zien dat burgers niet begrijpen wat ze doen, maar nemen vervolgens geen actie om deze situatie te veranderen. Ze zijn nauwelijks bereid tot veranderen. En last but not least ligt de schuld voor dit alles elders, vooral niet bij zichzelf.
Kortom, het zijn watjes.
Dat is mijn conclusie na het lezen van het rapport “Binnenhof van binnenuit” van de Raad voor Openbaar Bestuur.
De media berichten vorige week, binnen 24 uur na de persconferentie, over het rapport van 120 bladzijden in twee tot vijf alinea’s. Met koppen als “Kamerleden: pers is oorzaak van kloof met burger”, “Politici wantrouwen burger” en “Kamer: kloof tussen politiek en samenleving schuld van de kiezer” word je toch nieuwsgierig.
Daarom het rapport zelf maar gelezen. Hieronder mijn belangrijkste constateringen in iets meer dan vijf alinea’s en een oproep.
Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.
Voorstellen Nationale Conventie – 13
Hierbij het dertiende deel van de behandeling van de voorstellen van de Nationale Conventie. (Zie toelichting bij deel 1).
13. Geef de Minister-president de bevoegdheid algemene aanwijzingen te geven aan de andere ministers.
Toelichting Nationale Conventie:
De Minister-president zal ook in de toekomst over voldoende bevoegdheden moeten beschikken zijn coördinerende taken ten behoeve van een slagvaardig regeringsbeleid te kunnen uitvoeren.
Dan hebben we het over de algemene aanwijzingsbevoegdheid. Die dient verder te gaan dan zijn huidige bevoegdheden onderwerpen te agenderen of in te grijpen bij een concreet competentiegeschil. Een algemene aanwijzingsbevoegdheid biedt hem ook de mogelijkheid bindende aanwijzingen te geven over algemene beleidsaspecten. Het mes snijdt aan twee kanten: de Minister-president kan daadwerkelijk leiding geven en zijn bevoegdheden worden meer in overeenstemming gebracht met zijn feitelijke positie.
Een algemene aanwijzingsbevoegdheid is niet wezensvreemd aan het parlementaire stelsel. De Duitse kanselier bijvoorbeeld, beschikt daarover. Deze bevoegdheid verdraagt zich bovendien met de individuele verantwoordelijkheid van ministers en het uitgangspunt van collegiale besluitvorming. De vakminister blijft verantwoordelijk voor zijn beleidsterrein, ook als hij (mede) handelt op basis van een aanwijzing van de Minister-president. Dat is niet anders dan wanneer hij nu door de ministerraad als collectief, wordt gedwongen een bepaalde koers te varen. De verantwoordelijkheid van de Minister-president ten opzichte van het parlement neemt wel toe. De Kamers kunnen hem immers aanspreken op het al dan niet geven van een aanwijzing.
Aan de collegiale besluitvorming hoeft echter niet noemenswaardig afbreuk te worden gedaan. In de eerste plaats omdat het in de Nederlandse verhoudingen niet goed voorstelbaar is dat de Minister-president in volledige vrijheid kan besluiten een aanwijzing te geven. Hij zal altijd rekening moeten houden met de wensen van de coalitiepartners. In de tweede plaats kan de ministerraad een doorslaggevende stem krijgen in geval van een conflict.
Voorstellen Nationale Conventie – 12
Hierbij het twaalfde deel van de behandeling van de voorstellen van de Nationale Conventie. (Zie toelichting bij deel 1).
12. Ken de Eerste Kamer het recht toe wetsvoorstellen één keer terug te sturen naar de Tweede Kamer, waarbij het eindoordeel over het teruggezonden wetsvoorstel blijft liggen bij de Eerste Kamer. Combineer dit met een kiesstelsel voor de Eerste Kamer waarin provinciale staten elke drie jaar de helft van de leden van de Eerste Kamer kiezen.
Toelichting Nationale Conventie:
Een terugzendingsrecht voor de Eerste Kamer in combinatie met een aanpassing van het kiesstelsel
Aan de totstandkoming van wetgeving levert de Eerste Kamer een waardevolle bijdrage. Zij verdiept zich in de rechtstatelijke aspecten. Zij signaleert onjuistheden, lacunes en slordigheden.
De schriftelijke en mondelinge behandeling in de Eerste Kamer leidt niet zelden tot verduidelijking van de wet, in het bijzonder van door amendementen ingebrachte artikelen.
De Eerste Kamer heeft geen recht van amendement. Zij staat theoretisch voor de keuze een wetsvoorstel te verwerpen of in zijn geheel te accepteren. Praktisch hebben de betrokkenen in het wetgevingsproces hier een mouw aangepast door middel van de novelleprocedure. Indien de Eerste Kamer bezwaren heeft tegen een wetsvoorstel, dient de regering een nieuw voorstel in dat de bezwaren in het omstreden wetsvoorstel wegneemt. De Eerste Kamer gaat hiermee terughoudend om.
Hetzelfde geldt voor haar bevoegdheid een wetsvoorstel te verwerpen. Die terughoudendheid is op zijn plaats vanwege het politieke primaat van de Tweede Kamer.
Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.
Verloren Slag – een kleine SWOT-analyse voor de PvdA
De afgelopen twee weken kon je niet om René Cuperus van de Wiardi Beckman Stichting– heen. Hij is één van de twee hoofdauteurs van de bundel ‘Verloren Slag‘, die bij onstentenis van een eigen PvdA-commissie de verloren Tweede Kamer-verkiezingen voor de partij analyseert. Met het kopen van de bundel ondersteun je meteen de partijkas: met € 20 voor een pocket van zo’n 180 bladzijden is hij niet goedkoop.
De bundel bevat een aantal bijdragen van onder meer communicatiewetenschapper Liesbeth van Zoonen, politicoloog André Krouwel, hoogleraar politicologie Kees van Kersbergen; Gerrit Voerman en Paul Lucardie van het Nederlands Documentatiecentrum Politieke Partijen en verkiezingsonderzoeker Philip van Praag. En natuurlijk van WBS-medewerkers Frans Becker en René Cuperus zelf.
Wat is er toch gebeurd met de PvdA tussen de enorm succesvolle gemeenteraadsverkiezingen van februari 2006 -waarbij de partij van Bos op 60 virtuele kamerzetels stond- en 22 november waarbij ze net de helft haalde? Dat is de leidende vraag in het boek. Er kunnen verschillende soorten antwoorden aangedragen worden: campagnematig; sociologisch, cultuurhistorisch. Cuperus en Becker hebben en aantal antwoorden bijeengebracht.
Campagne. Philip van Praag wijst op de schokkend onprofessionele campagne – en dat van de campagnepartij bij uitstek. De PvdA-campagne had geen antwoord op de harde op Bos gerichte campagne van het CDA. Die viel na de monster-overwinning toch te verwachten, aldus Van Praag. De PvdA moert zich ook bewust zijn geweest van het verschijnsel, na de anti-Kerry campagne van Bush die niet terugdeinste voor manipulaties en onwaarheden. Ook het vereiste antwoord op een dergelijk campagne was al bekend: snel en krachtig reageren en verdachtmakingen en insinuaties vooral niet laten doorsmeulen. Niettemin was dat precies wat de PvdA deed. De PvdA reageerde ook traag en ineffectief toen de Netspar-lezing van Bos uitmondde in de beschuldiging van Van Dam dat Bos de bejaarden ging pakken. CDA ‘Dark Lord‘ Verhagen hoefde alleen nog maar in te koppen: ‘Met Bos ben je de klos‘. Met het allochtonen-debat en het Armenië-debat gebeurde hetzelfde. De partij reageerde traag en verdeeld. Intussen profileerde Marijnissen zich steeds meer als een gematigd en ervaren politicus met een gemoedelijke en vaderlijke uitstraling en werd de SP in snel tempo een alternatief voor potentiële PvdA-stemmers. Daarnaast was Balkenende vanaf de zomer bezig aan een come-back. Hij kon ook eigenlijk niet meer dieper zinken. En in de aanloop naar verkiezingen versterken succes-verhalen het succes. Vanaf dat moment had Balkenende het tij mee.
Columnist Thomas Friedman over de energiecrisis en het woord `Groen`[.mov]