Ambtenaren: uitvoering openbaarheid bestuur kan scherper
Onderzoek van het ministerie van Binnenlandse Zaken wijst uit dat oneigenlijk gebruik van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) beperkt is. Nog altijd heeft de minister geen oog voor de moedwillige tegenwerking door de overheid die burgers en journalisten ervaren.
Minister Donner stuurde eerder deze week een brief aan de Tweede Kamer. De brief wordt begeleid met de resultaten van een enquête onder ambtenaren. Het rapport rammelt aan alle kanten. Op basis van het onderzoek concludeert de minister dat “de omvang van het probleem van oneigenlijk gebruik van de wet lijkt mee te vallen”. Verzoekers die geld proberen te verdienen aan een traag reagerende overheid, houden daar weinig aan over. De bewindsman constateert ook “dat omvangrijke verzoeken niet in grote getale ingediend worden”.
De minister besteedt slechts één van zijn zestien pagina’s lange kamerbrief aan de kant van de verzoekers. In de praktijk ervaren burgers en journalisten regelmatig actieve obstructie door de overheid. De minister gaat voorbij aan het vaak aantoonbaar onnodige uitstel van de beslissing op een verzoek. Ook spreekt de bewindsman met geen woord over de onzorgvuldige en soms willekeurige censuur waarmee onterecht veel informatie in documenten wordt weggestreept. Aan inbreng voor de minister heeft het niet gelegen. Er is in de afgelopen maand veel kritiek geweest op de eenzijdige plannen van Donner. Naast kritiek hebben de ambtenaren ook tal van goede ideeën in de enquête aangeleverd.