Verdeelprobleem van de politiek

Hoe beïnvloeden veranderingen in de economie de democratie in Amerika? Daarover sprak Saskia Sassen op de Radboudlezing van de Universiteit Nijmegen. Tom van Doormaal probeert de lezing te vertalen naar de Nederlandse democratie. Hebben wij last van een “onluikende verdringingslogica”? Waarom kan onze democratie de elementaire functie van het verdelen van de welvaart  niet goed meer vervullen? Ik schreef het hier vaker: politiek gaat om de vraag wie wat krijgt, hoe en wanneer. Maar die verdelingsfunctie staat onder druk door de crisis en de economische stand van zaken. Onze kakelverse regering heeft al een verdeelprobleem, voordat de regeringsverklaring is gepresenteerd. Daarover sprak Saskia Sassen op 5 november in Nijmegen, waar zij de Radboudlezing uitsprak. 'Democracy is a war zone,' zei ze. En over de financiële wereld, die ze niet hoog heeft zitten: 'Finance is not about money. A traditional bank gives capital loans, finance is about not having the money that you’re selling.'

Door: Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Wat als het 1870 was geweest?

DATA - Bij Sargasso zijn we dol op kaartjes en grafieken. En al helemaal van verkiezingskaartjes. Bij Buzzfeed zijn ze dat blijkbaar ook, want zij maakten een aantal verkiezingskaartjes van de VS. Hoe hadden de uitslagen per staat er uit gezien als er gestemd was alsof het 1870 was? Of 1920? Of 1970. Kijk en ontdek hoe de Democraten naar verloop van tijd steeds meer staten veroverden.

De waarde van het referendum

OPINIE - De meest voorkomende klachten van burgers over Den Haag kunnen weggenomen worden door het instellen van een bindend referendum. Dit referendum moet dan wel aan bepaalde eisen voldoen.

Vorige keer heb ik betoogd dat ons meerpartijen- en coalitiestelsel zo slecht nog niet is. Er is geen enkele reden om aan te nemen dat ons stelsel tegenwoordig slechter functioneert dan vroeger, en de invoering van districtenstelsels of kiesdrempels om het aantal partijen terug te dringen en coalitievorming te vergemakkelijken is dus een volkomen onnodige beperking van de democratie.

Ook met ons vertrouwen in de politiek en politici zit het wel goed. Zowel de vergelijking met vroeger tijden als met het buitenland laat een positieve bevolking zien die relatief veel vertrouwen heeft in de politiek en politici. Alweer een reden om vooral niets te veranderen aan ons coalitiesysteem.

Maar dat het goed gaat betekent niet dat het niet beter zou kunnen. Want helemaal klachtenvrij zijn we nu ook weer niet. Veel gehoord is de klacht dat we onze politici kiezen en vervolgens vier jaar als kiezer genegeerd worden.

Of die klacht gegrond is zal ik in het midden laten. Het belangrijkste is dat die er is. En dat ie door ons systeem wordt gevoed.

Ons systeem zit namelijk vol met inspraakrondes, maar wat er met die inspraak gedaan wordt is uiterst vaag en vrijblijvend. De paar referenda die we hier daarnaast gehad hebben, werden over het algemeen vergeten op de dag nadat we ze gehouden hebben.

Middelvinger

Het is niet gek dat deze vrijblijvendheid ervaren wordt als een middelvinger naar de burger, en dan met name natuurlijk door de burgers die het met het uiteindelijke besluit niet eens zijn. Zij kunnen altijd beweren dat de meerderheid het vast wel met hun eens zou zijn, als ze maar gehoord zou worden.

Daarbij kiezen mensen op een partij met een pakket, en in dat pakket zijn altijd wel een paar standpunten waar ze het niet mee eens zijn. De kans is er zo dat er op die manier wel een Kamermeerderheid te vinden is voor een minderheidsstandpunt. En daarnaast is er nog het verschijnsel van ons coalitiesysteem dat partijen er allerlei minderheidsstandpunten doordrukken in ruil voor hun deelname.

Referendum

Eigenlijk zijn al deze nadelen van ons systeem weg te nemen door het instellen van een bindend referendum. Het maakt de inspraak helder, en het geeft het volk de mogelijkheid de kamer terug te roepen als er een minderheidsstandpunt wordt doorgedrukt.

Het referendum heeft daarnaast nog twee grote voordelen die doorgaans niet genoemd worden.

Ten eerste wordt met een referendum het inhoudelijke debat aangejaagd. Mensen krijgen een oproep om over één bepaald onderwerp te kiezen en gaan op zoek naar informatie over dat ene onderwerp. Debatten gaan over de inhoud en niet over de personen. De kennis over een onderwerp wordt sterk vergroot, onder burgers maar ook onder politici. Misschien heeft dat zelfs wel invloed op de kwaliteit van de besluitvorming.

Ten tweede maakt de mogelijkheid voor burgers om een referendum te eisen allerlei verplichte (en tijd en geldverslindende) inspraakrondes overbodig.

De methode

Maar dat betekent niet dat het volk zomaar in de wilde weg over alles moet gaan stemmen, of dat het wenselijk is dat de politiek continu bij de burger op de stoep staat om toestemming te vragen. Een goede referendumregeling moet aanvullend zijn, en mijns inziens daarom aan vier strenge eisen voldoen.

Ten eerste zou het referendum altijd over één afgebakend onderwerp moeten gaan. Geen stemrondes over hele boekwerken zoals over de Europese grondwet, want dan zitten we met het probleem dat als er nee gezegd wordt niemand weet tegen welk onderdeel nu precies nee wordt gezegd. Staat er in een verdrag een discutabel punt, dan kan men daarover een referendum organiseren, maar niet over het hele pakket.

Ten tweede mag een referendum niet botsen met hogere wetgeving. Wanneer toch tot zo een referendum wordt opgeroepen dan moet er maar een referendum komen over die hogere wetgeving. Dat verheldert de discussie en houdt de wetboeken zuiver.

Ten derde zou een referendum alleen gehouden moeten worden als een x deel van de bevolking daartoe oproept. Het is niet de bedoeling om voor de vorm referenda te houden of de burgers lastig te vallen met ieder wissewasje. Wanneer echter vijf procent van de mensen zegt mee te willen beslissen, dan weten we zeker dat de burger ook meebeslissen wíl.

Ten vierde moet een referendum als aan de vorige voorwaarden is voldaan altijd bindend zijn, ongeacht de uiteindelijke opkomst. Wanneer erg weinig mensen op komen dagen omdat ze het punt te onbelangrijk vinden, dan beslissen de mensen die het wél belangrijk vinden.

Onder die vier voorwaarden zou een referendum mijns inziens een zeer waardevolle aanvulling kunnen vormen op ons democratische systeem. Wanneer daar niet aan wordt voldaan kunnen we het echter beter in de kast laten.

[Edit: naar aanleiding van de discussie kwamen we op een vijfde voorwaarde – er mag niet worden gestemd over ongedekte voorstellen: wanneer iets geld kost, moet aangegeven worden waar dat geld vandaan wordt gehaald.]

Bezwaren

Er worden vaak inhoudelijke bezwaren tegen een referendum ingebracht.

Het belangrijkste bezwaar is dat het volk het aan kennis en inzicht zou ontbreken om overal maar over mee te beslissen.

Eigenlijk is dat een heel raar argument, want als dat op zou gaan voor een simpele ja/nee vraag zoals in een referendum beantwoord dient te worden, waarom zou dat dan niet opgaan voor de gewone verkiezingen? Waarom zou het makkelijker zijn te stemmen over een stuk of twintig verkiezingsprogramma’s en een lijst van meer dan driehonderd mensen dan over één issue? Dit argument is kortom geen argument tegen een referendum maar eerder een argument tegen het hele begrip democratie. En tegen democratie valt veel in te brengen, ik houd er toch maar aan vast als minst slechte aller systemen, puur en alleen al omdat het politici dwingt om draagvlak te blijven zoeken. En dan is het referendum een voor de kiezer beter behapbare vorm dan indirecte democratie.

Los daarvan wordt het argument dat het volk te dom zou zijn voor een referendum ook weersproken door de praktijk van referendumland Zwitserland (interessant artikel-alert). Dit land houdt al meer dan honderd jaar verstrekkende referenda, de meesten bindend van karakter, en het land is ondanks wat je ervan kan vinden alles behalve een bananenrepubliek. Integendeel, het is één van de meest welvarende landen ter wereld, en fundamentele rechten zijn er over het algemeen goed geborgd.

Dan is er het bezwaar dat je vaak hoort, dat we nu eenmaal politici hebben om onze beslissingen te nemen, en dat we met het referendum een dubbel systeem creëren.

Maar ook dat is een raar argument. We hebben politici immers aangesteld omdat we zelf geen tijd hebben ons de hele dag in dossiers te verdiepen. Maar dat ontneemt ons toch niet het recht die mensen te corrigeren? Als ik een accountant aanstel voor mijn administratie wil ik best naar de man luisteren wanneer hij met voorstellen komt, maar als ik het niet met hem eens ben beslis ik uiteindelijk toch zelf. Daarmee maak ik mijn accountant en zijn kennis echter nog niet overbodig. Die man hoort alleen zijn plaats te kennen. En zo zit dat ook met gekozen politici.

Situatie

De discussie over referenda is al heel oud in Nederland. Eigenlijk kunnen we zeggen dat dit het troetelkind is geweest van iedere beweging van politieke vernieuwers en kwade burgers. D66, Leefbaar Nederland, Fortuijn, Verdonk, Wilders en de SP: allemaal referendumpartijen. Aan de andere kant zijn de traditionele machtspartijen juist geneigd om referenda tegen te houden. De PvdA is nog het meest geneigd mee te gaan, maar staat duidelijk niet te springen. Het CDA is pertinent tegen. En de VVD heeft altijd wel een senator achter de hand om als het puntje bij paaltje komt het referendumfeest tegen te houden.

Het is duidelijk: politici geven hun macht niet graag af. Hoe dichter partijen bij het pluche komen en hoe meer ze hun zin krijgen, hoe minder je ze doorgaans over referenda hoort. En dat is waarschijnlijk de belangrijkste reden waarom het bindend referendum er nog steeds niet is.

Mij lijkt het echter dat het eindelijk eens tijd wordt serieus werk te maken van het referendum, als we tenminste serieus willen zijn met het begrip democratie. Zo niet, dan moeten we ook niet gaan miepen over de kloof tussen de burger en Den Haag. Want die houden we dan zelf in stand.

Niks mis met ons democratisch systeem

OPINIE - Er moet hoog nodig iets gebeuren aan ons kiesstelsel. Sinds Fortuyn is de kiezer op drift: grote electorale verschuivingen, moeilijke formaties, kort zittende kabinetten… kortom Italiaanse toestanden! Dit kan zo niet langer doorgaan of het land is onregeerbaar!

Een bekend verhaal nietwaar? Jaja, eens in de zoveel tijd verschijnt er weer een column van één of andere wijsneus met iets als bovenstaande alinea als inleiding. Daarna volgt dan een stuk waarin gepleit wordt voor een beperking van onze democratie.

Dan wordt bijvoorbeeld voorgesteld om door middel van een kiesdrempel een aantal kleine partijtjes uit het centrum van de macht te drukken. Of om door middel van een districtenstelsel hetzelfde te kunnen doen. Of door een winner-takes-it-all systeem ervoor te zorgen dat partijen die geen absolute meerderheid van stemmen behalen vooral vier jaar lang hun mond zullen houden.

Het punt is: als maar genoeg herhaald wordt dat we een probleem hebben met onze democratie gaan mensen het nog vanzelf geloven ook. Terwijl die hele analyse boven van geen kant deugt. We lopen even de dogma’s in bovenstaande bewering langs.

Electorale verschuivingen

Ja, er zijn veel verschuivingen van kiezers de laatste jaren geweest. Maar uiteindelijk bleef de verhouding tussen links en rechts opvallend constant. Links plus D66 slaagt er nooit echt in een meerderheid te behalen, behalve misschien af en toe als we de ChristenUnie meetellen. Rechts heeft bijna net zoveel moeilijkheden met het behalen van een stabiele meerderheid. Zo is het al decennia gesteld in dit land.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Voer Italiaanse toestanden in!

De Nederlandse democratie is de laatste jaren in soortgelijke problemen geraakt als de Italiaanse vijftien jaar geleden. Sommige oplossingen die in Italië gekozen zijn, zouden ook hier kunnen werken, volgens de auteur.

Een kind kan zien dat er wel wat aan onze democratie te versleutelen valt. Een paar dagen na een campagne waarin een linkse en een rechtse partij elkaar verketterden, vallen ze elkaar in de armen omdat er geen andere keus is. In tien jaar tijd zijn de kiezers vijf keer naar de stembus getrokken en bijna iedere keer stemden ze weer radicaal iets anders. Er is geen enkele reden om te denken dat die instabiliteit met de nieuwe regering zal verdwijnen.

Dat zijn Italiaanse toestanden, zou je vroeger zeggen, ware het niet dat het Italiaanse politieke systeem inmiddels een stabielere indruk maakt dan het Nederlandse. Na een serie van hervormingen, waarvan de laatste in 2005 was, is men daar uitgekomen op een systeem waarvan we sommige elementen best ook hier zouden kunnen proberen.

Het belangrijkste: dat partijen worden aangemoedigd een coalitie te vormen vóór de verkiezingen. Ze moeten daartoe verklaren dat ze tot die coalitie behoren – een versterkte vorm van de bestaande lijstverbinding – en een gezamelijke premierskandidaat aanwijzen. De aanmoediging bestaat eruit dat de grootste coalitie gegarandeerd 54% van de zetels in het parlement krijgt, zodat ze in ieder geval een meerderheid heeft.

Nieuwe partijen – de resultaten

In een serie van zes artikelen presenteerden we de nieuwe politieke partijen. Hoe hebben deze partijen het gedaan bij de verkiezingen van 12 september 2012?

Omdat bij elke verkiezing altijd een aantal partijen meedoen die nog niet eerder in de Tweede Kamer zaten en deze ‘nieuwkomers’ zoveel stemmen trekken dat ze goed zijn voor gemiddeld 3,5 zetels per verkiezing, waren we nieuwsgierig naar de nieuwe partijen bij deze verkiezingen.
Met ‘nieuw’ bedoelen we de partijen die niet eerder een zetel in het parlement hadden. Sommige partijen deden eerder pogingen, maar zonder resultaat.

In zes artikelen presenteerden we de mensen, de achtergronden en een aantal andere bijzonderheden. Hoewel zich dit jaar veel nieuwelingen aanmeldden, deden uiteindelijk elf nieuwe partijen mee aan de verkiezingen. Geen topscore, want in 1971 deden zeventien nieuwe partijen mee. Toch is het relatief veel, want sinds 1948 tellen we gemiddeld 8,7 nieuwelingen per verkiezing De verkiezingen van 2012 kende dus een bovengemiddeld aantal nieuwkomers.

De mediabelangstelling voor nieuwe partijen was even mager als altijd.

De obligate overzichtjes van standpunten haalden nog wel de landelijke media, die verder alleen geïnteresseerd waren in Hero Brinkmans DPK en 50Plus. In de peilingen kwam 50Plus wel voor, omdat de partij op één tot drie zetels werd gepeild. Het DPK werd ook gepeild, maar haalde in de peilingen geen enkele zetel, evenals de Piratenpartij die één keer in een peiling voorkwam.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Stemcomputer, de zombie die maar niet dood wil

Waarin de auteur nogmaals uitlegt waarom met rood potlood stemmen de veiligste optie is.

U heeft gestemd - of niet?Terwijl stemcomputers in Nederland al vier jaar verboden zijn, blijken fundamentele misverstanden over de kern van het probleem rond stemcomputers te blijven bestaan. Afgelopen maand deden de VVD en D66 wederom voorstellen om elektronisch stemmen in Nederland weer in te voeren. Eerder dit jaar riep ook het Nederlands Genootschap van Burgemeesters op tot herinvoering (opmerkingen over niet-gekozen bestuurders die zich bemoeien met het kiesproces in de comments graag ;-).

De vele knullige security problemen (video) of de afwezigheid van de broncode van de software (in het geval van Nedap en SDU stemcomputers) zijn weliswaar prima aanleidingen geweest om het onderwerp via de media op de politieke agenda te krijgen, maar deze zaken zijn niet de kern van het probleem. En hoewel het dossier stemcomputer op het Ministerie van Binnenlandse zaken inmiddels een fel fluoriserende ‘radioactief, niet aankomen!’-sticker heeft, blijft het risico bestaan dat lagere overheden of leveranciers blijven denken dat stemmen per computer best kan ‘als we maar even die bugjes oplossen’.

De werkelijke bezwaren zijn veel fundamenteler en hebben weinig te maken met securitybugs of beschikbare broncode. Het gaat veel verder. Het gebruik van stemcomputers doet fundamentele democratische principes geweld aan. In het eerste jaar van de acties van de werkgroep wijvertrouwenstemcomputersniet.nl werd vaak geroepen door overheid en leveranciers dat men niet zo wantrouwend moest zijn. Nederland was tenslotte een net land en de suggestie dat iemand fraude zou plegen met zo iets fundamenteels als verkiezingen werd als ridicuul van de hand gedaan. Het was simpelweg ondenkbaar en verdere discussie of verantwoording erover was derhalve niet noodzakelijk.

Droom. Verdiep. En strijd tegen het Europa van de banken

Waarin ZeitGeist-voorman Seth Lievense en companen een dringende oproep doen voor een discussie over de banken in Europa. We moeten weer durven te dromen, daar begint het mee. Bekijk ook hun fraaie video (onderaan) die zijn première heeft op Sargasso.

‘Europa is teveel geweest van diplomaten en politici, maar nu dreigt Europa van bankiers te worden’. Treffender had Alexander Pechtold het niet kunnen formuleren. Alleen linksom of rechtsom lijkt dit Europa van de banken vrij spel te hebben.

De bancaire wereld wordt nog steeds met fluwelen handschoenen behandeld door de overheden en het geld blijft -zij het nu via Brussel stromen naar de financiële wereld. Waar zijn de hervormingsvoorstellen? De scenario’s die alternatieven bieden? En waar zijn de parlementariërs die de fundamentele vragen stellen over ons bancaire proces van geldcreatie welke ons deze schulden brengt?

Europa is ooit begonnen met de intentie oude rivalen tot samenwerking te brengen met vrede in het verschiet. Mettertijd ontwikkelde zich een economische unie met de belofte en verwachting dat een politieke unie onvermijdelijk zou zijn. Deze politieke unie is echter nooit gerealiseerd.

Eenzelfde belofte doet zich nu voor met de monetaire eenwording van Europa. Vanuit de financieel-monetaire wereld wordt politici en volk een noodzaak tot snelle besluitvorming gedicteerd om deze monetaire eenwording te realiseren waarbij slechts zijdelings wordt gepraat over politieke eenwording. Bij monde van Jan Kees de Jager blijkt dat deze financieel-monetaire sector zelfs kan dicteren wat politici zeggen onder -een overigens onware- dreiging van verhoogde rentepercentages.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Fractiediscipline Tweede Kamer op 99,998%

DATA, DATA - Heel af en toe is er een hoofdelijke stemming in de Tweede Kamer. Alleen dan telt de stem van de individuele fractieleden. Maar analyse van de data toont aan dat afwijken van de partijlijn zelden voorkomt.

Stemmen in de Tweede Kamer gaat doorgaans per fractie. Bij een stemming steekt 1 lid namens de fractie de hand op. Alle stemmen van die fractie tellen dan. Dat stemt snel en overzichtelijk maar geeft geen ruimte aan minderheidsstandpunten binnen een fractie. Daartoe moet een hoofdelijke stemming aangevraagd worden door een lid van de Tweede Kamer. Of een lid kan een stemverklaring afleggen.

Analyse van de data van stemmingen van de laatste vier jaar leert ons dat slechts 64 maal een hoofdelijke stemming is geweest en er bij 9 stemmingen afwijkende stemverklaringen zijn afgelegd. Er zijn in die vier jaar ongeveer 11.000 stemmingen geweest. En zelfs bij de hoofdelijke stemmingen bleek de fractiediscipline sterk te zijn.

Bij de 64 hoofdelijke stemmingen zijn er slechts 5 waar kamerleden afgeweken zijn van de meerderheid van de fractie. In 9 reguliere stemmingen zijn bij elkaar 15 afwijkende stemverklaringen afgelegd.
Hier een overzicht van de discipline per partij bij de afwijkende stemmingen. Hierbij is het percentage de verhouding tussen het aantal stemmen in lijn met de fractie gedeeld door het aantal stemmen uitgebracht door alle leden van de fractie:

Tussen hemel en aarde

In een serie van zes artikelen presenteren we de nieuwe politieke partijen. Waar komen ze vandaan? Wie zijn de mensen achter de partij? We geven historische duiding en deden bizarre ontdekkingen. En voor wie in het stemhokje eens een nieuwe politieke keuze wil maken, eindigen we de serie met Sargasso’s stemadvies. Vandaag deel 4: een breed spectrum aan spiritueel geïnspireerde politici dient zich aan.

Religieuzen

Het christelijk deel van het electoraat kan al jaren uit een redelijk stabiel aanbod van politieke partijen kiezen. Met name na de fusie van het GPV en de RPF in de ChristenUnie, waren er niet veel nieuwe partijen meer die zich aanboden en ook daadwerkelijk aan verkiezingen deelnamen.

In de periode 1948 – 1977, tot het verkiezingsjaar waarin KVP, ARP en CHU als CDA verder gingen, deden er gemiddeld zes christelijke partijen per verkiezing mee. Gemiddeld vijf partijen haalden ook zetels. In de periode daarna, tot de vorming van de ChristenUnie in 2002, deden er gemiddeld 4,6 christelijke partijen mee. Gemiddeld vier partijen behaalden zetels.

Vanaf de intrede van de ChristenUnie tot en met de verkiezingen van 2010, daalde het gemiddeld aantal deelnemende christelijke partijen tot  3,3 en gemiddeld drie haalden ook zetels.
 

Nieuwe democratie

In een serie van zes artikelen presenteren we de nieuwe politieke partijen. Waar komen ze vandaan? Wie zijn de mensen achter de partij? We geven historische duiding en deden bizarre ontdekkingen. En voor wie in het stemhokje eens een nieuwe politieke keuze wil maken, eindigen we de serie met Sargasso’s stemadvies. Vandaag deel 3: hoe nieuwe partijen de kloof tussen burger en politiek denken te overbruggen.

De huidige nieuwe politieke partijen komen zonder uitzondering voort uit onvrede over hoe de gevestigde partijen politiek bedrijven. Twee opvattingen spelen daarbij een rol: politici luisteren slecht en de invloed van de burger is, afgezien van de verkiezingen, minimaal. Hoe denken de nieuwe partijen daar verandering in te brengen?

Van de elf nieuwe partijen besteden er vijf aandacht aan hoe een nieuwe democratie er in hun optiek uit zou moeten zien.

Opvallende tegenvallers

Eerst drie partijen die het opvallend af laten weten qua visie op die nieuwe democratie:

Van de Politieke Partij NXD is nog steeds niets bekend. Er is nog nergens een programma gesignaleerd. De partij doet in slechts één kieskring mee (Amsterdam), dus valt er ook geen concrete politieke vernieuwing van te verwachten.

Het Democratisch Politiek Keerpunt (DPK) vermeldt niets concreets over politieke en bestuurlijke vernieuwing. Dat is enigszins merkwaardig, omdat in deze partij TON (Trots op Nederland) en de OBP (Onafhankelijke Burger Partij) zijn gefuseerd.

Vorige Volgende