Koppensnellers

"Ze worden meegenomen naar Mekka, en daar tijdens het slachtfeest tegelijk met de schapen gekeeld." Je moet het Hans Jansen nageven: wetenschappelijk mogen zijn stukjes al jaren geen stuiver waard zijn, maar als propagandistisch materiaal is het uitermate geslaagd. Afgelopen zaterdag was het islamitische Offerfeest, en nadat Jansen in z'n wekelijkse GeenStijl-column eerst heeft uiteengezet hoe dit feest teruggaat op een verhaal waarvan de theologische betekenis eigenlijk in niets verschilt van hoe de Joden en christenen dat uitleggen, slaagt hij er via een historisch uitstapje naar twee gekeelde kruisvaarders en een sprong door de tijd naar ISIS toch nog in het slachtfeest te associëren met bloeddorstige moslims die niet alleen schapen, maar ook mensen kelen.

Door: Foto: copyright ok. Gecheckt 17-10-2022
Foto: Brabant Bekijken (cc)

Onderwijsdeelname per type in afgelopen eeuw

ACHTERGROND - In het boek Gouden jaren schrijft Annegreet van Bergen hoe ons leven in een halve eeuw onvoorstelbaar is veranderd. Het hoofdstuk over onderwijs begint met de vaststelling dat kinderen vroeger productiemiddel of investeringsgoed waren: tegenwoordig zijn ze primair consumptiegoed. Ouders willen er vooral plezier aan beleven. Met zo’n inleiding over onderwijs lees ik graag door.

Ze schrijft over de Mammoetwet, de Schoolkeuzetest, de Moedermavo en Steeds meer studenten. Met name de schoolkeuzetest zorgde ervoor dat de onderwijskeuze minder sociaal bepaald werd, en ze noemt daar diverse voorbeelden van uit eigen ervaring en uit literatuur. Over de Cito-toets schrijft ze:

Inmiddels heeft de Cito-toets de functie van de schoolkeuzetoets overgenomen. Vooral voor kinderen uit allochtone milieus is hij nog steeds erg belangrijk. Wanneer er was geluisterd naar zijn juf van de basisschool, was Mano Bouzamour (1991) op het vmbo terechtgekomen. Maar volgens de Cito-toets kon deze zoon van analfabete Marokkaanse ouders naar het vwo. In zijn boek De belofte van Pisa schrijft Bouzamour vooral over zijn wilde jaren, maar hij laat ook zien dat de Cito-toets het bij het rechte eind had: hij slaagde voor zijn atheneumdiploma.

Vandaag viel mijn oog op deze grafiek, uit een rapport van de NRO, over de onderzoeksprogrammering voor de komende jaren. De grafiek bevestigt het verhaal over de grote veranderingen in het onderwijs in de laatste vijftig jaar, maar laat tegelijkertijd zien dat deelname aan het hoogste niveau eigenlijk heel constant is gebleven. Vanaf de invoering van de Mammoetwet is te zien dat een steeds groter percentage naar de havo gaat: het percentage vwo-ers (of wat daarmee vergelijkbaar was) is in al die jaren nauwelijks veranderd.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Laniakea: Onmeetbare hemel

VISUALISATIE - Een supercluster is een verzameling van sterrenstelsels:

On the edge of a supercluster, called Laniakea, in a galaxy called the Milky Way around a star we call the sun there is a small blue planet: Our home.

Een team van wetenschappers heeft een vizualisatie gemaakt van de structuur van het heelal. De Melkweg, waar de Zon en dus ook wij deel vanuit maken, is slechts een heel klein onderdeel van het supercluster Laniakea. En dat grenst weer aan andere superclusters. Er komt geen eind aan dus.

Foto: NASA's Marshall Space Flight Center (cc)

Zandkorrel

COLUMN - Niets spannenders dan wetenschappers die vertellen over de kosmos. Toen onze eigen Robbert Dijkgraaf, een tijdje geleden al weer, op tv een uur lang college gaf over de oerknal, zat ik aan het scherm gekluisterd: Dijkgraaf maakte van complexe materie een inzichtelijk, geestig en gepassioneerd verhaal. Dat je je als toehoorder bij theorieën die zo’n onmetelijke reikwijdte hebben, voelt wegzakken tot minder dan een speldeknopje in een plooi van de geschiedenis, geeft niet. Het is juist imposant dat onze aardbol dan zo minuscuul lijkt: we zijn een zandkorrel in de wervelwinden van de kosmos.

Astronoom Neil deGrasse Tyson is een al even gepassioneerd verteller. In de afgelopen maanden hervertelde hij de wereldberoemde documentaireserie van zijn leervader Carl Sagan over de kosmos. Tyson maakte er een sprankelend, persoonlijk en wijds theoretisch betoog van, opgeluisterd met historische anekdotes, biografieën van bijzondere wetenschapers en heel veel oogverblindend visueel snoep. We reisden met hem door de Melkweg, door de eeuwen, door de tijd, over de alle uithoeken van de aarde en door de evolutie heen.

Tyson had een goed oog voor conflicten in de wetenschap. Kennisvergaring is geen harmonieus proces. Voor nieuwe inzichten moet worden gevochten, en sommige wetenschappers worden genekt in dat proces. Voor de eer en de glorie komt vaak eerst de hoon en arrogantie van vakgenoten. Soms vindt een wetenschapper zelfs een hele industrie tegenover zich, zoals geochemicus Clair Patterson, die als eerste aantoonde dat we de wereld in razendsnel tempo aan het vervuilen waren met loodhoudende benzine.

Foto: lets.book (cc)

Extra ecclesiam

ACHTERGROND - Wetenschapsfilosoof Maarten Boudry vraagt in de Belgische krant De Morgen van 13 september aan gematigde moslims voortaan geen beroep meer te doen op de koran wanneer ze hun afkeuring van gewelddadige geloofsgenoten willen onderbouwen. Hij richt zelfs een ‘smeekbede’ tot hen, omdat ze op die manier het uitgangspunt delen van hen die ze bestrijden.

U speelt niet alleen op het schaakbord van de jihadi’s, met hun spelregels, het is alsof u zichzelf drie pionnen toebedeelt en uw tegenstander tien koninginnen.

Bij elk dispuut halen fundamentalisten immers het boek boven dat u beiden eerbiedigt als goddelijke autoriteit, en weten zij de beste papieren voor te leggen.

Aldus Boudry. Het is een iets vriendelijker formulering van een oud thema: de koran als islamitische Mein Kampf, waarin ondubbelzinnig en tot in detail alle gruwelijkheden zouden zijn voorgeschreven die moslimzeloten overal ter wereld plegen. Wie met behulp van datzelfde boek anderen tot vreedzaam gedrag wil aanzetten, faalt natuurlijk al bij voorbaat. Dat idee is het gevolg van een denkfout waar atheïsten en andere seculieren de laatste tijd steeds vaker met een forse klap in tuinen: ze luisteren alleen naar fundamentalisten.

Die lezen heilige teksten namelijk letterlijk – ‘wat er stáát’ – en dat is makkelijk te volgen. Ze beroven de teksten doorgaans ook van hun context, of voorzien ze van een totaal nieuwe. Seculieren zijn van die context vaak in het geheel niet op de hoogte en gaan dus maar af op wat ze verteld wordt. Het verhaal van de fundamentalist is ook goed verifieerbaar aan de hand van die bronnen die eenvoudig toegankelijk zijn voor de absolute, en dus ook de seculiere leek. Beide groepen hebben – met andere woorden – geen kaas gegeten van exegese en theologie en de veel ingewikkelder verhalen van gediplomeerde exegeten en theologen kunnen ze maar nauwelijks volgen. Boudry hoort bij de groeiende groep seculieren die slechts één interpretatie van de heilige schrift aanzien voor wat er in diezelfde schrift ook echt ‘stáát’.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Laatste Duitse universiteiten schaffen collegegeld af

The Times:

All German universities will be free of charge when term starts next week after fees were abandoned in Lower Saxony, the last of seven states to charge.

“Tuition fees are socially unjust,” said Dorothee Stapelfeldt, senator for science in Hamburg, which scrapped charges in 2012. “They particularly discourage young people who do not have a traditional academic family background from taking up studies. It is a core task of politics to ensure that young women and men can study with a high quality standard free of chrage in Germany.

Foto: John Atherton (cc)

Vliegen duurt langer door internet

ACHTERGROND - Vliegen, de snelste manier van vervoer, gaat steeds langzamer. Frequente luchtreizigers in de Verenigde Staten hadden misschien al in de gaten dat er langzamerhand stiekem een paar minuten bij de vluchttijden zijn opgeteld. En dat is volgens onderzoekers mede het gevolg van ons koopgedrag op internet.

Let u eigenlijk wel eens op hoe lang uw vlucht duurt? En kan dat u eigenlijk wel iets schelen?

Vroeger, toen we nog naar het reisbureau gingen om een vlucht te boeken, kwamen we meestal thuis met een ticket voor de snelste verbinding naar onze plaats van bestemming. Die stond namelijk bovenaan in het reserveringssysteem, en waarom zou je dan verder zoeken.

Goedkoop

Nu we steeds vaker zelf onze vliegtickets via internet aanschaffen blijken we eigenlijk vooral geïnteresseerd te zijn in de prijs. Veel zoeksites tonen dan ook de goedkoopste vlucht als eerste optie. En luchtvaartmaatschappijen hebben ons door, dus maken ze de tickets goedkoper om bovenaan in een zoekactie uit te komen.

Langer vliegen

Maar ze laten ons voor straf ook langer in de lucht hangen. Dat is de conclusie van een studie van economen van Tel Aviv University, die binnenkort verschijnt in The Review of Economics and Statistics. Dit onderzoek verkent met statistische analyses de invloed van de toename van mensen met een internetverbinding op de vluchtduur van binnenlandse vluchten in de Verenigde Staten tussen 1997 en 2007.

Foto: University of Central Arkansas (cc)

Welke ziekte is volgend jaar aan de beurt voor een ludieke campagne?

ACHTERGROND - Tien jaar geleden begon ik aan een promotieonderzoek naar ALS. Toen moest ik iedereen uitleggen wat ALS was. Door campagnes als de Amsterdam Swim Challenge met koningin Maxima en de IceBucketChallenge is daar wel verandering in gekomen. Maar leveren die campagnes eigenlijk ook wat op voor ALS-patiënten? Voorlopig helaas nog weinig, schrijft Eva Teuling.

Het zal niemand zijn ontgaan dat de IceBucketChallenge afgelopen zomer een trending topic op alle sociale media was, en daardoor ook werd opgepikt door serieuze media. Eerst beroemdheden, daarna al je Facebookvrienden: iedereen keerde een emmer koud water over zijn of haar hoofd om geld op te halen voor de ziekte ALS. Met succes – eerder schreef de Volkskrant dat er ruim 85 miljoen euro is binnengekomen in de VS, en ruim één miljoen euro in Nederland. De bedenkers van de campagne (wie zijn dat eigenlijk?) mogen zich op de borst kloppen.

Zelf heb ik niet aan de IceBucketChallenge meegedaan. Niet alleen omdat ik er niet voor ben uitgedaagd, maar ook omdat ik niet inzie wat het omkeren van een emmer koud water boven je hoofd te maken heeft met een verschrikkelijke ziekte waar mensen vaak binnen vijf jaar aan doodgaan. Ook onder patiënten worden dergelijke ludieke campagnes lang niet altijd gewaardeerd, dit gold bijvoorbeeld ook voor de groetposters van ALS-patiënten in bushokjes, met daarbij de tekst ‘Ik ben al overleden’, zoals bijvoorbeeld ook Pieter Steinz opmerkte in de NRC.

Waar zouden we zijn zonder (v)mbo?

Ouders zijn doodsbang dat hun kind(eren) naar het VMBO moet(en). Maar als het (V)MBO echt zo slecht is je zou moeten geloven, dan zou je aan mogen nemen dat niets meer functioneert. Of is het toch iets genuanceerder?

(via)

Foto: copyright ok. Gecheckt 09-02-2022

KORT | Nuttige archeologie

NIEUWS - Ik heb er al eens eerder over geblogd: het werk van mijn collega Ivar Schute, die zich heeft gespecialiseerd in de archeologie van de Tweede Wereldoorlog. Hij werkt al een tijdje mee bij een internationaal project in Sobibor en dat project begint nu spraakmakende vruchten af te werpen: de gaskamers zijn gevonden.

De pogingen van de Duitsers destijds om het kamp – na de opstand en ontsnapping van gevangenen – in de vergetelheid te laten geraken, zijn uiteindelijk vruchteloos gebleken.

Foto: Bibliotheek Kortrijk (cc)

De toets moet een hulpmiddel zijn

ACHTERGROND - De tijd van vrijheid is voorbij, ook voor peuters. Kinderen worden steeds jonger getest en getoetst en de lat moet steeds hoger. Dat is schadelijk, stelt prof. dr. Sieneke Goorhuis-Brouwer (Early Childhood, Stenden University). Volgens dr. Cor Sluijter van het Cito, Nederlands bekendste toetsinstituut, zijn toetsen juist een goed hulpmiddel om de vooruitgang van kinderen te meten. Zijn we te ver doorgeslagen in onze toetsdrift?

Waarom toetsen?

‘Ik zie het al, die gaat naar het gymnasium,’ denkt de leraar over een pientere peuter, terwijl hij een klasgenootje dat uit het raam staart misschien lager inschat. Toetsen zijn volgens Sluijter belangrijk omdat leerkrachten ook maar mensen zijn en niet altijd de juiste beslissingen maken. Vaak zijn beslissingen inconsistent en worden ze genomen op basis van te weinig informatie. Die ongefundeerde verwachtingen beïnvloeden ook de prestaties van leerlingen. Wanneer de docent denkt dat een kind het goed doet, gaat het ook beter presteren, en andersom. Een toets zorgt ervoor dat kinderen gelijke kansen krijgen, en biedt docenten een hulpmiddel voor het beoordelen van leerlingen. Toetsen zijn zo een middel tegen willekeur en vooroordelen.

Toetsstress

Maar volgens Goorhuis-Brouwer is een groepsnorm voor peuters en kleuters juist niet eerlijk. Kinderen van nul tot zeven jaar zijn bezig hun basisvaardigheden te ontwikkelen, een spontaan proces met enorme fluctuaties in prestaties. Als we iedereen die onder het gemiddelde scoort een achterstand toedichten, doet dat kinderen tekort. Slechts de laagst scorende 10% heeft daadwerkelijk een achterstand. De 40% daarboven scoort weliswaar onder het gemiddelde, maar dat is niet zorgwekkend.

Foto: Lab Science Career (cc)

Big Data in medisch onderzoek

ACHTERGROND - Het grootschalig en ongericht verzamelen van patiëntgegevens maakt nieuw medisch onderzoek steeds gemakkelijker. Maar er zitten ook nadelen aan deze werkwijze.

Als je als patiënt of gezonde vrijwilliger gegevens afstaat voor medisch onderzoek is dat voor patiënten in de toekomst, want na het onderzoek is er niet meteen een therapie. Deze gegevens vertellen echter steeds meer over jou, bijvoorbeeld over de aanleg die je hebt voor een andere ziekte, die zich veel later pas ontwikkelt. Krijg je dat te horen? Zou je dat willen? Wat doen onderzoekers met die gegevens en hoe blijven ze privé? Prof. dr. Frank Miedema (Raad van Bestuur, UMC Utrecht) sprak over de moeilijkheden en mogelijkheden van onze snel groeiende kennis over ziekten en gezondheid.

Vissen naar resultaat

In klassieke wetenschappelijke studies dienen onderzoekers een zorgvuldig gedefinieerd voorstel in, met een heldere onderzoeksvraag die wordt getoetst door de medisch ethische commissie. De commissie kijkt streng naar betrokkenheid van de proefpersonen. Ervaren zij niet te veel druk om mee te doen ‘omdat de dokter het vraagt’? Telkens moet de belasting voor de patiënt opwegen tegen het belang van het onderzoek voor de wetenschap.

Bij modern dataonderzoek gaat echter dit andersom: eerst dien je een aanvraag in om (medische en maar ook andere) gegevens, bloed of weefsel te verzamelen van grote groepen patiënten en gezonde vrijwilligers. Vervolgens formuleren onderzoekers vanuit de verzamelde data telkens nieuwe onderzoeksvragen, waarbij ze de eerder verzamelde kennis meenemen.

Vorige Volgende