Supportersgeweld

De actualiteit, daar kunnen we het ook over hebben. Bijvoorbeeld over degenen die in een voetbalstadion vuurwerk afsteken. Het probleem is niet het voetbal, is niet het vuurwerk, is niet het feit dat de betrokkenen beschikken over een negatief intelligentiequotiënt. Het probleem is dat we nu al een halve eeuw te maken hebben met “supporters” die zich misdragen. Ik ben de tel kwijt van het aantal maatregelen dat in die halve eeuw is aangekondigd. Hoeveel commissies zich erover hebben gesproken, wil ik niet eens meer herinneren. Gebiedsverboden, stadionverboden, meldplichten, stilgelegde wedstrijden, wedstrijden zonder publiek: het is dweilen met de kraan open. Simpel gezegd: in Nederland zijn wangedrag en betaald voetbal verbonden zoals vast en zeker, altijd en eeuwig, geheel en al. Voetbal en wangedrag vormen een tautologie. Ondertussen zijn het dus niet alleen de bona fide stadionbezoekers die ervoor opdraaien, maar betalen we allemaal mee voor de politie-inzet. En dat staat me per incident meer tegen. (Per incident: dus mijn weerzin neemt snel toe.) Een agent weet dat ’ie af en toe gevaar loopt, maar het moet frustrerend voor zo iemand zijn dat ’ie de klappen kan opvangen omdat het probleem nu al een halve eeuw niet wordt beëindigd. Als de politie zegt dat ze ’t verder zelf maar uitzoeken, heeft elke agent mijn sympathie. Ik ben ook de drogredenen zat. Hier lees ik dat de overheid de betaalde voetbalclubs maar moet bijspringen, wegens het “maatschappelijke belang”. Nee. Volksgezondheid heeft maatschappelijk belang en sport heeft daarbij een functie. Voetbal ook. Maar betaald voetbal heeft die functie niet. Sport is mooi. Als mensen willen voetballen, fijn. Maar het valt niet langer uit te leggen dat de samenleving opdraait voor de evident onoplosbare problemen rond het betaald voetbal. En agenten, die gewond kunnen raken, hebben er recht op dat ze niet lichtvaardig worden uitgezonden. Is er een oplossing? Misschien deze: bij herhaalde overtredingen kan de overheid – of dat nu de burgemeester is of iemand op een ander bestuursniveau – een bedrijf of een pand sluiten. Vergunningen kunnen worden ingetrokken. Wellicht is er een andere oplossing, want ik misgun mijn buurman, die elke zondag voor de TV zit en geen vlieg kwaad doet, zijn wekelijkse wedstrijd heus niet. Maar het valt niet langer uit te leggen dat wij allemaal, en de politie in het bijzonder, opdraaien voor een almaar voortetterend probleem. PS Al het bovenstaande geldt tevens voor de onoplosbare ellende rond ontgroeningen bij studentenverenigingen. [overgenomen van de Mainzer Beobachter]

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.