Niet meer zittenblijvers door social media. Of toch wel?

ANALYSE - Afgelopen woensdag checkte nrc.next de bewering ‘Scholier blijft zitten door social media’ uit de Metro van donderdag 22 november. Hun conclusie: ongefundeerd. Onze conclusie: broddelwerk van nrc.next.

Donderdag 22 november kopte de Metro met vette letters: ‘Scholier blijft zitten door social media‘. In dit artikel komt Justine Pardoen, hoofdredacteur van Ouders Online,  die zojuist haar boek ‘Focus’ heeft gelanceerd aan het woord in het kader van de week van de mediawijsheid. Social media zou zo’n sterke afleider zijn voor scholieren dat ze vaker blijven zitten dan vóór de introductie van de smartphone.

Zo’n stellige bewering was natuurlijk een mooie aanleiding voor de factcheckers van nrc.next om deze stelling eens wat beter te bekijken. Na het raadplegen van twee deskundologen komt nrc.next met de conclusie dat er geen onderzoek is gedaan naar de relatie tussen zittenblijven en het gebruik van social media en de bewering dus ongefundeerd is.

Maar in hoeverre heeft nrc.next echt zelf gecheckt? Niet dus. Een simpele zoekopdracht bij Google Scholar levert al gelijk een onderzoek op. Twee minuten verder zoeken levert in ieder geval de volgende drie (publiek toegankelijke) artikelen op:

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

De grens van de grenzeloosheid

Nieuwe technologieën: er is niets nieuws onder de zon, vindt theoloog Els Rooseboom. Ze waarschuwt tegen overdreven optimisme én tegen doemdenken. Ze is één van de winnaars van de blogwedstrijd Intieme technologie.

Techniek is sinds uitvindingen als het vuur en de steenbijl per definitie onbegrensd voor de mens. Er is geen weg terug, we kunnen alleen maar vooruit door het immer groeiende vermogen van de mens tot onderzoeken en uitvinden. Het leven wordt er aangenamer van: door de loop der eeuwen kwamen onder andere de boekdrukkunst, elektrisch licht en de trein tevoorschijn. Zaken die nu doodgewoon zijn, maar in hun tijd opzienbarend. Soms worden de vernieuwingen ons door de strot geduwd, maar alles went, zelfs hangen (oftewel: opgehangen worden), zei mijn vader altijd.

Revolutionair is de recente uitvinding van de computer. De digitale ontwikkeling voltrekt zich op vele gebieden met een duizelingwekkende snelheid. Iedereen doet hieraan mee, kinderen en bejaarden niet uitgezonderd. Betrekkelijk eenvoudige technieken zijn veranderd in ingewikkelde technologieën. Concrete apparaten en werktuigen zijn abstracte toepassingen van elektronica geworden. Op alle gebieden van het leven evolueert dit in een hoog tempo. ‘Vroeger’ was een koelkast of een wasmachine absoluut onmisbaar, nu een computer of een smartphone.

Extra lichaamsdeel
Communicatie verloopt sneller en veelomvattender dan in de tijd van de postkoets. Het concrete werktuig is geen verlengstuk van de mens meer, zoals bijvoorbeeld een pen of een boek, maar een abstract intrinsiek onderdeel geworden zoals bijvoorbeeld internet. Mensen leven er dagelijks mee en dragen het bij zich als een extra lichaamsdeel. Er is nauwelijks scheiding meer tussen private en technische wereld; ze zijn met elkaar verweven geraakt.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

‘Twittervrienden’

Onderzoeker Mirjam Schuijff vraagt zich af hoe het komt dat Twitter zoveel over haar weet. Een nieuwe aflevering in de serie Intieme Technologie van het Rathenau Instituut.

Ik geef het eerlijk toe: ik loop bepaald niet voorop als het gaat om het omarmen van nieuwe technologieën. Maar beter laat dan nooit toch? Alleen doen die apparaatjes, gadgets en programmaatjes me soms verbaasd staan. Onlangs gebeurde dat nog.

Op een mooie zaterdag besluit ik een Twitter-account aan te maken. Na een half uur tevergeefs gebruikersnamen te hebben geprobeerd – het nadeel van niet zo vlot zijn met nieuwe technologieën is dat alle eenvoudige gebruikersnamen op Twitter al bezet zijn door vlottere mensen – heb ik eindelijk een account. Snel wil ik de eerste tweet de wereld in sturen. Maar eerst moet ik door een menuutje heen. Ik kan aangeven of ik bijvoorbeeld ‘dwdd’ of ‘nickensimontwit’ wil volgen. Nick en Simon? Die Volendamse zangers die ik wegzap als ze op te tv zijn? Hoe komt Twitter erop. Gelukkig hoeft het niet.

Het volgende scherm is een overzicht van “Twitter-accounts aanbevolen voor jou, gebaseerd op wie je volgt en meer”. Ik volg nog helemaal niemand, maar Twitter heeft een bont gezelschap vage bekenden voor me geselecteerd. Een vriendin van een vriendin, iemand die ik ken van een cursus, en wat vrienden van mijn broer (dat laatste denk ik tenminste, zo goed ken ik ze). Mijn oude studievereniging staat ook op het lijstje, en nog hoog ook. Verder zie ik ICT-onderneminkjes waar ik nog nooit van gehoord heb en een bedrijf dat zich specialiseert in lenzen en lenzenvloeistof.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

http://youtu.be/kJvAUqs3Ofg

Opsporing en vervolging via sociale media

Stel: je wordt verdacht van een ernstig misdrijf en opsporingsambtenaren leggen een link tussen daad en dader door gebruik te maken van sociale media. Mag dat, vraagt gastauteur Sebastiaan van der Lubben zich af?

In Amerika is een debat ontstaan over deze zoekmethode. Een verdachte van ontvoering en moord werd herkent door gebruik te maken van profielen die hij aanmaakte op datingsites. Daarop veel foto’s vanuit verschillende hoeken van de dader. Slimme gezichtsherkenning (denk CSI) deed de rest. Dus kopte (het uitstekende NextGov): Feds turn to dating websites and facial recognition tools to catch crooks. Logisch: de zoekmethode gaat een stuk sneller dan het opsporen en overtuigen van (onwillige) getuigen om mee te werken aan het proces. De techniek doet de rest.

Gezichtsherkenning gaat sneller en beter dan vijf, zes jaar geleden. De technologie wordt goedkoper en het aantal foto’s op internet explodeert. Zoeken in online bestanden naar boefjes is een fluitje van een cent. En precies daartegen maken rechtsgeleerden, de Federal Trade Commission en het Congres grote bezwaren. De overheid krijgt zo wel heel veel macht om naast verdachten ook een referentiecheck te maken van iedereen in de (directe) omgeving. Law enforcement goes 2.0 zou je kunnen zeggen, met alle juridische vraagstukken van dien.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Vorige Volgende