Niet Poetin, maar Trump als genadeklap voor de Europese veiligheidsarchitectuur
COLUMN - van Laurien Crump
Niemand had drie jaar geleden, toen Poetin Oekraïne binnenviel, kunnen bevroeden dat niet de Russische president, maar zijn Amerikaanse evenknie de genadeklap aan de Europese veiligheidsarchitectuur zou uitdelen. Poetins invasie in Oekraïne leek een dieptepunt in Europese betrekkingen.
Voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog was er een internationale oorlog op Europees grondgebied, Rusland was volstrekt onrechtmatig een vredelievend buurland binnengevallen en de soevereiniteit van Oekraïne werd met voeten getreden. Democratie en rechtsstaat bleken ook in de Russische buitenlandpolitiek loze begrippen.
De reactie op Poetins invasie gaf reden tot hoop: de kracht en veerkracht van de Oekraïners overtrof alle verwachtingen, de gelederen binnen de EU en de NAVO sloten zich vrijwel meteen, en de steunpakketten richting Oekraïne en sanctiepakketten richting Rusland volgden elkaar in razendsnel tempo op. Kyiv is niet ingenomen, Zelenski is nog aan de macht en de Europese veiligheidsarchitectuur leek tot voor kort nog min of meer intact.
Sinds de veiligheidsconferentie in München veertien dagen geleden is er echter een nieuw dieptepunt bereikt. De Amerikaanse president Trump en zijn entourage delen de laatste weken de ene klap na de andere uit, niet aan Rusland, maar aan Europa en Oekraïne. Nadat de Amerikaanse minister van defensie (en voormalig Fox presentator) Pete Hegseth Oekraïne in de uitverkoop had gedaan, hield vicepresident Vance een ronkend betoog dat zo uit het script van Poetin had kunnen komen.