Kunst op Zondag | Humor

Net zo min als je in een museum zelden iemand in snikken ziet uitbarsten, zo weinig schalt er een bulderende lach door de zalen. In de beeldende kunst is humor altijd aanwezig geweest en dankzij Dada en Fluxus is kunstzinige humor niet meer weg te denken. Maar je zal in een museum of galerie geen schaterlachende menigten tegenkomen. Tot 10 september kun je in Haarlem je lachspieren testen bij de tentoonstelling ‘Humor. 101 jaar lachen om kunst’. Een dubbelexpositie in het Frans Hals Museum (parodieën op kunstwerken) en De Hallen Haarlem (overzicht van Nederlandse kunst uit de tijd van dada tot nu). Lachen om kunst. Hoe verzinnen ze die titel. Be-la-che-lijk! Het moet zijn: lachen met kunst. Of lachen dankzij kunst. ‘Lachen om’ refereert toch aan een negatief soort spot. Het zal de ondraaglijke lichtheid van de lach wel zijn dat de organisatoren op deze uitglijder kwamen. Dat karikaturen van en parodieën op beroemde kunstwerken in het Frans Hals Museum ‘lachen om kunst’ mag heten, wil nog niet zeggen dat de gehele tentoonstelling de spottende titel verdient. En dan: 101 jaar humor bij elkaar brengen is riskant voor de lach.

Closing Time | George Carl

Hé, geen muziek meer in Closing Time? Tuurlijk wel. Hier begint het met een drumsolo in een act van de in 2000 overleden George Carl. Die act heeft hij ontelbare keren uitgevoerd over heel de wereld en op internet lijkt het of dit ook het enige is dat de man heeft gepresteerd.

In dit filmpje de Tonight Show uit 1986 met de dan 70-jarige Carl.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Alexandre Dulaunoy (cc)

Kunst op Zondag | Kader Attia

Kader Attia, won vorig jaar de Marcel Duchamps Prijs. Tot oktober is in Gent werk van hem te zien. Zoals vaker bij Kader Attia, is de tentoonstelling in Gent meer een museale installatie, met componenten uit diverse werken die vooral “herstel” als onderwerp hebben.

Zijn inspiratiebronnen (zegt hij zelf): politicus/filosoof Pierre-Joseph Proudhon (“eigendom is diefstal”), de dichter Oswald de Andrade (stelde in het Cannibal Manifesto dat Brazilië zich alleen kan verweren tegen de koloniale Europese cultuur door het te “kannibaliseren”) en psychiater Frantz Fanon, lid van het Algerijnse Bevrijdingsfront (schreef over de psychologische effecten van kolonisatie en hoe men zich er van kan bevrijden).

Oil and Sugar #2, 2007.

Neemt u rustig de tijd voor de rest van onze expositie van vandaag.

Ghost, 2007.
cc Flickr Herry Lawford New Art from the Middle East - Kader Attia - Ghost 2007

Hier Kader Attia zelf over Ghost:

Ghardaïa, 2009.
cc Flickr duncan c photostream Untitled (Ghardaïa), Kader Attia, Tate Modern

Repair of the Occident to Extra-Occidental Cultures, 2012.
cc Flickr Hans Olofsson photostream Kader Attia - dOCUMENTA 13

Details uit Repair of the Occident to Extra-Occidental Cultures:

The repair of natures failure.
cc Flickr P K photostream kader attia - the repair of natures failure - documenta kassel

Crucifixes made from bullets.
cc Flickr P K photostream crucifixes made from bullets

Uit “J’accuse” (Senegalese houtsnijders maakten houten beelden op basis van fotos’s van gewonde soldaten die met plastiche chirurgie zijn opgelapt).
cc Flickr Frank Lindecke The Repair - Kader Attia

Kader Attia over “herstel”.

Continuum of Repair: the Light of Jacob’s Ladder, 2013 – 2014.

Foto: libby rosof (cc)

Kunst op Zondag | Mona Hatoum

Mona Hatoum weet wat het is om op te groeien in “vluchtelingenopvang in de regio”.

Although I was born in Lebanon, my family is Palestinian. And like the majority of Palestinians who became exiles in Lebanon after 1948, they were never able to obtain Lebanese identity cards. It was one way of discouraging them from integrating into the Lebanese situation.(Bron: Tate Modern).

Wat sommigen zullen zien als toevallige samenloop van omstandigheden Ze is aan die toestand op ontsnapt en

When I went to London in 1975 for what was meant to be a brief visit, I got stranded there because the war broke out in Lebanon, and that created a kind of dislocation, [which] manifests itself in my work.

Laten we eens zien in hoeverre we dat statement nog in haar werk terug zien. Trefwoorden: conceptueel, minimalisme, surrealisme, politiek, humor. We voegen er hier en daar wat uitspraken van haarzelf aan toe.

Light Sentence, 1992.
You know, I’m always surprised when, years after I make a work, someone comes up and says, “Oh, this means this to me.” Just recently I was talking about Light Sentence in kind of negative terms… You know, it reminds you of the architecture of tower blocs in the suburbs of big cities, uniform and regimented architecture… But someone responded, “Oh, it’s funny because when I looked at the shadows, it gave me a lot of hope.” Wonderful! Absolutely amazing! (Bron: The Talks).

Koor King’s College gebruikt… helium?

Een originele en grappige manier om het wereldberoemde jongenskoor onder de aandacht te brengen met een 1 april-grapje.

After a lenghty consultation process, during which we learned that the surgical solution was surprisingly unpopular with the choral scholars, somebody in the chemistry department came up with a very simple solution…

Foto: Viola-da-gambaspeelster,  olieverf op doek. Particuliere collectie, Londen. copyright ok. Gecheckt 02-03-2022

Kunst op Zondag | Lachen in de schilderkunst

ANALYSE - Valt er iets te lachen in de beeldende kunst? Een echte, volle lach? Hoe zit het daar mee? Toegegeven, om de beeldende kunst zelf viel (en valt) soms best wel wat te lachen. Die riep in het verleden nog wel eens besmuikt gegniffel of honend en denigrerend geproest op. Denk maar aan de schimpscheuten aan het adres van de eerste impressionisten of de naoorlogse abstract-expressionistische experimenten van COBRA.

Maar hoe zit het met de lach in de kunst zelf? Kan er eigenlijk wel een lachje af op het canvas? Loop in gedachten de kunstgeschiedenis eens na. Vanaf de prehistorie via de Babyloniërs naar de Egyptenaren, de Grieken en de Romeinen. De kunst maakt zich steeds meer los uit statische schema’s en formules. Bewegingen en gebaren worden steeds levendiger en levensechter. De figuur bevrijdt zich gaandeweg uit het keurslijf van voorgeschreven poses.

Maar lachen?

Dat heeft allereerst praktische oorzaken. Het is moeilijk om bijvoorbeeld een glimlach te imiteren. Zelfs voor een portretfoto kost het de grootste moeite om een fractie van een seconde een overtuigende glimlach op het gezicht te krijgen. ‘Say “Cheese”’ is een trucje van de fotograaf. Maar voor een portretschilder gaat die vlieger niet op. Het zal voor een model niet meevallen een glimlach lange tijd vol te houden. Een onechte glimlach zal er nog onechter gaan uitzien en op den duur veranderen in een krampachtige grijns. Een neutraal gezicht is aanzienlijk makkelijker vol te houden.

Foto: Chris (cc)

Lachen als taal

COLUMN - “Nu is het toch al bijna 2016,” constateerde NRC Handelsblad twee dagen geleden, “en het is nog steeds niet bekend wat iets nou precies grappig maakt.” De krant schreef over de moeilijkheden die psychologen hebben bij het onderzoek naar humor. “Zo is er geen algemeen geaccepteerde definitie van het begrip humor.”

Maar de redding is nabij en komt uit de taalkundige hoek. Vorige maand werd in Amsterdam het twintigste zogenoemde Amsterdam Colloquium gehouden, waarin taalkundigen, filosofen en anderen die geïnteresseerd zijn in de betekenis van taal. Een van de lezingen laat zien (‘Understanding Laughter’ van Jonathan Ginzburg e.a. <hier>) wat er schort aan de psychologische benadering. Je moet niet proberen te begrijpen wat humor is, maar wat het betekent als mensen lachen.

Bananenschil

De (slimme) truc die Ginzburg en zijn collega’s daarbij toepassen is: doen alsof lachen eigenlijk een taaluiting is, iets dat een vorm heeft (hahahaha) en een betekenis.
Er zijn volgens Ginsberg twee soorten betekenis:

•Een soort oerbetekenis die betekent ‘ik vind dit prettig’, en die kinderen bijvoorbeeld al hebben.
•De betekenis: ‘incongruïteit’, de lezer laat merken dat hij het ene niet vindt kloppen met het andere (‘Deftige dame stapt op bananenschil.’ ‘Hahahahaha’).

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: marie-ll (cc)

Burgerlijke verzetshumor

COLUMN - Het waren twee mooie dagen. Een dagje leed herdenken, een dagje bevrijding vieren en voort maar weer met de meivakantie.

Op 4 mei werden we gevraagd even stil te staan bij de slachtoffers van het barbaarse nazi-regime. Nou, dat ‘even’ was niet aan dovemansoren gericht. De dag was nog niet voorbij of er klonk al weer vrolijke muziek om de bevrijding te vieren. Nu, twee dagen later, merk je alleen nog aan een hier en daar achtergebleven verlepte krans, dat er iets van een ceremonie moet zijn geweest.

Het is traditie dat 4 mei met gepaste stilte voorbij gaat en 5 mei een meer luidruchtige overgang naar de orde van de dag is. Daar zit de laatste jaren de klad in. Een schreeuwerd op de Dam kan nog een incident genoemd worden. Maar een schofterige tweet en pubers die met stilte geen raad weten?

Het is van een chargrijn dat niet bij de geest van 4 en 5 mei past.

Ik kan me voorstellen dat sommige mensen het vandaag de dag geen leuke tijd vinden. Het is echter niets vergeleken bij de Tweede Wereldoorlog (en welke andere oorlog dan ook). Het Verzetsmuseum verhaalt van grappen die onder de Duitse bezetting werden uitgehaald. Humor was het wapen van de ‘gewone man’, die te weinig lef had om in het echte verzet te gaan, maar toch wilde laten blijken hoezeer men de bezetters haatte. Humor was een vorm van symbolisch verzet, vooral bedoeld om de moed er in te houden, stelt het Verzetsmuseum.

Foto: Post-Atheïst

Post-atheïst | Onmogelijke humor

Komt een moslim bij een christen. Vraagt ’ie: ‘Hoe komt het toch dat jullie zo rijk zijn?’

Antwoordt die christen: ‘Ach, God heeft een cheque uitgeschreven aan Maria, die heeft hem doorgegeven aan Jezus en die betaalt hem uit aan ons.’

Vervolgt die christen: ‘Hoe komt het eigenlijk dat jullie zo arm zijn?’

Zegt die moslim: ‘Wij kregen ook een cheque, maar God gaf die eerst aan Mohammed, die gaf hem aan Ali, die gaf hem aan Hasan, die gaf hem aan Huseyn, die gaf hem aan Ali, die gaf hem aan Mohammed, die gaf hem aan Jafar, die gaf hem aan Musa, die gaf hem aan Reza, die gaf hem aan Mohammed, die gaf hem aan Ali, die gaf hem aan Hasan en die gaf hem weer aan iemand die ermee is verdwenen.’

Vult een andere moslim aan: ‘Ze zeggen dat die laatste nog eens terugkomt, maar je zult zien dat het op vrijdag is en dan zijn de banken gesloten.’

Ik beken dat ik dit niet het hoogtepunt van humor vind. Dat ligt niet aan de pointe: de islamitische cheque wordt doorgegeven in de rij van de twaalf imams, de sjiieten verwachten de terugkeer van de verdwenen laatste imam en het is een grappig contrast de verheven imams te presenteren als mensen die een cheque zoekmaken. Het feitelijke probleem is dat ik dit contrast wel herken maar geen dijenkletser vind. Humor is cultureel bepaald. De Irakees die me de geciteerde mop vertelde, begrijpt weer niet wat zo grappig is aan een Wiedergutmachungsschnitzel.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Joodse grappen

ACHTERGROND - Vorig jaar kreeg ik van één van mijn cursisten een cadeau na afloop van mijn cursus ‘koran, thora en bijbel’. Het was een verzameling Joodse anekdotes en het boekje oogde oud.

Pas de afgelopen maand vond ik de tijd om het eens goed te bestuderen en toen bleek me hoe oud: het is uitgegeven in Berlijn in 1931. De anekdotes beslaan vooral de periode van de tweede helft van de negentiende tot en met het eerste derde van de twintigste eeuw en ze zijn verzameld door Chajim Bloch, een bepaald beroemd Joods schrijver. Hij is in 1938 naar Nederland gevlucht en in 1939 via Engeland in New York terecht gekomen waar hij in 1973 is overleden. Voor zover ik kan nagaan, is het een eerste druk. Wikipedia meldt een herdruk uit 2006 met dezelfde titel: Das Jüdische Volk in der Anekdote, Ernstes und Heiteres von Gottsuchern, Gelehrten, Künstlern, Narren, Schelmen, Aufschneidern, Schnorrern, Reichen, Frommen, Freidenkern, Täuflingen, Antisemiten.

Joodse cultuur uit Duitsland uit de tijd direct voor de Endlösung. Twee jaar later zou Hitler aan de macht komen. Ik was benieuwd wat daarvan te vinden was in dit boek. Wat – en hoeveel – merkten Joden van wat er op stapel stond en wat schreven ze erover op?

Het antwoord op die vraag was verrassender – en beangstigender – dan ik verwacht had. Antisemitisme was de gebruikelijkste zaak van de wereld, een fact of life waar je maar mee te leven had en waarover dus ook grappen werden gemaakt. De antisemiet was een volslagen normaal verschijnsel. Er bestonden ook varianten op: inwoners van Wenen bijvoorbeeld, of de Deutschvölkischen, die vanzelfsprekend – zonder verdere uitleg – antisemieten waren. Volkomen normaal was ook het gegeven dat overheidsdienaren aan Joden een speciale behandeling gaven omdat ze Joden waren. Kritiek was er zeker op die houding, maar de vanzelfsprekende verontwaardiging die we tegenwoordig kennen, lijkt afwezig.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Vorige Volgende