Neoliberaal getinte ‘roze’ positieve gezondheidsbril verblindt

Rob Arnoldus en Mark de Koning Welzijns-en gezondheidsinstanties omarmen schijnbaar gedachteloos het concept van positieve gezondheid. Met veerkracht, eigen regie en coping komt de zieke in beeld als een gezond mens. Het concept doet geen recht aan het lijden van ernstig zieke patiënten, aan de positie van groepen die over onvoldoende gezondheidsvaardigheden beschikken, en ook niet aan het recht op gezondheid. In 2011 verschijnt een artikel van Machteld Huber en collega’s in het British Medical Journal waarin afscheid wordt genomen van het alledaagse denken over gezondheid en impliciet ook van het recht op (volledige) gezondheid – als tegenpool van ziekte. De auteurs nemen afscheid van definitie van de World Health Organization (WHO) waarin gezondheid wordt gezien als een toestand van compleet lichamelijk, psychisch en sociaal welbevinden – en niet alleen de afwezigheid van ziekte en gebrek. Volgens hen zou de WHO-definitie medicalisering in de hand werken, te veel de nadruk leggen op wat niet kan en daarmee (oudere) chronisch, zieke mensen definitief ziek kunnen verklaren. In hun nieuwe positieve omschrijving wordt gezondheid benoemd als het vermogen zich aan te passen en een eigen regie te voeren in het licht van lichamelijke en sociale uitdagingen van het leven. Op de voorgrond staat het adaptievermogen: het vermogen van een individu om zich aan te passen aan een gewijzigde situatie. Sleutelbegrippen zijn veerkracht, eigen regie en coping. Van meet af aan was er fundamentele kritiek Het denken in termen van positieve gezondheid oogst in Nederland veel bijval, maar er is van meet af aan ook fundamentele kritiek. Het is verwarrend dat er gesproken wordt van een verschuiving van gezondheid als de afwezigheid van ziekte naar positieve gezondheid. Verwarrend is dat gezondheid niet langer te onderscheiden is van de veelal moeilijk te definiëren geestelijke gezondheid. Misplaatst is de bijdrage van het concept aan demedicalisering; ‘het alles is gezondheid’ denken wijst juist in de richting van medicalisering. Niet verhelderend is de toevoeging van het bijvoeglijk naamwoord ‘positief’. Het is immers niet duidelijk wanneer de omgang met gezondheid als positief moet worden beschouwd. Met de positieve bril op kunnen we gezonde baby’s chronisch ziek verklaren. Baby’s hebben immers geen adaptievermogen. Volwassenen daarentegen kunnen, ook als ze bijvoorbeeld getroffen worden door een dodelijke vorm van kanker of euthanasie overwegen, nog steeds positief gezond blijven of worden. Fundamenteel is de kritiek op het neoliberale en individualistische karakter van het concept waarbij het accent wordt gelegd op de redzaamheid van het individu. Het Rathenau Instituut plaatste in 2017 kanttekeningen bij een ideologische inzet van zelfredzaamheid en brede gezondheid. Gezondheid is immers ‘typisch zo’n domein waar mensen niet altijd even goed eigen regie kunnen houden.’ Er lijkt met dit ‘doe-het-zelf concept’ een nieuwe illusie van maakbaarheid gecreëerd, die van de individuele (psychische) maakbaarheid. Hierin besloten ligt een sociaal-morele plicht tot geluk. Als het individu er niet in slaagt om zich aan te passen aan alle uitdagingen rest altijd nog blaming the victim. Niet denkbeeldig is het risico op ontkenning van ziekte en gebrek en het lijden of de pijn van bijvoorbeeld patiënten met voor de zorgverlener (nog) onbegrepen klachten (zie ook Van Staa, Cardol, Van Dam, 2017). De kritiek richt zich ook op de met de introductie van het concept gepaard gaande gebrekkige toegang tot de gezondheidszorg voor bepaalde (achtergestelde) groepen die niet beschikken over voldoende gezondheidsvaardigheden (Rademakers, 2016). Deze kritiek raakt het vraagstuk van sociale ongelijkheid. Berg, Harting & Stronks (2019) signaleren dat een eenzijdige focus op het individu ten koste kan gaan van de sociale determinanten van gezondheid, zoals een schone woonomgeving, opleiding en inkomen. Deze sociale determinanten zijn, in tegenstelling tot de redzaamheid van het individu, succesvol door overheidsbeleid te beïnvloeden. Concept is in Nederland toch heel populair De internationale gemeenschap heeft de definitie niet overgenomen, maar in Nederland is het concept door vele welzijns-en gezondheidsinstanties omarmd. Veelal staat de vraag centraal hoe het concept succesvol is te implementeren. De vraag of het wel zinvol is om aan de slag te gaan met positieve gezondheid wordt haast niet meer gesteld. Wat verklaart deze succesvolle ontvangst? Het succes van positieve gezondheid is nauw verbonden met het draagvlak voor de positieve psychologie in Nederland. En in het verlengde daarvan, aan het verlangen om de eigen identiteit niet op te willen hangen aan negativiteit of ziekte en verval. Dit sluit aan bij de wijdverspreide, maar omstreden gedachte, dat je zelf succesvol het gevecht met de ziekte kunt aangaan (zie ook Sontag, 2001). Het concept is tevens naadloos in te passen in het denkraam achter de decentralisaties, waarbij de focus gericht is op zelfredzaamheid, preventie en leefstijl. Met de vergrijzing komen ook alle ongemakken en kwalen verbonden aan de ouderdom nadrukkelijker in beeld. Dit roept de vraag op of het wenselijk is om ‘alle vormen van ongemak’ als kostbaar medisch vraagstuk te benaderen. Het denken in termen van positieve gezondheid helpt hierbij. Tegelijkertijd is de focus op positieve gezondheid – aandacht voor de ‘mens als geheel’ – attractief voor gezondheidswerkers in een context waarin marktwerking, het volgen van protocollen en het efficiënt scannen van lichamelijke defecten alle tijd in beslag neemt (zie ook Bergsma, 2017). Tot slot is het succes een afgeleide van de laagdrempelige publicaties over positieve gezondheid met toegankelijke oplossingsgerichte informatie, zoals bijvoorbeeld van het Institute for Positive Health, Zorg voor Beter en de GGD. Maar draagt niet bij aan eerlijke zorg Het concept positieve gezondheid kent, zonder voorbij te gaan aan de succesvolle ontvangst, risico’s en beperkingen. Het risico is dat het recht op gezondheid aan de aandacht van de overheid ontsnapt. De focus is gericht op redzaamheid en individuele maakbaarheid. Door de neoliberaal getinte ‘roze’ positieve gezondheidsbril komt de ‘negatieve gezondheid’ van ernstig zieke patiënten niet in beeld en wordt ook de sociale ongelijkheid aan het oog onttrokken. Het nastreven van gezondheid en het waarmaken van het recht op gezondheid vraagt om een eerlijke toegang tot de zorg. Dit roept om beleid dat recht doet aan de juiste prioriteiten, namelijk het tegengaan van complexe sociale ongelijkheid in de zorg. En dus niet om het activeren van zorgbehoevenden of het legitimeren van een terugtrekkende overheid. Juist in deze tijd is er behoefte aan een realistisch perspectief op gezondheid. En daar past geen onrealistische, niet internationaal verankerde, warrige definitie bij. Wat te denken van het vooralsnog vasthouden aan de WHO-definitie en een halt toe te roepen aan de introductie van deze definitie in de beroepspraktijk? Er staat in de gezondheidszorg veel op het spel. Dit artikel verscheen eerder bij Sociale Vraagstukken. Rob Arnoldus is werkzaam als hogeschooldocent bij het Instituut voor Sociale Opleidingen van de Hogeschool Rotterdam. Mark de Koning is organisatieadviseur bij De Koning Organisatie Creativiteit & Ontwikkeling B.V.

Foto: Bas Bogers (cc)

Denkwereld

COLUMN - Iedereen heeft ze. Voorkeuren, vooroordelen, hoe je ze wilt noemen. Je ontkomt er niet aan, en vaak zijn ze diepgeworteld. Het zelfinzicht wat betreft die vooroordelen is een ander verhaal; daar heb je zelf invloed op.

Toen ik de opleiding tot verpleegkundige deed en we in de les ‘ethiek’ zaten, bespraken de dood, de rituelen die er zijn en hoe die verschillen per cultuur. Een klasgenootje van me, christelijk, kwam naar aanleiding daarvan met het volgende voorbeeld.

“Er is een patiënt op onze afdeling en die is erg ziek. Hij is een drugsgebruiker, en heeft daardoor heel wat gezondheidsproblemen. Waarschijnlijk zal hij binnen niet al te lange tijd komen te overlijden. Ik vind het lastig om voor hem te zorgen, omdat ik weet dat hij naar de hel gaat.”

Ik weet niet meer precies welke discussie eruit ontstond, maar ik weet wel dat ik ontzag had voor hoe de docent ermee omging. Zelf probeerde ik mijn mond te houden, terwijl ik met mijn oren klapperde.

Ik zal de laatste zijn om te stellen dat ik zelf vrij ben van vooroordelen, en ik betrap mezelf er ook nog op tijdens spreekuren. Mijn insteek is wel altijd met een zo open mogelijke blik een consult in te gaan, ook al ken ik de patiënt al een tijd, dan nog is het niet aan mij om te oordelen. Ik ben er als neutraal persoon om hulp te verlenen aan de patiënt, hoe diegene dat ook wenst. Het is een van de kernwaarden waarnaar ik probeer te werken. Het belangrijkste voor mij is dat de patiënt zich gehoord voelt en serieus genomen voelt in de problemen of hulpvragen die aangegeven worden.

Na die les ethiek weet ik nog wel dat ik mezelf afvroeg hoe je denkt een goede verpleegkundige te zijn, als je iemand veroordeelt om zijn leefwijze of keuzes, vanuit je eigen levensovertuiging. Zelf vind ik dat te ver gaan, aangezien ook wij bij onze diplomering een eed of gelofte afleggen waarin we beloven ons beroep op verantwoorde en betrouwbare wijze te zullen uitvoeren.

Eigenlijk gaat het ook voorbij aan nog een belangrijke waarde; je patiënt als mens zien, of als ervaringsdeskundige. Je diskwalificeert de patiënt al bij voorbaat, zonder zijn verhaal te hebben gehoord of begrepen. Uiteindelijk zijn wij allemaal mensen, met een gezondheid die al dan niet aangedaan is. Uiteindelijk zullen we, als we maar lang genoeg leven, er allemaal aan moeten geloven, en merken dat ons lijf ons in de steek zal laten, en we hulp nodig hebben van anderen, van medicatie en/of behandelingen.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Département des Yvelines (cc)

Terug naar wiens normaal?

COLUMN - In het Verenigd Koninkrijk werd deze maand bekend dat 60 procent van de coronadoden in dat land mensen met een handicap waren, terwijl zij iets meer dan 17 procent van onderzochte populatie uitmaakten. Laat het eens tot u doordringen: Bijna tweederde van alle cornadoden vielen in een groep die nog geen vijfde deel van de bevolking beslaat.

De cijfers komen van het Office for National Statistics, het Britse CBS. Dat koppelde gegevens van de meest recente volkstelling – die van 2011 – aan die van de officiële coronadoden. Mensen die zichzelf bij de volkstelling als ‘redelijk gehandicapt’ hadden omschreven, bleken ruim drie keer zo vaak aan corona te zijn overleden als gezonde mensen (bij vrouwen was dat zelfs 3,5 keer zo vaak); onder de mensen die zichzelf indertijd hadden getypeerd als ‘enigszins gehandicapt’, was de kans op overlijden twee keer zo groot.

Het ONS heeft gepuzzeld tot het erbij neerviel, maar ook gecorrigeerd naar bekende factoren als opleiding, sociaaleconomische status, demografische factoren en geografie bleef een keihard verschil over: deze groep ging 1,7 keer vaker dood aan corona.

Terecht dat zoveel mensen met makke zich al een jaar afzonderen en nog amper op straat durven: corona kunnen ze er écht niet bij hebben.

Foto: iProzac (cc)

Gruis en watjes

COLUMN - Al drie weken krijg ik leugenachtige berichten doorgestuurd. Het is een snood netwerk dat dit fake news uur na uur rondpompt: mijn eigen lichaam is de afzender. Eerst zei het nieuws dat mijn kruis en zitvlak dood waren – geen wonder, dacht ik nog: ik zit te veel, en sinds ik thuis werk is dat alleen maar erger geworden – maar na een paar dagen schoot die gevoelloosheid in een paar uur tijd achterlangs van mijn bovenbeen via mijn kuit naar mijn voet. Toen was mijn rechterbeen achter van bil tot hak dood.

Ineens realiseerde ik me dat ik al een paar dagen geregeld dacht dat er een steentje in mijn sok zat. Na inspectie bleek mijn sok dan schoon, ook in mijn schoen zat niks. Toen de kou in mijn been zich uitbreidde, liep ik ineens op een combinatie van gruis en piepschuim: zachte kussentjes gelardeerd met scherpe puntjes, terwijl mijn wreef brandde.

Hou me ten goede: alles werkte opperbest, of nou ja: als vanouds, maar het voelde alsof er geen hout van klopte. En juist die discrepantie maakte dat ik ineens nergens een touw aan kon vastknopen. Ik heb eerst een dag in bed gelegen, aldoor op mijn zij of op mijn buik, om te achterhalen of het een fysiek ding was: een beknelde zenuw of zoiets. Dat maakte geen verschil: mijn rechterbeen bleef achter dood. De dag erna heb ik steeds gelopen en gestaan – alweer geen verschil.

Bestel je boeken bij Bazarow

Bazarow is een verkopende boekensite, waar je ook recensies, nieuws, een agenda en een digitaal magazine kan vinden. Nog niet alles is af, maar veel boeken zijn al te vinden en er komt de komende maanden steeds meer bij.

Het doel van Bazarow is om een site te vormen die evenveel gemak biedt als de online giganten maar die wél teruggeeft aan de boekensector. Tegen roofkapitalisme, en voor teruggeefkapitalisme, bijvoorbeeld door te zorgen dat een flink deel van de opbrengst terug naar de sector gaat en door boekhandels te steunen.

Foto: caroline_says (cc)

Hoe we een tweede ‘silent spring’ kunnen voorkomen

Bijna 60 jaar na het verschijnen van Silent Spring luiden experts nog steeds de noodklok over het afnemen van de biodiversiteit en uitsterven van soorten. Terwijl de oplossing er al lang ligt.

Er heerste een verontrustende, doodse stilte. De vogels, waar waren ze gebleven? De voedertafels in de tuinen bleven onbezocht. De weinige vogels die nog gezien werden, waren stervende, trilden en konden niet vliegen. Het was een lente zonder lentestemmen.

In haar befaamde boek Silent Spring schetst biologe Rachel Carson een stadje in de toekomst, waar alle vogels zijn verdwenen door het grootschalige gebruik van chemische middelen. Het boek komt uit in 1962 en slaat in als een bom. Als één van de eersten toont ze aan hoe een enkele chemische stof een heel ecosysteem kan verwoesten, met dodelijke gevolgen voor planten en dieren. Milieukundige dr. Jerry van Dijk (UU): “Ik kon het boek niet in één keer doorlezen. Als ecoloog houd ik me bezig met biodiversiteit en de invloed van dit soort stoffen daarop. En als je dit boek leest met de kennis van nu… ik kreeg er buikpijn van.” In zijn lezing ‘Silent Spring‘ laat hij zien waarom Carsons boek iconisch was, en dat we desalniettemin weinig lijken te hebben geleerd. “De oplossingen zijn er wel, maar we gebruiken ze niet.”

Foto: Gerard Stolk (cc)

De minister van corona doet zijn werk niet

COLUMN - Eind vorige week was het op nog slechts 14 van de 100 GGD-testlocaties mogelijk een afspraak te maken: de laboratoria die het afgenomen materiaal door de machines moeten halen, hadden nog nauwelijks capaciteit over. Gisteren stortte het systeem compleet in: Nieuwsuur constateerde dat er nergens nog een GGD-locatie viel te bekennen waar je terecht kon. Tegelijkertijd meldde het RIVM dat er diezelfde dag liefst 1300 testen positief bleken.

De besmettingen stijgen, terwijl de testcapaciteit voortdurend tekortschiet. En minister De Jonge blijft steevast beloven dat het ‘binnenkort’ heus allemaal goed komt. Zodat we nu in de akelige situatie komen dat iemand moet gaan bepalen wiens beroep ‘vitaal’ genoeg is om voorrang te mogen krijgen. Leraren en zorgpersoneel kunnen voortaan sneller terecht voor een test, beloofde minister De Jonge vrijdag, terwijl zijn partijgenoot Hubert Bruls, de voorzitter van het Veiligheidsberaad, daar juist fel tegen was: volgens Bruls hebben mogelijk andere groepen voorrang nodig, zoals politiemensen en vuilnismannen.

Zijn we nu werkelijk in de situatie gekomen dat we onderling moeten vechten wie zich een wattenstaafje in neus en strot mag laten duwen, terwijl ‘testen, testen en nog eens testen’ al maandenlang het credo is? En terwijl veelvuldig testen de enige manier is om de bewegingen van het virus in kaart te brengen, en verdere verspreiding ervan tegen te gaan?

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Foto: tokyoform (cc)

Zonder testen geen nut

COLUMN - Nog geen twee dagen nadat het idee van overheidswege werd geopperd, betoonde half Nederland zich al voorstander van zo’n ding: een app op je mobiele telefoon die bijhoudt bij welke andere telefoons je in de buurt bent geweest, opdat mensen automatisch aan elkaar kunnen doorgeven dat ze besmet zijn geraakt, en dat jijzelf dan – omdat je in hun buurt was – maar beter in quarantaine kunt gaan. Dit als onderdeel van een exit-strategie: de manier om uit de lockdown te komen.

Er is zelfs al een slimme lijst van voorwaarden geformuleerd door mensen die de risico’s van surveillance snappen, en die privacy terdege op waarde weten te schatten. Hun credo: zorg dat zulke data uitsluitend decentraal worden bijgehouden, dat alle gegevens anoniem zijn, dat het gebruik van zo’n app vrijwillig is, en dat zo’n app per definitie tijdelijk is. Het is oprecht een goede lijst.

Alleen: zelfs met die doordachte voorwaarden mis ik een boel.

Om te beginnen: laat zo’n app in godesnaam open source zijn, zodat de code ervan door kritische buitenstaanders te controleren is – en vervolgens door iedereen die daarin een gat kan schieten, verbeterd kan worden. Geef me in godesnaam geen app die door Google, Microsoft of Apple is ontwikkeld of die door hen wordt beheerd – want die bedrijven heb ik leren wantrouwen.

Foto: NIAID (cc)

Goudlokje en de pandemie

COLUMN - Als virus moet je flink schipperen. Je overleving hangt af van passen en meten. Ben je heel besmettelijk, dan raak je snel door je gastheren en -dames heen; je kunt jezelf dan al snel niet verder verplaatsen, en dus niet vermenigvuldigen. Ben je heel gevaarlijk, zoals ebola of marburg, dan leg je je eigen voedingsbodem binnen de kortste keren om en roei je uiteindelijk ook jezelf uit, plus dat iedereen die je ongenode bezoek heeft overleefd, voortaan immuun is.

De Spaanse griep was zo’n heftig virus. Die woedde ongeveer twee jaar – van begin 1918 tot eind 1919 – en besmette naar schatting een half miljard mensen (indertijd eenvijfde van de wereldbevolking), waarvan er 20 tot 100 miljoen doodgingen. Vrij plotseling was het over; wie toen nog leefde, was immuun.

Het is net Goudlokje die inbrak in het huis van de drie beren: de pap die ze daar jat, wil ze niet te heet en niet te koud hebben, maar zo net ertussenin; het bed waarin ze zich wurmt, niet te klein en niet te groot, maar zo net ertussenin.

Veel virussen stappen van dieren naar mensen over, vaak met behulp van een tussenstop. Het hendra-virus dat in 1993 in Australië woedde, was afkomstig van de vleerhond (flying foxes, een groot soort vleermuis). De vleerhonden konden goed met het virus leven. Zo niet de paarden die met hun pies of poep in aanraking kwamen. Van de zieke paarden sneuvelde driekwart. Via hen kwam het virus bij mensen terecht; onder mensen leidde besmetting in bijna tweederde van de gevallen tot de dood.

Lezen: Mohammed, door Marcel Hulspas

Wie was Mohammed? Wat dreef hem? In deze vlot geschreven biografie beschrijft Marcel Hulspas de carrière van de de Profeet Mohammed. Hoe hij uitgroeide van een eenvoudige lokale ‘waarschuwer’ die de Mekkanen opriep om terug te keren tot het ware geloof, tot een man die zichzelf beschouwde als de nieuwste door God gezonden profeet, vergelijkbaar met Mozes, Jesaja en Jezus.

Mohammed moest Mekka verlaten maar slaagde erin een machtige stammencoalitie bijeen te brengen die, geïnspireerd door het geloof in de ene God (en zijn Profeet) westelijk Arabië veroverde. En na zijn dood stroomden de Arabische legers oost- en noordwaarts, en schiepen een nieuw wereldrijk.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: FREEPAL (cc)

Palestijnse kinderen onder de 5 hebben 6x meer kans op overlijden dan Israelische kinderen

VERSLAG - De Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO) heeft op 9 oktober 2019 haar rapport over de situatie in 2018 in de Palestijnse gebieden gepubliceerd. Zoals te verwachten was is dat rapport erg treurigmakend. Hierbij enkele highlights.

Daarvan is de meest in het oog lopende de constatering dat kinderen beneden 1 jaar ruim zes keer zoveel kans hebben om te sterven in het eerste levensjaar als dezelfde leeftijdsgroep in Israel. Onder de vijf jaar is het verschil overigens hetzelfde, ook die kinderen sterven zes keer vaker. In het algemeen is de levensverwachting in de bezette gebieden (Gaza, de Westoever en Oost-Jeruzalem) meer dan 8,5 jaar korter dan voor Israelische staatsburgers.

De rest van het rapport beschrijft de omstandigheden die tot deze cijfers leiden.

Daarbij gaat het halverwege het jaar 2019 om ongeveer 5 miljoen Palestijnen in de bezette gebieden, van wie 3 miljoen op de Westoever en ongeveer 2 miljoen in Gaza, plus nog eens ongeveer 300.000 Palestijnen in Oost-Jeruzalem. (Israel heeft overigens sinds 1967 ruim 14.000 van de Oost-Jeruzalemmers hun recht op inwonerschap ontnomen. Met kinderen erbij is dat aantal nu ongeveer 86.000).

Meer dan 2,2 miljoen mensen in het bezette gebied (1,4 miljoen in Gaza en 800.000 op de Westoever) zijn geregistreerd als vluchteling. (Buiten Palestina zijn er nog 3,2 miljoen vluchtelingen). De Palestijnse bevolking is grotendeel heel jong: 40% is jonger dan 14 jaar.

Foto: Gerd Leonhard (cc)

Hoe gevaarlijk zijn nanobots?

ACHTERGROND - Nanorobotica klinkt als scifi, maar in het laboratorium is het al werkelijkheid en overheden investeren er volop in. De mogelijkheden zijn mooi, maar kunnen ook vernietigend zijn in bijvoorbeeld oorlog.

In de Terminator-films zie je nanobots als ijzersterke, gedaanteverwisselende bepantsering. Ze herstellen direct en kunnen elk opgegeven wapen vormen dat ze willen. In de film Black Panther dienen nanobots als bescherming en kunnen ze klappen en kogels absorberen. Of dit soort toepassingen er ooit van komen is twijfelachtig, maar het gebruik van nanobots is wel degelijk realiteit. De mogelijkheden van deze technologie zijn volgens sommigen onuitputtelijk. Maar er zijn risico’s: een bestuurbaar ‘apparaatje’ dat niet te zien is met het blote oog kan in verkeerde of onbekwame handen veel schade aanrichten.

Nanobots?

In films zijn nanobots vaak zichtbare, kleine robotjes van mechanisch materiaal. Dat beeld klopt niet.

De bestaande nanobots zijn niet zichtbaar met het blote oog, en hebben een grootte variërend van 10 tot 10.000 nanometer: de kleinste zijn zo groot als een bacterie. In wetenschappelijke publicaties en media spreekt men ook van nanobots als het een microscopisch robotje betreft dat is opgebouwd uit nanotechnologisch geproduceerd materiaal. Een voorbeeld daarvan is de nanobot die is ontworpen om schadelijke stoffen uit de oceaan te verwijderen: deze heeft de breedte van een mensenhaar, maar wordt gemaakt van grafeen. Dat is een materiaal dat wordt geproduceerd met nanotechnologie.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Volgende