Zuster Merel

7 Artikelen
6 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Als sarcastisch ingestelde verpleegkundige vertel ik over de dingen die ik meemaak in mijn werk.
Foto: Hospital CLÍNIC (cc)

Uitzonderlijk

COLUMN - Vorig jaar kreeg (bijna) al het zorgpersoneel, naast een lading applaus, een bonus van 1000,- euro. Inmiddels kan er ook een tweede bonus aangevraagd worden. Maar:

Belangrijkste voorwaarde om in aanmerking te komen voor de bonus is dat de zorgprofessional in de periode 1 oktober 2020 tot 15 juni 2021 een uitzonderlijke prestatie heeft verricht vanwege COVID-19, door onder uitzonderlijke omstandigheden zorg te bieden.

Uitzonderlijk. Wat zou Tamara, of Hugo verstaan onder ‘uitzonderlijk’? Dat je je de pestpokken werkt op een cohortafdeling, stel ik me zo voor. Dat je minimaal 36 uur werkt misschien? En mogelijk ook de collega’s die op de IC werken.

De thuiszorgmedewerkers, de niveau 2 helpenden, de schoonmakers in het verpleeghuis, nee, die natuurlijk niet. Die hebben al een bonus! Naast hun vetpot van een salaris. Elke dag komen zij weer opdagen, helpen zestien ouderen per ochtend per persoon uit bed, of maken de toiletten schoon nadat iemand die niet meer doorheeft dat hij leeft, er een potje van heeft gemaakt.

Die mensen doen geen uitzonderlijk werk. Dat is gewoon je werk, toch? Niets anders in een pandemie.

Het continue negeren van opmerkingen over structurele loonsverhoging door beleidsmakers komt me onderhand de keel uit, en ik ben niet de enige. Zullen we het maar niet hebben over het weglopen van bepaalde mensen, vorig jaar in de Kamer, bij een stemming over die loonsverhoging?

Foto: Marco Verch Professional Photographer (cc)

Niks

COLUMN - “Maar hoe is het met jou, bij jou nog alles gezond, niks gehad?”

Niks gehad. Opeens realiseer ik me dat ik in die hele COVID pandemie, als door het oog van de naald met een twijfelachtig lapje stof voor mijn neus en mond, geen corona heb opgelopen. Althans, ik denk van niet. In het begin werd er natuurlijk niet getest, en ik weet nog wel dat, ondanks dat vorig jaar een paar maanden de spreekuren waren afgezegd, ik wel een aantal patiënten gezien heb zonder masker. Later met masker en in grote getalen. Dagelijks zie ik zo’n vijftien tot twintig patiënten, afhankelijk van hoe lang een consult duurt of hoe vol mijn agenda geboekt is.

Nu ik volledig gevaccineerd ben tegen COVID realiseer ik me hoe het afgelopen jaar is geweest, wat een hel. Hoe onzeker, hoe gevaarlijk. Hoe we voor de leeuwen zijn gegooid met onvoldoende en goede mondmaskers. In het begin deden de artsen een hele dag met een masker, en deden ze ze na gebruik in zakjes omdat ze nog gereinigd en opnieuw gebruikt konden worden. Dat is nu toch niet meer voor te stellen? Nou ja, wel natuurlijk, gezien er nog miljoenen maskers in een opslag liggen waar voldoende winst over is gemaakt. Winst die voor de zorgverlener ver te zoeken is.

Foto: LaVladina (cc)

Geheim

COLUMN - Met het in ontvangst nemen van je diploma in de gezondheidszorg teken je een onzichtbaar contract: het contract van geheimbewaarder. Patiënten komen naar jou toe met hun vertrouwelijke informatie, en praten daar vrijelijk over. Ze verwachten dat je je taak serieus neemt en je verdiept in de informatie: graag zien ze dat je je ingelezen hebt in hun dossier met wat er de afgelopen tijd gebeurd is. En terecht.

Wat samenvalt met die verwachting is dat je dit geheim houdt. Je verteld aan niemand dat dit deze patiënt was, met die geboortedatum, die daar woont: niets van dat alles.

Natuurlijk vertel ik thuis verhalen over patiënten aan mijn wederhelft, om mijn dag te bespreken, om mijn hoofd leeg te maken. Heel normaal. Alleen vertel ik daar dan geen details bij die de privacy van de patiënt kunnen schaden.

Genoeg binnenpretjes heb ik al gehad over de jaren heen, gniffelen om een grappige naam of combinatie van voornamen en daarmee initialen: het even opkijken als het een (semi) bekende Nederlander is waar je zorg voor mag dragen. Iedereen is mens, ieder heeft een lijf, die soms wat onderhoud nodig heeft. Wij zijn daarin de onpartijdige hulpverlener die dit mag ondersteunen.

Foto: Bas Bogers (cc)

Denkwereld

COLUMN - Iedereen heeft ze. Voorkeuren, vooroordelen, hoe je ze wilt noemen. Je ontkomt er niet aan, en vaak zijn ze diepgeworteld. Het zelfinzicht wat betreft die vooroordelen is een ander verhaal; daar heb je zelf invloed op.

Toen ik de opleiding tot verpleegkundige deed en we in de les ‘ethiek’ zaten, bespraken de dood, de rituelen die er zijn en hoe die verschillen per cultuur. Een klasgenootje van me, christelijk, kwam naar aanleiding daarvan met het volgende voorbeeld.

“Er is een patiënt op onze afdeling en die is erg ziek. Hij is een drugsgebruiker, en heeft daardoor heel wat gezondheidsproblemen. Waarschijnlijk zal hij binnen niet al te lange tijd komen te overlijden. Ik vind het lastig om voor hem te zorgen, omdat ik weet dat hij naar de hel gaat.”

Ik weet niet meer precies welke discussie eruit ontstond, maar ik weet wel dat ik ontzag had voor hoe de docent ermee omging. Zelf probeerde ik mijn mond te houden, terwijl ik met mijn oren klapperde.

Ik zal de laatste zijn om te stellen dat ik zelf vrij ben van vooroordelen, en ik betrap mezelf er ook nog op tijdens spreekuren. Mijn insteek is wel altijd met een zo open mogelijke blik een consult in te gaan, ook al ken ik de patiënt al een tijd, dan nog is het niet aan mij om te oordelen. Ik ben er als neutraal persoon om hulp te verlenen aan de patiënt, hoe diegene dat ook wenst. Het is een van de kernwaarden waarnaar ik probeer te werken. Het belangrijkste voor mij is dat de patiënt zich gehoord voelt en serieus genomen voelt in de problemen of hulpvragen die aangegeven worden.

Na die les ethiek weet ik nog wel dat ik mezelf afvroeg hoe je denkt een goede verpleegkundige te zijn, als je iemand veroordeelt om zijn leefwijze of keuzes, vanuit je eigen levensovertuiging. Zelf vind ik dat te ver gaan, aangezien ook wij bij onze diplomering een eed of gelofte afleggen waarin we beloven ons beroep op verantwoorde en betrouwbare wijze te zullen uitvoeren.

Eigenlijk gaat het ook voorbij aan nog een belangrijke waarde; je patiënt als mens zien, of als ervaringsdeskundige. Je diskwalificeert de patiënt al bij voorbaat, zonder zijn verhaal te hebben gehoord of begrepen. Uiteindelijk zijn wij allemaal mensen, met een gezondheid die al dan niet aangedaan is. Uiteindelijk zullen we, als we maar lang genoeg leven, er allemaal aan moeten geloven, en merken dat ons lijf ons in de steek zal laten, en we hulp nodig hebben van anderen, van medicatie en/of behandelingen.

Foto: UN Women Asia and the Pacific (cc)

Zaaien

COLUMN - De machine werkt op volle toeren. Langzaam sijpelt dit door vanuit de hogere regionen naar de lagere, wat ik vooral merkte in het verpleeghuis waar ik werkte. Een manager kon ongestoord op een andere locatie aan de slag, terwijl er bij ons nog heel wat lijken uit de kast stortten. Niemand verbaasde het, maar ook niemand hogerop sprak de leidinggevende aan. Die kon ongestoord verder op de andere locatie.

Ik heb op heel wat verschillende plekken gewerkt sinds ik verpleegkundige ben. De laatste jaren van mijn opleiding in een groot ziekenhuis, vervolgens nog een kleiner ziekenhuis, op verschillende afdelingen. Het verpleeghuis en de thuiszorg heb ik gezien. In elke organisatie waar ik geweest ben, werkt de verdeel- en heersmachine.

Ik weet nog dat ik in een ziekenhuis werkte en ik ontevreden was over de salarisverhoging en het tijdstip waarop ik die kreeg. Toen ik er vragen over stelde werd mij gezegd; “dit gaat altijd zo” en andere drogredenen, met eigenlijk de boodschap; niet zeuren, mond houden. Ik ging hier verder op door, zocht informatie in mijn omgeving over hoe dit werkte in het arbeidsrecht en de CAO. Ik bleef vragen stellen op mijn werk. Op een gegeven moment, bijna aan het einde van een dagdienst, werd gevraagd of ik op stel en sprong bij de manager op gesprek kon komen aangaande dit onderwerp. ‘Oh boy, nu zullen we het krijgen’, dacht ik nog.

Foto: Daniel Ferenčak (cc)

Dino

COLUMN - Ik praat niet meer over paarse krokodillen, ik heb het tegenwoordig over dino’s. Het zijn geen gewone krokodillen meer. We zijn beland op een hindernisbaan met de enorme prehistorische monsters, een soort Jurassic Park maar dan voor zorgverleners. Wie brengt zijn of haar patiënt zo snel mogelijk naar de finish, zonder dat je beide opgegeten wordt door een gigantische T-rex?

Waar zal ik beginnen? Hebben we het over de labuitslagen die niet goed gedaan worden, waarbij patiënten thuis zitten te wachten op een labservice die niet op komt dagen? Of de verkeerde bepalingen? Of, hebben we het over een protocol wat lichaamsbeweging moet registreren voor diabetespatiënten, maar dat niet doet, wat blijkt uit de jaarcijfers die gegenereerd worden? En met niet bedoel ik 1% geregistreerd, terwijl ik netjes alles aan het vinken ben. Het hele Excel sheet is rood, want ergens gaat de registratie niet goed.

Maar wacht, er is meer. Dit jaar heeft er een verandering plaatsgevonden bij de verzekeraars voor de aanvraag van materialen die diabetespatiënten nodig hebben om hun insuline te spuiten. De naaldjes, de lancetten en glucosestrips moeten door ons verantwoord worden. Een heel A4 moet er ingevuld worden over wat de patiënt nodig heeft, waarom, hoeveel, wat het meerverbruik is en waarom (en hoe lang dat dan is).

Foto: Ritzo ten Cate (cc)

Bonuskaart voor de zorg

COLUMN - Helden hoef je niet te betalen. Helden betaal je met applaus! Wat een oorverdovend geluid was dat in het voorjaar, de spandoeken aan de landhuizen met ‘zorgverleners bedankt’ waren niet te tellen. Er werden teksten op de stoep geschreven met krijt bij ziekenhuizen en andere instellingen. Van de koning en zijn gezin kregen we ‘een hart onder de riem’, samen met applaus. Ongekend eensgezind was de bevolking van Nederland; helden moet je eren.

Nog komt er wat maagzuur omhoog als ik hier aan denk.

Helden staan in het middelpunt, zoals blijkt in het initiatief van ActiZ en anderen waarbij je op een website mensen in de zorg kon bedanken met een persoonlijke video. We moeten vooral dankbaar zijn met wat we krijgen, we hebben tenslotte zelf voor de zorg gekozen, het is een roeping. Hier wordt je mee geboren, schijnbaar. De competenties om een specialistisch verpleegkundige te worden, of een helpende in het verpleeghuis die zijn of haar hand niet omdraait om een bewoner met dementie uit bed te halen, tellen niet mee.

Dat daar net als ieder ander beroep bepaalde aangeleerde vaardigheden, vaak een enorme lading aan praktijkervaring en een bak aan theoriekennis aan ten grondslag ligt, maakt niets uit. Helden plaats je op een voetstuk; net als BatMan, die mag je haten en liefhebben wanneer het je uitkomt. Je bent een speelpop van het publiek geworden.