Terug naar het ‘gebroken geweertje’?
Op de site van Dagblad “De Telegraaf” staat de mening van Generaal van Uhm, wanneer het gaat om het vervangen van de F16 verwoord.
Hoewel de mening van de beste man, evenals de discussie eromheen al heel interessant is, zijn in dit geval met name de reacties van de lezers enorm boeiend. Niet boeiend in de zin dat er erg veel respect of waardering voor Van Uhm of militairen in het algemeen uit spreekt, integendeel. Ook niet boeiend in die zin dat er daadwerkelijk diep lijkt te zijn nagedacht over het onderwerp.
Nee, boeiend in de zin dat het erop lijkt dat ‘de gemiddelde telegraaflezer’ of althans de telegraaflezer die de moeite neemt om te reageren, terug lijkt te zijn in het interbellum. De tijd dus, tussen de beide wereldoorlogen waarin het Nederlandse leger was uitgerust met op zijn zachtst gezegd oude meuk en waarbij de militaire diensttijd soms slechts één maand bedroeg.
Over de geschiktheid of wenselijkheid van de JSF heb ik niet zo’n mening. Ik heb niet echt verstand van vliegtuigen en al helemaal niet van militaire gevechtsvliegtuigen, dus hou ik mij ver van inhoudelijke discussies daarover. Waar ik wel een mening over heb is leren van het verleden. En kijkend naar het verleden tekent zich in Nederland een aardige trend af. Een trend waarin de bevolking en de politiek geen belang hecht aan de mening van deskundigen. Er voor het gemak even van uitgaand dat de heer van Uhm als deskundig op militair gebied mag worden beschouwd.

De Noord-Atlantische Verdragsorganisatie is jarig en wordt op vier april maar liefst zestig jaar. Drie en vier april is er feest, onder andere in Straatsburg. Gefeliciteerd? Ja, maar dan wel met een slap handje.
