Bedrijven grondstoffenindustrie moeten transparant worden

Het Europees parlement heeft woensdag ingestemd met een wet die olie-,gas-,bos- en mijnbouwbedrijven verplicht om openheid te geven over hun betalingen aan ontwikkelingslanden. Met de toegenomen transparantie kan ook belastingontduiking worden tegengegaan. Een overweldigende meerderheid in het Europees Parlement stemde voor de transparantiewet, oftewel de ‘EU Transparency and Accounting Directives’. Deze wet verplicht EU-geregistreerde olie-,gas-,bos- en mijnbouwbedrijven om alle betalingen boven de 100.000 euro openbaar te maken in de landen waarin ze werkzaam zijn. De bedrijven moeten onder meer de winst die ze in het land maken, de belastingen die ze over hun inkomsten afdragen en gegevens over royalties en licenties inzichtelijk maken. Dit moeten ze niet alleen per land (country by country reporting) doen, maar ook per project (project by project reporting). Dat laatste is volgens Cordaid gedetailleerder dan rapportages per land. Een bedrijf kan namelijk in een project in verschillende landen opereren. De wet zal geen uitzonderingen maken, ondanks een lobby van enkele oliebedrijven waaronder Shell en BP. De bedrijven probeerden onder de wetgeving uit te komen door te stellen dat in sommige landen het openbaar maken van gegevens verboden is. Dit excuus lapten de Europarlementariërs echter aan hun laars.

Door: Foto: mathrong (cc)
Foto: Michael Coghlan (cc)

What if companies had to pay?

ACHTERGROND - A recent report shows the cost of various industries on our natural capital.

The environment is a public good. We all share and depend on clean water, a stable atmosphere, and abundant biodiversity for survival, not to mention health and societal well-being. But under our current global economy, industries can often destroy and pollute the environment—degrading public health and communities—without paying adequate compensation to the public good. Economists call this process “externalizing costs,” i.e. the cost of environmental degradation in many cases is borne by society, instead of the companies that cause it.

A new report from TEEB (The Economics of Ecosystems and Biodiversity), conducted by Trucost, highlights the scale of the problem: unpriced natural capital (i.e. that which is not taken into account by the global market) was worth $7.3 trillion in 2009, equal to 13 percent of that year’s global economic output. In other words, under our current economic system companies are forcing global society, their governments, and future generations to pick up a $7.3 trillion tab, and that was just in 2009. Just as importantly, the study found that none of the “high impact” industries would be profitable if they accounted for their natural capital.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Daniel Foster (cc)

De goedkope-energie-illusie van de grote bedrijven

ANALYSE - De grote industrieën in Nederland, waaronder Shell en DSM, heffen een klaagzang aan over de toegenomen prijs van energie en wijzen daarbij naar de Verenigde Staten als land waar het beter gaat. Daarmee klampen ze opnieuw en onterecht vast aan achterhaalde denkbeelden over energie.

In de papieren editie van De Telegraaf krijgen een paar grote bedrijven ruimte om hun beklag te doen over de hoge energieprijzen, waardoor hun concurrentiepositie in gevaar komt. En in de Verenigde Staten gaat het zoveel beter. Ze hebben er goedkope energie door winning van schaliegas en -olie. En ook veel meer bio-brandstofcapaciteit. En vervolgens geeft het artikel een sneer naar de milieubeweging die de introductie van schaliegas zou tegenhouden.

De bedrijven baseren zich niet alleen op verkeerde aannames, ze blijken ook hun hoofd na dertig jaar nog steeds niet uit het zand gehaald te hebben. Zo lang is het namelijk al met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid duidelijk dat de prijs van energie in een op fossiele brandstoffen gedomineerde markt zal blijven stijgen tot een ongemakkelijk niveau.

Maar nu even de aannames ontkrachten.

De prijs van energie daalt niet in de VS. Oke, hij stijgt ook niet. Maar de energieprijs voor de industrie in Nederland doet dat ook niet. Het prijsverschil is al een hele tijd constant.De enorme hype die momenteel rondom het schaliegas in de VS leeft, staat in schril contrast met de werkelijkheid. Productie van schaliegas is duur, vervuilend en levert slechts zeer tijdelijk resultaat op. Vooral dat laatste maakt inzetten op die bronnen onzinnig. Een boring (waarvan er duizenden nodig zijn om een beetje productie te halen) levert hooguit vier jaar een beetje productie op. Daarna kan het gat verlaten worden. Dus hoe hard de industrie ook roept om verlossing middels Schaliegas, het is en blijft een korte termijn illusie.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Het treurige lot van de Venezolaanse cacao-industrie

venezuelan-black

Venezolaanse cacao staat wereldwijd bekend als een product van de hoogste kwaliteit. Chocolademakers uit Europa beconcurreren elkaar meedogenloos om toegang te krijgen tot de Venezolaanse markt en zijn bereid aanzienlijke sommen geld neer te leggen voor dit unieke product. Desalniettemin brengt het land tegenwoordig niet veel meer cacao voort dan drie eeuwen geleden: minder dan één procent van de wereldwijde productie.

Al bijna een eeuw lang, tot op de dag van vandaag, is olie ’s lands voornaamste exportproduct. Ondanks uitgestrekte vruchtbare gronden kreeg de olie-industrie altijd voorrang van overheidswege en moest Venezuela zelfs voedsel importeren. Dictator op dictator wist zichzelf aan de macht te houden dankzij de enorme olieopbrengsten met als laatste incarnatie Hugo Chávez die de afgelopen jaren grootste sociale werken opzette, grotendeels gefinancierd door een almaar stijgende olieprijs.

De afgelopen maanden is de olieprijs echter sterk gekelderd, wordt Chávez in eigen land meer en meer veracht en zoekt de schreeuwdictator steun bij landen als China en Rusland die maar al te graag opstappen om hun invloed in Zuid-Amerika uit te breiden. Chávez zijn oplossing voor de noodlijdende cacao-industrie: de weinige private ondernemers overdonderen met controles, regelgeving en intimidatie.

Reeds voor de Tweede Wereldoorlog werden tal van cacaoplantages onder het bewind van Juan Vicente Gómez geconfisqueerd. Ambtenaren vergaarden vervolgens praktisch een monopolie over de sector terwijl de export van allesbehalve olie door een combinatie van regelzucht en tarieven werd tegengewerkt. De cacaoproductie daalde jaar op jaar. Onder Chávez namen de belemmering alleen maar toe. Waar, voordat Chávez aan de macht kwam, cacao-exporteurs vier formulieren moesten invullen om hun producten overzees te mogen verschepen worden zij nu geconfronteerd met maar liefst tweeënvijftig verschillende vergunningseisen.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

De toekomst van fabrieken in Amerika

ANALYSE - Een aantal grote bedrijven heeft aangekondigd een deel van hun productie (terug) naar de VS te brengen. Amerikanen staan erom te juichen. Maar is het echt een teken van een aantrekkende economie? En hoe moet dat eigenlijk, een industrie draaiende houden in de 21e eeuw?

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Europees parlement onder druk van industriële lobby én milieuorganisaties op klimaatplan

Vandaag is een cruciale dag voor het Europese klimaatbeleid, want vandaag bespreken de 68 leden (uit 27 EU-lidstaten) van de Milieucommissie van het Europees Parlement de plannen om de Europese uitstoot van broeikasgassen tegen 2020 met 20% te verlagen. Het Europees parlement is de laatste maanden onder sterke druk van industriële lobby komen te staan. De vraag is of ze deze kan weerstaan of zwicht voor dreigementen dat o.a. de metaalindustrie de Europese Unie zal verlaten. Aan de andere kant is er de lobby van milieuorganisaties die willen dat Europa ten minste 80% van de voorgenomen CO2-reductie binnen haar eigen grenzen realiseert, dus niet door bijvoorbeeld klimaatprojecten in ontwikkelingslanden.

De twee grootste groepen in het Europees Parlement, de Socialisten en de centrum-rechtse Volkspartij, hebben benadrukt dat de concurrentiepositie van Europese bedrijven niet in het gedrang mag komen. Straks zullen Europese bedrijven verhandelbare emissiecertificaten moeten kopen, de bedrijven zelf willen deze certificaten echter gratis krijgen. Producenten van chemicaliën, papier, metaal en cement hebben al gewaarschuwd dat ze de EU zullen verlaten als de certificaten te duur worden. Het Climate Action Network vindt dit echter bangmakerij want een recent rapport heeft uitgewezen dat bedrijven niet zomaar kunnen vertrekken uit een regio waar ze veel kapitaal hebben geïnvesteerd. Tevens zal het Europese klimaatbeleid een innovatie impuls opleveren en dat is gunstig voor Europese bedrijven.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

KSTn – Weer een achterhaald rapport

Logo kamerstukken van de dagWe hebben hier bijna een dagtaak aan het wijzen op de achterhaalde ideeën in de rapporten van de overheid.
Deze week viel het rapport voor het industriebeleid bij ons op de elektronische deurmat.
Een weinig opmerkelijk stuk proza. Geen echt vernieuwende visie of briljante plannen. Gebruikelijke dingen die de industrie graag hoort.
De laatste jaren is een terugkerend punt dat er te weinig gekwalificeerd personeel is. Dat is dan kennelijk een taak van de overheid. Marktwerking is alleen van toepassing op topmanagers.
Afijn, daar gaat het niet over. Het gaat over de lange termijn. In hun vooruitblik naar 2030 zien ze drie trends:
1) Toenemende schaarste van productiefactoren. Schaarste is in veel gevallen niet meer op te vangen door het aanboren van meer bronnen, maar leidt ertoe dat productief en inventief met bestaande bronnen moet worden omgesprongen. Dit betekent ook dat industrieel onderhoud aan belang wint.
2) Meer openheid van economieën. Internationale barrières voor goederen, diensten, kapitaal, arbeid en kennis worden steeds lager, zowel door de eenwording van markten als door technologische vernieuwing en de reductie van transportkosten.
3) Maatschappelijke problemen worden steeds complexer. De problemen, waar we als samenleving mee kampen, zoals bereikbaarheid, veiligheid, milieu, energie en gezondheid, worden steeds complexer. De overheid kan deze problemen niet alleen oplossen, maar heeft andere partijen, waaronder ondernemers en werknemers, nodig om tot doorbraken te komen.


Die derde vind ik best stoer. De industrie wordt mede verantwoordelijk voor het helpen bij vinden van oplossingen bij deze ontwikkeling.
Maar het gaat om de eerste en de tweede. Heel terecht constateren ze eerst dat er een “schaarste van productiefactoren” zal ontstaan. Maar vervolgens zeggen ze bij twee doodleuk “de reductie van transportkosten“.
Tja, tot iemand kernfusie goed aan de gang heeft of de hele wereld op zonne-energie kan laten overschakelen, is transport ook afhankelijk van schaars worden de bronnen. Met de nadruk op olie natuurlijk.
Maar geheel in lijn met eerdere rapporten, wil men dit nog steeds niet erkennen.
Misschien wat overbodig, maar het moge duidelijk zijn dat de transportsector in de toekomstplannen van het kabinet nog steeds een prominente rol in neemt.

Quote du Jour – Amerikaanse autolobby vliegt uit de bocht

“We don’t want our automobile industry to go down, but on the other hand, they’ve made a lot of bad choices” (Wall Street Journal)

Senator Orrin Hatch (Republikein, Utah) is bezorgd over de hoeveelheid financiële steun die de noodlijdende Amerikaanse autoindustrie zoekt bij de overheid om te overleven. Binnenkort gaan de grote drie uit Detroit: General Motors, Ford en Chrysler een lobby starten in het Congres om goedkope leningen los te krijgen ter waarde van 25 tot 50 miljard dollar. Dit geld zeggen de autofabrikanten nodig te hebben voor de ontwikkeling van zuinigere en schonere technologie (FD.nl). De afgelopen jaren stapten Amerikanen massaal over op zuinigere, kleinere buitenlandse auto’s.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Aardgasintensieve industrie naar het Midden-Oosten

De westerse productie-industrie wordt steeds verder uitgehold. Dankzij de lage lonen in veel Aziatische landen zijn talloze fabrieken in Europa en de VS gesloten en verhuisd naar China & India. Analisten die dachten dat de golf van outsourcing zou afzwakken hebben geen rekening gehouden met hogere energieprijzen. Doordat aardgas veel goedkoper is in de golfstaten in het Midden-Oosten zal steeds meer energie intensieve industrie zich verplaatsen naar die regio’s. Dat is de conclusie van een recent rapport van onderzoek & adviesbureau McKinsey “Moving energy-intensive industries to the Gulf”.

Het gaat om aluminium, staal, kunstmest, pesticiden en diverse plastics waaronder polyethyleen, ethyleen, styreen en propyleen. Maar ook de productie van pesticiden zal zich steeds meer verplaatsen. Bedrijven zoals Sabic (Saudi Basic Industries), Aluminium Bahrain (Alba) en Dubai Aluminium (Dubai) waren tien jaar geleden nog onbekende bedrijven maar zijn ondertussen uitgeroeid tot giganten op het gebied van aluminium en petrochemicaliën.

Dat die groei van aardgasintensieve industrie in het Midden-Oosten door zal zetten wordt duidelijk uit de verdeling van de wereldwijde aardgasreserves. Die bevinden zich voor 24% in het Midden-Oosten. Een nog belangrijkere factor is de prijs van aardgas, die kunstmatig laag gehouden wordt in het Midden-Oosten. Hoewel Rusland ook veel aardgasreserves bezit stijgt de aardgasprijs daar sinds kort. Dat komt doordat de Russische overheid de kunstmatige prijs aan het loslaten is. In de meeste landen in het Midden-Oosten blijven de prijzen naar verwachting kunstmatig laag, op een prijsniveau dat 90% lager ligt dan in Westerse landen. Daardoor zijn de kosten voor ondermeer het maken van aluminium in het Midden-Oosten 40% lager dan in West Europa en 30% lager dan in China.

Vorige