Het coalitieakkoord: vooral VVD

Dit akkoord is in veel opzichten precies wat je van D66 mag verwachten wanneer het vooral door rechtse partijen wordt omringd: progressieve taal, institutionele zorgvuldigheid en morele accenten, maar verpakt in een beleidsstructuur die fundamenteel liberaal blijft. D66 mag het verhaal menselijker maken, maar niet richtinggevend, en de partij laveert handig mee met rechts beleid. Als je had gehoopt op iets meer tegenwicht tegen marktdenken, dan kom je bedrogen uit. Wie het coalitieakkoord van D66, VVD en CDA leest, kan zich laten meeslepen door woorden als ‘samen’, ‘vertrouwen’, ‘gemeenschapszin’ en ‘kansen voor iedereen’. Het klinkt als een kabinet dat de scherpe randjes van de afgelopen jaren wil bijvijlen. Alsof drie partijen elkaar in het centrum van de macht hebben gevonden en daar gezamenlijk een nieuw sociaal contract hebben gesmeed. Wie iets langer leest, ziet iets anders. Dit akkoord is in de kern geen compromis tussen drie gelijkwaardige visies. Het is een liberaal programma met wat progressieve correcties en een christendemocratische strik erop. De motor draait op VVD-brandstof. D66 mag af en toe bijsturen. Het CDA mag zorgen dat niemand zich helemaal verlaten voelt. De economie als moreel kompas Vrijwel elk sociaal probleem in dit akkoord wordt vertaald naar een economisch vraagstuk. Armoede wordt een participatieprobleem. Wonen wordt een aanbodprobleem. Integratie wordt een arbeidsmarktprobleem. Onderwijs wordt een productiviteitsprobleem. Zelfs bestaanszekerheid wordt uiteindelijk gekoppeld aan inzetbaarheid. De centrale belofte is steeds dezelfde: wie meedoet, wordt beloond. Wie werkt, krijgt zekerheid. Wie leert, krijgt kansen. Wie zich aanpast, hoort erbij. Dat klinkt redelijk, tot je beseft wat ontbreekt: een serieus idee van herverdeling, machtscorrectie of structurele ongelijkheid. Vermogen blijft buiten beeld. Erfelijkheid van kansen blijft buiten beeld. Machtsposities op de woningmarkt blijven grotendeels intact. Ongelijkheid wordt niet bestreden, maar gemanaged. Dat is klassiek VVD-denken. Problemen los je niet op door structuren te veranderen, maar door mensen beter in die structuren te laten functioneren. Wonen: bouwen, bouwen, bouwen De wooncrisis is het meest sprekende voorbeeld. Het akkoord belooft massale bouw, versnelde procedures en minder bezwaar. Dat klinkt daadkrachtig. Het betekent vooral: minder bescherming voor omwonenden, minder invloed voor gemeenten, minder barrières voor investeerders, en een oplossingsrichting die door de meeste experts als ineffectief wordt bestempelt. Sociale huur krijgt een plek, maar tegelijk worden inkomens- en vermogenstoetsen aangescherpt. Bescherming tegen opkoop wordt ingeperkt. Het investeringsklimaat moet vooral ‘verbeteren’. De onderliggende boodschap is helder: de markt moet weer kunnen ademen. Als dat lukt, sijpelt betaalbaarheid vanzelf wel door. Dat is geen progressieve woonpolitiek. Dat is marktoptimisme met sociale bijsluiter. En iets wat de afgelopen decennia nadrukkelijk niet heeft gewerkt. Sociale zekerheid als doorstroommachine Ook de sociale zekerheid wordt niet gezien als zelfstandig recht, maar als transitieruimte. Uitkeringen zijn tijdelijk. Ondersteuning is conditioneel. Begeleiding gaat samen met controle. Vertrouwen gaat samen met sancties. De Participatiewet wordt ‘menselijker’, maar blijft activerend. Integratie wordt ‘ondersteund’, maar blijft verplicht. Gezinnen worden geholpen, zolang ze economisch zelfstandig worden. Het systeem is ingericht als een doorstroommachine: iedereen moet richting arbeid. Wie dat niet kan, mag even pauzeren. Wie te lang stilstaat, wordt aangespoord. Ook dat is VVD-logica: sociale zekerheid is een smeermiddel voor de arbeidsmarkt, geen correctie daarop. D66: kompas zonder richting D66 is in de details wel duidelijk aanwezig. In de passages over rechtsstaat, discriminatie, vrouwenrechten, LHBTI+, onderwijs en klimaat herken je hun handschrift. Er komt constitutionele toetsing. Er komt een steviger antidiscriminatiebeleid. Er is aandacht voor femicide. Dat zijn geen details,  maar ze bepalen nergens de hoofdrichting. Er is ambitie op klimaat, maar dat moet ‘groene groei’ zijn. Onderwijs moet ‘arbeidsmarktrelevant’ zijn. Gelijkheid moet ‘meedoen’ betekenen. D66 mag waarden leveren. De VVD bepaalt wat ermee mag gebeuren. Het resultaat is progressieve taal in een liberaal frame. CDA: decor van gemeenschapszin Het CDA is het minst zichtbaar. Je vindt het terug in passages over verenigingen, vrijwilligers, buurthuizen en ‘samenredzaamheid’. In de landbouwparagraaf. In de gezinstaal. Dat zorgt voor een warme achtergrond. Voor het gevoel dat er nog iets bestaat tussen markt en staat. Dat Nederland meer is dan een verzameling zelfstandigen en zelfredzamen met een DigiD. Maar ook hier: alles blijft achtergrond. Er is geen uitgewerkte visie op solidariteit. Geen structureel beleid om gemeenschappen te versterken. Geen correctie op marktwerking vanuit sociale verbanden. Het CDA mag sfeerbeheer doen. Het mensbeeld onder het akkoord Het meest onthullend is niet wat er staat, maar wat verondersteld wordt. De ideale burger in dit akkoord is: hoogopgeleid of bijscholend, flexibel inzetbaar, financieel zelfstandig, bereid zich aan te passen en productief tot op hoge leeftijd. Wie zo is, krijgt bescherming. Wie daarvan afwijkt, krijgt begeleiding. Wie structureel buiten dat profiel valt, blijft probleemgeval. Dat is geen sociaal-democratisch mensbeeld. Geen christendemocratisch mensbeeld. Dat is het liberale ideaal van de zelfredzame marktburger. Een ideaal dat, net als de oplossing voor de woningmarkt, ook al decennia achterhaald is. Dit is geen middenkabinet. Het is een liberaal kabinet met progressieve randvoorwaarden en een sociale verpakking. De machtsverdeling is zichtbaar in elke beleidslaag: De VVD levert de structuur. D66 en het CDA leveren een beetje moraal en de legitimatie. In percentages: ongeveer zestig procent VVD, dertig procent D66 en tien procent CDA. Wat ontbreekt Wat ontbreekt is een verhaal over macht. Over wie profiteert van bestaande structuren. Over wie structureel achterblijft. Over hoe ongelijkheid zichzelf reproduceert. Er is geen ambitie om vermogensconcentratie aan te pakken. Geen fundamentele herziening van de woningmarkt. Geen herverdelingsagenda. Geen breuk met het idee dat economische groei vanzelf sociale vooruitgang oplevert. Het akkoord belooft rust, orde en efficiëntie en grijpt terug op oude verhalen, in een wereld die in toenemende mate niet meer gelooft in wat vroeger was en werkte. Uitvoerbaarheid boven visie Dit coalitieakkoord is netjes, coherent en bestuurbaar. Het vermijdt ideologische confrontatie. Het kiest voor uitvoerbaarheid boven visie. Voor management boven politiek. Daarmee past het perfect in de VVD-traditie van technocratisch liberalisme: een sterke staat die markten faciliteert, burgers activeert en conflicten depolitiseert. D66 mag het geweten leveren. Het CDA mag het hart leveren. Maar uiteindelijk bestuurt de VVD. Wie had gehoopt op een iets socialer resultaat, door een duidelijk stempel van waar D66 voor zou kunnen en moeten staan, leest vooral een efficiënt voortzettingsbeleid. In een nieuw jasje weliswaar, en met iets vriendelijkere woorden. Niet iets waar vele D66-stemmers op hoopten, vermoed ik zo. Ik wens D66 alvast een prettige decimering toe, de komende verkiezingen.

Door: Foto: Ahmed Zayan on Unsplash

De formatie: titel kabinet gezocht!

Rob Jetten, de komende premier namens D66, erkent dat de formatie van het nieuwe kabinet met VVD en CDA (nog) niet rond is, vooral omdat de financiële knopen nog niet zijn doorgehakt. Maar de titel van het kabinets- en regeerakkoord staat al wel vast zei Jetten, zonder die titel te onthullen.

Voor de lezers van Sargasso een uitnodiging: denk mee over wat die titel zou kunnen zijn. Wat vangt zo’n toekomstig minderheidskabinet eigenlijk? Hoe vat je, in een paar woorden, de politieke smurrie samen waar Jetten, Yesilgöz en Bontenbal zich door worstelen? Suggesties zijn welkom, meerdere per persoon, prijs: eeuwige roem (of iets wat erop lijkt).

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: De interruptie microfoon in de plenaire zaal van de Tweede Kamer Credit: www.tweedekamer.nl

66 zetels en geen richting: het kabinet dat niemand echt wil

Het wordt dus een minderheidskabinet van D66, VVD en CDA met samen 66 zetels. Een typisch symptoom van politieke uitputting. Dat het als serieuze optie wordt gepresenteerd, zegt minder over bestuurlijke moed dan over de mate waarin de Nederlandse politiek vastgelopen is in haar eigen uitsluitingslogica. Dit kabinet ontstaat niet omdat het inhoudelijk klopt, maar omdat bijna alles wat wél zou kunnen, vooraf al onbespreekbaar is verklaard, vooral door de VVD, die het formatieproces gijzelde.

Formeel is een minderheidskabinet volkomen legitiem. In de praktijk betekent het dat het kabinet structureel afhankelijk wordt van partijen die het zelf niet wil omarmen, maar wel nodig heeft om te overleven. Dat vergt openheid, onderhandelingsbereidheid en een zekere ideologische bescheidenheid. Precies die eigenschappen ontbreken bij de drie partijen die hier samen optrekken. De VVD wil regisseren zonder toe te geven. D66 wil hervormen maar weet niet waar voldoende medestanders te vinden zijn. Het CDA wil relevant blijven maar weigert te kiezen. Samen leveren ze geen experimentele bestuursvorm op, maar een permanente formatiefase.

Wat hier verkocht wordt als pragmatisme, is in werkelijkheid het ontlopen van politieke verantwoordelijkheid. Dit kabinet heeft geen gezamenlijk verhaal over de richting van het land. Er is geen gedeelde analyse van de crises die spelen, alleen een gedeelde wens om niet opnieuw te hoeven onderhandelen met partijen die inhoudelijk of electorale risico’s opleveren. Dat leidt tot beleid dat per dossier moet worden bijeengeschraapt, met wisselende meerderheden en steeds weer nieuwe concessies. Besturen wordt zo een tactisch spel, geen politieke keuze.

Foto: Stempotlood Verkiezingen 2021 - Gebruik op Sargasso met toestemming. (c) Sidney Smeets

Het ‘fatsoenlijke’ woonprogramma van het CDA

ANALYSE - van Jan Kok [*]

Analyse van de woonparagraaf in het conceptverkiezingsprogramma van het CDA voor de Tweede Kamerverkiezingen van 29 oktober (1). Met hier en daar vergelijkingen met de woonprogramma’s in de conceptverkiezingsprogramma’s  van GroenLinks-PvdA en de VVD, de twee andere middelgrote partijen in de peilingen en mogelijke regeerpartners.

Bij het CDA is het weer helemaal ‘fatsoen’ wat de klok slaat. Ook als het over wonen gaat: ‘Veel starters verdienen ….. te weinig voor de hypotheek om een fatsoenlijk huis te kopen.’ Fatsoen wordt vaak omschreven als het voldoen aan de geldende normen en waarden. (Waarden en normen is inhoudelijk trouwens een betere volgorde.) Het is nu vooral een reactie op de politieke omgangsvormen ten tijde van het kabinet-Schoof. Het begrip doet ons terugdenken aan de tijden van Jan Peter Balkenende, die ook schermde met normen en waarden en met ‘fatsoen moet je doen’.  Hij reageerde hiermee voornamelijk op de gebeurtenissen rond de moord op Pim Fortuyn in 2002. (2)

Overheid meer invloed

In het woonprogramma van het CDA wordt meer afstand van de markt genomen dan in vroegere versies. ‘De overheid moet de regie terugpakken om keuzes te maken in schaarste.’ Er wordt gepleit voor een leegstandsheffing. Bij het verlenen van een bouwvergunning een bouwplicht binnen maximaal twee jaar. En het Rijk gaat steun verlenen met een grondfaciliteit of zelfs een Nationale Grondbank. Gemeenten moeten sociale grondprijzen kunnen rekenen. Met behulp van de planbatenheffing kunnen winsten vanwege gestegen waarden van grond gericht worden ingezet in gebiedsontwikkeling.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: Roel Wijnants (cc)

NSC: Nieuw Sociaal Contract of Nieuw Sociaal CDA?

ANALYSE - van Prof. Dr. Gerrit Voerman en dr. Léonie de Jonge, eerder verschenen bij het Montesquieu Instituut.

Op 19 augustus richtte Pieter Omtzigt bij de notaris officieel zijn eigen partij op, het NSC. Hoewel er nog weinig bekend is over het programma en de kandidatenlijst, lijkt het er sterk op dat zijn nieuwe partij aanzienlijke elementen van het CDA heeft overgenomen, zowel op het gebied van ideologie en programma als wat betreft het personeel. De vraag is dan ook: staat NSC, de afkorting van Omtzigts partij, voor Nieuw Sociaal Contract of Nieuw Sociaal CDA?

1. Ideologische uitgangspunten

Het document Grondgedachten & Uitgangspunten biedt inzicht in het ideologische profiel van het NSC. Hierin staan termen als ‘de overheid als schild voor de zwakken’, ‘solidariteit’, ‘goed rentmeesterschap voor de schepping’, ‘persoonlijke verantwoordelijkheid’, ‘gespreide macht en verantwoordelijkheid’, het belang van het ‘maatschappelijk middenveld’ – allemaal kernbegrippen van het CDA. Ook het begrip ‘subsidiariteit’ wordt inhoudelijk in de uitgangspunten van het NSC aangeduid, zij het niet letterlijk genoemd.

Het is duidelijk dat de partij van Omtzigt zich baseert op het christendemocratische gedachtegoed. Daarnaast wordt er rijkelijk geput uit de katholieke sociale leer, met als centraal uitgangspunt de personalistische mensvisie die de mens beschouwt als een onderdeel van de gemeenschap. Deze opvatting staat in de Grondgedachten & Uitgangspunten van het NSC centraal en wordt gezien als ‘ons alterna­tief voor het heersende individualisme’. Verder is het docu­ment doordrenkt van confessionele noties. Hoewel het woord ‘God’ nergens te bespeu­ren is, zijn de standpunten vaak expliciet gebaseerd op christelijke waarden en (katholieke) deugden zoals rechtvaardigheid, dienstbaarheid, naastenliefde en barmhartigheid. Al met al kun­nen de uitgangspunten van het NSC, die in grote mate overeenkomen met die van het CDA, worden gekarakteriseerd als communitaristisch. Niet de staat of de markt is het ver­trek­punt maar de samen­leving, die wordt opgevat als een waardengemeenschap.

Foto: Sjoerd Luidinga (cc)

Doorpakken met stikstofreductie

ANALYSE - Het belangrijkste signaal van de afgelopen verkiezingen is dat de kiezer een hekel heeft aan onduidelijkheid en getreuzel

Na de afgelopen verkiezingen horen we velen beweren dat het nu gepast zou zijn pas op de plaats te maken met het stikstofbeleid voor de landbouw. Dat is echter precies de verkeerde conclusie.

Uitgesproken voor- en tegenstanders van stikstofreductie in de landbouw hebben zich in de eerste kamer volkomen gelijkwaardig verdeeld. Tegenover de 16 zetels in de eerste kamer voor BBB, die graag het beleid wil afzwakken, staan er bijna evenveel van GroenLinks en de PvdA, voor wie het allemaal niet snel genoeg gaat. Tegenover de 4 zetels van Wilders, die zijn hakken in het zand wil zetten, staat met hetzelfde aantal zetels de partij voor de Dieren, die het liefst de bio-industrie morgen helemaal wil afschaffen. En de SGP, die vooral niets wil veranderen, heeft één zetel minder dan Volt, die ook op dit dossier vooral juist veel en snel wil veranderen.

De zetels van Ja21, die geen verandering wil, staan qua aantal weer gelijk aan die van de SP, die de megastallen wil sluiten. En dan hebben we nog 50+ en de onafhankelijken, die beide over het hele stikstofvraagstuk zo vaag mogelijk verkiezen te doen. Kortom, uitgesproken voor- en tegenstanders van harde maatregelen in het stikstofdebat staan er na deze verkiezingen links en rechts van het kabinet precies even sterk voor.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Roel Wijnants (cc)

Meer of minder zelfstandige boeren?

De afgelopen twintig jaar is door schaalvergroting één op de twee zelfstandige boerenbedrijven gestopt – de afgelopen zeventig jaar zelfs zes op de zeven. Van wat zich nu nog ‘boer’ noemt, is een groot deel de mega-investeerders die voor platte winst de plattelandsgemeenschappen kapot hebben gemaakt. Het gevolg van staand beleid.

Deze investeerders hebben minder verstand van dieren dan van leningen, subsidies en spreadsheets. De stal zien ze nooit, het schoonmaken, melken, voeren en slachten laten ze over aan machines en dagloners. Voor het eigen land produceren ze niet: het voer wordt geimporteerd en het vlees wordt weer geexporteerd. Daarbij: de boer melkt het vee, de agro-industrie en de bank melken de boer. Een heel verdienmodel. De boer van nu zit gevangen in het systeem, de boeren van toen zijn in meerderheid al lang stadsbewoner geworden.

Nu wil ‘de boerenstand’ in de waterschappen het grondwater zo laag mogelijk hebben, zodat meer vee kan grazen. Maar als dat gebeurt, verzilt het land, zodat we over een decennium op een zoutkorst zitten waar niets meer op groeit. Daarnaast raakt onze bodem vertieft, niet alleen met ammoniak (stikstof), maar ook met bestrijdingsmiddelen – die we vervolgens zelf binnenkrijgen, de boer voorop.

Foto: Directie Voorlichting (cc)

Voorstel CDA voor onderscheid tussen vluchteling en asielgerechtigde is verlies-verliessituatie

OPINIE - Gastauteur Gerdjan Kipping bespreekt het voorstel van de CDA-fractie om in Nederland, net als in België en Duitsland, statushouders in twee categorieën op te delen: permanente vluchtelingen, en mensen die tijdelijk bescherming zoeken. “Een verslechtering voor zowel de mensen met een subsidiaire beschermingsstatus als voor de IND.”

Mensen die tijdelijk bescherming zoeken moeten van het CDA minder bescherming krijgen. Nieuw is dit niet, ook voor de wijziging van de Vreemdelingenwet in 2001 bestond de mogelijkheid om mensen die niet als vluchteling waren erkend minder rechten toe te kennen, dan asielverzoekers die een vluchtelingenstatus hadden gekregen. Dat onderscheid in rechten is destijds om goede redenen afgeschaft. Het leidde tot veel doorprocederen voor een vluchtelingenstatus wat weer een enorme werkdruk bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) veroorzaakte.

Aanzuigende werking bestaat niet

Na de relatief rustige coronajaren is het aantal vluchtelingen dat Nederland bereikt, toegenomen als gevolg van oorlogen, onderdrukking en uitzichtloosheid, de voornaamste redenen waarom mensen vluchten. Een constante in meer dan dertig jaren is de roep om steeds strengere maatregelen om de komst van vluchtelingen tegen te gaan. De Nederlandse politiek heeft daaraan bijgedragen. Strengere maatregelen in Nederland en omringende landen hebben in de regel hooguit een tijdelijk (waterbed)effect en het bestaan van aanzuigende werking als gevolg van vermeende soepelere asielwetgeving is nooit bewezen. Desondanks volharden politici in schijnoplossingen. De aangekondigde motie van het CDA om onderscheid in rechten te maken op grond van de reden waarom iemand bescherming heeft gekregen, is daar een voorbeeld van.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Foto: Pedro Szekely (cc)

Staatsrecht als campagnestrategie

COLUMN - Tijdens het debat over het AD-interview met Hoekstra (officieel ‘De uitspraken van de minister van Buitenlandse Zaken over de stikstofafspraken uit het regeerakkoord en over de koopkracht‘) schreef Rutte nieuw staatsrecht waar de komende tijd college over zal worden gegeven, mogelijk scripties over geschreven en waarnaar misschien wel kloek promotie-onderzoek wordt gedaan.

Dat het kabinet niet met één mond sprak, gaf Rutte tijdens het debat ruiterlijk toe. Lastig ontkennen ook: er ligt een coalitieakkoord en er is een AD-interview; beide ‘schuren’. NOS-verslaggeefster Nienke de Zoeten noemde het AD-interview gekscherend een bijlage bij het dat akkoord; een knap staaltje medialogica waarbij het interview van het AD als decor voor de parlementaire reprimande diende. De Kamer kwam niet terug voor de torenhoge inflatie of de opvangcrisis in Ter Apel, maar wel om premier en minister van Buitenlandse Zaken op de vingers te kunnen tikken.

Dat terzijde.

Het stikstofdossier liep Hoekstra de afgelopen weken allemaal electoraal dun door de broek en daarom besloot hij in Neerlands voetbalkrant (blijkbaar het kruispunt tussen CDA en agrarische achterban) een natte scheet te laten. Daar is gisteren collectief aan gesnuffeld en goed bevonden: de coalitie gaat in ieder geval drie weken door met elkaar, want dan komt Remkes met … Ja, ook dat bleef volstrekt onduidelijk. Rutte hield zelfs de mogelijkheid open dat Remkes met helemaal niks komt: hij is immers geen onderhandelaar, maar slechts zichzelf, vatte Rutte het samen.

Foto: Roel Wijnants (cc)

Gedoe in de coalitie hoeft geen probleem te zijn

ANALYSE - De coalitiepartijen VVD, D66, CDA en ChristenUnie hebben gedurende Rutte III meermaals en over diverse onderwerpen in de clinch gelegen. Menig keer werd dan gesproken over een potentiële kabinetscrisis. Terwijl deze incidenten juist ook bij kunnen dragen aan behoud van het electoraat van deze partijen, een analyse van bestuurskundige Aron van Balveren.

Na maanden van onderhandelen presenteerden VVD, D66, CDA en ChristenUnie op 15 december het nieuwe regeerakkoord: ‘omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst’. Sceptici stelden nog tijdens de formatie dat de kans groot is dat de regeringsperiode van kabinet Rutte IV niet zo lang gaat duren. Want zijn de tegenstellingen tussen de politieke partijen niet enorm groot, en scheerde het kabinet Rutte III niet al een aantal keer langs de rand van de afgrond voordat het uiteindelijk ten val kwam?

Discussie, onenigheid en perikelen rondom (het oplossen van) het stikstofprobleem, het kinderpardon en het klimaatakkoord. Een drietal voorbeelden van onderwerpen waarbij sprake was van een botsing tussen de coalitiepartijen in Rutte III. Deze voorbeelden zijn in de afgelopen jaren breed uitgemeten in de media. Gesuggereerd werd dat deze gebeurtenissen zo maar eens zouden kunnen leiden tot een kabinetscrisis. De termen ‘bijna-crisis’ en ‘de rand van de afgrond’ vielen. De vraag is of deze botsingen daadwerkelijk de potentie hadden om een val van het kabinet te kunnen veroorzaken, of dat dit juist onderdeel is van een gezamenlijke politieke strategie om electoraal te kunnen overleven als regeringspartijen?

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Volgende