Ouwe troep

Nu ben ik archeoloog en ik zou dus eigenlijk vooraan moeten staan in de protesten tegen de vernielingen van oudheden die in opdracht van onze geliefde kalief zijn aangericht in de musea in Mosul. Maar daar sta ik niet. Het doet me bijzonder weinig. Ja, er gaat onvervangbaar erfgoed verloren en dat is – zelfs ik zie dat – ongelofelijk jammer. En toch wordt dit stukje geen vlammend protest, noch een begeesterde veroordeling van de barbarij die onder onze geliefde kalief zo welig opbloeit. Daar heb ik een heleboel redenen voor. De eerste is praktisch: deze jongemannen lijden aan een Gilles de la Tourette-achtige aandoening die ze precies laat doen waar je ze juist van af probeert te houden. Hoe harder je protesteert, hoe harder ze zich zullen gaan toewijden aan het doen van wat niet mag. De stoere knapen van onze geliefde kalief zijn erop uit voor zichzelf de reputatie van een God noch gebod respecterende club te bevestigen en met protesten geef je ze precies aan in welke richting ze het moeten zoeken. In zekere zin zijn ze dan ook heel goed aan te sturen. Zoals ik al zei: jonge mannen zijn het, niet meer.

Foto: copyright ok. Gecheckt 22-04-2022

Troep

ACHTERGROND - Vroeger was er geen vuilophaaldienst. Wie afval had, gooide dat uit het raam, in de greppel naast de boerderij, in het varkenskot, achter de stal, maar in ieder geval niet op enkele kilometers van de woonplek zoals nu. Je had wel wat beters te doen. Onbewust van microben en infectieziekten zag de mens vroeger in deze vorm van Entsorgung geen enkel probleem.

We leefden op onze eigen vuilnisbelt. En dat is leuk, want daardoor kunnen we nu nog steeds onderzoek doen naar de plekken waar duizenden jaren geleden mensen woorden. Nooit heb ik mijn vak – de archeologie – beter samengevat gezien dan in de studentikoze boektitel: The how-to-dig-holes-in-alleged-junk-containing-soil-book.

Een echte archeoloog zal u een chiquer antwoord geven op de vraag wat hij doet. Archeologen bestuderen het menselijk verleden aan de hand van de materiële cultuur. Het menselijk verleden onderscheidt de archeoloog van de paleontoloog, die oude beesten bestudeert. De materiële cultuur onderscheidt hem van de historicus, die in geschreven bronnen doet. Materiële cultuur is op zijn beurt weer een chique woord voor de spullen die mensen maken. Dat kan letterlijk alles wezen: van gemeentehuizen en Chinese muren tot koffielepeltjes en veiligheidsspelden.

Wat mensen onbedoeld maken, kan ook onderwerp van onderzoek zijn: de veranderde samenstelling van het plantaardig leven rondom een boerendorp laat zijn sporen na in de in de bodem neergelagen stuifmeelkorrels. Geen prehistorische boer die daar ooit op gekomen is. Misschien dat hij wel eens aan zijn eigen afval heeft gedacht: ‘Als de één of andere idioot hier over tweehonderd jaar zijn schep in zet, heeft-ie echt géén idee!’

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Oeroude muurkunst in Indonesie

Misschien wel de oudste rotstekening ter wereld, een babyzwijntje op Zuid Sulawesi, Indonesië. De recente datering van de al langer bekende grottekeningen is ronduit spectaculair – ze zijn zo’n 40.000 jaar oud – en doet ons er aan herinneren dat we nog maar heel weinig weten over het ontstaan van kunstachtige uitingen.

Het bijgaande filmpje van Nature maakt een en ander nog eens extra duidelijk en is zeer de moeite waard.

Foto: Capture The Uncapturable (cc)

Ontdek je plekje in de archeologie

ANALYSE - De nieuwe datering van eerder gevonden rotstekeningen in Indonesië leidt tot een jubelstemming in archeologische kringen. De vraag is echter of deze ontdekking niet te verwachten viel. Wat zegt dit over de ontwikkeling van de archeologie als wetenschap?

Een oude vondst was vorige week opnieuw groots in het nieuws. Grottekeningen in Maros, Indonesië, blijken veel ouder dan gedacht. De oorsprong van de menselijke creativiteit komt daarmee in een nieuw licht te staan. Die ligt niet uitsluitend in Europa – zoals altijd gedacht – maar ook in Azië.

Met dat nieuwe inzicht, dringt zich echter ook een andere vraag op. Namelijk: wat is hier eigenlijk de grootste ontdekking? De leeftijd van deze grottekeningen? Of een zekere naïviteit in de Westerse archeologie?

Met een nieuwe dateringstechniek zijn in de jaren vijftig ontdekte rotstekeningen opnieuw bekeken. Wetenschappers dachten dat deze tekeningen hooguit 10.000 jaar oud konden zijn. Nu blijken zij veel ouder, sommigen tot bijna 40.000 jaar, zo staat in een publicatie in het blad Nature. Dat maakt ze ouder dan wereldberoemde rotstekeningen in Chauvet en Lascaux in Frankrijk en ongeveer net zo oud als tekeningen in El Castillo, Spanje.

Ontdekking achter de ontdekking

Opwinding in de archeologie is het gevolg. Sommige wetenschappers weten hun enthousiasme nog te temperen, maar hoogleraar archeologie Wil Roebroeks van de universiteit Leiden komt openlijk voor zijn opwinding uit. ‘Ik kreeg kippenvel toen ik het las,’ zo vertrouwt hij NRC toe. Roebroeks schreef ook een commentaar bij het originele artikel in Nature. Hierin stelt hij dat er nog veel meer ontdekkingen zitten aan te komen:

Foto: Szecska (cc)

Archeologische prietpraat: de NOS

ACHTERGROND - Ik kan ook ’t land niet uitgaan – ik schrijf dit op een hotelkamer in Sofia in Bulgarije – of ze maken d’r weer een puinhoop van. Vandaag is het de nieuwssite van de NOS waar ze waren vergeten dat als archeologen nieuws naar buiten brengen, ze daarvoor vaak een reden hebben die niets te maken heeft met publieksvoorlichting.

Hier is het bericht van de NOS:

Een eeuwenoud raadsel over Stonehenge is opgelost dankzij de droogte van het afgelopen jaar. De enorme stenengroep in het zuiden van Engeland blijkt inderdaad vroeger een complete cirkel te zijn geweest.

Dacht u ooit dat het géén cirkel was? Had u ooit gehoord van dat eeuwenoude raadsel? Ik ook niet. Er is namelijk helemaal geen raadsel en iedereen die op de middelbare school een werkstuk over archeologie heeft gemaakt, weet dat als het woord “archeologie” wordt gebruik in combinatie met woorden als “raadsel” , “schat” of “mysterie”, het resultaat prietpraat is.

Daar is het achterliggende artikel van – je zag het aankomen – de BBC, en dit is een serieus stuk waarin iemand aangeeft dat ’ie het helemaal gehad heeft met de zelftrivialisering van de archeologen. Voor wie nog een ander recent voorbeeld zoekt is er dat. En wat ouder materiaal is hier en daar en vooral daar.

Foto: copyright ok. Gecheckt 09-02-2022

KORT | Nuttige archeologie

NIEUWS - Ik heb er al eens eerder over geblogd: het werk van mijn collega Ivar Schute, die zich heeft gespecialiseerd in de archeologie van de Tweede Wereldoorlog. Hij werkt al een tijdje mee bij een internationaal project in Sobibor en dat project begint nu spraakmakende vruchten af te werpen: de gaskamers zijn gevonden.

De pogingen van de Duitsers destijds om het kamp – na de opstand en ontsnapping van gevangenen – in de vergetelheid te laten geraken, zijn uiteindelijk vruchteloos gebleken.

Foto: Post-Atheïst

Post-atheïst | Göbekli Tepe

COLUMN - Oorlog in Gaza, oorlog in Irak, nog geen oorlog in de Oekraïne: de komkommertijd is onrustig dit jaar. Sommig nieuws, dat anders de krant zou hebben gehaald, blijft nu wat onderbelicht, zoals het overlijden van de Duitse archeoloog Klaus Schmidt. Ik weet toevallig dat het NRC Handelsblad heeft overwogen er een stukje aan te wijden, maar het echte nieuws ging voor.

Schmidt was de joviale opgraver van Göbekli Tepe in zuidoost-Turkije, een van de belangrijkste archeologische ontdekkingen van de afgelopen kwart eeuw. De simpelste manier om het te beschrijven is dat het vier kleine Stonehenges bij elkaar zijn, met dit verschil dat de stenen veel meer zijn bewerkt en zijn voorzien van reliëfs van dieren. Kraanvogels, vossen, slangen, krokodillen. En waar Stonehenge zo’n 4600 jaar oud is, is Göbekli Tepe eens zou oud. De opgravers noemden het een heiligdom.

De hamvraag is hoe een archeoloog dat kan weten. Schmidt was daar eerlijk over: hij wist het niet zo zeker als hij zou willen. Als hij vertelde over zijn project, legde hij de nadruk op het feit dat de mensen in het tiende en negende millennium v.Chr. nog leefden als jagers en verzamelaars, dat hun werktuigen simpel waren en dat het een wonder was dat ze zoiets monumentaals als de vier cirkels van Göbekli Tepe schiepen.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Vissen

COLUMN - Şanlı Urfa is een stad in het zuidoosten van Turkije. Rijd naar het westen en je bereikt na een uur de Eufraat, ga naar het oosten en je staat na een halve dag aan de Tigris. De wegen zijn perfect maar zwaarbewaakt, want ze vormen de grens met Syrië, dat zo’n veertig kilometer verder naar het zuiden ligt. In de Oudheid heette het hier Osrhoëne, wat is afgeleid van Urhai, de oudste naam van deze stad. De moderne naam Urfa is er ook van afgeleid.

fish

De soldaten van Alexander de Grote noemden de stad overigens Edessa, omdat de plek lijkt op de gelijknamige stad in Macedonië: op een hoog terras was een citadel waar het water van neerstroomde, naar een groot waterbekken. Daar is nu een vijver waarin zoveel vissen zwemmen, dat ik er, toen ik er tien jaar geleden voor het eerst kwam, onpasselijk van werd.

Er hoort een oeroude legende bij. Op de citadel woonde ooit koning Nimrod, een geduchte afgodendienaar. Hij was een tijdgenoot van Abraham, die als kind al ontdekte dat er maar één God was. De koning wilde de jongen doden, maar deze verschool zich in een grot waar hij miraculeus verouderde, zodat de soldaten hem niet herkenden. De grot wordt nog altijd aangewezen.

Uiteindelijk viel Abraham – of Ibrahim, zoals de moslims hem noemen – toch in handen van Nimrod, die hem wilde doden door hem van het terras neer te gooien in een groot vuur. De jong-oude man werd echter opnieuw door een wonder gered: het vuur werd water en de gloeiende blokken hout veranderden in vissen. Wie er nu komt, kan voor een paar stuivers visvoer kopen en ze te eten geven. Zo komt het dat er in feite teveel vissen in die vijver leven.

Hoe voetbal klinkt als je niet van voetbal houdt

Wat als archeologie – ervan uitgaande dat je daar totaal niet in geïnteresseerd bent – even vaak in het nieuws zou zijn als voetbal?

Een voorproefje:

Drunken people yelling at the screen. “SEND IT FOR CARBON DATING, YOU USELESS ***K!” “WHAT ARE YOU ON, MATE? DUST THE ANCIENT MEDALLION GENTLY! SMELTING METHODS OF THE TIME PRODUCED VERY SOFT AND IMPURE METALS EASILY PRONE TO DISFIGURATION!” All this from two men out of a crowd of twenty.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: copyright ok. Gecheckt 13-10-2022

Aquaduct

ACHTERGROND - De scepsis rondom het Romeinse aquaduct in Nijmegen is doorgeschoten. Archeologen betalen hier namelijk voor fouten die niet zij hebben gemaakt.

1.

In het oosten van Nijmegen ligt een oud Romeins aquaduct. De vijver, de geulen en de drie dammen zijn goed vergelijkbaar met antieke waterleidingen als die in Dorchester en Tongeren, maar er zijn weinig concrete vondsten gedaan. Hout, het materiaal waarmee de eigenlijke waterloop was gebouwd, is nu eenmaal vergankelijk en kan niet meer worden opgegraven.

Het is daarom begrijpelijk dat er een stevige discussie is losgebarsten of de vijver, geulen en dammen wel door de Romeinen zijn aangelegd. Aanvankelijk waren het sceptische burgers die vragen stelden; later kwamen daar journalisten bij; daarna gaf de Nijmeegse Rekenkamer advies; tot slot oordeelde de Nijmeegse politiek dat er geen reden was tot twijfel. De affaire interesseert me, maar niet om de vraag of er werkelijk een aquaduct is geweest. Voor zover we weten, was het er. Voor zover we weten, is de kritiek onterecht. Daarom is de scepsis zo boeiend. De Nijmeegse archeologen betalen namelijk voor fouten die niet zij hebben gemaakt.

2.

Eerst even een woord over de kritiek. De sceptici stellen dat er, alvorens te concluderen dat er een aquaduct is geweest, sprake moet zijn van concrete, positieve aanwijzingen. Zulk bewijs is echter niet te leveren: zoals gezegd is het bouwmateriaal te vergankelijk om op te graven. De onmogelijkheid iets vanuit direct bewijsmateriaal te reconstrueren geldt echter niet alleen voor het aquaduct, ze geldt voor alles uit de oude wereld. De oudheidkundige disciplines hebben nu eenmaal een smalle empirische basis.

Foto: Post-Atheïst

Post-atheïst | Zionistische archeologie

COLUMN - Het berichtje was even onopvallend als curieus: de grafkamer van de Joodse koning Herodes, waarvan Israëlische archeologen vijf jaar geleden met veel bombarie de ontdekking aankondigden, bleek bij nader inzien geen graf te zijn. Het gebeurt niet vaak dat men in Israël een archeologische vergissing erkent.

Er is daar namelijk iets vreemds aan de hand met de archeologie. Neem de huidige opgraving in Khirbet Qeiyafa, een heuvelfort uit de Vroege IJzertijd dat uitziet over de Vallei van Elah: de plaats waar David zou hebben gestreden met Goliath. Ik schrijf ‘zou hebben gestreden’, want de heldendaad wordt in de Bijbel ook toegeschreven aan een zekere Elhanan (2 Samuël 21.19). Aangezien men in de Oudheid de neiging had bijzondere daden toe te schrijven aan beroemde mensen, is het aannemelijker dat Elhanan dan David de eigenlijke held geweest. Dat weet elke oudheidkundige, dus ook de opgravers van Khirbet Qeiyafa.

Het onderzoek bracht een monumentalere nederzetting aan het licht dan was verwacht. Je kunt hier de mensen prachtig uitleggen hoe de archeologische puzzel werkt, maar dat is niet hoe de opgravers het presenteren: ze brengen het als een fort dat door koning David is gebouwd – hoewel dus onbewezen is dat hij hier ooit is geweest.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Foto: copyright ok. Gecheckt 15-11-2022

Archeologisch non-nieuws

De bestudering van de Oudheid is een zinvolle bezigheid. Oudheidkundigen maakten een eind aan de letterlijke uitleg van de Bijbel en legden zo de grondslag van de Verlichting. Darwins evolutietheorie is geïnspireerd door de wijze waarop classici oude teksten reconstrueren. De krankjorume racistische theorieën van het nationaal-socialisme hadden alles te maken met gemakzuchtige uitleg van antieke etnografische literatuur. Oudheidkundigen dragen bij aan de vorming van onze cultuur en samenleving. Hun vak is belangrijk.

Dat de media aandacht aan de oudheidkunde besteden, is daarom terecht. Het gaat echter zo vaak verkeerd dat ik daar elke week twee of drie keer over kan bloggen. Vandaag is het een Nu.nl-bericht over het oude Egypte en morgen is het weer iets anders.

“Na tien jaar onderzoek heeft de Amerikaanse archeologe Angela Micol mogelijk een opmerkelijke vondst gedaan. Micol denkt twee nieuwe piramides te hebben gevonden in Egypte.”


Dat klinkt aardig, maar wie verder leest ontdekt twee dingen, en je hoeft geen oudheidkundige vooropleiding te hebben om te weten dat het bericht over Micol, althans in deze vorm, niet juist kan zijn.

“Ze ontdekte de bouwwerken via Google Earth. Op twee verschillende locaties in Egypte zijn via het programma ongebruikelijk gevormde vierhoekige ‘bergen’ gevonden die er mogelijk op wijzen dat daar piramides liggen verscholen.”

Vorige Volgende