Bedreigingen en kansen van synthetische biologie
MEDEDELING - De synthetische biologie ontwikkelt zich in hoog tempo. Maar vooralsnog zitten alleen wetenschappers en bedrijfsleven achter het stuur. Tijd om mee te praten, zegt Rathenau-onderzoeker Virgil Rerimassie.
De mens wil al eeuwen controle hebben over de natuur en de ontdekking van het DNA in 1953 heeft daar een flink handje bij geholpen. Wetenschappers hebben de ‘softwarecode van het leven’ uitgelezen, geknipt, geplakt en gekopieerd.
Door de opkomst van de synthetische biologie (synbio), is biologie tegenwoordig een heuse ontwerpdiscipline. Synthetisch biologen weten de softwarecode van het leven op slimme manieren te gebruiken om ‘nieuwe’ organismen met handige eigenschappen te ontwerpen. Met deze organismen hopen zij te helpen bij het aanpakken van grote uitdagingen in de 21e eeuw, zoals klimaatverandering, energievoorziening en gezondheid. Zo hebben zij micro-organismen gemaakt die malariamedicijnen en biobrandstof kunnen produceren. Een synthetische darmbacterie zorgt voor ‘vliegende glazenwassers’, stadsduiven die biologische zeep verspreiden in plaats van duivenpoep.
Naast de kansen die synbio biedt, roept het ook lastige maatschappelijke en ethische vragen op. Daarnaast is het wetenschapsgebied niet zonder risico’s.
Zo kan synbio bijvoorbeeld een belangrijke bijdrage leveren aan de bio-economie. Maar dan moeten er wel speciale planten en micro-organismen worden ontwikkeld: duurzaamheid in ruil voor natuurlijkheid. Is het gepast om zo ingrijpend te sleutelen aan de natuur? Spelen we niet te veel voor Schepper? Hoeveel risico’s zijn de kansen ons waard?
