Steentijd-Indianen

Enkele Clovis-voorwerpen
Wetenschap schrijdt voort met stapjes. Vandaag lezen we over zo’n kleine stap: de ontdekking van een prehistorische nederzetting van zo’n 14.000 jaar oud bij Triquet in westelijk Canada. In Nederland wordt het, zonder veel context, gemeld door Nu.nl. De context is echter boeiend, al moeten we ervoor teruggaan naar de vijftiende eeuw.
Zoals bekend stak Columbus in de zomer van 1492 de Atlantische Oceaan over, op weg naar India. Hij ontdekte enkele eilanden en identificeerde de bewoners als Indiërs. Vijf jaar later constateerde Amerigo Vespucci dat deze eilanden niet behoorden bij India, maar een Nieuwe Wereld vormden, die de cartograaf Waldseemüller in 1507 naar Vespucci “Amerika” doopte. De ontdekking vormde een schok, groter en dieper dan wij ons kunnen voorstellen.
Alle antieke teksten veronderstelden namelijk het bestaan van drie werelddelen – Europa, Azië en Afrika – en de vijftiende-eeuwers wisten dat die waren bevolkt na de Babylonische Spraakverwarring: Genesis 10 bood een overzicht van alle volken. En daarin stonden de Indianen niet. Een nieuw werelddeel bewoond door onbekende mensen: dit was de genadeslag voor een wetenschap waarin men teruggreep op de autoriteit van antieke teksten. Het zou nog even duren voor de moderne wetenschap zou ontstaan, maar de oude wetenschap had dankzij Vespucci een dijk van een geloofwaardigheidsprobleem.
Zo opent Kleinherenbrink zijn boek Alles is een machine. Hij wil het over ‘dingen’ hebben in de meest brede zin van het woord. (Om ons daaraan te herinneren, keren dergelijke lijstjes regelmatig terug in het boek). Bouwend op het denkwerk van mensen als Michel Serres en Gilles Deleuze poneert hij dat elk ding (van een baksteen tot het christendom) een viervoudige structuur heeft.
Toch was Homo sapiens een bestseller. Eerst in Israël, daarna in het Westen. Het succes in Israël deed uitgevers elders gretig toehappen, en zorgde ervoor dat ze flink investeerden in reclame. Succes schept succes, kortom.
De negentiende-eeuwse visie, die in Nederland nog wordt aangehangen door de welbekende
Een mens, of nog nét een mens, aangetroffen in 1724 in de buurt van Hamelen. Peter kon niet spreken en liep op handen en voeten. Hij ving en verslond levende vogels. Peter sloeg zichzelf op de borst als een aap, gromde (en sliep) als een hond. Kortom, Peter was een wonder.