Nabeschouwing Zomergasten | Adriaan van Dis

RECENSIE – Zesde en laatste aflevering van Zomergasten. Waarin Adriaan van Dis ons wil doen geloven dat hij geobsedeerd is door menselijke ellende, maar zijn fragmenten en zijn voorkomen iets anders verraden. “Ik maak weer iets esthetisch van iets gruwelijks”, zei Adriaan van Dis toen hij vertelde over een Afrikaans jongetje zonder benen, wiens rompje zat vastgeschroefd op een plankje met wieltjes, en die zich met zijn armen voortbewoog als een zeeanemoon. Van Dis vertelde over zijn fascinatie voor mismaakte mensen. Hoe hij er zowel van gruwelt als door aangetrokken wordt. Jan Leyers citeerde Van Dis, ooit zelf presentator van Zomergasten. Dat je aan de keuze van de fragmenten de obsessies van de Zomergast kunt aflezen. Van Dis zelf zei aan het begin van de uitzending dat hij heel erg zijn best had gedaan om géén verhaal te vertellen met zijn fragmenten, maar dat hij, toen hij zijn keuzes overzag, moest toegeven dat dit mislukt was. Zijn fragmenten vertelden wel degelijk een verhaal (en verrieden een obsessie), en dat was oorlog. Maar volgens mij was dat zijn obsessie helemaal niet. 

Door: Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Zomergasten | Adriaan van Dis

VOORBESCHOUWING -Vanaf een uurtje of kwart over acht is Adriaan van Dis zo’n drie uur lang de laatste Zomergast van Jan Leyers. Ter gelegenheid daarvan alvast een korte terugblik op het seizoen en een vooruitblik op vanavond.

Vanavond is het alweer de laatste aflevering van Zomergasten van dit jaar. Op het eerste gezicht zou je het niet zo zeggen, maar het was een reeks met aardig wat legendarische momenten. Minstens drie van de zes afleveringen leverden unieke beelden op. Micha Wertheim die een wilde perzik at, de zwetende Jolande Withuis die haar migraine-aanval aankondigde met een wapperende waaier en Lidewij Edelkoort die ineens met zwarte stippen op haar gezicht in de studio zat. Allemaal jamais vu. Tel daar de ultieme saaiheid van Henny Vrienten en de ultieme als bevlogenheid verpakte ijdelheid van Ben Verwaayen bij op en je hebt met een unieke reeks te maken.

En hoe deed de gastheer het? Bijna perfect, durf ik hier te zeggen. Wellicht was hij te licht om een vrijemarktzeloot als Ben Verwaayen het vuur na aan de schenen te leggen, maar eigenlijk is  Zomergasten daar ook niet voor bedoeld. Het programma heet niet voor niets Zomergasten. Een gast moet zich op zijn gemak voelen. Dan heb je geen presentator nodig, en ook geen interviewer, maar een gastheer. Dat was Jan Leyers. Een vriendelijke, meelevende gastheer die het zijn gasten zo gemakkelijk mogelijk wilde maken. Alleen met Micha Wertheim lukte dat niet. Maar ja, dan heb je het ook over een beroepsneuroot die moet leven met de paradox dat hij zich oncomfortabel voelt als het comfortabel wordt.

Hoe de VS en Big Oil Irak proberen leeg te plunderen

De Irak-oorlog ging om het veiligstellen van olie. De vraag is of de Amerikanen daarin geslaagd zijn.

Op de Amerikaanse progressieve blogs verschijnt dezer dagen een bijzonder en wrang verhaal van Greg Muttitt, een Britse onderzoeker die de olie-industrie volgt. Bijna tien jaar lang zette hij zijn tanden in de mogelijke relatie tussen oliebelangen en de inval, sloop en wederopbouw van Irak. Zijn bevindingen, opgeschreven in Fuel on the Fire, zijn onthutsend.

Hoewel Bush toentertijd het oliemotief niet in het openbaar noemde, werden er volgens Muttitt in het Pentagon en in een aantal neoconservatieve denktanks bijzondere plannen gemaakt. De Iraakse olieindustrie moest niet overgenomen worden, maar gesloopt, compleet ontmanteld. Het idee was om chaos te creëren, waarna Big Oil ingevlogen moest worden om orde op zaken te stellen. Liefst Amerikaanse Big Oil uiteraard.

Dit motief klinkt bekend.

Het doet denken aan de shock doctrine, zoals Noami Klein dat verwoord heeft. De schock doctrine houdt in dat er een vooropgezet neoconservatief plan is om een crisis te veroorzaken, dan wel te verergeren, teneinde de situatie te gebruiken om een gedereguleerde bonanza te creëren waar (Amerikaanse) bedrijven de vruchten van kunnen plukken.

Meteen na de inval werd een Iraakse banneling in de VS tot minister van Olie benoemd, zonder dat hij enige kennis van zaken had. De zittende managers en tegensprekers werden uit het ministerie gewerkt. In plaats daarvan werd bijvoorbeeld een exploitant van een pizza keten binnengehaald.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Vorige Volgende