Met de trein naar Helsinki

De Baltische landen kiezen voor grensoverschrijdend railvervoer volgens Europese standaarden. Een nieuwe stap in het afscheid van Rusland. En een voorbeeld voor de rest van Europa. Estland, Letland en Litouwen hebben een overeenkomst gesloten voor Rail Baltica. Deze nieuwe spoorweg loopt van Warschau via Kaunas en Riga naar Tallinn en moet in 2025 gereed zijn. Het wordt een spoorweg volgens standaard Europese breedte.  Het eerste deel van de Pools-Litouwse grens tot Kaunas is al klaar. Daar rijden voorlopig nog dieseltreinen. Op termijn wordt het hele traject geëlektrificeerd. De spoorweg moet een bijdrage leveren aan de integratie van de Baltische staten. Rail Baltic geeft de drie voormalige Sovjet-republieken ook een betere aansluiting met hun Europese partners. De EU levert een belangrijke financiële bijdrage aan het project. De nieuwe, grensoverschrijdende treinverbinding doorbreekt het traag op gang komende Europese spoorwegbeleid. Nationale belangen remmen nog steeds de totstandkoming van een gemeenschappelijk Europees spoorwegnet. De trein raakt in de concurrentie met auto en vliegtuig steeds verder achterop. Landen willen ten op zichte van elkaar niets toegeven op het gebied van technische voorschriften, toezicht en veiligheid. Zelfs een gemeenschappelijk taalgebruik stuit op bezwaren. Maar aan de Oostzee hebben ze daar kennelijk geen boodschap aan. In Finland is deze week een haalbaarheidsstudie gestart voor de bouw van een spoorwegtunnel tussen Helsinki en Tallinn. De tunnel onder de Finse Golf moet 90 kilometer lang worden. De reis tussen de twee steden zou een half uur gaan duren. De boot doet er nu anderhalf tot twee uur over. Er is nu het hele jaar door al veel verkeer tussen de twee steden. Het onderzoek wordt gedragen door Finse locale autoriteiten die steun hebben gekregen van de EU. Als de tunnel gerealiseerd wordt zal die niet eerder dan in 2030 klaar zijn.

Foto: Dietmut Teijgeman-Hansen (cc)

Kunst op Zondag | Stationsplein

Voor en rond aardig wat Nederlandse treinstations bestaat de kunst vooral uit installaties zoals we op de foto boven dit artikel zien. In Rotterdam heeft men dat achter de rug, maar er mankeerde nog wat. Op het Rotterdamse stationsplein komen twee elkaar kussende wereldbollen. Kunst waarover de meningen verschillen. Wat voegt kunst toe aan een stationsplein?

Naar verluidt koos de commissie die op zoek moest naar een kunstwerk voor het Rotterdamse Centraal Station unaniem voor ‘Kissing Earth’, van de IJslandse kunstenaar Olafur Eliasson. Na de bekendmaking barstte natuurlijk de discussie los.

Het plein kan beter leeg blijven, het station is al kunst genoeg, meent de één. Zonde, eerst op kunst bezuinigingen en dan voor 1 miljoen een buitenlandse kunstenaar inhuren, kritiseert een ander. Prachtig, internationale allure die bij een wereldstad als Rotterdam past, juicht een derde.

In de media is een schetsontwerp van de wereldbollen te zien. De kunstenaar mag er nu over gaan nadenken hoe de wereldbollen er in 2015 in het echt bij zullen liggen. Ik ben benieuwd welke werelddelen elkaar de uiteindelijke kus zullen geven.

Het brengt ons vandaag op stationspleinenkunst.

Dat Olafur Eliasson twee wereldbollen laat kussen op een stationsplein is niet vreemd. Er wordt wat afgelebberd rond en op stations. Het is dé plek waar afscheid en welkom met een smakkerd worden bestendigd. In het St. Pancras Station in London zijn vijf kunstwerken te zien, waaronder The Meeting Place van Paul Day.
cc Flickr Jim Linwood The Meeting Place Statue, St Pancras Station, London

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Kunst op Zondag | Station

ProRail en de NS liggen regelmatig onder vuur als er een trein te laat is of een wissel niet werkt. Maar over het station hoor je amper geweeklaag. Eendrachtig steken de spoorbedrijven, Rijks- en lokale overheden miljoenen euro’s steken in megalomane ‘spoorzones’.

Het  treinstation is niet langer een punt van aankomst en vertrek. Dat is op zich al dynamiek genoeg, zo schilderde Umberto Boccioni het in 1911.
cc Wikimedia Commons States of Mind The Farewells by Umberto Boccioni 1911

Het station en de hele wijde omgeving moet een dynamische spoorzone worden, waar reizen slechts een vluchtig onderdeel zal zijn van wonen, werken, winkelen en uitgaan. Dat wordt de komende dertig jaar afzien voor reizigers en omwonenden. In gigantische bouwputten veranderen continu de routes naar de perrons en liggen omwonenden wakker van de bouwactiviteiten.

De ellende wordt niet gecompenseerd met een gratis treinkaartje, maar de boel wordt af en toe ‘opgeleukt’. En u raadt het al: daar komt soms kunst bij te pas.

Zo was er in 2011 een alleraardigst project in Arnhem. Perron026, was “een plek niet alleen kan reizen, maar tevens kan beleven, verpozen, dwalen, ontmoeten en ervaren”. Leegstaande winkelruimtes werden tijdelijk beschikbaar gesteld aan beeldend kunstenaars, product designers, grafisch vormgevers en studenten van Fine Art Arnhem van ArtEZ.

Foto: Eric Heupel (cc)

Detailpolitiek (17): Wissels

Hoe komt het toch dat veel Kamerleden onzinvragen stellen aan ministers en onderwerpen nauwelijks uitzoeken voordat ze hun Kamervragen indienen? De verklaring is eenvoudig: denk- en leeswerk van Kamerleden wordt door kiezers niet beloond. Een voorbeeld kan dat verduidelijken.

Het is nog maar vijf maanden geleden dat er grote problemen waren bij Prorail, de organisatie die verantwoordelijk is voor het onderhoud van het spoor. In de winter van 2009-2010 waren er veel problemen op het spoor, en dus beloofde Prorail samen met de NS het spoor ‘winterklaar’ te maken. Het ging in december 2010 alweer mis. Kamerleden eisten het vertrek van de directie, en dus kwam directeur Klerk in Buitenhof uitleggen dat Prorail aan oplossingen werkte.

De belangrijkste oplossing was: het reduceren van het aantal wissels. Klerk wist te vertellen dat bij een Japans spooremplacement het aantal wissels vele malen kleiner is dan in Nederland. Dat is een probleem, want wissels zorgen voor storingen en in de winter vriezen ze vast. Dus wilde Klerk zoveel mogelijk wissels weghalen. In het buitenland was immers gebleken dat dat goed mogelijk was. Weg winterproblemen.

Wissels saneren
Enkele maanden later is het zover. Prorail heeft een rapport geschreven met de veelzeggende titel ‘wissels saneren’. Arie Slob stelde er Kamervragen over. Een kleine bloemlezing: waarom maakt Prorail geen analyse van de gevolgen van de wisselsanering voor de transfercapaciteit op stations, het extra overstappen voor reizigers en verstoringen? Wordt dit plan getoetst op toekomstige dienstregelingen? Waarom wordt niet gekeken naar lagere onderhoudskosten voor wissels in plaats van het schrappen van wissels? En de mooiste:

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.