Schuif parlementaire vernieuwing niet op de lange baan
OPINIE - Het Comité Geen Peil haalde onlangs meer dan 427.939 handtekeningen op voor een nationaal referendum over een verdrag tussen de EU en Oekraïne. Heel Nederland was verrast. Zo’n hoeveelheid – twee pallets met 140 dozen A4’tjes – had niemand zien aankomen.
Pikant detail: het comité haalde anderhalf keer meer handtekeningen op dan het totale aantal Nederlanders dat lid is van een politieke partij. Dit onderstreept de conclusies van allerlei rapporten, kranten en peilingen: veel burgers zijn ontevreden over de manier waarop politieke besluiten worden genomen. Ze nemen geen genoegen meer met de vierjaarlijkse gang naar de stembus. Ze willen meer directe invloed op politiek en beleid.
Gisteren zou de Eerste Kamer debatteren over de invoering van een Staatscommissie Bezinning parlementair stelsel. Maar VVD senator en belangrijkste pleitbezorger voor die commissie, Loek Hermans, moest aftreden. Dezelfde avond besloot de voorzitter van de Eerste Kamer om het debat van de agenda te halen. Maar een staatscommissie die onderzoekt hoe het Nederlandse parlementaire stelsel toekomstbestendig te maken, blijft actueel en urgent. De echte vraag daarbij is hoe burgers beter kunnen worden betrokken bij politieke besluitvorming. Laat van uitstel geen afstel komen, is onze boodschap.
Al dan niet gedwongen door bezuinigingen, maken Nederlandse gemeenten inmiddels volop gebruik van de ideeën, de denk- en de daadkracht van burgers. Gemeenten intensiveren burgerparticipatie met hulp van open dataportalen of netwerkbesluitvorming. Ze organiseren G1000-bijeenkomsten, laten het beheer of de controle van dorps- en wijkbudgetten aan burgers over, en faciliteren allerlei burgerinitiatieven.