Knip het klimaatprobleem op in deelproblemen

‘Het zeldzame geval waarin gemeenschappelijke belangen je laten rekenen op de coöperatie van je medemens.’Zo definieerde Jean-Jacques Rousseau een paar eeuwen geleden het begrip ‘collectieve actie’. Vandaag de dag heeft die uitspraak niets aan kracht verloren. Het blijkt erg moeilijk om in grote groepen samen te werken, zeker als de gemeenschappelijke belangen niet helder zijn. Dat is zeker het geval bij het probleem van klimaatverandering. Prof. dr. Rosemary Rayfuse, hoogleraar Internationaal Recht aan de University of New South Wales en hoogleraar Internationaal Milieurecht aan Lund University, laat zien dat collectieve actie mogelijk is als we het klimaatvraagstuk opdelen in deelproblemen die met een kleiner aantal partijen aangepakt kunnen worden, bijvoorbeeld met het mensenrechteninstrumentarium. Klimaatverandering biedt kansen om het rechtssysteem aan te scherpen en opnieuw te definiëren wat belangrijk is. 

Klimaatverandering is vooral een politiek probleem

1,2 miljard mensen zijn voor water afhankelijk van de bergen van het Hindu-Kush gebergte. Door sneeuw in de winter, die smelt in de lente en de zomer zijn de bewoners van dat gebied het hele jaar door verzekerd van een constante toevoer van water. De opwarming van het aarde verandert dat ingrijpend. Sneeuwval zal plaatsmaken voor regenval en waar er in eerste instantie een overschot aan water ontstaat door het smelten van gletsjers, zal op lange termijn een tekort aan water zijn, omdat de gletsjer verdwijnt. Volgens prof. dr. Lennart Olsson, hoogleraar Fysische Geografie aan de Universiteit van Lund en oprichter-directeur van het Lund University Centre for Sustainability Studies (LUCSUS), is dit slechts een van de voorbeelden van de gevolgen van klimaatverandering op het leven op aarde.

In de wetenschappelijke wereld is er brede consensus over de aard en betekenis van het woord ‘klimaatverandering’. Die consensus berust op drie pijlers: het klimaat verandert op dit moment op een fundamentele manier die niet door natuurlijke variatie te verklaren valt; broeikasgassen zijn verantwoordelijk voor klimaatverandering; en de enorme toename in broeikasgassen wordt veroorzaakt door fossiele brandstoffen en boomkap. Wetenschappelijke rapporten leiden keer op keer tot de conclusie dat de mens een aanzienlijke bijdrage levert aan de opwarming van de aarde. Hoe kan het dan toch dat er maatschappelijk gezien nog zoveel scepsis is rondom klimaatverandering en het menselijk aandeel daarin?

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

‘Het Westen mag meer uitstoten’

Kopenhagen 2009. De klimaatconferentie lijkt  op een mislukking uit te lopen, wanneer het gastland van de conferentie met een ‘Friends of the chair’ akkoord op de proppen komt. Zo’n type akkoord is een middel binnen de VN om impasses te kunnen doorbreken: een klein groepje experts probeert de problemen te tackelen die in de vergadering maar niet opgelost kunnen worden. Het akkoord had geen bindende geldigheid en behelsde dat landen voor zichzelf emissiereductie doelen moesten stellen en dat de aarde niet meer dan twee graden zou mogen opwarmen de komende eeuw. Zowel de manier waarop dit akkoord tot stand kwam als de inhoud ervan stuitte op weerstand van verscheidene ontwikkelingslanden. Prof. dr. Luc Bovens, hoofd van het departement Filosofie, Logica en Methode van de London School of Economics, stelt de vraag welke verantwoordelijkheden het Westen heeft tegenover ontwikkelingslanden in dit soort aangelegenheden.

Locke en het ‘enough-and-as-good’ principle

Er zijn drie verschillende modellen voor het delen van de verantwoordelijkheid inzake het klimaatvraagstuk. Je zou kunnen pleiten voor een evenredige emissie per hoofd van de bevolking per land, hogere quota voor ontwikkelingslanden of hogere quota voor ontwikkelde economieën binnen een bepaald tijdsframe. De eerste twee modellen staan bijna altijd centraal bij klimaatconferenties, maar volgens Bovens moeten we het derde model niet zomaar aan de kant schuiven. Hierbij haalt hij de Engelse filosoof Locke aan, die een theorie over het recht op landbezit propageerde die een interessant perspectief kan bieden op de verantwoordelijkheid voor het oplossen van klimaatvraagstukken. Lockes’ theorie komt op het volgende neer: er is een stuk land dat ongeroerd is. Vervolgens besluit er iemand dat stuk land te gaan gebruiken. Hij exploiteert het naar behoren en zodoende wordt er toegevoegde waarde gecreëerd. Hierbij moet van twee verschillende principes uitgegaan worden: het ‘enough-and-as-good’ en het ‘no waste’ principe. Het eerste principe behelst dat het land alleen geëxploiteerd mag worden door iemand als hij er toegevoegde waarde mee creëert, terwijl het tweede principe duidelijk maakt dat je niet meer land moet exploiteren dan binnen je capaciteiten ligt. Nu is het volgens Locke zo dat de één een groot stuk land zal exploiteren, de ander een klein en een derde geen, aangezien deze er bijvoorbeeld voor zal kiezen zijn diensten aan te bieden aan één van de landeigenaren. Na verloop van tijd zal het exploiteren van meer en meer land niet meer voldoen aan het ‘enough-and-as-good’ principe en zal het niet toegestaan worden om nog meer land te exploiteren. Landeigenaren kunnen op dat moment echter wel een gerechtvaardigde claim maken op het land dat ze al bezaten. Zo zou je ook naar de uitstoot van broeikasgassen kunnen kijken; als iedereen minder moet uitstoten, is het niet zo dat de grootste uitstoters het belangrijkste deel daarvan voor hun rekening moeten nemen. Evenredig met het aandeel dat de verschillende landen in de CO2-uitstoot hebben zullen ze hun uitstoot moeten verminderen.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Klimaatverandering laat niet op zich wachten

Willen we de temperatuurstijging deze eeuw niet verder op laten lopen dan de afgesproken twee graden Celsius, dan zullen er de komende jaren internationaal harde afspraken moeten worden gemaakt. Dr. James Garvey, redacteur van The Philosophers’ Magazine en verbonden aan The Royal Institute of Philosophy, maakt duidelijk dat de urgentie van het aanpakken van klimaatvraagstukken groot is, aangezien die onlosmakelijk verbonden zijn met de leefbaarheid van onze planeet. In het uiterste geval moet hierbij misschien zelfs voorbij gegaan worden aan democratische mechanismen, omdat het voor het klimaat echt nu of nooit is.

Eén veelgehoord argument in het klimaatdebat is dat de ontwikkelde landen verantwoordelijk zijn voor de oplossing van het klimaatproblemen, aangezien zij de grootste veroorzakers zijn van de CO2-uitstoot en de opwarming van 0,7 graad die nu al een feit is. Deze historische verantwoordelijkheid vormt ook de basis voor het huidige Kyoto-protocol. Volgens Garvey wordt dit causale argument nu gecompliceerd doordat landen als China en India binnen enkele jaren minstens evenveel bijdragen aan de uitstoot van broeikasgassen als Westerse landen. China stoot nu al meer uit dan de VS en de prognoses laten zien dat China in 2052 zelfs per capita meer zal bijdragen aan de uitstoot dan de Verenigde Staten.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Klimaatverandering aanpakken via het recht

Het eilandstaatje Palau heeft recentelijk juridisch advies ingewonnen voor een mogelijke rechtszaak tegen landen die verantwoordelijk zijn voor de hoge CO2-uitstoot. Het eiland dreigt namelijk kopje onder te gaan door de stijging van de zeespiegel, die een direct gevolg is van de opwarming van de aarde. Volgens de Paulaniers zijn zij het slachtoffer van de nalatigheid van andere landen om de klimaatverandering aan te pakken. Dr. Harm Dotinga, docent in het internationaal publieksrecht aan de Universiteit Utrecht en senior onderzoeker bij het NILOS, legt uit dat het vanuit juridisch oogpunt niet makkelijk is helderheid te verschaffen in dergelijke kwesties. Wie of wat moet er voor de rechter gedaagd worden? Kun je de nadelige gevolgen van klimaatverandering voor het ene land wel direct koppelen aan de hoge CO2-uitstoot in een ander land? Ondanks deze vragen meent Dotinga toch dat internationaal strafrecht een manier kan zijn om klimaatverandering aan te pakken.

Zachte verplichtingen versus harde eisen
Met de vorming van het UNFCCC in 1992 ontstaat er een raamwerk waarbinnen voor het eerst internationale afspraken op het gebied van klimaatverandering van kracht worden. De belangrijkste doelstelling voor de participerende landen was het maken van afspraken om de uitstoot van broeikasgassen tegen te gaan. Deze afspraken waren echter ‘zacht’; landen waren zelf verantwoordelijk voor de uitvoering van de plannen en er werden geen concrete doelstellingen geformuleerd. Met het Kyoto-verdrag uit 1997 kwam daar verandering in. De landen die dat verdrag ondertekenden verplichtten zichzelf en elkaar om de totale emissie van broeikasgassen tussen 2008 en 2012 met ten minste 5 procent te verminderen ten opzichte van 1990. Daarnaast werd van de ontwikkelde landen verwacht dat zij een voortrekkersrol zouden spelen bij het bestrijden van de klimaatverandering, aangezien zij daar grotendeels verantwoordelijk voor zijn.

Klimaattop in Durban

Vandaag gaat de klimaattop in het Zuid-Afrikaanse Durban van start. Drs. Theresa Fogelberg vertrok vorige week al om ondersteuning te bieden bij de voorbereidingen van de zeventiende bijeenkomst van de Klimaatconventie van de Verenigde Naties. De grote vraag is of er een akkoord gaat komen of dat deze week op teleurstellingen zal uitlopen. De avond voor haar vertrek trad Fogelberg op in de reeks Rights to a green future. Zij sprak haar zorgen uit over het aflopen van het Kyoto-protocol, dat nu de CO2-uitstoot aan banden legt. Zal toekomstige wetgeving wel krachtig genoeg zijn met betrekking tot de huidige klimaatproblematiek? De resultaten van de top zullen hier grotendeels op beoordeeld worden. Kijk hier de lezing van Fogelberg terug en lees hier het nieuwsblog.

Vorige Volgende