De torpedo die voor Iran bedoeld was, maar India trof

Het laten zinken van een Iraans fregat in internationale wateren klinkt op het eerste gezicht bijna vanzelfsprekend. Iran toont zelf geregeld weinig terughoudendheid wanneer het schepen of doelen aanvalt. In een oorlogssituatie hoort dat soort geweld 'er gewoon bij', denk je dan. Dat verklaart vermoedelijk waarom het incident in veel westerse media nauwelijks inhoudelijke aandacht kreeg, behalve dan dat het het eerste schip was dat door een Amerikaanse torpedo zonk sinds de Tweede Wereldoorlog. Een Iraans oorlogsschip dat door een Amerikaanse onderzeeër tot zinken wordt gebracht past in het vertrouwde script van deze oorlog: vijandelijk schip, Amerikaanse torpedo, boeien. De Amerikaanse minister van Defensie Pete Hegseth hielp dat beeld graag versterken. Hij kondigde het zinken van het schip met zichtbare trots en waarschijnlijk iets vergrote piemel aan en benadrukte dat een Amerikaanse onderzeeër voor het eerst sinds lange tijd weer een oppervlakteschip had gekelderd. De boodschap was helder: een demonstratie van militaire kracht. Alleen, het fregat was daar niet toevallig, het bevond zich in de regio op uitnodiging van de Indiase regering voor een ceremoniële maritieme oefening. Aan die bijeenkomst namen marines uit uiteenlopende landen deel, waaronder oorspronkelijk ook de Verenigde Staten, dat zich later terugtrok. Het doel van deze oefeningen lagen juist in diplomatiek vertoon en het bouwen van vertrouwen tussen rivaliserende staten. Daar hoorde een duidelijke afspraak bij: deelnemende schepen verschijnen ongewapend. Wanneer onder die omstandigheden een schip alsnog tot zinken wordt gebracht verandert een ceremonieel evenement plotseling in een geopolitiek incident, met gevolgen die veel verder reiken dan het militaire 'succesverhaal': het ondergraaft de rol van het land dat de bijeenkomst organiseerde. En daarmee komen we bij het eigenlijke probleem van dit incident. Stoerdoenerij vanuit Washington Alsof het diplomatieke probleem nog niet groot genoeg was, besloot Pete Hegseth, het incident ook nog eens publiekelijk te verkopen als een succesverhaal, en het daarmee in te wrijven bij India. Die retoriek krijgt een wrange lading nu duidelijk is wat er precies tot zinken werd gebracht. Geen zwaar bewapend oorlogsschip in een gevechtssituatie, maar een fregat dat zich in de regio bevond voor een ceremonieel programma en dat volgens de afspraken ongewapend was. De triomfantelijke aankondiging verandert daarmee van machtsvertoon in iets anders: het publiek vieren van het vernietigen van een weerloos schip dat juist in een diplomatieke context aanwezig was. Voor bondgenoten die bij de oefening betrokken waren, werkt zo’n publieke overwinningstoespraak vooral als een extra vernedering. Het maakt duidelijk dat de bredere diplomatieke consequenties nauwelijks een rol spelen in de manier waarop Washington besloot tot actie over te gaan en het incident presenteert. India’s diplomatieke rol ondermijnd India probeert al jaren een positie te ontwikkelen als zelfstandige grootmacht die relaties onderhoudt met verschillende blokken tegelijk. De Indiase marine-oefeningen waar landen uit uiteenlopende kampen aan deelnemen passen precies in die strategie. Het land presenteert zich graag als een platform waar rivaliserende staten elkaar in een gecontroleerde setting kunnen ontmoeten. Wanneer een van die genodigde landen vervolgens militair wordt aangevallen door een van de andere deelnemers, terwijl het daar juist op uitnodiging aanwezig is, krijgt die rol een flinke klap. De boodschap die hiermee impliciet wordt afgegeven is simpel: een Indiase uitnodiging biedt geen enkele garantie voor veiligheid. De organisator van de oefening staat er bij en kijkt ernaar. Voor New Delhi is dat een diplomatiek probleem van formaat. India wil laten zien dat het een autonome speler is. De realiteit oogt eerder als een situatie waarin een bondgenoot zonder veel aarzeling de spelregels van een door India georganiseerde bijeenkomst negeert. Bondgenoten opnieuw in het hemd Het past in een patroon dat de laatste tijd steeds duidelijker wordt. Amerikaanse besluiten worden genomen zonder rekening te houden met de (diplomatieke) positie van partners. Die bondgenoten moeten vervolgens de politieke schade beperken. Dat mechanisme is inmiddels ook bekend in Europa, waar regeringen opeens geconfronteerd worden met het feit dat Amerika de term 'bondgenoot' aan het herdefiniëren is tot iets inhoudsloos. In dit geval treft het India. Het gevolg is dat een zorgvuldig georkestreerde maritieme bijeenkomst eigenlijk verandert in een internationaal incident, omdat een van de aanwezige partijen besloot dat de regels ter plekke optioneel waren. De prijs van symbolische dominantie Militair gezien verandert het zinken van één fregat weinig aan de strategische verhoudingen. Iran beschikt over meer schepen en meer manieren om druk uit te oefenen. Diplomatiek is de schade groter. India wordt publiekelijk vernederd en ondermijnd in een rol die het juist probeert op te bouwen. Iran krijgt een nieuw voorbeeld om - terecht - te wijzen op westerse onbetrouwbaarheid. En andere landen die aan dergelijke oefeningen deelnemen zullen zich afvragen hoeveel waarde de afgesproken voorwaarden werkelijk hebben. Het resultaat is een klassiek geval van symbolische dominantie: een demonstratie van militaire macht die vooral bondgenoten opzadelt met de diplomatieke rekening, en uiteindelijk ook de positie van de VS aantast.

Foto: aref sarkhosh on Unsplash

Koerden ingezet voor meer chaos in het Midden-Oosten

In de VS is de steun voor de oorlog in het Midden-Oosten van meet af aan beperkt geweest. Uit een peiling van de Washington Post van 1 maart bleek dat 52% van de Amerikanen tegen de luchtaanvallen op Iran was die president Donald Trump dat weekend had bevolen, terwijl 39% ze steunde en 9% het niet wist. Trump zou aan alle oorlogen een einde maken beweerde hij bij zijn aantreden. Maar zoals veel van zijn voorgangers zal ook hij de geschiedenis in gaan als president die een oorlog begon. Met één verschil: geen ‘boots on the ground‘. Vorige week werd duidelijk dat er op voorhand al aan andere oplossingen is gewerkt. De CIA was al maanden bezig om Koerdische strijders te bewapenen en klaar te stomen voor een grondoffensief in het westen van Iran. De Amerikaanse geheime dienst hoopt hiermee Iraanse veiligheidstroepen verder onder druk te zetten en ongewapende burgers in Iraanse steden meer kans te geven om in opstand te komen tegen het bewind.

Israëlische bombardementen op militaire instellingen in het westen van Iran, waar een groot deel van de Iraans-Koerdisch minderheidsgroep woont, zouden de weg vrij moeten maken voor Koerdische strijders. Het is een door Israël ook in Libanon en Syrië toegepaste strategie: chaos scheppen via het uit elkaar drijven van etnische en religieuze groepen. Als waarschuwing voor de aangekondigde infiltratie bombardeerde Iran het hoofdkwartier van Koerdische strijdkrachten in de autonome regio Koerdistan in Irak. Het is onduidelijk of de Koerden intussen daadwerkelijk operaties uitvoeren in Iran. Dat zij in staat zullen zijn het regime omver te werpen gelooft niemand. Het lijkt er op dat de Koerdische strijders hoogstens kunnen dienen als ‘Amerikaans kanonnenvlees’. Het zal leiden tot een verlenging van de oorlog. Meer bloed en chaos in de regio zonder dat een oplossing dichterbij komt, noch voor de onderdrukte Iraanse bevolking, noch voor de nucleaire dreiging van de ayatollahs. En al helemaal niet voor de Koerden zelf die bij een gegarandeerde mislukking van acties op Iraans grondgebied geconfronteerd zullen worden met een keiharde tegenreactie van het Iraanse regime tegen de Koerdische bevolking.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Aanval Iran gestart

De langverwachte aanval op Iran is gestart. Het doel lijkt het omverwerpen van het regime, al blijft het Trump, dus strategische consistentie is vaak ver te zoeken. Ook het nucleaire programma is een doel, hoewel het de vraag is in hoeverre dat echt bestaat. In ieder geval kan Trump straks claimen dat hij opnieuw een oorlog heeft ‘beëindigd’, nadat hij die zelf heeft aangezwengeld.

Het idee dat een externe militaire ingreep in een land leidt tot een stabiele transitie blijft hardnekkig. De recente geschiedenis geeft weinig aanleiding voor optimisme. Irak en Libië laten vooral zien hoe snel staten kunnen desintegreren zodra het centrum wegvalt.

Foto: "Trump Maga Rally in Charlotte, North Carolina" by The Epoch Times is licensed under CC BY-NC 2.0

MAGA en de aanval op Iran: even wachten op de uitleg

Peilingen laten een opvallend beeld zien. Een aanzienlijk deel van de Amerikanen wijst de Amerikaanse aanval op Iran af. Volgens recente peilingen keurt een meerderheid van de Amerikanen in het algemeen de aanvallen af en zelfs binnen de Republikeinse achterban bestaan twijfels over een nieuwe oorlog in het Midden-Oosten.

Dat lijkt op het eerste gezicht opmerkelijk. Donald Trump heeft zijn politieke beweging jarenlang gebouwd op een bijna reflexmatige loyaliteit. De MAGA-achterban volgde hem door verkiezingsnederlagen, rechtszaken, staatsgreep-retoriek en een inmiddels indrukwekkende lijst aan alternatieve werkelijkheden.

En nu plotseling twijfel over een militaire aanval.

De verklaring ligt vermoedelijk een stuk eenvoudiger dan je op het eerste gezicht zou denken. De achterban heeft simpelweg nog geen bruikbaar verhaal gekregen.

Trump presenteerde zich jarenlang als de president die eindeloze oorlogen zou beëindigen. “America First” betekende volgens de marketingfolder dat Amerikaanse soldaten niet langer in het Midden-Oosten zouden sneuvelen voor vage geopolitieke strategieën. Een aanval op Iran past slecht in dat verhaal. De cognitieve puzzel ligt dus nog even op tafel.

Dat probleem lost zich doorgaans vanzelf op. Zodra de propagandamachine op gang komt, verschijnt er vrijwel altijd een nieuwe uitleg van de kansel waarmee de realiteit alsnog netjes in het bestaande wereldbeeld past. Misschien ging het om zelfverdediging. Misschien om het redden van Israël. Misschien om het bevrijden van het Iraanse volk. Of, klassiek Trumpiaans, een combinatie van alle drie én de olie.

Foto: Javier Miranda on Unsplash

De VS, kernwapens en armageddon

Decennialang gold in geopolitieke discussies een vrij simpele intuïtie. Een streng religieus regime met kernwapens vormt een risico. Het argument verscheen steeds weer in analyses over Iran. Een theocratie die zichzelf ziet als uitvoerder van een goddelijke opdracht, gecombineerd met nucleaire ambities, roept begrijpelijke nervositeit op.

De blik richtte zich daarbij vrijwel altijd op Teheran. Washington bleef meestal buiten beeld. Toch schuift daar iets. Volgens meldingen van Amerikaanse militairen hebben commandanten de recente spanningen rond Iran beschreven in religieuze termen. De oorlog zou passen binnen “Gods plan” en verwijzingen naar Bijbelse profetieën en Armageddon doken op in briefings en toespraken.

Een incident op zichzelf vormt gelukkig nog geen trend, maar de bredere context maakt dit verhaal wel relevant.

De theologie van de eindtijd
Binnen delen van het Amerikaanse evangelisme leeft namelijk een specifieke interpretatie van de Bijbel. In dat wereldbeeld speelt Israël een centrale rol in de eindtijd. De stichting van de staat Israël markeert volgens deze lezing het begin van een profetische keten die uiteindelijk leidt tot een apocalyptische oorlog in het Midden‑Oosten en daarna de wederkomst van Christus.

Deze interpretatie, vaak dispensationalisme genoemd, vormt al decennia een belangrijk element binnen evangelische politiek in de Verenigde Staten. Grote megakerken, lobbyorganisaties en mediakanalen bouwen hun politieke agenda gedeeltelijk rond dat idee.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Closing Time | Kronos Quartet – Oh Mother, The Handsome Man Tortures Me

Het vermaarde Kronos Quartet speelt hier een traditioneel Irakees liedje: ‘O moeder, die knapperd martelt me’. Gearrangeerd inn samenwerking met Lev Zhurbin (a.k.a. Ljove).

Er bestaat een anekdote dat het Kronos Quartet het lied op 22 oktober 2006 speelde tijdens een concert op de George Washington Universiteit als protest tegen de oorlog in Irak (in 2003 door de VS en UK onder valse voorwendselen begonnen):

En toen het Kronos Quartet de vorige avond optrad aan de George Washington University, introduceerde de eerste violist een Iraaks volkslied met een bondige veroordeling van het Amerikaanse beleid (bron).

Foto: Mehrshad Rajabi on Unsplash

Escalatie, volgens wie?

Iran escaleert. Dat is momenteel geloof ik de favoriete diagnose van westerse regeringen en de Golfstaten. Diplomaten spreken over roekeloosheid en destabilisatie nu Iran raketten afvuurt op landen in de regio waar Amerikaanse bases staan. Dat oordeel krijgt een merkwaardige kleur zodra men het begin van het huidige conflict bekijkt. De eerste aanvallen kwamen immers van de Verenigde Staten en Israël, die Iraanse doelen bombardeerden. Pas daarna volgden Iraanse raketten.

De meeste daarvan richten zich op Amerikaanse militaire infrastructuur in de regio. Alleen staat die infrastructuur niet op Amerikaans grondgebied, en lang niet altijd ver uit de buurt van burgers. De bases liggen in Qatar, Bahrein, Koeweit en de Verenigde Arabische Emiraten. Staten die zich nu geschokt tonen dat hun grondgebied doelwit wordt. Dat roept een eenvoudige vraag op. Wat verwacht men daar precies wanneer een oorlog wordt gestart tegen een land dat wordt omringd door Amerikaanse bases die op jouw grondgebied staan? Dat dat geen consequenties heeft?

Westerse commentatoren wijzen ondertussen graag op burgerdoden door Iraanse raketten. Dat verwijt klinkt principieel, totdat men naar de onderliggende asymmetrie kijkt. Iran beschikt over aanzienlijk minder geavanceerde precisiewapens dan de landen die het aanvallen. De technologie voor nauwkeurige raketten en geavanceerde targeting behoort juist tot de technologie die Iran jarenlang via sancties en exportrestricties is ontzegd.

Foto: Raving Iran - screen capture uit de film

Raving Iran: Openhartig onder druk

De documentaire Raving Iran toont een paradox die wringt en blijft hangen. Een regime dat cultuur probeert te reguleren tot op het bot, en een generatie die zich daar nauwelijks nog door laat intimideren. Wat opvalt is niet alleen de ondergrondse techno, de geheime feesten in de woestijn of de constante dreiging van arrestatie. Het is de openhartigheid. Bijna iedereen spreekt vrijuit over de overheid, en zelfs tegenover ambtenaren valt een opmerkelijke directheid op.

Die openheid lijkt op het eerste gezicht roekeloos. Twee dj’s, Anoosh Rakizade en Arash Shadram, die zonder omwegen uitleggen dat hun werk feitelijk verboden is, die hun frustratie over censuur uitspreken tegenover functionarissen die hen kunnen dwarsbomen, of erger. Toch voelt het geen moment als bravoure. Eerder als vermoeidheid. Alsof de energie om nog toneel te spelen simpelweg op is.

De documentaire is inmiddels bijna tien jaar oud, en dat gegeven schuift de film in een ander licht. Wat toen nog voelde als een ondergrondse spanning, blijkt onderdeel van een bredere ontwikkeling. De openhartigheid die in de film doorsijpelt, was geen uitzondering. Het was een voorbode.

De recente en steeds groter wordende protesten in Iran maken dat pijnlijk zichtbaar. Wat in Raving Iran nog kleinschalig en impliciet is, is inmiddels uitgegroeid tot openlijke, massale confrontatie. Vrouwen die hun hoofddoek afwerpen, jongeren die de straat op gaan, slogans die direct de kern van het regime raken. De terughoudendheid is verdwenen. De onderstroom is bovengronds gekomen en wordt daar door het regime hard weer naar teruggeslagen. Deze documentaire laat zien dat dat tevergeefs is.

Closing Time | Bastards

Het technolabel Sanati uit Teheran bracht in november het compilatie-album Women, Life, Freedom uit. Iraanse DJ Badador opent het album met het nummer ‘Haromzadeha (Bastards)’.

Closing Time | For Woman, Life, Liberty (Baraye)

Vanavond is de wedstrijd tussen Iran en de VS; dit keer zongen de Iraanse voetballers wél het volkslied mee – ze hadden te horen gekregen dat hun familie geweld en marteling te wachten stond als zij een statement zouden maken. Zelden is het zien zingen zo pijnlijk. In dat verband: Iraanse muzikant Shervin Hajipour schreef en zong bij het begin van de protesten het nummer ‘Baraye’ dat het lijflied werd van de protesten. Hij werd vrijwel direct opgepakt door het regime. De tekst van ‘Baraye’ bestaat uit online berichten van Iraniërs over waarom ze protesteren. Elke zin begint met het woord Baraye – wat betekent “voor…” of “vanwege…” in het Farsi. “Voor dansen op straat”, “voor het kussen van dierbaren” en “voor vrouwen, leven, vrijheid”. De Iraans-Amerikaanse artieste Rana Mansour vertaalde het nummer naar het Engels. En het maakt niet uit of Iran vanavond wint – ze hebben het WK sowieso al gewonnen.

Foto: Roel Wijnants (cc)

Israël is klaar om Iran aan te vallen

Volgens berichten van de New York Times staat Israël op het punt om een oorlog te beginnen tegen Iran. Bezorgdheid over een aanval en de kans op vergeldingsmaatregelen leidden ertoe dat de Verenigde Staten diplomaten uit Irak terugtrokken en het vrijwillige vertrek van familieleden van Amerikaanse militairen uit het Midden-Oosten goedkeurden. Deze stap zou volgens de krant de situatie in het Midden-Oosten verder kunnen verhitten en de pogingen van de regering-Trump om een ​​deal te sluiten over het Iraanse kernenergieprogramma, kunnen dwarsbomen of vertragen. “We kijken toe en maken ons zorgen”, vertelde een hoge diplomaat in de regio. “We denken dat het ernstiger is dan ooit tevoren.”

Trump heeft het bereiken van een deal afgelopen week moeilijker gemaakt door de afkondiging van nieuwe sancties tegen bedrijven en personen in Iran. Esmail Baghaei, woordvoerder van het Iraanse ministerie van Buitenlandse Zaken, beschreef de sancties als een flagrante schending van het internationaal recht en een nieuwe poging om Iraniërs hun fundamentele rechten te ontzeggen en hun problemen te vergroten. Een van de getroffen organisaties is de National Iranian Tanker Company. NITC is gesanctioneerd vanwege zijn betrokkenheid bij de export van Iraanse olie, die door de VS als doelwit wordt gezien in het kader van hun ‘maximale druk’-campagne. De VS beweert dat de opbrengsten van de oliehandel worden gebruikt voor de ontwikkeling van kernwapens door Iran. 

Foto: Tim Reckmann (cc)

Volgend jaar oorlog

Laten we de volgende gedachte eens serieus nemen. Oorlog met Rusland. Niet dat het Rode Leger volgend jaar bij Enschede het land dreigt binnen te vallen, maar wel dat ons land in oorlog raakt omdat een Navo-land wordt aangevallen. Niet een aanval ver weg, op een Navo-land ver weg. Nee, een aanval op een Navo-land dat valt onder artikel 5 – een aanval op één is een aanval op ons allen – en dat maakt elke aanval dichtbij.

Sommigen zullen zo’n scenario als vergezocht afdoen en hopelijk hebben ze gelijk. Maar er is genoeg recent verleden waarvan we kunnen leren dat de toekomst niet altijd voor de hand ligt. We willen graag geloven in een toekomst die we ons wensen, maar dat is niet perse de toekomst waarheen de gebeurtenissen ons leiden. Zeker niet als we ons zo door de gebeurtenissen laten leiden als Europa doet.

En vergezocht of niet, de waarde van scenario’s ligt niet louter in de waarschijnlijkheid ervan, maar in het serieus nemen van alternatieve toekomsten. Want hoe ziet de wereld eruit als de geschiedenis een andere afslag neemt dan we verwachten? En moeten we daar dan niet op anticiperen?

Daarom die gedachte. Hoe zouden we met Rusland in oorlog kunnen geraken? De actualiteit bedient ons op onze wenken. Trekken we enkele gebeurtenissen en ontwikkelingen door, dan ziet onze toekomst er heel anders uit dan we hem wensen.

Vorige Volgende