In Iran helpt elke bom het regime

Wanneer buitenlandse aanvallen op Iran plaatsvinden, duikt in westerese media vaak dezelfde verwachting op: dat militaire druk het regime zal verzwakken en de oppositie ruimte zal geven. In werkelijkheid gebeurt meestal het omgekeerde. Buitenlandse bombardementen verschuiven het politieke kader in Iran onmiddellijk. Protest verandert van binnenlandse kritiek in vermeende samenwerking met een vijand. Het Iraanse regime gebruikt dat mechanisme al jaren. Demonstranten worden geregeld beschreven als instrumenten van buitenlandse machten. Zodra er daadwerkelijk een militaire aanval plaatsvindt, krijgt dat frame enorme kracht. Elke demonstratie kan en wordt dan neergezet als steun aan een agressor. Repressie krijgt zo een nieuwe rechtvaardiging. Veiligheidsdiensten krijgen daarmee een vrijwel onbeperkte ruimte om protest hard neer te slaan. Van protest naar verraad Voor demonstranten verandert de situatie fundamenteel. Wat eerst een politieke demonstratie was, wordt nu gepresenteerd als hulp aan een vijandige staat. Arrestaties worden dan verdedigd als nationale veiligheid. Schoten op demonstranten als noodzakelijke verdediging van het land. Verschilt dat van hoe de protesten hiervoor werden neergeslagen? Niet per se, maar een groot deel van het land accepteert deze uitleg wél. De Iraanse oppositie is zich van dit risico al lang bewust. Activisten benadrukken regelmatig dat buitenlandse interventie hun positie verzwakt. Veel protestbewegingen proberen juist te voorkomen dat ze worden gezien als instrument van buitenlandse belangen. De geschiedenis van buitenlandse inmenging in Iran, maakt dat stigma politiek explosief. De paradox van militaire druk Een buitenlandse aanval levert het regime precies wat het nodig heeft: een externe vijand, nationale mobilisatie en een legitimatie voor harde repressie. In de politieke wetenschap staat dit bekend als het rally around the flag-effect. In tijden van buitenlandse dreiging groeit de neiging om de eigen regering te steunen, zelfs wanneer die intern zwaar onder vuur ligt. Voor de Iraanse machtsstructuur is dat een strategisch cadeau. Ook al vallen de poppetjes bij bosjes, het regime wordt relatief sterker en de veiligheidsstaat kan harder optreden terwijl propaganda het beeld van nationale verdediging verspreidt. De oppositie en daarmee het volk betaalt de prijs. Activisten, studenten en journalisten vormen het eerste doelwit wanneer protest wordt geherdefinieerd als samenwerking met een vijand. De machtselite beschikt over veiligheidsdiensten en propaganda. Demonstranten beschikken daar niet over. De ironie is duidelijk. Militaire druk die bedoeld is om het regime te verzwakken heeft in dit geval, of eigenlijk elk geval,  precies het tegenovergestelde effect. Het regime krijgt een rechtvaardiging voor geweld en de oppositie verliest ruimte om te ademen. In dat klimaat verandert elk protest in een verdacht signaal.

Foto: "The Strait of Hormuz" by NASA Johnson is licensed under CC BY-NC-ND 2.0

NAVO-bondgenoten of vazallen?

Donald Trump waarschuwde NAVO-landen vandaag voor een “zware toekomst” wanneer zij de Verenigde Staten geen steun geven rond Iran en de Straat van Hormuz. Volgens berichtgeving verwacht Washington dat bondgenoten oorlogsschepen sturen om de scheepvaart te beschermen. Wie afhankelijk is van olie uit de Golf moet volgens Trump ook militair bijdragen, want de wereldhandel moet immers beschermd worden.

Alleen blijft één detail buiten beeld: de huidige escalatie rond Iran ontstond natuurlijk pas nadat de Verenigde Staten en Israël militair ingrepen. Eerst zelf een geopolitiek vuur aansteken, daarna rondkijken wie de brandweer mag gaan spelen tegen de fallout van je eigen acties. En ja, natuurlijk kijkt Washington dan naar de NAVO.

Trumps waarschuwing dat het bondgenootschap een “zeer slechte toekomst” wacht zonder steun klinkt dramatisch. Tegelijkertijd is het inmiddels vooral routine geworden. Onder Trump bestaat Amerikaanse diplomatie uit een vrij overzichtelijk stappenplan. Eerst een conflict laten escaleren. Daarna bondgenoten oproepen “verantwoordelijkheid” te nemen. Vervolgens dreigen wanneer die bondgenoten vragen stellen of weigeren.

Het bondgenootschap wordt daarmee steeds minder een overlegclub en steeds meer een logistiek platform. Washington beslist. Europa mag de schepen sturen. Dat schuurt met het oorspronkelijke idee achter de NAVO. De alliantie was ooit bedoeld als collectieve verdediging tegen externe dreiging. Niet als abonnement op Amerikaanse geopolitieke avonturen.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Aanval Iran gestart

De langverwachte aanval op Iran is gestart. Het doel lijkt het omverwerpen van het regime, al blijft het Trump, dus strategische consistentie is vaak ver te zoeken. Ook het nucleaire programma is een doel, hoewel het de vraag is in hoeverre dat echt bestaat. In ieder geval kan Trump straks claimen dat hij opnieuw een oorlog heeft ‘beëindigd’, nadat hij die zelf heeft aangezwengeld.

Het idee dat een externe militaire ingreep in een land leidt tot een stabiele transitie blijft hardnekkig. De recente geschiedenis geeft weinig aanleiding voor optimisme. Irak en Libië laten vooral zien hoe snel staten kunnen desintegreren zodra het centrum wegvalt.

Foto: Chandler Cruttenden on Unsplash

3000 Iraniërs overleden. Alsof niemand heeft geschoten

Meer dan drieduizend Iraniërs zijn volgens een bericht op NU.nl “overleden“. Zo staat het er. Overleden. Een woord dat we in Nederland gebruiken voor een opa die in zijn slaap wegzakt, of een buurvrouw die na een lang ziekbed sterft. Het woord draagt een sfeer van onvermijdelijkheid. Van natuur. Van tijd die verstrijkt.

In dit geval gaat het over mensen die door explosieven, kogels en ander militair geweld zijn gedood. Geweld van ‘ons’.

Toch kiezen media en organisaties regelmatig voor deze terminologie. Mensen “overlijden”. Er “vallen” doden. Er “komen” mensen om. De taal doet een wonderlijk kunstje: het geweld blijft staan, de dader verdwijnt. Alsof de dood zelf langs is gekomen om een rondje te maken, zonder dat daar iemand anders aan te pas is gekomen.

Dat patroon duikt telkens weer op wanneer het geweld zich ver genoeg van het westerse publiek afspeelt. In Europa spreken kranten vrij direct over “moord” of “doden” wanneer een aanslag plaatsvindt, of bijvoorbeeld als ‘de ander’ de oorlog start, zoals in Oekraïne. Zodra bommen vallen in het Midden-Oosten, en wij er direct dan wel indirect iets mee te maken hebben verandert het vocabulaire. Burgers “komen om”. Duizenden “overlijden”. De taal schuift een stap op richting abstractie.

Foto: "AI Image of a Spearfish Torpedo" by Defence Images is licensed under CC BY-NC-ND 2.0

De torpedo die voor Iran bedoeld was, maar India trof

Het laten zinken van een Iraans fregat in internationale wateren klinkt op het eerste gezicht bijna vanzelfsprekend. Iran toont zelf geregeld weinig terughoudendheid wanneer het schepen of doelen aanvalt. In een oorlogssituatie hoort dat soort geweld ‘er gewoon bij’, denk je dan.

Dat verklaart vermoedelijk waarom het incident in veel westerse media nauwelijks inhoudelijke aandacht kreeg, behalve dan dat het het eerste schip was dat door een Amerikaanse torpedo zonk sinds de Tweede Wereldoorlog. Een Iraans oorlogsschip dat door een Amerikaanse onderzeeër tot zinken wordt gebracht past in het vertrouwde script van deze oorlog: vijandelijk schip, Amerikaanse torpedo, boeien.

De Amerikaanse minister van Defensie Pete Hegseth hielp dat beeld graag versterken. Hij kondigde het zinken van het schip met zichtbare trots en waarschijnlijk iets vergrote piemel aan en benadrukte dat een Amerikaanse onderzeeër voor het eerst sinds lange tijd weer een oppervlakteschip had gekelderd. De boodschap was helder: een demonstratie van militaire kracht.

Alleen, het fregat was daar niet toevallig, het bevond zich in de regio op uitnodiging van de Indiase regering voor een ceremoniële maritieme oefening. Aan die bijeenkomst namen marines uit uiteenlopende landen deel, waaronder oorspronkelijk ook de Verenigde Staten, dat zich later terugtrok. Het doel van deze oefeningen lagen juist in diplomatiek vertoon en het bouwen van vertrouwen tussen rivaliserende staten.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: aref sarkhosh on Unsplash

Koerden ingezet voor meer chaos in het Midden-Oosten

In de VS is de steun voor de oorlog in het Midden-Oosten van meet af aan beperkt geweest. Uit een peiling van de Washington Post van 1 maart bleek dat 52% van de Amerikanen tegen de luchtaanvallen op Iran was die president Donald Trump dat weekend had bevolen, terwijl 39% ze steunde en 9% het niet wist. Trump zou aan alle oorlogen een einde maken beweerde hij bij zijn aantreden. Maar zoals veel van zijn voorgangers zal ook hij de geschiedenis in gaan als president die een oorlog begon. Met één verschil: geen ‘boots on the ground‘. Vorige week werd duidelijk dat er op voorhand al aan andere oplossingen is gewerkt. De CIA was al maanden bezig om Koerdische strijders te bewapenen en klaar te stomen voor een grondoffensief in het westen van Iran. De Amerikaanse geheime dienst hoopt hiermee Iraanse veiligheidstroepen verder onder druk te zetten en ongewapende burgers in Iraanse steden meer kans te geven om in opstand te komen tegen het bewind.

Israëlische bombardementen op militaire instellingen in het westen van Iran, waar een groot deel van de Iraans-Koerdisch minderheidsgroep woont, zouden de weg vrij moeten maken voor Koerdische strijders. Het is een door Israël ook in Libanon en Syrië toegepaste strategie: chaos scheppen via het uit elkaar drijven van etnische en religieuze groepen. Als waarschuwing voor de aangekondigde infiltratie bombardeerde Iran het hoofdkwartier van Koerdische strijdkrachten in de autonome regio Koerdistan in Irak. Het is onduidelijk of de Koerden intussen daadwerkelijk operaties uitvoeren in Iran. Dat zij in staat zullen zijn het regime omver te werpen gelooft niemand. Het lijkt er op dat de Koerdische strijders hoogstens kunnen dienen als ‘Amerikaans kanonnenvlees’. Het zal leiden tot een verlenging van de oorlog. Meer bloed en chaos in de regio zonder dat een oplossing dichterbij komt, noch voor de onderdrukte Iraanse bevolking, noch voor de nucleaire dreiging van de ayatollahs. En al helemaal niet voor de Koerden zelf die bij een gegarandeerde mislukking van acties op Iraans grondgebied geconfronteerd zullen worden met een keiharde tegenreactie van het Iraanse regime tegen de Koerdische bevolking.

Foto: "Trump Maga Rally in Charlotte, North Carolina" by The Epoch Times is licensed under CC BY-NC 2.0

MAGA en de aanval op Iran: even wachten op de uitleg

Peilingen laten een opvallend beeld zien. Een aanzienlijk deel van de Amerikanen wijst de Amerikaanse aanval op Iran af. Volgens recente peilingen keurt een meerderheid van de Amerikanen in het algemeen de aanvallen af en zelfs binnen de Republikeinse achterban bestaan twijfels over een nieuwe oorlog in het Midden-Oosten.

Dat lijkt op het eerste gezicht opmerkelijk. Donald Trump heeft zijn politieke beweging jarenlang gebouwd op een bijna reflexmatige loyaliteit. De MAGA-achterban volgde hem door verkiezingsnederlagen, rechtszaken, staatsgreep-retoriek en een inmiddels indrukwekkende lijst aan alternatieve werkelijkheden.

En nu plotseling twijfel over een militaire aanval.

De verklaring ligt vermoedelijk een stuk eenvoudiger dan je op het eerste gezicht zou denken. De achterban heeft simpelweg nog geen bruikbaar verhaal gekregen.

Trump presenteerde zich jarenlang als de president die eindeloze oorlogen zou beëindigen. “America First” betekende volgens de marketingfolder dat Amerikaanse soldaten niet langer in het Midden-Oosten zouden sneuvelen voor vage geopolitieke strategieën. Een aanval op Iran past slecht in dat verhaal. De cognitieve puzzel ligt dus nog even op tafel.

Dat probleem lost zich doorgaans vanzelf op. Zodra de propagandamachine op gang komt, verschijnt er vrijwel altijd een nieuwe uitleg van de kansel waarmee de realiteit alsnog netjes in het bestaande wereldbeeld past. Misschien ging het om zelfverdediging. Misschien om het redden van Israël. Misschien om het bevrijden van het Iraanse volk. Of, klassiek Trumpiaans, een combinatie van alle drie én de olie.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Javier Miranda on Unsplash

De VS, kernwapens en armageddon

Decennialang gold in geopolitieke discussies een vrij simpele intuïtie. Een streng religieus regime met kernwapens vormt een risico. Het argument verscheen steeds weer in analyses over Iran. Een theocratie die zichzelf ziet als uitvoerder van een goddelijke opdracht, gecombineerd met nucleaire ambities, roept begrijpelijke nervositeit op.

De blik richtte zich daarbij vrijwel altijd op Teheran. Washington bleef meestal buiten beeld. Toch schuift daar iets. Volgens meldingen van Amerikaanse militairen hebben commandanten de recente spanningen rond Iran beschreven in religieuze termen. De oorlog zou passen binnen “Gods plan” en verwijzingen naar Bijbelse profetieën en Armageddon doken op in briefings en toespraken.

Een incident op zichzelf vormt gelukkig nog geen trend, maar de bredere context maakt dit verhaal wel relevant.

De theologie van de eindtijd
Binnen delen van het Amerikaanse evangelisme leeft namelijk een specifieke interpretatie van de Bijbel. In dat wereldbeeld speelt Israël een centrale rol in de eindtijd. De stichting van de staat Israël markeert volgens deze lezing het begin van een profetische keten die uiteindelijk leidt tot een apocalyptische oorlog in het Midden‑Oosten en daarna de wederkomst van Christus.

Deze interpretatie, vaak dispensationalisme genoemd, vormt al decennia een belangrijk element binnen evangelische politiek in de Verenigde Staten. Grote megakerken, lobbyorganisaties en mediakanalen bouwen hun politieke agenda gedeeltelijk rond dat idee.

Foto: Mehrshad Rajabi on Unsplash

Escalatie, volgens wie?

Iran escaleert. Dat is momenteel geloof ik de favoriete diagnose van westerse regeringen en de Golfstaten. Diplomaten spreken over roekeloosheid en destabilisatie nu Iran raketten afvuurt op landen in de regio waar Amerikaanse bases staan. Dat oordeel krijgt een merkwaardige kleur zodra men het begin van het huidige conflict bekijkt. De eerste aanvallen kwamen immers van de Verenigde Staten en Israël, die Iraanse doelen bombardeerden. Pas daarna volgden Iraanse raketten.

De meeste daarvan richten zich op Amerikaanse militaire infrastructuur in de regio. Alleen staat die infrastructuur niet op Amerikaans grondgebied, en lang niet altijd ver uit de buurt van burgers. De bases liggen in Qatar, Bahrein, Koeweit en de Verenigde Arabische Emiraten. Staten die zich nu geschokt tonen dat hun grondgebied doelwit wordt. Dat roept een eenvoudige vraag op. Wat verwacht men daar precies wanneer een oorlog wordt gestart tegen een land dat wordt omringd door Amerikaanse bases die op jouw grondgebied staan? Dat dat geen consequenties heeft?

Westerse commentatoren wijzen ondertussen graag op burgerdoden door Iraanse raketten. Dat verwijt klinkt principieel, totdat men naar de onderliggende asymmetrie kijkt. Iran beschikt over aanzienlijk minder geavanceerde precisiewapens dan de landen die het aanvallen. De technologie voor nauwkeurige raketten en geavanceerde targeting behoort juist tot de technologie die Iran jarenlang via sancties en exportrestricties is ontzegd.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: Raving Iran - screen capture uit de film

Raving Iran: Openhartig onder druk

De documentaire Raving Iran toont een paradox die wringt en blijft hangen. Een regime dat cultuur probeert te reguleren tot op het bot, en een generatie die zich daar nauwelijks nog door laat intimideren. Wat opvalt is niet alleen de ondergrondse techno, de geheime feesten in de woestijn of de constante dreiging van arrestatie. Het is de openhartigheid. Bijna iedereen spreekt vrijuit over de overheid, en zelfs tegenover ambtenaren valt een opmerkelijke directheid op.

Die openheid lijkt op het eerste gezicht roekeloos. Twee dj’s, Anoosh Rakizade en Arash Shadram, die zonder omwegen uitleggen dat hun werk feitelijk verboden is, die hun frustratie over censuur uitspreken tegenover functionarissen die hen kunnen dwarsbomen, of erger. Toch voelt het geen moment als bravoure. Eerder als vermoeidheid. Alsof de energie om nog toneel te spelen simpelweg op is.

De documentaire is inmiddels bijna tien jaar oud, en dat gegeven schuift de film in een ander licht. Wat toen nog voelde als een ondergrondse spanning, blijkt onderdeel van een bredere ontwikkeling. De openhartigheid die in de film doorsijpelt, was geen uitzondering. Het was een voorbode.

De recente en steeds groter wordende protesten in Iran maken dat pijnlijk zichtbaar. Wat in Raving Iran nog kleinschalig en impliciet is, is inmiddels uitgegroeid tot openlijke, massale confrontatie. Vrouwen die hun hoofddoek afwerpen, jongeren die de straat op gaan, slogans die direct de kern van het regime raken. De terughoudendheid is verdwenen. De onderstroom is bovengronds gekomen en wordt daar door het regime hard weer naar teruggeslagen. Deze documentaire laat zien dat dat tevergeefs is.

Volgende