De Nederlander bestaat!

Er is wel eens discussie over geweest, maar nu is het zeker: dé Nederlander bestaat. De beste locatie om ons te spotten is niet in onze natuurlijke habitat, maar buiten de eigen landsgrenzen. Plek: een willekeurige costa aan de Méditerranée. Ontkennen is zinloos: wij zijn anders dan alle anderen. Heus. Maxima had op de buitenlandse costa´s moeten inburgeren, dan had ze het ook gezien: we zijn van mijlenver te herkennen. Goed, we zijn wellicht niet het meest sexy of stijlvolle volk, maar we hebben tenminste een volksaard. 1. Een Nederlander doet altijd iets. Twee jongens die urenlang fanatiek een balletje overtikken? Dat zijn landgenoten. Buitenlanders tikken een balletje ter afleiding, of nog vaker, om de aandacht van het andere geslacht te trekken. Nederlanders niet. Nederlanders moeten iets doen. In plaats van dat ze het balletje ´per ongeluk´ naar een mooie dame slaan, proberen ze het balletje eindeloos in de lucht te houden. Tien keer. Honderd keer. Tienduizend keer. Record! En weer opnieuw. Tot ontzetting, onbegrip en afschuw van de overige badgasten, maar dit geheel terzijde.

Door: Foto: Sargasso achtergrond wereldbol
Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Integratienota Donner opent weg naar willekeur

Een gastbijdrage van Vasco Lub, socioloog en zelfstandig onderzoeker bij het Bureau voor Sociale Argumentatie. Het artikel is overgenomen van Sociale Vraagstukken.

De integratienota van Donner is vatbaar voor verschillende interpretaties. Dat maakt de gevolgen ervan onvoorspelbaar. Het Nederlandse integratiebeleid treedt mogelijk een tijdperk in van volstrekte willekeur.

De eerste reacties op de integratienota vanuit de wetenschap, politiek en media weerspiegelen de gepolariseerde verhoudingen in het integratiedebat. Aan de ene kant staan de ‘integratiepessimisten’ die in de nota de definitieve politieke afrekening zien van de – in hun ogen – jarenlange volgehouden notie dat culturele waarden inwisselbaar zijn. Aan de andere kant staan de multiculturele zedenmeesters, die het document opvatten als een morele diskwalificatie van allochtonen. Tot die laatste categorie hoort de bijdrage van Gowricharn op deze site. Wie deze reacties – en ook de verschillende reacties op internetfora – in ogenschouw neemt, valt echter op dat in de discussie verschillende onderwerpen door elkaar heenlopen.

Ten eerste gaat het in de discussie om integratie in algemene zin, waarbij ik doel op de maatschappelijke positie die nieuwkomers zich in Nederland kunnen verwerven en de noodzaak tot ‘aanpassing’ aan heersende normen en waarden die daarvoor wordt verondersteld. Ten tweede trechtert de discussie zich naar specifieke sociale problemen die versterkt voorkomen onder bepaalde etnische minderheidsgroepen. Ten derde moeten we het vermeende diskwalificerende politieke discours over etnische minderheden onderscheiden. Een nadere analyse van Donners nota aan de hand van deze thema’s kan ons vertellen in welke richting het integratiebeleid zich de komende jaren ontwikkelt.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Allochtonen zijn al decennia het haasje

Een gastbijdrage van Ruben Gowricharn, hoogleraar sociale cohesie en transnationale vraagstukken aan de Universiteit van Tilburg. Het stuk is ook te lezen op Sociale Vraagstukken.

Donners integratienota is geen knieval voor de PVV. Het is de uitkomst van een morele diskwalificatie van allochtonen die al decennia aan de gang is. Zelfs de rechterlijke macht maakt zich hieraan schuldig. Tegelijkertijd worden burgerschap en tolerantie gepredikt. Dat is de spagaat waarin Nederland zich bevindt.

Het is eerder opgemerkt: de multiculturele samenleving is geen experiment en kan dus ook niet mislukt zijn. Het is geen ontwerp, zoals de welvaartsstaat, die een wilsuiting is geweest. Verscheidenheid van culturen is historisch een haast natuurlijk verschijnsel. In Nederland komt die tot uiting in bijvoorbeeld de restanten van de zuilenmaatschappij, de heterogeniteit aan streekculturen en de variatie aan stedelijke leefculturen. Die verscheidenheid verschilt in één wezenlijk opzicht van wat nu de multiculturele samenleving wordt genoemd: de huidige verscheidenheid wordt belichaamd door diverse allochtone groepen, zichtbare minderheidsgroepen, klein in aantal, versnipperd, sociaal en politiek zwak, in veel opzichten zelfs weerloos.

Met de multiculturele samenleving wordt niet alleen het allochtone bevolkingsdeel bedoeld, maar meer specifiek de groepsvorming van allochtonen die zich sinds de jaren zestig en zeventig voltrok. De ontzuiling ging gepaard met processen van secularisering en individualisering, ontwikkelingen die haaks stonden op de allochtone groepsvorming. Dat leidde tot jeuk en kriebel bij de baby-boom-generatie, die zich heeft ontpopt als de ‘anti-zuilengeneratie’. De oplossing van dit zuileneczeem bestaat uit assimilatie, individualisering en nationale verbondenheid – de cocktail van het huidige nationalisme. Het moet niet verwonderen als historici later zullen optekenen dat de huidige politieke elite bezig is af te rekenen met het eigen verleden.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Integratiedebat negeert bestaande waarden

Een bijdrage van Fons van de Vijver, hoogleraar crossculturele psychologie aan de Universiteit van Tilburg. Het stuk staat ook op Sociale Vraagstukken.

Minister Donner gaat met zijn integratienota voorbij aan de al jarenlange stabiele steun van Nederlanders voor de multiculturele samenleving. De opvattingen van autochtonen zijn anders dan de scherpe toon van het publieke debat suggerreert.

Het kabinet moet bezuinigen, en natuurlijk ontkomt ook het integratiebeleid daar niet aan. Zo’n bezuiniging moet je natuurlijk wel inhoudelijk motiveren, en dat deed minister Donner dan ook, toen hij afgelopen donderdag zijn integratienota presenteerde. De visie van het kabinet komt hierop neer: de overheid draagt de verantwoordelijkheid voor integratie aan de immigrant over, die moet zelf voor zijn inburgering betalen, en bij mislukking volgt inleveren van de verblijfsvergunning. Meer nog dan nu wordt aanpassing aan de Nederlandse samenleving – de Nederlandse taal en cultuur kennen – de norm. Het is de minister menens.

Nederlanders zijn niet anders gaan denken over allochtonen
Het kabinetsbeleid veronderstelt dat autochtonen steeds kritischer zijn geworden over de multiculturele samenleving. Het mag misschien verbazen, maar dat is niet het geval. Uit verschillende studies die wij vanuit de Universiteit van Tilburg hebben verricht blijkt dat oude Nederlanders de afgelopen tien jaar nauwelijks anders zijn gaan denken over allochtonen. In overgrote meerderheid hebben ze er geen problemen mee dat verschillende etnische groepen in ons land samenleven. Autochtonen vinden al die tijd wel dat allochtonen onvoldoende aangepast zijn, en dat ze op het werk Nederlandse moeten spreken (thuis en op straat hoeft niet). Maar tegelijk zijn ze ook sterk van mening dat je niet mag discrimineren, en dat immigranten en oude Nederlanders moeten samenwerken ‘om de problemen in Nederland op te lossen’.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Donner begraaft de multiculti samenleving

De Nederlandse samenleving en de ‘waarden waarop deze berust’ moeten in ons land centraal staan. Dat schrijft minister Piet Hein Donner ( Binnenlandse Zaken) in vervolg op het Regeerakkoord in zijn donderdagavond verschenen Integratienota.

Hij spreekt van een ‘koerswijziging’ waarmee het kabinet ‘afstand neemt van het relativisme dat besloten ligt in het model van de multiculturele samenleving’. De samenleving verandert, ook door de komst van migranten, maar mag ‘niet uitwisselbaar zijn voor welke andere samenleving dan ook’.

Het is verder niet aan de overheid om mensen te laten integreren, maar aan de migranten zelf om daar hun best voor te doen. Die moeten uit zichzelf proberen een nuttig lid van onze samenleving te worden.

Donner vindt dat het reguliere beleid op het gebied van arbeid, scholing en wonen genoeg moet zijn voor elke burger om naar vermogen een zelfstandig bestaan op te bouwen. Ook wordt normoverschrijdend en crimineel gedrag aangepakt zonder te kijken of de afkomst van de pleger een rol heeft gespeeld.

Ik vind het tamelijk duister, wat Donner ons vertelt. Het ‘relativisme dat besloten ligt in het model van de multiculturele samenleving’ moeten we opgeven? Wat betekent dat? Geen nassi goreng meer? Geen pizza’s of Franse wijn, maar wentelteefjes, drie in de pan en Bessensap? Want we mogen niet niet uitwisselbaar zijn voor welke andere samenleving dan ook? Weg dus met de cola, de hamburger en de chips? En terug naar de Nederlandse waarden?
Alleen, welke waarden kunnen dat zijn? Culturele waarden zijn het niet, want bibliotheken gaan dicht, orkesten worden opgeheven door dit kabinet, de Rijksacademie gaat sluiten en toneelgezelschappen worden afgeslankt of opgedoekt. Welke waarden dan? Tulpen, molentjes en de klompendans?
En integreren moet iedereen maar zelf doen in het vervolg?
Nou ja, mijn (over)grootvaderlijke familie gaf ergens in de jaren ’80 van de 19e eeuw het goede voorbeeld. Kijk op het plaatje hierboven hoe ijverig ze aan het inburgeren waren met hun Volendamse verkleedpartij. (Voor de geïnteresseerden het kleine ventje in het midden is mijn opa, het meisje rechts van hem op de foto is de overgrootmoeder van de cabaretier Micha Wertheim). Maar – een noot voor Piet Hein Donner – deze familieleden van mij konden het zich veroorloven om op deze manier te doen alsof. Ze waren namelijk in goede doen – en zo’n ruime 100 jaar nadat de Joden burgerrechten hadden gekregen – al lang hardstikke geïntegreerd. Tegelijkertijd hadden ze toch ook niet helemaal afstand genomen van ‘het relativisme dat besloten ligt in het model van de multiculturele samenleving’. Want hoewel de familie zich best thuis voelde in ‘de Nederlandse samenleving en de waarden waarop deze berust’, hielden ze toch hardnekkig vast aan hun eigen ietwat afwijkende culturele patroon. Ze waren en bleven namelijk overtuigd Joods. En dat is en was – ondanks de mijns inziens nogal overdreven nadruk die tegenwoordig van bepaalde kanten wordt gelegd op onze zogenaamde ‘joods-christelijke waarden’ – toch echt een tikkeltje afwijkend. Zeker toen, maar nu nog steeds. En als u dat niet gelooft, meneer Donner, hoeft u eigenlijk niets anders te doen dan u even in te leven in de vraag waar het huidige debat over verdoofd of onverdoofd slachten eigenlijk om draait…. .

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De willekeur viert hoogtij in gedoogland

Gisteravond was met dank aan het mediagenieke gymnasiummeisje Sahar het debat over Afghaanse meisjes en de vraag of zij al dan niet terug moeten. Leers zei over het door zijn departement ontwikkelde beleid eergisteren het volgende:

“Dan ik wil ik ook kijken of ik op een integere, zuivere manier beleid heb, waar in pincipe elk meisje voor in aanmerking kan komen als dat aan de orde is. Dat beleid heb ik ontwikkeld en dat ga ik morgen in de Kamer verdedigen.”

Dit nieuw ontwikkelde beleid gaat over verwestering en meer specifiek over te verwesterde meisjes uit Afghanistan die ouder zijn dan tien jaar en hier al meer dan acht jaar zijn. Wat dat verwesterd zijn nou precies inhoudt is mij totaal niet duidelijk. Iemand suggesties? Een dikke laag make-up? Een kort rokje? Een Nederlands vriendje? Juichend langs de weg met een oranje hoofddoek op Koninginnedag met pul bier in de hand? Of is dat dan weer niet verwesterd genoeg en een oranje Bavaria-jurkje wel? Wie het weet mag het zeggen.

Zoals verwacht kreeg Leers de handen op elkaar van de gedoogcoalitie en de omgekochte mannenbroeders. Waar Hero Brinkman ruim twee weken geleden verwestering nog een “compleet waanzinnige” manier noemde te bepalen of iemand in Nederland mag blijven, loopt de PVV nu braaf achter de minister aan. Misschien omdat Leers Wilders toch wel een plezierige en betrouwbare vent blijkt te vinden. Of misschien omdat onder deze specifieke voorwaarden maar 40 tot 100 meisjes lijken te vallen. Echt willekeurig wordt het echter als er naar de details wordt gekeken. Klaarblijkelijk kan een meisje met een hoofddoek (ongetwijfeld tot grote vreugde van de PVV) eerder worden teruggestuurd dan een meisje zonder. Of een meisje met grote broers dat misschien wel teruggestuurd wordt, want haar grote broers kunnen haar over straat begeleiden in Afghanistan en een meisje zonder grote broers niet. Bizar is in dit verband een eufemisme. Compleet waanzinnig is het, dus geef ik voor het eerst en naar alle waarschijnlijkheid voor het laatst een keer Brinkman gelijk.

Quote du Jour | 010 en 020 samen aan de integratie

“Het gevoel van: ‘samen maken we de stad’, het gevoel van: ‘dit is mijn Rotterdam’, daar kan Amsterdam iets van leren.”
(Andrée van Es in de Volkskrant)

Na de moorden op ‘hun’ Van Gogh en Fortuyn gingen Amsterdam en Rotterdam elk hun eigen weg met de brandende kwestie van deze tijd, de grootstedelijke integratie. Het duidelijkst werd dat met de twee (inmiddels vertrokken) burgemeesters Cohen en Opstelten. Waar de eerste zich profileerde met ‘kopjes theedrinken’ en ‘de boel bij elkaar houden’ liet de tweede graag zijn spierballen zien met ‘zero tolerance’. De afgelopen week kwam een selecte groep gezichtsbepalende figuren uit beide steden bijeen in het Rotterdamse restaurant De Harmonie (what’s in a name) om hierover te praten. De Amsterdamse integratiewethouder Andrée van Es wil nu veel concreter (en waarschijnlijk veeleisender) vorm geven aan het begrip burgerschap. Haar Rotterdamse collega Korrie Louwes zegt: ‘De tweede en derde generatie migranten is veel meer Nederlander dan velen zich realiseren.’ De Erasmus Universiteit en de Universiteit van Amsterdam hebben toegezegd om in september met een eerste vergelijkende studie te komen over problemen en kansen in beide steden.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Faalt de wijkaanpak?

Het structureel vooruithelpen van wijken door ontkokerd samenwerken gaat niet lukken, zeiden bestuurskundigen Helderman en Brandsen eerder op deze site. Drie deskundigen reageren. Godfried Engbersen: ‘Gezien de inspanningen is er te weinig uit de wijkaanpak gekomen?’

‘De grote ambitie, wijken structureel vooruit helpen door ontkokerd samenwerken, is niet van de grond gekomen. En dat gaat ook niet gebeuren’, aldus bestuurskundigen Taco Brandsen en Jan Kees Helderman. De heren pleiten voor bestuurlijke bescheidenheid. Helderman: ‘Kapitaliseer het aanwezige sociale kapitaal. Sluit aan bij wat er leeft in een wijk en wees gewoon blij met dat kleine initiatief. Als je daar veel geld tegenaan mikt, gooi je het dood.’

Mislukking is een te grove conclusie

René Scherpenisse, voormalig directeur van de Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting (SEV) en nu directielid bij Atrivé, een adviesorganisatie voor woningcorporaties, vindt de conclusie dat de wijkaanpak gaat falen ‘veel te snel’. Bij Scherpenisse is het glas nog halfvol. ‘Er zijn zoveel pareltjes die met zo’n grove conclusies tekort worden gedaan. Recent onderzoek in Amsterdam, Groningen en Dordrecht laat juist zien dat bewoners vooruitgang zien in hun wijk. Dat lijkt me toch lastig te combineren met de boodschap van Helderman en Brandsen.’

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Detailpolitiek (11): Geen handje schudden

Stel je bent een vrouwelijke docent op een hogeschool. Een collega uit je team gaat op bedevaart naar Mekka en komt terug met de mededeling dat hij vrouwen geen hand meer wil geven. Wat nu? Het overkwam een aantal docenten van de Hogeschool van Amsterdam (HvA).

Het antwoord op deze vraag ligt voor de hand: je bepaalt zelf hoe je hiermee omgaat. Als iemand mij geen hand meer zou geven zou ik een klacht indienen. Ik zou mijn teamleider laten weten dat ik niet meer met die man wil werken. Als dat problemen op zou leveren, zou ik alle interne procedures van de hogeschool aanspreken om dit punt aan de orde te stellen. We zouden er eindeloos over gaan discussiëren, en er zou ongetwijfeld een halfbakken compromis uitkomen. En daar zou dan weer discussie over ontstaan.

Schikken in het lot
Zouden alle collega’s zo reageren? Nee, de meesten zouden zich waarschijnlijk schikken in hun lot: handje schudden met die ene collega is er niet meer bij. Zij zouden geen stampij maken, maar gewoon hun werk blijven doen. Ze zouden er zo hun eigen ideeën over hebben, en daar zou het bij blijven. Af en toe zouden ze onderling grapjes maken over ‘die fanatieke moslim’ en soms zou de betreffende collega daarachter komen. Dat zou dan weer tot allerlei gesprekken leiden over hoe we met elkaar om moeten gaan.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Vorige Volgende