Privacyrechten niet meer via het recht afdwingen

Het lijkt de laatste jaren wel alsof alles wat gecentraliseerd is faalt. Overheden die problemen moeten oplossen (of gewoon een IT-projectje goed afronden), centrale banken die moeten toezien op het gedrag van gewone banken, IT bedrijven die ons oplossingen moeten bieden die veilig zijn en onze privacy enigszins respecteren... Decentrale dingen doen het wel goed: bittorrent, niet-westerse volksopstanden, opensource software, hacktivisme en wellicht wordt het zelf nog wat met Occupy. Ik ben blij dat Bits of Freedom en internationale tegenhangers als de EFF bestaan want zij zetten onderwerpen op de kaart bij bestuurders en andere 50-plussers die daar anders nooit over zouden nadenken. In Berlijn is de Piratenpartij zelfs met ruim 9% van de zetels het lokale bestuur binnengevlogen en staat in Duitsland landelijk ook op mooie winsten. Maar helpt dat hameren op 'rechten' ook echt?

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: Eric Heupel (cc)

Wachten op de grote klap

<Webwereld column>

Het stof van Diginotar is netjes opgeveegd bij de bonte verzameling van ICT-fails in de publieke sector, de glazen zijn leeg en de plassen gedaan. Tot nu toe wijst niets erop dat er echt iets gaat veranderen aan de wijze waarop de Nederlandse overheid ICT projecten laat uitvoeren. Tijdens het overleg (mp3) in de Tweede Kamer was het duidelijk dat zowel de OPTA als PwC vinden dat hen niets te verwijten valt, ondanks het feit dat ze als toezichthouders jarenlang het stempel “OK” hebben gezet op Diginotar. De uitspraak van PwC dat de audits uiteraard goed zijn gedaan omdat “deze worden uitgevoerd door professionals met een eigen verantwoordelijkheid” zal hartverwarmend zijn voor Iraanse burgers die hiervan nu de consequenties ondervinden (denk aan iets met knieschijven en elektrisch gereedschap).

Door de chaos bij Diginotar kan nooit meer met zekerheid worden vastgesteld op welke momenten er bij het bedrijf is ingebroken en wat de gevolgen daarvan waren. Iemand die een compleet netwerk overneemt kan namelijk kinderlijk eenvoudig alle logs manipuleren. Het enige wat we dus echt met zekerheid kunnen zeggen is dat er tot nu toe geen reden is om aan te nemen dat de IT-security in het verleden veel beter was dan de recentelijk door FoxIT aangetroffen puinhoop.  Want de audits van PwC zijn overduidelijk niet in staat een dergelijke puinhoop te detecteren en de OPTA kijkt er kennelijk niet eens naar. Mogelijk was Diginotar dus al jaren van onder tot boven gehackt en is dat gewoon nooit iemand opgevallen. Een echte slimme cybercrimineel of spion doet zijn werk zo dat niemand ooit iets door heeft. In allerlei detaildiscussies over de exacte tijdslijn en omvang wordt volledig voorbij gegaan aan dit feit. Socrates glimlacht vanuit zijn graf bij de vaststelling dat we alleen zeker weten dat we niets zeker weten.

Van de nood een deugd maken

If you can’t beat them, join them, moet minister van Binnenlandse Zaken Piet Hein Donner vorige week gedacht hebben. Na een voor wat betreft IT-veiligheid rampzalig verlopen maand, waarin Iraanse (?) hackers ongestraft de beveiligingscertificaten van Internet Trust Provider DigiNotar bleken te hebben gekraakt en de Miljoenennota weer eens te vroeg op straat kwam te liggen, maakte de bewindsman eind vorige week een nieuw initiatief voor data sharing bekend.

Op het Amsterdamse PICNIC-festival, een evenement gericht op de ontwikkeling van creatieve en innovatieve oplossingen voor mens, maatschappij en bedrijfsleven, richtte Donner zich met een videoboodschap tot de deelnemers, om bekend te maken dat de overheid via een nieuw op te zetten portaal openbare overheidsgegevens gaat delen met de burgers.

Via deze toegangspoort moeten zogenaamde open data, gegevens van de overheid die door iedereen gebruikt en verspreid mogen worden, gedeeld gaan worden. De verwachting is dat hieruit nieuwe toepassingen ontwikkeld kunnen worden, zoals op dit moment al gebeurt met data van het KNMI en de RDW. Op zichzelf een mooi initiatief, maar de timing was, op zijn zachts uitgedrukt, nogal ongelukkig. Een slechter moment om te gaan experimenteren met grootschalige data-sharing had Donner wat mij betreft niet kunnen bedenken.

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.