Bram Zieck

16 Artikelen
1 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)

Tony’s miljoenen

Terwijl de Britten zich deze dagen vooral druk maken over de verfilming van het leven van The Iron Lady, ligt een andere, minstens even omstreden voormalig premier van het Verenigd Koninkrijk onder vuur omdat hij afgelopen jaar miljoenen ponden via een ingewikkeld web van vennootschappen buiten het bereik van de fiscus wist te houden.

Tony Blair, toch al niet Engelands lieveling na de schimmige wijze waarop hij, in het kielzog van bondgenoot de VS, zijn land de Irak-oorlog in rommelde, ligt nu onder vuur om de wijze waarop hij de omzet van zijn business consultancy-onderneming Tony Blair Associates (meer dan 12 miljoen pond in 2011) rondpompt totdat er uiteindelijk een minimaal bedrag aan belastbare winst overblijft.

In een interview met het Indiase CNBC-TV18 op 28 september deed Blair -die als speciaal gezant van de VN, de EU, de VS en Rusland belast is met de zogenaamde Routekaart voor Vrede in het Midden-Oosten- verwijten dat hij bij zijn taken als afgezant te veel oog had voor zijn eigen zakelijke belangen nog af als stemmingmakerij door de media. Linkse media zouden aanstoot nemen aan zijn rol als architect van New Labour (de op de Third Way gebaseerde sociaal-democratische politiek), terwijl de conservatieve pers vooral verbolgen zou zijn over de 3 opeenvolgende verkiezingsoverwinningen van Labour.

Het licht van Leonardo

Tot halverwege deze maand is in The National Gallery in Londen de nu al legendarische tentoonstelling ‘Leonardo da Vinci: Painter at the Court of Milan’ te zien. In de expositie zijn bij wijze van hoge uitzondering alle niet-muurvaste schilderijen van Leonardo te zien die tijdens zijn verblijf aan het hof van Ludovico Sforza (1482-1499) ontstonden. Daarmee is momenteel meer dan de helft van Leonardo’s overgeleverde schilderijen op Britse bodem te vinden. Een unicum. Maar juist het Londense museum dat de werken momenteel huisvest ligt deze dagen onder vuur om de restauratie van een ander schilderij van de Italiaanse kunstenaar.

De controverse betreft het schilderij De Maagd en Kind met Sint Anna, een deels onvoltooid paneel dat ergens in de periode 1502-1513 tot stand moet zijn gekomen. Het werk verkeerde in slechte staat, maar een eerdere, vergelijkbare restauratie werd in 1994 door het Louvre afgeblazen omdat het risico van beschadiging van het kunstwerk te groot werd geacht. In de daaropvolgende jaren heeft de discussie over de wijze van conservering zich voortgezet, en uiteindelijk geleid tot de instelling van een internationale raad van deskundigen die over de restauratie moest adviseren.

Zoals bij elke restauratie zijn er ook nu dissenting opinions over de uitvoering van het werk, maar deze keer komen de verwijten uit de hoek van twee zeer vooraanstaande experts op het gebied van conservering van oude schilderijen, Ségolène Bergeon Langle en Jean-Pierre Cuzin, respectievelijk specialiste in conservering en voormalig conservator van de schilderijen van het Louvre en later zelfs Conservateur général du patrimoine. Beiden hebben zich uit protest teruggetrokken uit de twintigkoppige internationale commissie.

Afval met een luchtje

De laatste reguliere werkweek van 2011 stond in het teken van afval. Mooie ideeën over afval en de schimmige omgang ermee. Zo maakte staatssecretaris Atsma (Infrastructuur en Milieu) bekend een Green Deal Duurzaam Stortbeheer met provincies en de stortbranche af te sluiten. Opmerkelijk genoeg verleende zijn ministerie op dezelfde dag een vergunning voor de verwerking van ruim 200.000 ton Napolitaans huisafval. Precies dat afval dus waarover Roberto Saviano in zijn bestseller Gomorra schreef dat het de spil uitmaakt van een bijna volledig door de Camorra gecontroleerde, zeer lucratieve en tegelijkertijd voor de volksgezondheid uiterst schadelijke bedrijfstak.

En twee dagen later wees het gerechtshof van Amsterdam arrest in de zaak tegen Trafigura Beheer, het omstreden bedrijf achter de Probo Koala. In 2006 liet de kapitein van dit schip gevaarlijke stoffen door een niet daartoe uitgerust bedrijf in Ivoorkust verwerken, nadat het afval eerder door een Amsterdamse verwerker was geweigerd. Over de zaak is recentelijk weer veel geschreven, mede naar aanleiding van de publicatie van Jaffe Vink, die Greenpeace en De Volkskrant ‘Handelaren in angst’ noemde omdat zij het gevaar van de stoffen zouden hebben overdreven. Hoogste tijd dus om het oordeel van het gerechtshof van Amsterdam eens nader te bekijken.

Foto: Eric Heupel (cc)

Het selectieve geheugen van Bosma

Twee weken geleden schreef Folkert Jensma een bevlogen betoog over de rechtsstaat, waarin hij zijn oprechte zorgen uitte over de stilte rond de dagelijkse schending van rechtsstatelijke beginselen door de PVV.  Op basis van meer dan tien op zichzelf staande gebeurtenissen poneerde hij dat een ‘pluriforme, vrije samenleving, gebaseerd op de rule of law, gelijkheid, respect, vrijheid, debat en compromis’ door de PVV niet gewenst is.

Eén van de argumenten in zijn column was het bijhouden van lijstjes van politieke andersdenkenden, zoals -aldus Jensma- door PVV-Kamerlid Bosma gesuggereerd wordt in zijn boek Schijn-elite van de valsemunters. En laat nou juist dat laatste idee niet (rechtstreeks) uit de koker van Bosma komen. In een ingezonden brief verwijt Bosma zaterdag de oud-hoofdredacteur van NRC Handelsblad ‘puur populisme’ en fact free journalism te bedrijven. Maar vervolgens schiet hij weer zover uit de bocht dat de stelling van Jensma alleen maar meer aan waarde wint. Die ene onterechte toewijzing ten spijt.

Het boek van Bosma mag dan misschien niet zo expliciet tot de lijsten oproepen, maar de suggestie ervan ligt elders voor de hand. Zo verklaart hij op Artikel7.nu:  “Zwarte lijsten” klinkt een beetje eng. Ik houd niet zo van lijstjes. Maar ik denk dat het altijd gezond is in een democratie te kijken naar wat gekozen politici uitvoeren. Het is dan aan de kiezer om daar mee af te rekenen. Op veel internetsites worden politici zeer kritisch gevolgd. Een goede zaak (…).”  En zoals Jensma terecht opmerkt, wordt het initiatief van de lijstjes dan ook op diverse plekken enthousiast opgepakt.

Illustere bibliotheek uit as verrezen

Ruim 550 jaar geleden werd in Florence in opdracht van Cosimo de’ Medici de Accademia Neoplatonica opgericht door Marsilio Ficino, de belangrijkste humanistische filosoof aan het ‘hof’ van de Medici. Deze Neoplatoonse Academie, waarvan de oprichting in feite de heropening van de oude Academie van Athene symboliseerde, groeide binnen korte tijd uit tot een plek waar alle toonaangevende wetenschappers, kunstenaars en intellectuelen van het vijftiende-eeuwse Florence samenkwamen.

Gedreven door dezelfde idealen bouwde ook Joost Ritman (1941), een zakenman die zijn fortuin vergaarde met de handel in plastic vliegtuigservies, een bibliotheek op die op haar hoogtepunt ruim 22.000, veelal zeer zeldzame filosofische boeken en handschriften telde. De bibliotheek, aangeduid als Bibliotheca Philosophica Hermetica, gold als de belangrijkste collectie op het gebied van de christelijk-hermetische en esoterische filosofie, maar scheerde tot drie keer vlak langs de afrond als gevolg van de onconventionele manier waarop Ritman de expansie van de bibliotheek financierde. De laatste keer leek Ritman zijn krediet letterlijk en figuurlijk verspeeld te hebben na een dubbele verpanding van zijn kostbare boeken, maar verbazingwekkend genoeg blijkt de collectie ook nu weer als een feniks uit de as te verrijzen.

Al kort na de eerste Golfoorlog, toen de luchtvaart een crisis doormaakte, plaatste huisbankier ING ernstige twijfels bij de bedrijfsvoering van De Ster BV, het vehikel waarmee Ritman zijn boekencollectie financierde. Een openbare verkoop kon toen op het nippertje voorkomen worden door internationale protesten van onder meer schrijver en bibliofiel Umberto Eco, die voor delen van zijn oeuvre schatplichtig was aan de collectie van Ritman. Zo’n 12 jaar later was het de Nederlandse fiscus, die een forse belastingschuld wilde verhalen op de bibliotheek. Maar ook nu weer bracht het ongekende belang van de collectie een oplossing binnen bereik: een overname door de staat van zo’n 4.000 boeken, die vervolgens weer in bruikleen werden gegeven aan de Stichting Bibliotheca Philosophica Hermetica.

Kyoto en de grenzen van christelijk rentmeesterschap

Vandaag gaat de mondiale klimaattop in het Zuid-Afrikaanse Durban van start. Na de teleurstellend verlopen klimaatconferenties van Kopenhagen (2009) en Cancún (2010) zullen vertegenwoordigers van bijna 200 landen opnieuw een poging doen concrete, bindende afspraken te maken over onder meer het terugdringen van CO2-uitstoot en beperking van de opwarming van de aarde. Met het naderende einde van het Kyoto-protocol, het enige wereldwijde klimaatakkoord, is het moment aangebroken om enerzijds de balans op te maken en anderzijds nieuwe, haalbare doelstellingen overeen te komen.

In een recente brief aan de Kamer constateert Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu Joop Atsma tevreden dat Nederland voldoet aan de doelstellingen van het Kyoto-protocol en zich bovendien met Europa inzet voor verdergaande mondiale klimaatafspraken. En dat is niet het enige, want Nederland brengt nu al de uitdagingen in kaart om stappen te zetten richting een klimaatneutrale economie in 2050.

Dat klinkt goed dus, maar schijn bedriegt. Want slechts met veel rekenkundige trucs -die overigens volgens Kyoto zijn toegestaan- en een groot beroep op omstreden emissierechten weet Nederland de eis van 6% inderdaad te halen. Dat ‘Nederland zich met Europa inzet voor verdergaande mondiale klimaatafspraken’ wil vooral zeggen dat de Europese regeringsleiders geen voortrekkersrol willen of durven spelen zolang China en de Verenigde Staten bindende reductiedoelen blokkeren. En de nogal cryptische formulering dat ‘Nederland de uitdagingen in kaart brengt om stappen te zetten richting een klimaatneutrale economie in 2050’ wekt evenmin veel hoop voor een daadkrachtige visie ten aanzien van klimaat en milieu.

Partijdiscipline volgens Jan Tromp

Een recordaantal mensen bekeek afgelopen week op uitzendinggemist.nl de aflevering van Koefnoen van vorige week zaterdag, waarin het CDA door de cabaretiers van het satirische programma op de hak werd genomen. De uitzending had lovende kritieken in diverse media gekregen, door de komische maar vooral herkenbare manier waarop partijprominenten Verhagen en Bleker en parttime CDA-dissidenten Koppejan en Ferrier worstelden met de kloof tussen CDA-theorie en praktijk in de zaak rond Mauro.

Het grote succes van de persiflage maakt de spagaat duidelijk waarin de christendemocraten zich bevinden: de problematische afweging tussen christendemocratisch gedachtengoed en machtspolitieke ambities en, daarmee samenhangend, de vaak nietsontziende partijdiscipline om dissidente denkers binnen de partijlijnen terug te dringen. Over dat laatste thema schreef journalist Jan Tromp een boekje: Buigen. Nederigheid en vernedering in de Nederlandse politiek.

De publicatie van de VARA-journalist past in het recente rijtje voor een breed publiek geschreven schetsen over de soms onbekende krachten in en rond de Haagse politiek. Na Joris Luyendijks Je hebt het niet van mij, maar…, waarin de invloed van lobbyisten en media in het Tweede Kamercomplex werd beschreven en Max van Weezels Haagse Fluisteraars over de invloed van de spindoctors, richt Tromp zich nu op de kringen van de parlementariërs zelf.

Antwoord op de nucleaire ambities van Iran

Deze week wordt het volgende kwartaalrapport van het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA) over het nucleaire programma van Iran verwacht. De toon ervan zal alarmerend zijn, aldus diverse media. Een combinatie van sancties en een geheime campagne van onder meer cyberaanvallen (denk aan het Stuxnet-virus) en vermeende aanslagen op Iraanse wetenschappers mogen de uitvoering van het Iraanse nucleaire programma misschien wat hebben afgeremd, maar hebben het geenszins kunnen stoppen.

Op gezag van bronnen bij het IAEA berichtte persbureau Reuters afgelopen weekend dat de verklaringen van het Iraanse bewind over een civiele toepassing van de nucleaire techniek door verschillende constateringen in het rapport tegengesproken worden. “There are bits of it which clearly can only be for clandestine nuclear purposes”, verklaarde een door de BBC geciteerde diplomaat. Zo zouden er sterke aanwijzingen zijn voor het bestaan van computermodellen voor de ontwikkeling van kernkoppen. Ook zouden satellietfoto’s worden gepresenteerd, waarop grote containers te zien zijn die gebruikt (kunnen) worden voor proeven met nucleaire wapens.

Die satellietfoto’s brengen onmiddellijk de inmiddels beruchte PowerPoint-presentatie van Colin Powell in februari 2003 in herinnering. Ook toen werd op basis van onder meer satellietfoto’s de aanwezigheid van kernwapens gesuggereerd. Wat volgde is bekend. En ook nu wordt, met de nodige oorlogsretoriek en selectief lekken van informatie, flink vooruitgelopen op de mogelijke gevolgen van de inzet van Iraanse nucleaire techniek voor militaire doeleinden.

De invloed van de spindoctors

Met het vorige week zondag gepresenteerde Haagse Fluisteraars van Nieuwspoortvoorzitter en VN-columnist Max van Weezel hebben we binnen een jaar de beschikking over twee publicaties die de maakbaarheid van de Haagse politiek van binnenuit beschrijven. Waar Joris Luyendijk zich in zijn Je hebt het niet van mij, maar… vooral richtte op de invloed van lobbyisten en media op de ´vierkante kilometer rond het Binnenhof`,  lijkt Van Weezel in de PA´s (politiek adviseurs) een grote bedreiging van een zuiver politiek spel te zien, en bovendien één van de oorzaken voor de val van Balkenende IV.

Aan de hand van onder meer gesprekken met hoofdrolspelers toont hij hoe de politieke communicatiesector zich in de laatste jaren als een inktvlek over het Binnenhof heeft verspreid. Na een korte inleiding waarin hij een aantal kabinetten en kabinetsformaties uit de afgelopen vijftig jaar behandelt, komt hij via de kabinetten-Balkenende I, II en III, al snel uit bij het meest recente samenwerkingsverband tussen CDA en PvdA (22 februari 2007 – 20 februari 2010). Juist in dit kabinet is de rol en invloed van de politiek adviseurs het duidelijkst zichtbaar.

Wat volgt is een vlot geschreven, zeer lezenswaardige beschrijving van de wijze waarop bewindslieden elkaar, via hun PA’s, in het beste geval nauwkeurig in de gaten hielden, maar veel vaker probeerden zwart te maken door te lekken naar de media of een sterk negatief beeld van een minister, staatssecretaris of partijprominent te creëren.

Oktoberrevolutie 2.0

Een jaar geleden verscheen het korte, maar indrukwekkende politieke pamflet Indignez vous! (NL) van de 93-jarige Franse filosoof en verzetsheld Stéphane Hessel. In het boekje haalt hij fel uit naar onder meer de sociale ongelijkheid in Frankrijk en roept hij jongeren op hun onverschilligheid te laten varen en in plaats daarvan verontwaardigd te zijn. Zijn streven: meer rechtvaardigheid en meer vrijheid. Het flinterdunne boekje sloot naadloos aan bij de tijdsgeest, en hoewel het aanvankelijk voor een kleine groep binnen de Franse markt geschreven was, werd het razendsnel populair in vele Europese landen.

De deelnemers aan de pleinbezettingen en protesten in Spaanse steden, die gecoördineerd werden door het digitale platform Democracia real YA, kregen naar analogie van Hessels boek de geuzennaam Indignados, verontwaardigden. Na ongeveer een maand van heftige protesten leek de fut er tegen het begin van de zomer echter wel uit te zijn. De laatste grote protesten dateren van begin augustus. Ook in andere (Zuid-)Europese landen leek de protestbeweging een stille dood te sterven.

Met het vallen van de herfst en het verder escaleren van de schuldencrisis heeft Amerika het stokje van Europa overgenomen. Ongetwijfeld geholpen door de massale arrestaties op de Brooklyn Bridge van vorig weekend is de Occupy Wall Street Movement mondiaal voorpaginanieuws geworden. Dat succes lijkt nu ook in Europa mensen weer te motiveren opnieuw in actie te komen.

Integratie in historisch perspectief

Vanavond begint de Maand van de Geschiedenis. Het thema van dit jaar: Ik en wij. Op uiteenlopende  manieren worden de verschillende aspecten van de Nederlandse identiteit in historisch perspectief geplaatst, door tentoonstellingen, theateruitvoeringen, symposia en nog vele andere activiteiten. Met veel aandacht voor integratie en de invloed die immigranten door de eeuwen heen op de Nederlandse cultuur, rituelen, gebruiken en wetgeving hebben gehad.

Het officiële startschot wordt over een paar uur in de Amsterdamse Stadsschouwburg gegeven met onder meer een debat over integratie en de presentatie van een boek dat de multiculturele samenleving in historisch perspectief plaatst: over vreemdelingen en vreemdelingenbeleid in het Romeinse Rijk. Hopelijk kan het reflecteren over 2000 jaar omgaan met vreemdelingen wat broodnodige relativering in het huidige integratie- en immigratiedebat geven.

In het boek vertelt Fik Meijer over de enerzijds soepele integratie van (met name) immigranten uit de oostelijke mediterrane wereld, die via de wagenrennen in contact kwamen met alle lagen van de lokale bevolking en zodoende een deel van de Romeinse cultuur leerden begrijpen en er deel van konden uitmaken. Maar hij haalt ook politici als Cicero en schrijvers als Lucanus aan, die in de komst van de andere volken vooral een bedreiging zagen omdat ze de deugden waarmee Rome groot was geworden zouden ondermijnen. In de woorden van Lucanus: de stad vult zich met uitwerpselen van de hele wereld.

Partijdige verslaggeving door NRC Handelsblad?

Na de rechterlijke macht, de wetenschap, de publieke omroep en de culturele sector is het deze maand de beurt aan NRC Handelsblad om verantwoording af te leggen. Volgend op de tendentieuze Kamervragen van Bosma begin september werd een week geleden ook op het journalistieke platform VillaMedia gesteld dat het avondblad een Amsterdamse, links-liberale grachtengordelkrant is geworden. In de (hoofd)redactionele commentaren van het dagblad zou “het enerzijds/anderzijds van vroeger ook vaak verdwenen [zijn] en (…) het linkse anderzijds de overhand [krijgen].” De kritiek op NRC kwam echter niet alleen van buiten.

Met een goed gevoel voor timing bracht oud-NRC verslaggever Hans Moll eind vorige week zijn boek Hoe de nuance verdween uit een kwaliteitskrant. NRC Handelsblad neemt stelling tegen Israël uit. In de week dat Palestina bij de VN een upgrade van haar status heeft aangevraagd, zet Moll de aanval in op zijn voormalige werkgever. Kern van het verwijt: NRC kiest in het conflict de zijde van de ‘multiculturalisten en de victimisten.’ Hoog tijd om zijn claim eens nader te onderzoeken.

Moll maakt zijn voormalige werkgever scherpe verwijten over vermeende partijdige journalistiek –partisan journalism– in vooral het Midden-Oostenconflict, maar ook ten opzichte van de islam, Marokkanen in Nederland en Geert Wilders. De kern van zijn aanval is echter de door hem geconstateerde vanzelfsprekendheid dat Israël kritischer wordt gevolgd dan Hamas, Hezbollah of de moslimbroederschap, met in het achterhoofd dat negatieve berichtgeving over Israël leidt tot een toename van anti-Joodse incidenten.

Volgende