Diervriendelijk sterven

"Hoe zou ik geslacht willen worden, als ik een koe was?", kopte NRC Handelsblad dit weekend. Temple Grandin, hoogleraar dierkunde aan de Colorado State University, verdiept zich al 40 jaar in deze vraag. Ze onderzoekt hoe het dierenwelzijn in slachterijen verbeterd kan worden en probeert haar adviezen ook actief aan de man te brengen bij slachthuizen en beleidsmakers. Een bloedig onderwerp, waar velen misschien niet al te veel aan willen denken. Maar zolang we vlees eten, is en blijft dit onderdeel van onze relatie met dieren. Een relatie waarin de mens zich op zijn minst inconsequent opstelt. Sommige dieren aaien en koesteren we, andere eten we op na een kort en anoniem bestaan in een megastal. Tijdens De Nacht van Descartes - Een dier om op te vreten kwamen diverse wetenschappers aan het woord over deze relatie. Heeft de mens de morele plicht om dieren een goed leven te bieden? Hoe weten we eigenlijk of een dier een prettig leven heeft? En als we dierenwelzijn serieus nemen, heeft de vleeseter dan nog toekomst? Luister hier naar de visies van biologen, filosofen, dierenartsen en historici.

Kip die niet kan

Soms lees je berichtjes waarvan je écht niet weet of je in lachen of in snikken moet uitbarsten. Het berichtje waar lezer Antoon mij deze in een mailtje op wees (dank!) valt in die categorie. Label Rouge kip is een mooi product: de dieren hebben een goed leven gehad waarin ze datgene hebben kunnen doen wat kippen van nature doen.

Kijk, en dat maakt het lastig voor de super. Want op dit manier kippen houden, kost een paar centen extra. Twaalf euro om precies te zijn. Hoe ga je dat aan de klant uitleggen? Je kunt inderdaad moeilijk zeggen: “Label Rouge kost meer omdat deze kip in tegenstelling tot de rest van ons assortiment wél lekker is”. En met de prijs van dierenwelzijn kun je ook al niet aankomen. Niet als je schappen verder gevuld zijn met hoenders die liefst één ster hebben volgens de normen van het Beter Leven-certificaat.

En ja, dat lekker moet je er nog aan afproeven. Een kip die geleefd heeft, heeft ook haar spieren gebruikt. Dat merk je aan de smaak, maar ook aan de textuur. Het vlees heeft tijd nodig en zelfs dan heeft het nog meer beet. Juist ja, je moet erop kauwen. Dat was lang geleden!

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

De eerlijke slager

Een paar duizend animal cops hebben we (aan opzoeken hoe dat in het Nederlands heet is onze regering nog niet toegekomen), maar die zorgen vooral voor dieren die je kunt zien. De dieren die op ons bord terecht komen, blijven uit het zicht. Daar valt dus niet meer te scoren en je hoeft er niet lief voor te zijn.

Maandag deed Ger Koopmans van regeringspartij CDA in een interview in de Volkskrant daar nog een schepje bovenop. Hij vindt het een “geweldige misvatting” dat consumenten meer willen betalen voor vlees, hij bagatelliseert de toenemende vraag naar biologisch verantwoord vlees (“iets meer, niet in enorme mate”) en orakelt en passant dat dierenwelzijn en minder milieu-uitstoot “nooit samengaan”.

Tja, minder vlees eten mag op dit moment nog een modieuze optie zijn, ik twijfel er geen moment aan dat het binnen een generatie bittere noodzaak gaat worden. Er gaan eenvoudig te veel calorieën verloren met vleesproductie om op de huidige schaal houdbaar te blijven. Daar kan Koopmans (“die term bio-industrie gebruik ik niet”) de ogen voor sluiten, maar dat maakt hem vooral tot een struisvogel.

Hij heeft gelijk dat het een nog (te) groot deel van de consumenten totaal niets kan schelen waar hun vlees vandaan komt en hoe het dier waarvan het afkomstig is (vooral niet aan denken!) geleefd heeft, maar dat verandert nog wel. Binnen één of twee decennia kun je erop rekenen dat vlees een grote luxe is en per calorie een veelvoud zal kosten van een gemiddeld plantaardig voedingsmiddel. En we eten tenslotte ook niet allemaal elke dag truffel.

Foto: Eric Heupel (cc)

Weekendcollege | Lekker en gezond, wie bepaalt dat?

Dit is de vierde aflevering in de lezingenserie De Urgentie van Duurzaamheid, van Studium Generale Utrecht. De bijdrage is geschreven door Melanie Peters.

varkensWat is duurzaam in de veehouderij en in de gezondheidszorg? In de vierde dubbellezing in de serie “Duurzaamheid als wereldbeeld: de rol van wetenschap in maatschappelijke verandering” bogen prof. dr. Miedema (decaan geneeskunde, vicevoorzitter van de Raad van Bestuur UMC) en prof. dr. Pijpers (decaan Diergeneeskunde, UU) zich over die vraag. Als duurzaamheid volgens de definitie van Bruntland “kwaliteit van leven is voor ons en toekomstige generaties”, dan zouden artsen en de biomedische wetenschappers bij uitstek degenen zijn aan wie we dat kunnen vragen.

Toch is dit niet de medisch-wetenschappelijke traditie. Wetenschappers maken hun vraag zo klein, dat ze er een goed wetenschappelijk verantwoord antwoord op kunnen verwachten. Hoe zit het met dat ene eiwit in de lever? Deze 1.0 benadering voldoet echter niet meer. De grote vragen behoeven aandacht en daar willen patiënten, bedrijven en politiek over meepraten. Wetenschap 3.0 gaat over cocreatie van kennis. Dat zal niet zomaar tot consensus leiden, maar wel tot robuuste kennis.

Al laten de tientallen jaren durende discussies in de veehouderij – over dierenwelzijn, milieu, diervoeder uit de derde wereld en de vraag hoe gezond het is om vlees te eten – zien dat het nog steeds de vraag is in hoeverre we echt grip krijgen op wat we belangrijk vinden en wat dat mag kosten. Een varken dat rolt in de modder op de derde verdieping van een varkensflat? Als het goed gebeurt, zijn megastallen vanuit oogpunt van hygiëne en welzijn zelfs te verkiezen boven een kleinschalige boerderijtje. Maar zijn we dan niet weer met technologie aan het oplossen wat eigenlijk voortkomt uit de bovenmatige aanspraak die we maken op wat de aarde ons biedt? En om op gezondheid terug te komen: lukt het ons om de omslag te maken naar preventie en zuiniger te zijn op onze gezondheid in plaats van te investeren in levensverlengende, extreem dure technologie?

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: Eric Heupel (cc)

Gelovigen moeten geen vlees willen eten

Een gastbijdrage van Taede Smedes. Dit stuk vormt een nadere uitwerking van zijn opiniestuk in de Volkskrant. Het is in iets geredigeerde vorm overgenomen van zijn persoonlijke weblog.

Er dreigt een verbod op het onverdoofd ritueel slachten (halal, koosjer) van dieren. Met name islamitische en joodse organisaties verzetten zich gezamenlijk tegen een dergelijk besluit. In de media hebben woordvoerders van deze organisaties met name twee argumenten voorgelegd om de rituele slachtpraktijken te verdedigen:

1) Een alternatief voor onverdoofd ritueel slachten is voor joodse en islamitische gelovigen onbespreekbaar.

2) Onverdoofd ritueel slachten is humaner dan de huidige bio-industrie, omdat ook het welzijn van het dier bij leven centraal staat: koosjer/halal betekent dat het dier ook tijdens het leven goed behandeld dient te zijn.

Die argumenten blijken bij nadere analyse geen steek te houden.

De argumenten ontleed

Ten aanzien van argument 1: het eerste argument is erg problematisch. Zeggen dat alternatieven onbespreekbaar zijn betekent dat iedere verdere discussie categorisch wordt uitgesloten. Het argument is namelijk gebaseerd op de premisse dat de onverdoofde rituele slacht in de heilige geschriften van deze religies is vastgelegd. Deze teksten zijn heilig, zodat er niets aan mag worden toegevoegd of afgedaan. Uiteindelijk is het argument dat een alternatieve manier van slachten onmogelijk is, gebaseerd op openbaring. De woordvoerders van de joodse en islamitische organisaties beseffen uiteraard dat een rechtvaardiging van bepaalde praktijken op basis van een openbaringsargument in de huidige cultuur niet langer geaccepteerd zal worden.

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Vorige Volgende