EPD, korte geschiedenis van een nationale ramp
ANALYSE - Het EPD kent een lange geschiedenis. Voorstanders zeggen dat het absoluut noodzakelijk is het EPD in tevoeren omdat het mensenlevens redt. Tegenstanders wagen dat betwijfelen, en hekelen het IT-sausje dat nu over talloze databases in de geschonken wordt.
Heeft u wel eens ‘De grote beurt‘ gezien? Dit is een auto-programma kloon van MTV’s ‘pimp my ride‘ waar oude auto’s een makeover krijgen om ze weer hip&cool te maken. Probleem bij al het opleuken dat in deze programma’s wordt gedaan is dat onder de nieuwe lak en glimmende velgen het een oude auto blijft die z’n beste tijd gehad heeft. Zo is het ook met het EPD.
Ruim twaalf jaar geleden werd onder leiding van Minister Els Borst het plan opgevat een nationaal elektronisch patiëntendossier te realiseren. Een dergelijk dossier zou medicatie- en andere fouten door informatieachterstand bij zorgverleners voorkomen en zo vele mensenlevens redden. Het waren tenslotte de jaren ’90 en er was niets dat IT niet leek te kunnen oplossen.
In 2002 werd stichting Nictiz opgericht. Deze, door het ministerie van VWS gefinancierde non-profit-zonder-formele-macht, zou het nationaal EPD gaan realiseren. Al vrij snel werd besloten dat er geen echt nationaal EPD zou komen maar een soort zoekmachine die data uit alle systemen brokjes data over een specifieke patiënt trekt. Zo’n zoekmachine-oplossing is veel complexer dan een centraal systeem.